Het menselijk roofdier

Hij is zo’n goedzak. Hij is terughoudend, maar als het ijs eenmaal gebroken is dan blijkt achter zijn onzekere schuchterheid een lieve, zachtmoedige ziel schuil te gaan. Hij doet soms wel stoer, maar hij is het stiekem niet. Er klopt maar een klein hartje in zijn brede borst. Daarnaast hangt hij erg aan me en dat ontroert me. Wanneer ik thuiskom van mijn werk laat hij duidelijk merken hoe erg hij me gemist heeft. Op zijn eigen manier, maar toch. Ik kan hem lezen als een boek.

Dacht ik. Tot hij eerder deze week een moord pleegde. Ik was in shock. Ik heb me laten leiden en in slaap laten sussen door zijn aaibare voorkomen. Nu is dat in mijn geval zonder al te verstrekkende gevolgen gebleven. Het gaat hier om een van mijn huiskatten die, met door mij onverwachte moordzucht, een koolmeesje omlegde. Geërgerd vond ik mezelf een domme doos, want hij is en blijft een roofdier ook al ligt hij ’s avond graag in zijn hangmatje tegen de warme radiator aan geschurkt en eet hij beschaafd voer uit blik. Hoe kon ik dat vergeten?

Maar dit is het wel probleem met mensen hé? We denken een ander te kennen, hem goed in te kunnen schatten naargelang het beeld dat we van hem hebben. Soms ook, horen we vooral datgene dat we wíllen horen. Daarbij laten we onszelf ook nogal eens in de maling nemen, door schone schijn. We projecteren onze eigen belevingswereld graag op anderen en vervallen al te gauw in de fout te denken dat een ander net zo denkt als wij. Zelfs dieren neigen we op die manier te vermenselijken, en die neiging is zo wijdverbreid dat ze een eigen naam gekregen heeft; ‘antropomorfisme’. Vice versa hebben we moeite het roofdier in de mens te herkennen.

Totdat alle (al dan niet ingebeelde) gemeenschappelijke grond wegvalt en de ander blijk geeft van een belevingswereld die wij, binnen het raamwerk van de onze, niet bevatten kunnen.

Volkert van der Graaf

Dat bleek deze week ook al in de kwestie van Volkert van der Graaf  en de foto, die paparazzo Ferry de Kok van hem maakte. Was u ook zo ondersteboven van de uitzending van Brandpunt? Had u verwacht dat hij, na het uitzitten van twaalf van de achttien hem opgelegde jaren gevangenisstraf, als milder en berouwvol mens aan zijn resocialisatie in onze maatschappij begonnen was? Had u gedacht dat hij de kans, die hij met zijn voorwaardelijke invrijheidstelling kreeg, dankbaar aan zou pakken?

Niets van dat al. ‘Natuurlijk niet’ zou ik willen zeggen, maar zelfs met mijn wantrouwige natuur was ik nog verrast over ’s mans verwerpelijke houding, verwaten opvattingen en tomeloze arrogantie. Daarbij, gevangenissen maken veroordeelden nu eenmaal niet tot beter mens. De notie dat ze dat wel zouden doen is een klassiek voorbeeld van magisch denken.

Anyway, terug naar meneer Van der Graaf. De onderzoekers van het Pieter Baan Centrum beschreven hem in 2003 nog als “overdreven gewetensvol” en “scrupuleus”. Als hij dat toen al was, dan heeft hij daar nu in elk geval geen last meer van. Werken wil hij niet, daar lijkt hij zich zelfs te goed voor te voelen. Wel wil hij zijn hand ophouden bij de samenleving, die hij al zoveel schade berokkende. Eerlijk werk vindt hij dwangarbeid. Hij geniet dus een uitkering en om die maximaal uit te kunnen melken woont hij een deel van de week op zichzelf, weg van zijn gezin. Zou hij een baan zoeken, dan moet hij proceskosten betalen en daar heeft hij geen zin in. Berekenend en uitgenast doet hij er alles aan om het de Reclassering en het UWV moeilijk te maken en het hele rechtssysteem uit te buiten.

Volkert van der Graaf geeft het ruiterlijk toe: Hij speelt een spelletje, neemt die instanties in de maling en leeft daar goed van. Hij hoeft daarvoor eigenlijk niets anders te doen dan mensen te vertellen wat ze willen horen.

Wat die uitkeringsfraude betreft is hij er een van velen. Heeft u enig idee hoeveel we in dit landje frauderen? De Rekenkamer berichtte in 2013 over schattingen (bij gebrek aan harde cijfers):

• Belastingfraude minimaal 4 miljard euro
• Zorgfraude ongeveer 2 à 3 miljard euro
• Sociale uitkeringsfraude ongeveer 1 miljard euro

Het vervelende daarvan is nog wel dat buitengemeen veel van die fraudeurs helemaal geen criminelen zijn à la Volkert van der Graaf. Het gros is gewoon huis- tuin- en keuken-Nederlander.

De kwetsbare samenleving

Onze samenleving en de diverse systemen die we daarin ingebed hebben om in sociale zekerheden en veiligheid te voorzien zijn vaker kwetsbaar gebleken voor mensen die dat spelletje mee weten te spelen. Dat is een relatief klein probleem wanneer mensen misbruik maken van het sociale vangnet dat uitkering heet, maar het is een schreeuwerige-chocoladeletters-groot probleem wanneer er doden vallen. Zoals met de jeugd-tbs’er die ervan verdacht wordt een 48-jarige Tilburger doodgeschoten te hebben tijdens, jawel alweer, een verlof.

Problemen met tbs’ers op verlof, daar kan ik inmiddels een schier oneindige lijst van opdreunen. Van Dannyboy T.Saban B. en Murat O., Nabil F., Johannes van T. tot de verlofganger die in een Udense Hema op een winkelende vrouw instak – en dit zijn dan alleen de zaken waar ik over geschreven heb.

Natuurlijk zou het verneukeratief zijn om daar niet bij te vermelden dat ieder jaar zo’n 50.000 ‘verlofbewegingen’ plaatsvinden. Procentueel gezien valt het aantal onttrekkingen reuze mee. De meeste tbs’ers die zich aan hun verlof onttrekken keren na  een kort uitje ook uit eigen beweging weer terug. Daarbij, tbs werkt. Het recidivecijfer voor ex-tbs’ers veel lager is dan voor veroordeelde niet-tbs’ers.

Nog verneukeratiever zou het zijn om u er niet bij te vertellen dat het uitermate waardevol is mensen te resocialiseren nadat ze een misdaad pleegden en daarvoor hun straf uit zaten. De Reclassering, zoals we die in Nederland kennen, heeft daarbij haar waarde ruimschoots bewezen.

En, met het risico dat u mij nu volledig als zijnde een geitenwollen sok afschrijft, werkstraffen, blijken een goedkopere en effectievere manier om te straffen én recidive te voorkomen dan gevangenisstraf, niet in het minst omdat bij een werkstraf nadruk ligt op resocialisatie en re-integratie.

Ik heb familie met een draaideurabonnement bij Justitie. Niet een van zijn vele logeerpartijen in een van onze staatshotels heeft hem tot een beter mens gemaakt. Net als meneer Van der Graaf voelt hij zich te goed voor “de sleur” van een arbeidzaam leven, heeft hij een asociale persoonlijkheid en meent hij dat de rest van de samenleving hem maar moet onderhouden. Sterker, hij vindt dat hij gewoon recht heeft op geld. Juist dat slag zou gebaat zijn bij werken-voor-zijn-geld en de waardevolle, bijkomende les dat deze maatschappij hen niets verschuldigd is.

Alleen, die werkstraffen komen niet tegemoet aan de behoefte tot genoegdoening die (potentiële) slachtoffers en de samenleving voelen.

Hetgeen overigens niet uitsluit dat er altijd mensen zullen zijn die niet mee willen werken, ongeneeslijk onverbeterlijk of zelfs in het geheel niet te ‘repareren’ zijn.

Justitie

Hoe verleidelijk ook, incidenten zoals met die ontsnapte tbs’ers en de klaplopende Volkert van der Graaf, mogen ons het kind niet met het badwater doen weggooien. Het systeem werkt, maar het is mensenwerk. Mensen maken (inschatting-) fouten. Daar moet iedereen in de hele keten van willen leren.

Dat vraagt openheid en transparantie. Fair play. Integriteit. Eerlijk af willen rekenen op misstanden.

En dat is dus heel iets anders dan in het geniep afspraken maken met paparazzi en het volk en haar vertegenwoordigers verkeerd voorlichten.

Dannyboy T.

Op 29 januari 2007 werd de Scheveningse Pascal Triep doodgestoken door de zoon van zijn moeders bovenburen, Dannyboy. Er ging een geschiedenis van onenigheid aan die steekpartij vooraf, waarbij genoemde bovenburen er een vervelende gewoonte van maakten allerlei afval op het dak van de uitbouw aan de woning van moeder Triep te dumpen.

Zo ook op die noodlottige dag. Triep, op dat moment psychotisch, klom op de uitbouw en gooide de vuilniszakken en al wat dies meer zij terug op het balkon van zijn bovenburen en bonkte op hun raam. Die bovenburen nu, konden dat niet waarderen. Vader, twee zoons en een vriend togen naar buiten en bedreigden Triep. Vier tegen één, ware heldenmoed. Zoon Dannyboy, toen zestien jaar, repte zich naar de keuken om daar een groot keukenmes uit een la te halen en vloog eenmaal weer buiten Triep aan. Hij stak zijn slachtoffer in de borst en raakte diens hart en een long. Pascal Triep viel vervolgens dodelijk verwond van de uitbouw.

Die laatste, zieltogende momenten van het leven van Pascal Triep werden door een omstander met een mobieltje vastgelegd. Te zien is hoe Triep ineenzakt, op een laag tuinhekje valt en daar een paar tellen als een kapotte marionet blijft liggen. Ook wanneer Triep weer opstaat, een paar meter loopt en vervolgens weer ten val komt blijft de filmer filmen.

In het filmpje is ook te zien hoe de oudste verdachte, de vader des huizes, op het dak van die uitbouw op zijn gemak blijft staan toekijken. Een buurvrouw loopt radeloos heen en weer in de tuin, terwijl een andere buurvrouw onverstoorbaar de was ophangt. Al wat je niet op het filmpje ziet is iemand die ingrijpt, eerste hulp verleent of de hulpdiensten belt. Ook de onbekend gebleven cineast niet en die had nota bene een mobiele telefoon in de knuisten.

Het Algemeen Dagblad kreeg de beelden in handen en plaatste het filmpje op Internet. Dat wekte destijds mijn wrevel, de doodsstrijd van Pascal Triep werd zonder enige gêne publiek bezit gemaakt en dat was me een brug te ver. Riooljournalistiek vond ik dat, die ook nog eens tot gevolg had dat de rechter later zou besluiten de jonge moordenaar een lagere straf op te leggen omdat hij “publiekelijk al veroordeeld was”. Dat had het Algemeen Dagblad op haar vingers na kunnen tellen natuurlijk, want het is niet de eerste keer dat zo iets tot strafverlaging leidt.

De rechtbank voorzag echter wel een grote kans op recidive, waar het Dannyboy T. betreft. De jongen had ten tijde van de moord al een strafblad en liep toen al in twee proeftijden. Tijdens zijn voorarrest bedreigde hij zelfs medewerkers van de jeugdinrichting, die hij ook nog eens een aantal bloempotten naar het hoofd smeet. Een psychologisch onderzoek wees uit dat Dannyboy verminderd toerekeningsvatbaar was. Uiteindelijk werd Dannyboy T. veroordeeld tot een jaar jeugddetentie en jeugd-tbs.

Vader T. werd tot mijn verbazing vrijgesproken. Hem werd dood door schuld ten laste gelegd én het nalaten van hulpverlening aan iemand die in levensgevaar verkeert. Wie het filmpje gezien heeft, heeft hem nochtans voorovergebukt zien toekijken hoe Triep zijn laatste adem uitblies.

Naar goed gebruik mag Dannyboy tijdens zijn jeugd-tbs op proefverlof. In februari van dit jaar ontsnapte hij naar evengoed gebruik aan zijn begeleider tijdens zo’n uitje. De politie viel de eer te beurt de jongen weer op te sporen en zette daarbij zelfs een helikopter in. Uiteindelijk wist men hem in een woning in Voorburg aan te houden en is hij teruggebracht naar De Sprengen in Zutphen. Proef mislukt, zou je zeggen.

Toch mocht Dannyboy afgelopen woensdag nogmaals op stap. Voor de tweede keer binnen een half jaar tijd was hij zijn begeleider te slim af en opnieuw nam Dannyboy de benen. Dannyboys vader, Thierry T. kondigde zijn ontsnapping aan op Hyves, zoals het altijd oplettende GeenStijl ontdekte. De virtuele blik in ’s mans geest is overigens ontstellend, niet te zeggen zorgwekkend.

Goed, de politie mocht in ieder geval opnieuw aantreden en afgelopen nacht werd Dannyboy in een woning in Den Haag aangehouden en opnieuw retour naar de inrichting gebracht.

De moeder van Pascal Triep heeft in het Algemeen Dagblad laten weten gekant te zijn tegen Dannyboys proefverloven. Daarbij vermeldt zij ook dat zij van die verloven niet op de hoogte gesteld wordt en derhalve vreest op een dag oog in oog met de moordenaar van haar zoon te komen staan. Dat alleen zou al moeten pleiten tegen dergelijke proefverloven, het belang van slachtoffers en nabestaanden wordt al te lang ondergeschikt gemaakt aan dat van daders.

Maar drie keer is scheepsrecht, ongetwijfeld krijgt dit verhaal nog een vervolg.

Van misverstand en onverstand

Op 23 januari 2009 krijgt de politie Utrecht een melding over een man, Cornelis van H. (zeg maar Cees), die zich op het station Driebergen-Zuid voor de trein zou willen werpen. Zijn zus belt de politie met het verhaal dat de man in kwestie depressief zou zijn en eerder heeft aangegeven zichzelf op die wijze van het leven te willen beroven.

Politieman Rob Oostrom reageert op deze melding en treft de man inderdaad op het perron aan. Wanneer Oostrom via de porto ’s mans gegevens verifieert en de man vraagt of hij hulp nodig heeft keert deze zich plotseling in blinde woede tegen de diender. Hij steekt de agent in het gezicht, daarna tweemaal in diens bovenlichaam. Wanneer de zwaargewonde Oostrom op handen en knieën zit en overeind probeert te komen steekt zijn belager hem in zijn nek. Met een vinnig “natuurlijk heb ik hulp nodig” neemt de man vervolgens plaats op een van de bankjes op het perron.

Oostrom brengt het er wonderwel levend vanaf maar raakt door een hoge dwarslaesie vanaf de borst verlamd.

Voor Rob Oostrom, vader van twee kinderen, agent, sportman, is vanaf die dag alles anders. Het duurt een jaar eer hij uit het ziekenhuis en revalidatiecentrum wordt ontslagen en hij raakt gebonden aan een rolstoel, die hij met bewegingen van zijn hoofd besturen kan. De rechtspositionele regelingen bij de politie blijken niet helemaal voldoende om de kosten te dekken die zijn revalidatie met zich meebrengt. Ook zijn aanpassingen nodig aan zijn woning en moet er een aangepaste auto met een rolstoellift komen wil Oostrom zich nog een beetje voort kunnen bewegen.

Er volgt een inzamelingsactie, een sponsorloop, een benefiet voetbalwedstrijd -alles om geld op te halen. Dat is hartverwarmend, maar de noodzaak ertoe is schrijnend.

Die noodlottige dag had Cees ruzie met zijn moeder. Tijdens een onenigheid over een kussengevecht tussen twee andere leden van het gezin had hij een van zijn zussen tot bloedens toe geslagen en moeders gooide hem prompt het huis uit, waarna Cees met een mes op zak richting station toog. Daar botvierde hij zijn agressie op de eerste de beste die hem aansprak, een politieman die hem hulp bieden wilde.

Cees kreeg vijftien jaar gevangenisstraf opgelegd waar er achttien werden geëist. Hij heeft er inmiddels koud anderhalf jaar opzitten.

Cees van H. woont op zo’n vijf kilometer afstand van zijn slachtoffer, hetgeen alle reden zou moeten zijn hem niet uit wandelen te sturen. Toch ging gisteren de telefoon in huize Oostrom. Het gezin is in shock en mevrouw Oostrom staat op haar benen te trillen wanneer ze via de advocaat horen dat Van H. zich vanaf vandaag en tot maandagochtend even vrij man weet. Terecht spreekt Rob Oostrom zijn zorg uit dat beiden elkaar dus zelfs op straat zouden kunnen treffen, zoals vandaag te lezen in de Telegraaf.

Gisteravond al breidde de verontwaardiging over dat voorgenomen verlof zich als een olievlek uit. Ook ik maakte me al boos. Is dit nu werkelijk hoe de Nederlandse maatschappij omgaat met de mensen die zich met gevaar voor eigen lijf en leden voor haar inzetten?

Om nog maar niet te spreken van het op verlof sturen van iemand die zonder enige aanleiding op willekeurige mensen insteekt wanneer het hem een dagje niet meezit? Ik zie ze er bij Justitie best voor aan, zeker na de affaires Saban B., Murat O., Nabil F., Johannes van T. en de verlofganger die in een Udense Hema op een winkelende vrouw instak.

Gelukkig blijkt het in dit geval om een “misverstand” te gaan. De golf van protest en verontwaardiging waarmee op het voorgenomen verlof werd gereageerd is Justitie niet ontgaan en men heeft tot gisteravond laat een spoedoverlegje gevoerd. Inmiddels heeft Justitie laten weten dat Van H. niet mag buitenspelen en al helemaal niet een Pinksterweekend lang. De berichtgeving loopt over het hoe en waarom uiteen; ofwel heeft procureur-generaal Harm Brouwer zich “persoonlijk ingespannen om het verlof tegen te houden” en heeft dat uitje dus inderdaad op stapel gestaan, of er is sprake van een naamsverwisseling en in dat geval is het niet Van H. maar een ander die op verlof mag.

Het is hier fantastisch!

Een ansichtkaartje vanuit het mooie Turkije, met de groetjes van de tijdens een begeleid verlof ontsnapte tbs-er Saïd aan het personeel van de Van Mesdagkliniek, in het bijzonder aan de begeleider aan wiens aandacht Saïd wist te ontsnappen.

In een postscriptum het vriendelijk verzoek even bijna drie ruggen aan spaargeld over te maken en een inderhaast vergeten paspoort na te sturen. Dit omwille van het opbouwen van een nieuw bestaan in het zonovergoten Turkije, dat (hoe opportuun!) nog altijd niet aan uitleveringen doet, of ’t nu om een pleger van gewapende overvallen gaat of om mensenhandelaren als een Saban B.

Foto: HavanKevin

Murat O.

Murat Ordu, van het opgeblazen sportschooltype met stoer ingeschoren haar, maakte deel uit van een bende ongure heerschappen die zich bezig hield met pooier- en loverboypraktijken. Zij dwongen meer dan twintig vrouwen zich te prostitueren in de rosse buurten van verschillende grote steden. Hun manieren deze vrouwen te “overtuigen” varieerden van het hen mentaal afhankelijk maken en misleiding tot bedreigingen en zelfs grof geweld.

Van de zes jaar, die het Openbaar Ministerie tegen hem eiste vanwege het tot prostitutie dwingen van vrouwen, kreeg hij er vier van de rechter opgelegd. Uiteraard had de rechtbank een goed verhaal om te verklaren waarom die straf zo mild uitviel en aangezien de rechtspraak in dit landje openbaar is hebben we weet van haar overwegingen; zo moet aan die straf een maximum verbonden zijn.

Dat klopt, er staat bij de artikelen uit het Wetboek van Strafrecht een maximum straf en zo ook bij artikel 273f, waar loverboypraktijken tegenwoordig onder geschaard worden. Zo te zien ligt dat maximum echter wel iets hoger dan vier jaren, zeker omdat Ordu “in vereniging” moet hebben gewerkt. In een van de vonnissen staat dan ook te lezen; ” Het Wetboek van Strafrecht staat in dit geval een maximale gevangenisstraf van acht jaren toe.” Murats broer Mehmed kreeg vijf jaar en een van hun partners in crime, Youssef O. zes jaar opgelegd.

Ook beweert de rechtbank dat er bij het bepalen van de strafmaat rekening is gehouden met de duur van de uitbuiting en het aantal slachtoffers. Dat kan ik me slecht voorstellen; Murat Ordu alleen al zou acht vrouwen de prostitutie in gedwongen hebben -acht maal die maximale gevangenistraf zou je dus zeggen, maar zo werkt dat hier te lande helaas niet.

Daar ligt dus een schone taak voor de politiek, me dunkt. Een rechter mag niet meer gevangenisstraf opleggen dan het Wetboek van Strafrecht hem toelaat. Het is echter wel aan onze wetgever ervoor te zorgen dat de in dat wetboek genoemde straffen in hoogte proportioneel zijn aan de gepleegde feiten. Daarmee wil ik absoluut niet pleiten voor ‘oog om oog, tand om tand’ -maar vier jaar gevangenisstraf is weinig rechtvaardig tegenover het schrikbewind dat deze man over zijn slachtoffers voerde. Die gestelde strafmaat behoeft zeker heroverweging.

Ordu ging weliswaar in hoger beroep, dat zal dienen op 16 juli aanstaande, maar vooralsnog konden zijn slachtoffers min of meer opgelucht ademhalen want hun kwelgeest zat in elk geval voorlopig vast.

Zát inderdaad, verleden tijd. In haar oneindige wijsheid heeft het Amsterdamse gerechtshof besloten dat de straf van Ordu onderbroken dient te worden opdat hij de geboorte van zijn kind mee kan maken. Dat, of zijn zieke moeder te bezoeken want de lezingen verschillen vooralsnog. “Persoonlijke omstandigheden” in elk geval, zoals men dat placht te noemen. De man loopt nu dus vrij rond en dat zal zo blijven totdat zijn hoger beroep dient.

De hamvraag is wat mij betreft deze; verbeurt iemand, die in zo’n mate strafbare delicten pleegde dat hij een vrijheidstraf verdiende, niet automatisch het recht op het bezoeken van pasgeborenen, zieke familieleden, begrafenissen, huwelijken en al wat dies meer zij? Wie zich willens en wetens aan misdrijven waagt weet ook dat het risico dat daar aan kleeft is dat hij een x aantal maanden of jaren niet meer buiten mag. Dat daargelaten mag Ordu’s “vaderschapsverlof” respectievelijk “ziekenbezoek” dus ruimschoots meer dan twee maanden duren -iets waar in het eerste geval menig nieuwbakken pappa buiten de gevangenismuren alleen maar van dromen kan.

Dan is er natuurlijk ook de kwestie van enig vluchtgevaar. Plaatsvervangend hoofdadvocaat-generaal Charles Wiegnant heeft laten weten dat er “geen concrete aanwijzingen zijn dat Murat O. tijdens zijn verlof naar het buitenland zal vluchten”. Dat klinkt heel aardig, maar ik vrees wel dat men Ordu net als destijds Saban B. op zijn reebruine ogen geloven wil. Een kwalijke gewoonte die ook binnen het tbs-circuit opgeld doet.

Ook die Saban B. kreeg verlof om zijn kind te zien en hij nam uiteraard meteen de kuierlatten naar Turkije. Een goed uitgekozen bestemming, want Turkije levert haar onderdanen niet uit. De beslissing Saban B. een onbegeleid (!) verlof toe te staan was slecht overwogen; niet alleen verzuimde het OM het gerechtshof expliciet op de mate van vluchtgevaarlijkheid te wijzen, ook vergat dat gerechtshof zijn status van ongewenst vreemdeling in aanmerking te nemen. Iemand met een dergelijke status komt in principe al niet in aanmerking voor een verlof en daarmee had de kous dus af moeten zijn.

Nochtans zou Dick van Dijk, president van het hof, later tijdens een interview met het NRC beweren dat het hof die beslissing “op goede gronden en weloverwogen” genomen had.

Ordu’s slachtoffers zijn uiteraard niet gekend in deze kwestie, sterker nog, naar verluid zijn ze niet eens ingelicht over het feit dat hij in ieder geval tot half juli vrij man is. Twee van hen sloeg de angst in zo’n mate om het hart dat zij een advocaat in de arm genomen hebben en bezwaar maakten tegen Ordu’s vrijlating. Beide vrouwen vrezen een dezer dagen een wraakzuchtige Ordu tegenover zich te vinden en zijn van ellende ondergedoken. Het belang van deze vrouwen had veel zwaarder moeten wegen, als het überhaupt al is meegewogen, in de afweging Ordu al dan niet verlof toe te kennen.

Slachtoffers komen er vaak maar bekaaid vanaf, in onze rechtstaat. Wanneer ik dit soort verhalen hoor en die van de gegevens van slachtoffers die via advocaten zondermeer bij verdachten kunnen belanden (om nog maar niet te spreken van de overvloedige wirwar van regels die de opsporingsbevoegdheid van de politie beknotten) vraag ik me soms af aan welke kant Justitie nu eindelijk staat.

Over tbs-ers, verloven en dingen die maar niet voorbij gaan

Gisteren stak een tbs-er tijdens een begeleid verlof een vrouw neer, midden in een filiaal van de Hema. Dat alles gebeurde in het winkelgebied van het mooie Uden. De man stak zijn willekeurig uitgekozen slachtoffer in de hals en de mevrouw in kwestie heeft alle geluk van de wereld gehad; haar belager raakte geen vitale delen. Ze is in het ziekenhuis opgenomen, maar verkeert niet in levensgevaar.

De man verblijft in De Corridor, een tbs-kliniek die gelegen is in het Brabantse dorp Zeeland, nabij Uden. Deze kliniek is in feite één grote longstay-afdeling; er verblijven zo’n negentig onbehandelbare tbs-ers. Ten tijde van de steekpartij deed genoemde tbs-er samen met een begeleider wat boodschappen. Een begeleid verlof, gezellie.

De Udense burgemeester, de heer Hellegers, vroeg zich af hoe het toch kan dat zo iemand ontsnapt aan een “gespecialiseerde en goed getrainde toezichthouder”. Inderdaad, hoe kan het bestaan dat die tbs-er aan de aandacht van zo’n specialist ontsnapt en hij ook nog eens de hand op een mes weet te leggen? Alhoewel, dat laatste gegeven is wellicht een stuk minder verrassend als je weet dat deze kliniek in 2006 al in kwade reuk kwam te staan omdat er gemakkelijk wapens en drugs binnengesmokkeld konden worden.

Op zijn minst is er sprake van een blinde vlek waar het om wapentuig gaat. In dit geval heeft genoemde tbs-er in die Hema ongezien door zijn specialistische bewaker een mes uitgezocht, het ding bij de kassa afgerekend en daarna rustig nog even uit de verpakking staan knippen. Naar verluid maakte hij nog een babbeltje met de kassajuffrouw en heeft bij haar, zoals het een kritisch consument betaamt, nog even naar de kwaliteit van de aangeschafte waar geïnformeerd. Of het mes wel scherp was, wilde hij weten.

Goeie vraag dus van die Udense burgervader, maar de vraag zou in eerste instantie natuurlijk al moeten zijn hoe het toch kan dat argeloos winkelend publiek zo maar oog in oog kan komen te staan met een “onbehandelbare tbs-er”. Misschien dat deze, net als gekend messentrekker Johannes van Tamelen, met het hand op het hart beterschap beloofde en daarom in het wild zijn boodschapjes mocht doen?

Nochtans is dit iets dat in dat Uden geregeld voorkomt; volgens de Udense burgervader vinden er “tientallen van dergelijke verloven per week plaats”. Omdat tbs-ers en hun begeleiders tijdens een bezoekje aan het dorpje Zeeland te veel op zouden vallen bestaat er een “herenakkoord” tussen De Corridor en de gemeente dat haar patiënten daar geen verlof mogen genieten. Belendende gemeenten, die groot genoeg zijn om zo’n tbs-er in de anonimiteit van de menigte op te doen gaan, dienen echter zondermeer als proeftuin. Waarvan akte.

Wanneer ik over longstay spreek is een link naar berucht lustmoordenaar Koos H. al snel gelegd. De man die centraal staat in drie uitzendingen van Peter R. de Vries en ook op zo’n longstay-afdeling verblijft, ook al heeft hij daar eigenlijk in het geheel niets te zoeken. Hij belandde daar op miraculeuze wijze, want hij kreeg in het geheel geen tbs opgelegd maar kreeg van de rechter zondermeer levenslang.

Vreemd genoeg was het tegen een maatschappelijk werker afleggen van een gedeeltelijke bekentenis genoeg grond om H. aan een psychiatrisch onderzoek te onderwerpen. Op grond van dat onderzoek werd hij in 1997 behandelbaar (!) verklaard. In 2003 verscheen zijn advocaat, een van de gebroeders Anker, ten tonele tijdens een uitzending van Netwerk. De advocaat liet weten te ijveren voor begeleide verloven voor zijn cliënt en mijmerde toen ook wat over een gratieverzoek. Dagblad Trouw schrijft in 2006 over H. en dan al heeft men weet dat die gedeeltelijke bekentenis uit louter strategische overwegingen werd gedaan; omwille van een milder regime.

Hoe mild, dat hebben we met z’n allen al kunnen zien. Zó mild dat de man zelfs pornofilms kijken mocht, het liefst met tieners -net als zijn beoogde slachtoffertjes.

Een ander bericht, uit de Telegraaf ditmaal, wekt een bijna nog vreemder beeld op het hele tbs-circuit. Een veroordeeld pedofiel heeft overplaatsing gevraagd naar een longstay-afdeling. Hij hoopt daar verenigd te worden met zijn al even pedofiele echtgenoot, die hij eerder tijdens het verblijf in een tbs-kliniek ontmoette.

Het is alleszins meer dan ik ooit wilde weten van wat er allemaal binnen zo’n kliniek gebeurt. De Corridor heeft laten weten de verloven hangende een intern onderzoek naar de steekpartij op te schorten. Hopelijk wordt dat dan een zeer langdurig onderzoek.