Saoedi-Arabië en de Commissie voor de Status van de Vrouw

Het belangrijkste internationale orgaan dat over vrouwenrechten gaat is de Commissie voor de Status van de Vrouw van de Verenigde Naties. Dit instituut werd in 1946, dankzij Eleanor Roosevelt, opgericht met als doel gelijke mensenrechten en vrijheden van vrouwen te bevorderen. Aan deze Commissie (Engels) hebben we vier Wereldvrouwenconferenties én het uitermate belangrijke Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen (1979) te danken.

De Commissie voor de Status voor de Vrouw komt tweewekelijks tezamen, buigt zich dan over de stand van zaken voor wat betreft die gelijke mensenrechten en vrijheden voor vrouwen en komt tot aanbevelingen om die te verbeteren. En er valt nogal wat verbeteren. Het meest recentelijk te evalueren thema was: stoppen en voorkomen van alle vormen van geweld tegen vrouwen. Dat is een heet hangijzer, want geweld tegen vrouwen is overal op deez’ aardkloot nog bon ton.

Gendergerelateerd geweld, de cijfers

Wereldwijd wordt één op de vijf vrouwen in haar leven slachtoffer van verkrachting of poging daartoe.

Mondiaal wordt 35% van de vrouwen slachtoffer van seksueel geweld en 30% van huiselijk geweld.

Van de gevallen van seksueel geweld is 50% gericht op meisjes jonger dan 16 jaar.

Naar schatting zullen 20.000 vrouwen het aankomend jaar uit eerwraak worden omgebracht.

Elke dag ondergaan zo’n zesduizend jonge meisjes de volstrekt barbaarse meisjesbesnijdenis. Meer dan 130 miljoen vrouwen leven met de gevolgen van genitale verminking.

Alleen dit jaar al zullen zo’n 15 miljoen jonge meisjes als kindbruid een huwelijksbootje in worden gedwongen. Soms zelfs al op leeftijden van acht of negen jaar.

Van de ongeveer 1,2 miljoen kinderen die dit jaar als slaaf verhandeld zullen worden zal 80% een meisje zijn.

Nederland

Met die paar cijfers is het belang van de Commissie voor de Status voor de Vrouw en de bittere noodzaak voor haar bestaan wel geïllustreerd, me dunkt. Voor wie nog denkt dat zulk geweld voorbehouden is aan enge baardmannen in achtergebleven gebieden, think again: Nederlandse vrouwen scoren hoog waar het om slachtofferschap van gendergerelateerd geweld gaat.

De European Union Agency for Fundamental Rights (FRA) deed een grootschalig onderzoek naar gendergerelateerd geweld tegen vrouwen in alle lidstaten van de Europese Unie. Van de ondervraagde vrouwen is 22% slachtoffer geweest van lichamelijk en/of seksueel geweld door een partner. Van alle vrouwen is 5% slachtoffer geweest van verkrachting. 43 % heeft een vorm van psychologisch geweld door een huidige of voormalige partner ondergaan.

Saoedi-Arabië als hoeder van mondiale vrouwenrechten?!

Tot mijn verbijstering heeft het de VN behaagd Saoedi-Arabië te verkiezen voor een plek in deze Commissie. Tussen 2018 en 2022 zal dit land, als lid van de Commissie voor de Status van Vrouwen, moeten waken over de mensenrechten en vrijheden van vrouwen wereldwijd.

What. The Flying. Fuck?

Saoedi-Arabië. Het land waar vrouwen helemaal geen rechten hebben en de minder vrijheid genieten dan in eender welk ander land. Onderdrukking en achterstelling van vrouwen is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen.

En u weet, als de vos de passie preekt, boer pas op je kippen. Dat land heeft in die commissie niets te zoeken.

Een ezel stoot zich in het algemeen… 

Je zou toch zeggen dat de Verenigde Naties inmiddels beter zou moeten weten. Zeker na de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld te hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. De man bracht de VN direct in de verlegenheid door luid en duidelijk te verkondigen dat hij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden.

Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer onder. Net als overspel en toverij. Zo’n bijgelovige zeloot mag voor de rest van de wereld bepalen hoe er invulling gegeven moet worden aan mensenrechten.

Zum kotzen. 

De brul van het woord

Nimr Baqr al-Nimr was een vooraanstaand shia-geestelijke in Saoedi-Arabië. Hij was uitermate kritisch over de situatie van de sjiitische moslims, een minderheid in het koninkrijk die structureel wordt achtergesteld, en over de Saoedische overheid. Meneer Nimr al-Nimr riep zelfs op tot vrije verkiezingen, zeer tegen het zere been van het Saoedisch koninklijk huis.

Tijdens de Saoedisch-Arabische protesten (2011-2012) riep hij de protestanten op politiekogels niet te beantwoorden met geweld, maar met de ‘brul van het woord’.

Op 8 juli 2012 werd meneer Al-Nimr door de politie in een been geschoten en gearresteerd. Duizenden liepen dagenlang te hoop om tegen zijn arrestatie te protesteren, maar dat mocht niet baten. Sjeik Al-Nimr ging een maand later in hongerstaking en zou in die periode vermoedelijk gemarteld zijn.

Op 15 oktober 2014 werd de sjeik ter dood veroordeeld, omdat hij om buitenlandse bemoeienis zou hebben gevraagd, ongehoorzaam geweest was aan de Saoedische heersers en omdat hij de wapens zou hebben opgepakt tegen de veiligheidsdiensten. Het vonnis luidde ‘onthoofding en kruisiging’.

’s Mans broer, Mohammed al-Nimr, stuurde een tweet de wereld in over dit doodsvonnis en werd daarom dezelfde dag nog gearresteerd. Hij zit tot op de dag van vandaag vast.

Gisteren voerde Saoudi-Arabië dat vonnis uit, tijdens een heuse massa-executie. In 12 verschillende Saoedische steden werden 47 mensen omgebracht door middel van onthoofding of een vuurpeloton. Allen waren veroordeeld voor ‘terrorisme’, sommigen zaten al tien jaar vast. Zoals de secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties al observeerde zijn een aantal van deze mensen ter dood gebracht na rechtszaken die ‘serieuze vragen oproepen over de aard van de aanklachten en de eerlijkheid van de processen’.

Situatie Saoedi-Arabië

Dat het Saoedische regime tegenstanders uit de weg werkt door middel van valse aanklachten en oneerlijke processen zou me niets verbazen. Met mensenrechten in het algemeen is het immers treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk, die worden er bij de vleet geschonden. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun ‘misdaad’. Ook op afvalligheid staat er de doodstraf.

Onderdrukking en achterstelling van minderheden is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner.

Daarnaast zijn we allemaal bekend met het gruwelijke verhaal van de Saudische blogger Raif Badawi, die veroordeeld werd tot 10 jaar cel, een boete van bijna 240.000 euro en duizend stokslagen. Zijn misdaad? Het schrijven van kritische blogs en vreedzaam activisme. Op zijn website werd kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd.

Saoedi-Arabië is een schurkenstaat. Een door de rest van de wereld en zelfs door het ‘beschaafde’ Westen gesanctioneerde schurkenstaat.

Met droge ogen spreekt het Westen nog altijd over Saoedi-Arabië als een ‘bondgenoot’ en heel wat Westerse landen leveren wapens aan het koninkrijk.

Reactie Nederland

Het kabinet en de Tweede Kamer bespraken de door Saoedi-Arabië voorgenomen massa-executie een maand geleden tijdens het Vragenuur. Minister Jeanine Hennis (Defensie) nam daarbij de honneurs waar voor de afwezige minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken). Bij monde van minister Hennis sprak het kabinet haar zorgen uit, maar daar bleef het bij. Nederland zou haar afkeur uitspreken, alweer, maar zou daar geen enkele consequentie aan verbinden. Minister Hennis benadrukte hoe belangrijk het is om ‘goed contact’ met de Saudi’s te onderhouden, omdat dat de enige manier is om het koninkrijk op de misstanden aan te spreken. Dat aanspreken, dat gebeurt ook echt – aldus de minister. 
D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma wilde wel eens weten wat er moet gebeuren voordat ook voor de minister de maat vol is. Hij verwees daarbij naar het gebruik van verboden clustermunitie door het Saudische leger in Jemen, het blokkeren van een onafhankelijk onderzoek naar de oorlogsmisdaden in Jemen en de vele onthoofdingen in het koninkrijk. 

VOC-mentaliteit

Goede vraag. Zo lang er echter economische belangen gediend kunnen worden lijkt ons kabinet echter met graagte te willen buigen voor Saoedi-Arabië. Dat hebben we vaker gezien, na de onsympathieke sticker-actie van meneer Wilders bijvoorbeeld. Die sticker, groen met witte letters, leek op de Saoedi-Arabische vlag en er stond “De islam is een leugen, Mohammed een crimineel en de Koran gif” opgedrukt. Meneer Wilders moet die sticker in een enveloppe van de Tweede Kamer naar de Saoedische ambassade in Den Haag gestuurd hebben en daar heeft men een half jaartje op dit affront moeten zouten. Tot toch opeens de spreekwoordelijke kogel door de moskee was  en men tot op het bot beledigd besloot te zijn. Zo beledigd zelfs dat men een handelsboycot overwoog.
Een handelsboycot! Paniek in de tent! Toenmalig minister Timmermans stuurde stante pede een van zijn hogere ambtenaren naar Saoedi-Arabië en was prompt voornemens ook zelf naar het gebelgde koninkrijk af te reizen. Dat alles om de plooien in de Saoedi-Arabische vlag glad te strijken. Dat is wat twee miljard exporteuronen met ons kabinet en haar moreel kompas doen. 
Nu gaat het dan ook niet anders. Saoedi-Arabië krijgt begin dit jaar bezoek van de Nederlandse mensenrechtenambassadeur van het ministerie van Buitenlandse Zaken, om samen nog eens gezellig te keuvelen over de mensenrechtensituatie in het land. Dat zal ze leren, die Saoedische mensenrechtenschenders! 
Goed gebruld, mottige tandeloze leeuw!

Reactie Europa

De Europese Unie heeft de executies sterk veroordeeld, maar laat het ook bij lippendienst. Ze doet slechts een beroep op de Saoedische autoriteiten om aan te sturen op verzoening tussen de verschillende bevolkingsgroepen. 


“The Kingdom of Saudi Arabia carried out 47 executions earlier today.
The EU reiterates its strong opposition to the use of the death penalty in all circumstances, and in particular in cases of mass executions.

The specific case of Sheikh Nimr al-Nimr raises serious concerns regarding freedom of expression and the respect of basic civil and political rights, to be safeguarded in all cases, also in the framework of the fight against terrorism. This case has also the potential of enflaming further the sectarian tensions that already bring so much damage to the entire region, with dangerous consequences.

The EU calls on the Saudi authorities to promote reconciliation between the different communities in the Kingdom, and all actors to show restraint and responsibility.”

Minister Koenders heeft die verklaring uiteraard netjes onderschreven: “Nederland bevestigt, mede als EU-voorzitter, de EU-verklaring over de executies in Saoedi-Arabië.” Hij voegde daaraan toe dat Nederland “principieel en actief tegenstander van de doodstraf is”.
Dat alles staat in schril contrast met bijvoorbeeld de reactie van de Duitse eurocommissaris Günther Oettinger op de nieuwe mediawet, die Polen heeft aangenomen. Volgens die wet kan de Poolse regering de directie en hoofdredactie van de publieke omroep zelf benoemen en ontslaan. Schandalig natuurlijk, want daarmee breidelt Polen de pers en muilkorft de vrije meningsuiting. Niet alleen wil meneer Oettinger voorstellen dat de Europese Unie Polen daarom onder toezicht stelt, ook is hij voornemens Polen haar stemrecht in Brussel af te nemen vanwege die nieuwe mediawet als het land zich niet naar de Europese mores voegt. 

Reactie Verenigde Naties

Secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties had dus al zo zijn twijfels bij de aanklachten tegen de 47 gedode Saoedische gevangenen en de eerlijkheid van hun processen. Daarnaast heeft ook hij natuurlijk laten weten hoe ‘geschokt’ hij is door die 47 executies. Hij had de Saoedische autoriteiten opgeroepen, tevergeefs en waarschijnlijk tegen beter weten in, de doodvonnissen om te zetten naar andere straffen. 
Nu is het zo gelegen dat de Verenigde Naties vorig jaar nog de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. 
Destijds gaf meneer Faisal Bin Hassan Trad commentaar op een VN-rapport over de doodstraf, dat door secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-Moon gepresenteerd werd. Daarbij liet hij weten dat hij daarbij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden. Daarmee hebben we nu de wonderlijke omstandigheid dat juist het hoofd van de Mensenraad van de Verenigde Naties uitgesproken pro-doodstraf is. 
Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer onder. Net als overspel en toverij en het uiten van een onwelgevallige mening, getuige het lot van mensen als Nimr Baqr al-Nimr. 
Het vriendelijk verzoek van meneer Ban Ki-moon zal door de Saoediërs dan ook wel met een bulderende lach terzijde geschoven zijn. 
Ik verafschuw geweld. Ik verafschuw de doodstraf. Ik verafschuw het wegkijken. 
Hear me roar. 

Faisal bin Hassan Trad, Hoofd Koppensneller van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties

Drie maanden geleden blijken de Verenigde Naties de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld te hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties.

De Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (UNHRC) is opgericht in 2006 en bemoeit zich met de naleving van de verdragen voor de mensenrechten. Deze raad heeft tot taak álle landen daarop te beoordelen en mag (of moet, zo u wilt) daarbij ook eigen vlees keuren. De raad beoordeelt dus ook de landen die zitting hebben in raad zelf.

Daarnaast heeft deze raad raadgevende bevoegdheid.

Faisal bin Hassan Trad was reeds de Saudische VN-ambassadeur in Genève. Zijn aanstelling is wonderlijk, en zeker niet alleen omdat de VN deze als sinds juni dit jaar onder haar pet gehouden heeft.

Mensenrechten in Saudi-Arabië

Met mensenrechten in het algemeen is het immers treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk, die worden bij de vleet geschonden. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun “misdaad”.

Op afvalligheid staat er de doodstraf. Daarnaast zijn we allemaal bekend met het gruwelijke verhaal van de Saudische blogger Raif Badawi, die veroordeeld werd tot 10 jaar cel, een boete van bijna 240.000 euro en duizend stokslagen. Zijn misdaad? Het schrijven van kritische blogs en vreedzaam activisme. Op zijn website werd kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd.

Onderdrukking en achterstelling van vrouwen is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner.

De Verenigde Naties en de doodstraf

Afgelopen vrijdag gaf meneer Faisal Bin Hassan Trad commentaar op een VN-rapport over de doodstraf, dat door secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-Moon gepresenteerd werd. Opvallend is dat hij daarbij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden. Of, in de woorden van meneer Ban Ki-Moon:

The death penalty has no place in the 21st century.  Leaders across the globe must boldly step forward in favour of abolition.  I recommend this book in particular to those States that have yet to abolish the death penalty.  Together, let us end this cruel and inhumane practice. 

Faisal Bin Hassan Trad: uitgesproken pro-doodstraf

Saudi-Arabië heeft laten weten het daar niet mee eens te zijn. Bij monde van haar afgezant Faisal Bin Hassan Trad, nota bene, en tijdens een speech voor diezelfde Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. Tijdens zijn speech sprak meneer Trad zijn irritatie uit: Hij vindt dat het rapport van de VN zich veel te veel toespitst op landen die de doodstraf al hebben afgeschaft en daarbij geen enkele ruimte laat voor de opvattingen van voorstanders van de doodstraf. In volgende rapporten over deze materie mag de mening van het Saudisch koninkrijk niet meer ontbreken, vindt hij voorts.

Dat treft. Nu hij als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties is aangesteld kan hij daar fijn zelf voor zorgen. De VN zelf heeft er kennelijk geen enkele moeite mee dat haar nieuwbakken hoofd van de Mensenrechtenraad lijnrecht tegenover haar eigen opvattingen of mensenrechten staat.

Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer dus onder. Net als overspel en toverij.

Zo’n bijgelovige zeloot mag voor de rest van de wereld bepalen hoe er invulling gegeven moet worden aan mensenrechten. En hij mag wat vinden van bijvoorbeeld de mensenrechten in Nederland. Wat een gruwel.

Einde bestaansrecht

De UNHRC is opvolger van een eerdere Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties. Deze commissie werd in 2006 opgeheven omdat er te veel landen zitting in hadden die zelf ook mensenrechten schonden. Ook de ‘vernieuwde’ Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties heeft, ditmaal met de aanstelling van Faisal bin Hassan Trad, haar eigen bestaansrecht opnieuw teniet gedaan heeft.

Doek maar weer op.

Inferieur gedachtegoed

“Kijk nou”, zegt ze terwijl ze van walging haar neus optrekt, “asielzoekers in een Duits asielzoekerscentrum die rellen omdat een van hun medebewoners de koran zou hebben beledigd!” Ze houdt haar tablet schuin zodat ik het krantenartikel ook kan lezen.

Ik lees met haar mee. Een man moet zich negatief over de koran hebben uitgelaten, waarna hij door twintig van zijn medebewoners werd aangevallen. De Duitse politie wilde tussenbeide komen, maar werd met een regen van stenen onthaald. Het liet op rellen uit, waarbij vijftig asielzoekers vier uur lang huis hielden in het asielzoekerscentrum. Kapotte ramen, vernielde inboedel, zes politievoertuigen beschadigd, vier agenten en tien asielzoekers gewond.

“Nou, dan weten we meteen wie we meteen weer terug kunnen sturen. Zulke mensen passen hier niet, met d’r inferieur gedachtegoed.”

Het gebeurt me weinig, maar wanneer ik deze vriendin over de vloer heb ben ik de mildste en meest politiek-correcte in een gesprek. Inferieur gedachtegoed, dat gaat wel erg ver. Mag je dat wel zeggen? Ik werp dan ook nog iets tegen over dat overbevolkte asielzoekerscentrum, waar zeshonderd meer mensen opgevangen worden dan de bedoeling is. Zoveel mensen op een kluitje, daar komt altijd ellende van. Mensen zitten daar ook niet voor de lol, hebben het nodige meegemaakt.

Dan val ik toch stil. Heeft ze niet ook een beetje gelijk?

Als je nou je heil komt zoeken in het rijkere, veiligere en vrijere Westen, en je de eerste de beste keer dat je een jouw onwelgevallige mening hoort deze meteen met grof geweld de kop in probeert te drukken – dan heb je ’t inderdaad gewoon niet begrepen. Vrijheid om een ander op zijn bek te timmeren omdat hij het niet met je eens is of je imaginaire vrindje ‘beledigt’ is geen vrijheid. Dat is een schrikbewind en daar wilde je nu toch juist aan ontsnappen?

Misschien is het dat ook wel, inferieur gedachtegoed. Misschien is het ook wel gewoon goed om dat zo maar eens te benoemen, het beestje moet toch een naampie hebben zou mijn oma zaliger gezegd hebben. Net als wat er bij de lieden leeft die het de laatste tijd in datzelfde Duitsland op vreemdelingen en asielzoekerscentra hebben gemunt. Koud een maand geleden werd het huis van een vluchtelingengezin in Brandenburg an der Havel in brand gestoken en werd in Dresden een asielzoekerscentrum met stenen bekogeld. In Zweden werd een brandend kruis bijeen asielzoekerscentrum geplaatst. Hatecrimes zijn als uiting van zulk inferieur gedachtegoed ook in het ‘beschaafde’ Westen weer helemaal hip en daar maak ik me zorgen over.

Er is altijd baas boven baas. Neem nou die engnekken van IS, die een bejaarde man onthoofdden. De 82-jarige Khaled Asaad wijdde zijn leven aan de historische stad Palmyra en uitgerekend op het plein voor het historische museum scheidde een extremistische zeloot ’s mans oude, wijze hoofd van de romp. Daarna werd het lichaam ondersteboven aan een lantarenpaal gehangen, samen met een bord waarop zijn ‘misdaden’ prijkten: Collaboratie met het Syrische regime, het bijwonen van bijeenkomsten met ongelovigen, een bezoek aan Iran en zijn voorliefde voor ‘heidense standbeelden’.

Strijders van datzelfde IS hebben de slavernij weer ingevoerd en verkrachten meisjes en vrouwen, want daardoor ‘komen ze dichter bij god’. Dat weten we van onder andere een 12-jarig Yezidi-meisje, dat door een van die ‘dappere strijders’ verkracht werd. De ‘strijder’ legde het kind van tevoren uit dat hij van zijn god ongelovige mag verkrachten en hij door haar te verkrachten behalve zichzelf ook zijn god pleziert. Moet u zich voorstellen dat die dappere strijder daarna de dijen van een 12-jarig meisje uit elkaar gedwongen heeft om met grof geweld dat kinderlijf te verkrachten. In naam van god.

Inferieur gedachtegoed dekt de lading niet eens en de rest van de wereld blijft zo vreselijk stil. Bij het leven onder het terreurbewind van IS vergeleken is de Zevende Cirkel van Dante’s Hel, waar de gewelddadige zielen gestraft worden, een picknick. Het is toch geen wonder dat mensen uit die Syrische hel proberen te vluchten? Het land ligt in puin, de oorlog woekert er voort, de bevolking wordt geterroriseerd, natuurlijk lonkt het Westen.

Toch focussen wij ons op de gelukzoekers en rijkaards van Arnold Karskens, zien we in iedere overbeladen rubberboot een bedreiging voor onze eigen welvaart en kan Slowakije, dat heeft laten weten dat haar vluchtelingenopvang slegs vir christenen is, op zorgwekkend veel bijval rekenen. Dat laatste heeft nochtans wel erg veel weg van het gedachtegoed van de IS-strijder die een meisje van 12 verkracht omdat ze geen moslim is. Same difference.

Daarnaast dicteert onze zwartepietendiscussie nu al de headlines, het is nog hoogzomer, maakt zelfs de VN zich daar druk om bij monde van haar speciale commissie tegen rassendiscriminatie, maar de nieuw leven ingeblazen slavenmarkten van IS laten we met ons allen gewoon gebeuren. Nu heb ik eerder al geschreven dat Zwarte Piet een aanpassing naar onze moderne maatschappij behoeft en dat vind ik nog altijd. Ons slavernijverleden verdient de aandacht, ook dat ben ik met velen van u eens. Maar waarom zo weinig aandacht voor de slavernij van het heden? Geen mogendheid, ook de VN niet, doet daar effectief wat aan. Waarom niet?

Durven we dat niet?

Zenzile Miriam Makeba, Mama Africa

Op 4 maart 1932 kwam Zenzile Miriam Makeba ter wereld in Prospect Township, bij Johannesburg, in het Zuid-Afrika van de Apartheid.

Haar moeder was een Swazi sangoma, een traditionele kruidenheler, en haar vader was een Xhosa. Miriam Makeba’s leven was van meet af aan alles behalve makkelijk. Toen zij net achttien dagen oud was werd haar moeder gearresteerd en veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf voor het verkopen van thuis gebrouwen Afrikaans bier. De eerste zes maanden van haar leven bracht de jonge Miriam in de gevangenis door. Haar vader stierf toen zij zes jaar oud was.

Ze ging naar een basisschool in Pretoria, waar ze in het koor zong. Dat zingen, dat zou ze haar hele leven blijven doen. Toen met de apartheidswetten van 1948 rassendiscriminatie werd geïnstitutionaliseerd was ze dus net 16 jaar oud.

Miriam Makeba trouwde op jonge leeftijd met James Kubay en ze kreeg haar eerste en enige kind toen zij achttien jaar oud was. Een dochter, Bongi Makeba. Miriam kreeg borstkanker en werd kort na die diagnose door James verlaten.

In de vijftiger jaren van de vorige eeuw zong ze in een Zuid-Afrikaanse jazzgroep, de Manhattan Brothers, en dat was het begin van haar zangcarrière. Ze ruilde de Manhattan Brothers in voor The Skylarks. The Skylarks, waarin alleen vrouwen zongen, mixte jazz met Zuid-Afrikaanse traditionele melodieën. Al in 1957 breekt ze door met het nummer “Pata Pata“, dat in de bantoetaal Xhosa geschreven werd door Dorothy Masuka.

Behalve een begenadigd zangeres was Miriam Makeba ook een bevlogen politiek activiste. Ze verzette zich tegen de Apartheid en streed voor burgerrechten.


1959, een keerpunt

In 1959 trad Miriam Makeba in het huwelijk met zanger Sonny Pillay, maar ook dat huwelijk zou niet lang stand houden. Ze zou datzelfde jaar nog van hem scheiden.

Dat jaar trad ze op in een anti-apartheid semi-documentaire van Lionel Rogosin. Die documentaire, Come Back, Africa, sloeg in als een bom. Come back, Africa confronteerde de wereld met de harde werkelijkheid van het Zuid-Afrika van de jaren vijftig. Ze schetste de gevolgen van het onmenselijke apartheidsregime voor Zuid-Afrika’s zwarte burgers; de achterstelling, de uitbuiting, de armoede, de willekeur van dat schrikbewind.

De documentaire zette Miriam Makeba internationaal op de kaart. Rogosin wist een visum voor Miriam te regelen, waar hij de nodige hoogwaardigheidsbekleders voor moest omkopen, zodat ze bij de première in Italië kon zijn.

Ze kreeg de vrouwelijke hoofdrol in de musical King Kong en kort daarna, op 1 november 1959, verscheen ze in The Steve Allen Show. Ze reisde af naar Londen, waar ze Harry Belafonte ontmoette, die haar onder zijn hoede nam en haar aan Amerika voorstelde. Ook in Amerika was ze een groot succes.

Ballingschap

Dat alles was de Zuid-Afrikaanse overheid niet ontgaan. Toen Miriams moeder in 1960 overleed en ze haar begrafenis bij wilde wonen, bleek ze niet langer welkom in haar geboorteland. Haar paspoort was ongeldig verklaard en haar terugreisvisum werd ingetrokken. Daarmee begon een ballingschap, die dertig jaar lang zou duren.

Zenzile Miriam Makeba bleef echter strijdbaar en ging bepaald niet bij de pakken neerzitten. Ze tekende een platencontract in de VS en bracht haar eerste Amerikaanse album uit: Miriam Makeba

In 1962 zong Miriam Makeba samen met Harry Belafonte op het grootse verjaardagsfeest van John F. Kennedy op Madison Square Garden en het jaar daarop bracht ze haar tweede album uit.

In 1963 verscheen ze bij de Verenigde Naties waar ze haar verhaal deed en tegen Apartheid pleitte.

“I ask all the leaders of the world: would you act differently, would you keep silent and do nothing if you were in our place, would you not resist if you were allowed no right in your own country because the color of your skin was different from the color of the rulers?”

Amerika

Miriam besloot in Amerika te gaan wonen. In 1964 trouwde ze met befaamd trompettist Hugh Masekela, die ze kende van de musical King Kong, maar het stel zou in 1966 alweer uit elkaar gaan. Ze bleven bevriend. In 1966 won ze een Grammy Award, samen met Harry Belafonte, voor het album An Evening with Belafonte/Makeba. 

Amerika deed haar goed en ze werd er een ster. Ze bracht er een paar van haar mooiste nummers uit, waaronder “Qongqothwane” (“The Click Song”) en “Malaika”. Ze combineerde jazz met traditionele Afrikaanse muziek en dat deed ze virtuoos. Ze verscheen standaard zonder make-up voor haar optredens en weigerde heur haar te ‘stylen’ – waarmee ze eigenhandig de ‘afrolook’ introduceerde.

Met haar succes vond ze ook gehoor; gehoor voor het leed van zwarte Zuid-Afrikanen. Zelf zou ze daar erg bescheiden over blijven, maar door haar levenservaringen in haar muziek te verwerken maakte ze een wereld van verschil. Een van de mooiste voorbeelden daarvan is “Khawuleza”, dat deel uitmaakt het album An Evening with Belafonte/Makeba.

Khawuleza is a South African song. It comes from the townships, locations, reservations, whichever, near the cities of South Africa, where all the black South Africans live. The children shout from the streets as they see police cars coming to raid their homes for one thing or another. They say “Khawuleza Mama!” which simply means “Hurry Mama! Please, please don’t let them catch you!”


Qongqothwane, dat is mijn favoriet – samen met Oxgam. Om de betekenis ervan en die prachtige klik-fonemen. Van origine is het een lied dat door Xhosa gezongen wordt bij een huwelijk. Het lied gaat over een keversoort die een kloppend geluid maakt en geluk zou brengen. Het diertje zou de weg wijzen in moeilijke tijden.

In 1968 huwde ze een Black Power-activist, Stokely Carmichael, en dat huwelijk veroorzaakte veel ophef op in Amerika. Het paar week uit naar Guinee, waar het in 1978 tot een scheiding kwam. Miriam Makeba bleef in Guinee, waar ze opnieuw zou trouwen, ditmaal met Bageot Bah.

In 1985 stierf Miriams dochter Bongi in het kraambed, in Guinee. Miriam Makeba verhuisde naar Brussel en in 1987 deed ze mee aan de Graceland-tour van Paul Simon.

Ontheemd als ze was wist ze een echte wereldburger te worden. De wereld omarmde haar en ze kon uiteindelijk bogen op paspoorten van negen verschillende landen en tien naties maakten haar tot ereburger. Als ’s werelds bekende Afrikaanse zangeres en boegbeeld van de strijd tegen Apartheid werd ze ‘Mama Afrika’ genoemd. Zuid-Afrika zou ze echter pas in 1990 weerzien, op uitnodiging van Nelson Mandela.

Dood en erfenis

Zenzile Miriam Makeba stierf op 9 november 2008, in Italië, aan een hartaanval. Ze stierf in het harnas, zo te zeggen, een dag nadat ze optrad bij een antimaffiaconcert. Dat concert werd georganiseerd als steunbetuiging voor antimaffiaschrijver Roberto Saviano, die destijds met de dood werd bedreigd.

Mama Afrika zong en veranderde de wereld. Deze prachtige vrouw laat ons haar muziek en haar boodschap na en ik hoop dat vele generaties na ons haar stem zullen mogen horen.

Ze is een legende, en een van mijn Grote Vrouwen.

Marga Klompé

Op 13 oktober 1956 werd Marga Klompé de eerste vrouwelijke minister van Nederland, in het kabinet Cals. Morgen dus op de kop af 58 jaar geleden. Ze bekleedde de post van minister van Maatschappelijk Werk. Marga Klompé was daarnaast ook de eerste vrouwelijke Nederlandse afgevaardigde binnen het Europese Parlement. In 1971 werd zij benoemd tot Minister van Staat, opnieuw als eerste vrouw.

Marga Klompé werd op 16 augustus 1912 geboren te Arnhem. Ze was buitengewoon intelligent, energiek, nuchter, plichtsgetrouw. Ze was doortastend, bezat een uitstekend analytisch vermogen en was steevast de slimste van de klas op de HBS-B.

Ze studeerde scheikunde en promoveerde in de wis- en natuurkunde. Daarna begon ze nog aan een studie geneeskunde, die ze na het behalen van haar propedeuse af moest breken omdat de universiteit als gevolg van het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog gesloten werd. Dat moet haar erg hebben verdroten, Marga Klompé droomde ervan huisarts te worden. Ze viel terug op haar studie scheikunde en van 1932 tot 1949 was ze, naar verluid evengoed met buitengewoon veel plezier, lerares scheikunde.

Klompé, die van huis uit een christelijke apologetische opvoeding genoten had, kwam door al hetgeen zij tijdens haar studie leerde rond haar twintigste levensjaar in een geloofscrisis terecht. Als gevolg daarvan heeft zij een paar jaar buiten de kerk geleefd, maar ze hervond haar geloof in de mystiek van het katholicisme. Ze moet diepgelovig uit haar geloofscrisis zijn gekomen, waarbij ze een blijvend respect voor andere vormen van geloofsbeleving opdeed.

De Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Marga Klompé actief in het verzet. Ze was koerierster en was lid van het Korps Vrouwelijke Vrijwilligers. In die hoedanigheid is ze, bij de inval van de Duitsers in 1940, bij de gevechten op de Grebbeberg geweest waar ze gewonden verpleegde. In 1943 werd zij vice-presidente van de Unie van Vrouwelijke Vrijwilligers en dat zou ze tot 1953 blijven. Tijdens de evacuatie van Arnhem, die door de Duitse Wehrmacht gegeven op 23 september 1944 werd bevolen heeft Marga Klompé een actieve rol gespeeld.

Daarna moest zij onderduiken, onder de schuilnaam Truus ter Aken verbleef ze eerst in Otterloo en daarna in Apeldoorn. Toen Arnhem eenmaal was bevrijd, ijverde ze met de Unie van Vrouwelijke Vrijwilligers op het weer op gang brengen van het openbare leven. Ze werd meteen in mei 1945 lid van de Nederlandse Volksbeweging en later van de Katholieke Volkspartij (KVP).

Politiek leven

Naast de Tweede Wereldoorlog, die haar gehard heeft, waren ook de verkiezingen van 1946 een keerpunt in het leven van Marga Klompé. Er belandde geen enkele katholieke vrouw in de Tweede Kamer, tot ergernis van Marga Klompé die de stelligste overtuiging had dat vrouwen even geschikt zijn als mannen voor eender welke functie dan ook. Die rotsvaste overtuiging zou haar verdere politieke loopbaan mede bepalen. Samen met studievriendin Wally van Lanschot richtte Klompé derhalve in 1947 het Roomsch Katholiek Vrouwendispuut op.

In 1947 reisde Marga Klompé af naar de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, als lid van de Nederlandse delegatie. Daarbij liep ze in de kijker van een aantal van haar katholieke collegae, het Tweede-Kamerlid E.M.J.A. Sassen en het Eerste-Kamerlid prof. L.J.C. Beaufort, die haar voortvarend onder druk zetten om zich verkiesbaar te stellen voor de Tweede Kamer.

Ze moet daar niet al te veel animo voor gehad hebben, want ze koos voor een onverkiesbare plaats bij de verkiezingen van 1948. Dat heeft haar niet veel geholpen, op 12 oktober dat jaar werd haar gevraagd het Tweede Kamerlid Sassen te vervangen, omdat die tot minister van Overzeese Gebiedsdelen werd benoemd. Binnen de KVP-fractie kreeg Marga Klompé de verantwoordelijkheid over het buitenlands beleid.

Marga Klompé ontpopte zich als een bevlogen politicus en werd beroemd en berucht om haar soms koppige standvastigheid. Ze schroomde niet rake oordelen uit te spreken. Ze was een van de weinigen binnen de fractie de degens durfde kruisen met voorzitter C.P.M. Romme. Als Tweede Kamerlid hield ze zich voornamelijk bezig met Europese zaken, maar later ook met maatschappelijk werk en hoger onderwijs.

Rechtsgelijkheid voor vrouwen

In 1955 diende Corry Tendeloo een motie in tegen het Koninklijk Besluit, dat gehuwde vrouwen verbood bij de overheid werkzaam te zijn. Tot die tijd was het de normaalste zaak van de wereld dat een vrouw simpelweg verplicht was ontslag te nemen op het moment dat zij huwde. Met het aangaan van een huwelijk verloren vrouwen ook nog eens hun handelingsbekwaamheid – in wettelijke zin.

“De Kamer, gehoord de besprekingen over het KB van 13 september 1955, van oordeel, dat het hier niet op de weg van de Staat ligt de arbeid van de gehuwde vrouw te verbieden, nodigt de Regering uit de hiermee strijdende voorschriften te herzien.” 

Marga Klompé steunde de motie-Tendeloo, in tegenstelling tot de meerderheid van haar fractie. Een jaar later, tijdens het kabinet-Drees III, zou de handelingsonbekwaamheid voor vrouwen afgeschaft worden.

Eveneens in 1955 stemde Marga Klompé tegen een (uiteindelijk met een krappe meerderheid verworpen) amendement-Stokman, dat de gemeenteraad de bevoegdheid moest geven kleuterleidsters te ontslaan wanneer ze in het huwelijk traden. De meerderheid van haar fractie stemde voor, maar mevrouw Klompé hield opnieuw voet bij stuk.

Ministerschap

Op 13 oktober 1956 werd Marga Klompé dus minister van Maatschappelijk Werk, een relatief klein departement dat net vier jaar oud was. Zowel de minister als haar departement ondervonden geregeld aanzienlijke weerstand van zowel de Tweede Kamer als het kabinet.

Klompé geloofde ten stelligste in particuliere initiatieven maar vond ook dat een overheid rigoureus ingrijpen moest wanneer die faalden. Haar Wet op de bejaardenoorden uit 1963 en de Algemene Bijstandswet uit datzelfde jaar zijn daar schoolvoorbeelden van. Daarmee is zij een van de grondlegsters van de verzorgingsstaat.

Een voortzetting van het ministerschap zag mevrouw Klompé niet zitten en op 24 juli 1963 droeg zij haar portefeuille over, om terug te keren in de Tweede Kamer. In 1966, tijdens de ‘Nacht van Schmelzer’ deed ze mee met de stemming die het kabinet Cals deed sneuvelen. Ze stemde met pijn in het hart tegen J.M.L.Th. Cals, waarmee zij in de loop van de jaren innig bevriend was. Het belang van haart partij liet ze daarbij prevaleren.

De opvolger van meneer Cals, J. Zijlstra, vroeg Marga Klompé haar oude departement nog eenmaal op zich te nemen, voor de duur van een paar maanden. Het was inmiddels omgevormd tot het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM). Marga Klompé zwichtte en werd opnieuw minister.

Ze werd in 1967 door haar fractie naar voren geschoven als mogelijke minister-president, maar daar vond ze zichzelf niet geschikt voor. Tijdens het kabinet-De Jong werd zij opnieuw gevraagd aan te blijven als minister en dat deed ze.

In 1971 staakte Marga Klompé haar politieke activiteiten. Datzelfde jaar, en wel op 17 juli, werd ze geëerd met de eretitel van minister van Staat. Ze was de eerste vrouw die deze eer te beurt viel.

Ze mocht dan niet meer actief zijn in de politiek, stilzitten deed Marga Klompé niet. Ze wijdde zich aan kerkelijk werk, als adviseur en bestuurslid van verschillende commissies en organisaties.

Halverwege de jaren tachtig werd Marga Klompé ziek, maar ze bleef doorwerken. Ze overleed op 28 oktober 1986, in Den Haag. Ze werd gecremeerd en haar as werd uitgestrooid over de wateren van de Noordzee.

Marga Klompé was een politiek zwaargewicht, bevlogen en welbespraakt. Zij wordt herinnerd om haar inzet ter bevordering van de mensenrechten en vrede, sociaal welzijn en de internationale sociale verantwoordelijkheid. Daar wil ik emancipatie graag nog aan toevoegen.

Zij is een van mijn Grote Vrouwen. Morgen is de verjaardag van haar aantreden als eerste vrouwelijke minister van Nederland.

Polderpiet en Verene Shepherd (zwartepieten met de VN IV)

De rechter is er uit: Zwarte Piet is een racistisch onderdeel van onze sinterklaastraditie. Ook al is hij niet racistisch bedoeld, hij wordt wel als kwetsend ervaren. Hij mag voor veel Amsterdammers een sprookjesfiguur uit de kindertijd zijn, maar toch is de rechtbank van oordeel dat de stereotype figuur Zwarte Piet leidt tot een negatieve stereotypering van zwarte mensen – en wel in zo’n mate dat hij een inbreuk vormt op het privéleven van de eisers.

De burgemeester van Amsterdam zal zich dus opnieuw moeten gaan beraden, binnen zes weken, over de intocht van Sint Nicolaas aldaar en daarbij zal hij de uitspraak van de rechtbank in acht moeten nemen.

Opvallend gegeven is dat ‘wit’ en ‘zwart’ weer terug zijn, tot in de rechtszaal en het vonnis van de rechter aan toe. De eisen van de witte eisers werden afgewezen omdat de zaak alleen zwarte mensen persoonlijk treft. Ik weet nog niet of ik dat nu wel een vooruitgang vind.

Ik schreef het eerder al: Ik begrijp de moeite die sommigen hebben met Zwarte Piet. Houdt u vast, dan neem ik de gelegenheid meteen even te baat om eens flink te vloeken in de traditionele kerk:  Ik heb geen enkele moeite met de vraag of Zwarte Piet in zijn huidige hoedanigheid nog wel echt van onze tijd is. Ik heb zelfs geen moeite die met een bedachtzaam ‘neen’ te beantwoorden. Het beeld van Zwarte Piet behoeft verandering en hij moet, zoals hij en Sint Nicolaas al eeuwen doen, met de tijd mee.

Het verwijt dat het sinterklaasfeest in het algemeen en Zwarte Piet in het bijzonder met kolonialisme en slavernij van doen zou hebben vind ik desondanks nog altijd onzin. Die notie staat onredelijk ver af van hoe er aan het sinterklaasfeest invulling gegeven wordt.

De geschiedenis van Zwarte Piet

Daarnaast is de geschiedenis van de figuur Zwarte Piet helemaal zo eenduidig niet. De traditie van de metgezel van de Sint begint niet bij de protestante schrijver Jan Schenkman en is zelfs niet aan Nederland voorbehouden. Bij de Fransen is dat Père Fouettard, bij de Duitsers is dat Knecht Ruprecht en in de alpenregio’s hebben ze Krampus. Ze hebben veel met elkaar gemeen, met name in hun rol van kinderschrik; ze liggen het hele jaar op de loer om te zien of kinderen wel zoet zijn, straffen met roe of zweep, dragen een korf of zak bij zich waar stoute kinderen in kunnen worden gestopt en hebben allen opvallend vaak een zwartgemaakt gezicht.

Dat Zwarte Piet louter zou berusten op het beeld van een Afrikaanse zwarte slaaf is simpelweg onwaar. De metgezel van de Sint dateert van ver voor die schandvlek in onze geschiedenis en hij is van oudsher een overwonnen en geknechte duivel, symbool van het overwonnen kwaad. Zowel de Sint als Piet hebben daarnaast veel gemeen met Ódin en Wodan en zijn Wilde Jacht.

Toen de Moren met regelmaat de Europese kusten plachten af te stropen in hun zoektocht naar blanke slaven legde men zelfs een link tussen die Moren en het duivelse knechtje van de Sint. Op zich is Piet zo bezien een monument voor een onderbelichte, bijna vergeten, passage in de geschiedenis van slavernij. Behalve de trans-Atlantische slavenhandel was er immers ook de Arabische Afrikaanse slavenhandel en, zij het op veel kleinere schaal, de Barbarijse slavenhandel. Goed, nu weet u in elk geval waar Piet het idee vandaan haalde (stoute) kinderen in een zak te stoppen en ze weg te voeren.

Polderpiet

Die geschiedenis verandert echter niets aan hoe mensen Zwarte Piet vandaag de dag beleven. Voor een deel van ons is hij kwetsend en mensen voelen zich beledigd en zelfs gediscrimineerd door Piets donkere voorkomen. Dat is reden genoeg om wat aan dat voorkomen te doen.

Zwarte Piet kan heus minder zwart. Doe mij maar een Zwarte Piet die niet langer effen zwart geschminkt is, maar met mooie zwarte vegen roet op zijn snoet. Een Polderpiet.

Probleem opgelost.

Verene Shepherd

Zo, dan nog even over mevrouw Shepherd van de zwartepietenonderzoekscommissie van de VN en lid van de Jamaicaanse commissie voor herstelbetalingen. U weet wel, dat is die mevrouw die mocht onderzoeken of onze Zwarte Piet een racistisch fenomeen is en daarvoor eerst meteen maar even afreisde naar Suriname, om daar met de commissie voor herstelbetalingen aldaar te spreken. Om de vraag te beantwoorden of Zwarte Piet een racistisch stereotype is meende zij namelijk dat financiële genoegdoening voor de slavernij in de discussie moest worden betrokken. Daarmee was het lot van Zwarte Piet bij voorbaat bezegeld.

Mevrouw Shepherd nam niet de moeite Nederland zelf te bezoeken en zei, nog voor onderzoek was afgerond, dat Nederland moet stoppen met het sinterklaasfeest omdat Zwarte Piet “racistisch is en een terugkeer van de slavernij”.

Deze week is mevrouw Shepherd, samen met haar werkgroepje, voor het eerst in Nederland en wel om de positie van Afrikaanse afstammelingen te onderzoeken.

Ze gaf een persconferentie, waarbij ze (voor een tot in uitentreuren zelfverklaard historica) over een wat gemankeerd geheugen blijkt te beschikken, om nog maar niet te spreken over een gebrek aan feitenkennis: “Ik zeg niet dat jullie je kerstviering moeten afschaffen”. Jawel, ze zei het echt. Kerstmis.

Volgens mevrouw Shepherd “hebben mensen blijkbaar te weinig kennis van de geschiedenis van het Nederlandse koninkrijk en het slavernijverleden als ze niet inzien waarom de figuur van Zwarte Piet kwetsend is”. Dit gebrek aan kennis is de voedingsbodem voor intolerantie, racisme en haat volgens de werkgroep.

Mevrouw Shepherd spreekt zich in sterke bewoordingen uit tegen het zwart schminken van (voornamelijk) witte gezichten, het is beledigend. “In other parts of the world this black face image has been banned”.

Welnu, dat is helemaal niet waar. De zwart geschminkte Hajji Firuz met zijn rode lippen en malle muts, die het Perzisch nieuwjaarsfeest Navruz aankondigt, lijkt bijzonder veel op onze Zwarte Piet. Volgens de VN is Navruz echter juist een feestje dat aan culturele diversiteit bijdraagt.

Navruz, en daarmee Hajji Firuz, is zelfs zonder morren van mevrouw Shepherd en haar Working Group of Experts on People of African Descent in 2009 op de UNESCO-lijst van immaterieel erfgoed geplaatst.

“Wij verwerpen het idee dat Zwarte Piet gewoon een leuke, vrolijke man is”, zei mevrouw Shepherd ook nog. “Ik ben historica. De manier hoe Zwarte Piet wordt neergezet is een stereotype.”

Mevrouw Shepherd, mocht u dat nog niet meegekregen hebben, is historica en dus heeft ze kennelijk gelijk. Dat is een prachtige drogreden trouwens, het beroep op autoriteit of argumentum ad verecundiam op zijn zondags.

Mevrouw Shepherd was nog niet klaar. Ze heeft bergen hatemail gekregen en voelt de noodzaak wat misvattingen over haar persoontje recht te zetten.

“Laat ik me daarom nog maar eens voorstellen. Ik ben een professor, ik heb zestien boeken geschreven, de meeste over slavernij, genderstudies en de relatie tussen Europa en de Caraïben. Hopelijk zien jullie nu dat ik een heel aardig persoon ben.”

Dat zal best hoor, dat ze een aardig mens is. De vraag is alleen of ze haar professoraat niet gewoon bij een pakje boter cadeau gekregen heeft.

Pan y toros. Olé!

Terwijl men in ons kikkerlandje een banale concessie doet in het Groot Zwartepietendebat, Zwarte Piet wordt geacht tijdens de intocht in Amsterdam zijn oorbellen thuis te laten, pakken ze in thuishaven Spanje de zaken anders aan.

Al jaren is er discussie over de rituele marteldood die stierenvechten heet. Organisaties als Peta, CAS International, WSPA en talloze anderen maakten en maken zich er hard tegen en met succes. Zelfs onder de Spanjaarden zelf boette de corrida aan populariteit in en in Catalonië werd het stierenvechten kortgeleden zo waar verboden. In Galicië zag men dat licht slechts ten dele, maar daar verbood men in elk geval kinderen onder de twaalf jaar het stierenvechten bij te wonen.

Terecht natuurlijk, want wat een stier in zo’n arena wordt aangedaan is gruwelijk. Ook het paardenleed is niet te overzien.

De Spaanse senaat verklaarde desondanks vandaag het stierenvechten bij wet officieel tot ”immaterieel cultuurgoed”. In die wet is zelfs een reeks maatregelen vastgelegd die het stierenvechten moeten beschermen en promoten. De Spaanse regering “moet aan de slag met een nationaal plan voor het stierenvechten en moet het nationale vermaak op de Werelderfgoedlijst van Unesco zien te krijgen”.

Deze wetgeving is direct gevolg van een pro-stierenvechten burgerinitiatief dat vorig jaar werd ingediend. Gelukkig in afgezwakte vorm, de lieden achter dat initiatief hadden graag gezien dat het Catalaanse verbod ongedaan zou worden gemaakt. Dat zal echter niet gebeuren.



Toro entero no.23, Monica Rotgans

Nu heb ik een affiniteit voor de Spaanse vechtstier. Het is een van de mooiste dierenrassen van Europa, een imposant toonbeeld van übermasculine schoonheid, kracht en macht. Op het oog gevaarlijke vechtlust op vier poten, de ontembare dood met horens. Een vat explosief testosteron. Dat is het woeste wezen van de mythische stier, zoals alleen Monica Rotgans hem in haar kunst weet te vangen.

Daarom is de stier al sinds mensenheugenis onderdeel van onze mythologie en hebben we hem zelfs aanbeden. Daarom joegen de oude Romeinen hem hun arena’s al in en maakten de Minoïsche Kretenzers een salto mortale over zijn rug.

Hij heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op vooral jonge mannen, die iets te bewijzen hebben, die hem bevechten om hun moed en vermeende menselijke en vooral mannelijke superioriteit te etaleren.

De stier was wezenlijk onderdeel van de Mithrascultuur, die (weinig verrassend) was voorbehouden aan mannen en een geducht rivaal was van het jonge christendom. Mithras dwingt de stier op de knieën en steekt hem een mes in de hals, waardoor zijn levensbloed op de aarde uitstort. Met de opkomst van het christendom werd de cultus van Mithras verboden.

Dat het stierenvechten, dat een erfenis is van al die mythen en culten, uitgerekend in het streng christelijk Spanje wist te overleven is bijzonder. Bijzonder genoeg om het ras te beschermen en te behouden. Maar zeker niet bijzonder genoeg om het stierenvechten, in al haar wrede verschijningsvormen, te behouden. Dierenleed omwille van vermaak, of zelfs de kunst want daar plegen aficionados het stierenvechten onder te scharen, is niet meer van deze tijd.

Zeker niet wanneer je door die mythische en vooral kunstmatige woestheid van de toro bravo heen prikt. Wat dan overblijft is gewoon een goeiige herkauwer.

 
 
Help CAS International te voorkomen dat UNESCO het stierenvechten tot cultureel erfgoed verklaart en teken de petitie *hier*. 

Vrouwen, Saoedi-Arabië en de VN Mensenrechtenraad

Vrouwen achter het stuur. Hier is dat de normaalste zaak van de wereld (zij het somtijds ook bron van vermaak voor mannen die denken dat ze ’t beter kunnen), maar in Saoedi-Arabië is dat ten strengste verboden. Bij wet. Alleen mannen mogen er een rijbewijs halen. Vrouwen die toch autorijden kunnen daarvoor fikse boetes krijgen, of zelfs gevangenisstraf.

De rammelende eierstokken van Sheikh Saleh bin Saad al-Lohaidan

Onlangs verklaarde een belangrijke conservatieve geestelijke van Saudi-Arabië, Sheikh Saleh bin Saad al-Lohaidan, nog dat vrouwen die autorijden daarmee hun eierstokken riskeren. Sterker nog, vrouwen die regelmatig autorijden krijgen daardoor kinderen met allerlei, uiteraard niet nader omschreven, medische problemen. Meneer wordt daarbij niet gehinderd door enige medische kennis of achtergrond, overigens. Deze man, die ook nog eens juridisch adviseur is bij een vereniging van psychologen in de Golfstaten, riep vrouwen met rijambities hun “verstand vóór hun hart, emotie en passie te laten gaan”. 

Afgelopen dinsdag meldden honderdvijftig woedende islamgeleerden zich bij het koninklijk zomerpaleis in Jeddah, alwaar zij ontvangen werden door koning Abdallah. Dit religieus herrenvolk wil zich er hard voor maken dat Saoedische vrouwen ook in de toekomst geen auto zullen mogen rijden. De heren zijn ook gepikeerd dat de regering Saoedische vrouwenorganisaties zich ongestraft laat wegkomen met hun pogingen het rijverbod af te laten schaffen.

Gelukkig voor de Saoedische vrouwen zijn er inmiddels ook legio Saoedische mannen die zich tegen het verbod keren.

Campagne 26 oktober

Aankomende zaterdag zullen Saoedische vrouwen in weerwil van die wet en uit protest daartegen achter het stuur kruipen. De Saoedische regering is not amused door deze voorgenomen massale protestrit. Niet alleen blokkeerde ze website van de campagnevoerders, de Saoedische regering liet gisteren ook een waarschuwing uitgaan dat er geweld gebruikt zal worden mocht men het in het vrijgevochten hoofd halen te protesteren voor het afschaffen van het rijverbod voor vrouwen.

Saoedi-Arabië en de Mensenrechtenraad

Vrouwen zijn er overigens niet als enige de gebeten hond. Met mensenrechten in het algemeen is het treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun “misdaad”. Onlangs nog werd een groep van drieënvijftig christenen door de Saoedische religieuze politie aangehouden omdat ze het lef hadden in een woning te bidden.

Ondertussen heeft Saoedi-Arabië een rapport gepresenteerd aan de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, over de ontwikkelingen inzake de mensenrechten in het koninkrijk in de periode van 2009 tot 2013. Vijfennegentig landen spraken zich over dat rapport uit, waarvan tweeëntachtig in positieve zin.

Canada kaartte de rechten van Saoedische vrouwen aan, inclusief hun rijverbod. Ierland sprak zich uit tegen het fenomeen mahram, de mannelijke voogd zonder wie vrouwen bijvoorbeeld niet mogen reizen. Duitsland sprak zich uit tegen de kindhuwelijken in het koninkrijk.

UN-Watch zette een paar van die loftuitingen voor ons op een rij;

Turkey: “We commend Saudi Arabia for the significant rise of women in civil service”
Tunisia: “We commend Saudi Arabia for efforts to adapt its laws with international human rights conventions…”
Palestine: “We take notice of Saudi Arabia’s efforts to protect and promote human rights…”
Somalia: “Saudi Arabia maintains a high priority for protection and promotion of human rights…”
Pakistan: Commended “laudable steps taken by Saudi Arabia to promote and protect the rights of children and women…”
Nicaragua: “We note Saudi Arabia’s progress in rights of the child, trafficking of persons, and legislative change for women’s rights…”
Mauritania, VP of the UNHRC (and a country that practices slavery): “We commend Saudi Arabia for always seeking to strengthen human rights…We commend Saudi Arabia in terms of the progress on guaranteeing fundamental rights and freedoms, socioeconomic progress, participation of women at all levels and participation in society. We hope to see greater prosperity and progress for Saudi Arabia.”
Maldives: “We commend Saudi Arabia’s improvement on the situation of women.”
Libya: “Saudi Arabia continues to strengthen human rights and promote them and this deserves our appreciation…” 
Egypt: “We commend Saudi Arabia’s progress to protect and promote human rights, and welcome work done to strengthen role of women…”
France: “We commend Saudi Arabia with its progress in the role of women in society…”
Denmark: “We commend Saudi Arabia’s progress in the promotion of rights for women in recent years…”
Cuba: “We commend Saudi Arabia for the implementation of recommendations made in the first cycle. Many areas of positive results: education, health…”
China: “We appreciate efforts made to protect the rights of children and to have dialogues of religious tolerance…”
Cambodia: “We take note of progress in human employment, education, and social security…”
Afghanistan: “We commend Saudia Arabia as they continue to enhance the protection and promotion of human rights…”
Vietnam: “Commend Saudi Arabia’s efforts in combating human trafficking and discrimination; these are encouraging…”
Venezuela: “Enrollment in primary education has reached 96.6%. We congratulate Saudi Arabia…”


Wat Nederland te vertellen had, dat heb ik nog niet kunnen vinden. Tot zo ver de Verenigde Naties maar weer.

Ironisch genoeg ambieert Saoedi-Arabië een plekje in die Mensenrechtenraad. De verkiezingen daarvoor zullen op 12 november dit jaar plaatsvinden.

Vol verwachting klopt mijn hart.

De dubbele moraal van Verene Shepherd (zwartepieten met de VN II)

Zei ik eerder dat ik vermoedde dat mevrouw Verene Shepherd, van de zwartepietencommissie van de VN, vooringenomen haar onderzoek naar Zwarte Piet inging? Dat behoeft correctie. Ik weet het inmiddels zeker.

Mijn eerdere vermoeden baseerde ik op het gegeven dat mevrouw Shepherd meende af te moeten reizen naar Suriname, om daar met de commissie voor herstelbetalingen aldaar te spreken. Ze komt dus niet naar Nederland, om daar haar licht op te steken over het Sinterklaasfeest, Zwarte Piet en hoe men dat alles beleeft. Dat is in haar beleving duidelijk een reeds gepasseerd station, ze stoomt meteen door richting Suriname.

Om de vraag te beantwoorden of Zwarte Piet een racistisch stereotype is meent zij namelijk dat financiële genoegdoening voor de slavernij in de discussie moet worden betrokken. Daarmee leek het lot van Zwarte Piet bij voorbaat bezegeld; mevrouw Shepherd ging er in elk geval alvast vanuit dat hij een zwarte slaaf moet zijn geweest.

Nu vraag ik mij nog steeds af in hoeverre die herstelbetalingen criterium kunnen en mogen zijn in deze kwestie. Mocht de VN in al haar wijsheid besluiten dat Zwarte Piet een racistisch stereotype is, mag Nederland dat dan afkopen door ettelijke euronen naar Suriname te gireren? Mocht Zwarte Piet geen racistisch stereotype zijn, zijn die herstelbetalingen dan van de baan? 

Mevrouw Shepherd, zelf lid van de Jamaicaanse commissie voor herstelbetalingen, lijkt de affaire Zwarte Piet voornamelijk in het licht van haar eigen agenda te zien.

Interview EenVandaag

Tijdens een interview met EenVandaag wordt Verene Shepherd op de man af gevraagd naar haar vooringenomenheid. Als lid van de onderzoekscommissie is ze verplicht verder onderzoek te doen, maar ze als “black person” in Nederland zou wonen zou zich tegen het fenomeen verzetten.

Het onderzoek is nog niet afgerond, maar mevrouw Shepherd laat nu al weten dat Nederland moet stoppen met het Sinterklaasfeest omdat Zwarte Piet “racistisch is” en “een terugkeer van de slavernij”.

Aan het eind van het interview maakt mevrouw Shepherd het helemaal bont; want waarom moeten wij malle Nederlanders nu helemaal twéé Santa Clauses hebben? Mevrouw de historica doelt daarbij op de Kerstman, u weet wel; de Coca-Cola-kopie van Sint Nicolaas.

De dubbele moraal van Verene Shepherd

Wat ik van mevrouw Shepherd zou willen weten is waarom het Perzisch nieuwjaarfeest Navruz zonder morren op de UNESCO-lijst van immaterieel erfgoed is geplaatst. Dat gebeurde in 2009. De zwart geschminkte Hajji Firuz, die dit feestelijk Perzisch nieuwjaarsfeestje aankondigt was daarbij geen beletsel. Met zijn rode lippen en malle muts is de gelijkenis met Zwarte Piet treffend, maar volgens de VN is Navruz juist een feestje dat aan culturele diversiteit bijdraagt;

Novruz promotes the values of peace and solidarity between generations and within families, as well as reconciliation and neighbourliness, thus contributing to cultural diversity and friendship among peoples and various communities.

Hoe kan het dat deze Perzische equivalent van Zwarte Piet zonder weerstand of kritiek van de Working Group of Experts on People of African Descent, waar mevrouw Shepherd voorzitter van is, op die lijst terecht kwam?

Verene Shepherd is een gelauwerd professor die zich veel met genderissues bezighoudt. Ze schreef ettelijke boeken over de slavernij en emancipatie. In 2010 zong de Jamaican Observer haar lof:

Shepherd launched her academic career with the aim to change the stereotype where historically women occupied the domestic space and made no contribution to production and public life. Her work has contributed significantly to the body of scholarship that is helping to overturn these stereotypes.

Waar was mevrouw Shepherd toen tradities waar vrouwen niet aan mee mogen doen met goedkeuring van de VN op die UNESCO-lijst werden geplaatst? Die zijn mondiaal nog erg populair ook. Neem nu het Japanse Kumiodori, prachtig traditioneel muzikaal theater, dat is voorbehouden aan mannelijke acteurs. Of Chhau, een dans uit India, waarbij sommige passen gebaseerd zijn op de werkzaamheden van huisvrouwen maar waaraan geen vrouw mee mag doen. Huisvrouw of niet. Dichter bij huis is er de Leuvense Abrahamdag. Leuk, maar slegs vir belegen mannen.

Wat, waren die vrouwen niet zwart genoeg? Geen slaven geweest? Geen argument in de discussies rond herstelbetalingen voor slavernij uit het verleden?

Mocht uit dat “gedegen” onderzoek van de VN nog blijken dat Zwarte Piet (al dan niet ten dele) geënt is op het image van de Moorse page en de Moorse slavenhaler, gaan we dan eindelijk naast de trans-Atlantische slavenhandel ook de Arabische Afrikaanse slavenhandel en de Barbarijse slavenhandel op de agenda van de genoegdoening zetten? Mogen de nazaten van de Barbarijse slaven en van blanke slaven, relatief klein in aantal maar toch, ook meedoen?