Verplichte anticonceptie?

Mag een overheid de vruchtbaarheid van mensen, die eigenhandig hebben bewezen niet goed voor een kind te kunnen zorgen, aan banden leggen?

Het is een vraag die op dit moment de Rotterdamse gemeenteraad verdeelt. Wethouder Hugo de Jonge (CDA) wil ijveren voor een wet die het gebruik van voorbehoedsmiddelen kan verplichten. Het gaat daarbij om wat men ‘onmachtige ouders’ noemt, maar uiteindelijk blijkt dat het vooral om ‘onmachtige moeders’ gaat – de ‘onmachtige vaders’ blijven buiten schot. Dat is jammer, want laten we wel zijn; It takes two to tango.

Die wetgeving zal namelijk vooral voor vrouwen gelden, die bijvoorbeeld verslaafd zijn, dakloos zijn, psychische problemen hebben of verstandelijk beperkt zijn, die verplicht een spiraaltje moeten laten inbrengen. “Sommige kinderen hebben het recht om niet geboren te worden” zegt de CDA’er.

Het Maasmeisje

Het deed mij denken aan de 12-jarige Géssica Gomes, die we allemaal kennen als ‘het Maasmeisje’, sinds haar bloedeigen vader haar doodde en haar lichaam in stukken sneed, om vervolgens de delen van haar lichaam in tassen te doen en in de Nieuwe Maas te gooien. De vader had al een geschiedenis van geweldplegingen, tegen zijn kinderen en zijn ex-vrouw. Hij dronk, gebruikte Ritalin, leed aan paranoïde psychoses en meende bezeten te zijn. Volgens een expert functioneerde hij op overwegend zwakbegaafd niveau.

Het Kofferbakmeisje

En dan dat andere onfortuinlijke kind, dat het nieuws zou halen als ‘het Kofferbakmeisje’. Bij leven werd Savanna de Jong, zoals de 3-jarige peuter heette, door haar biologische moeder en haar stiefvader geslagen en uitgehongerd. Er waren eerder al twee van moeder Sonja’s kinderen uit huis geplaatst toen Savanna ter wereld kwam in 2001. Al in de eerste maanden van haar jonge leventje werd ook Savanna uit huis geplaatst, maar Sonja kreeg het kind toch weer terug.

Savanna werd, bij wijze van ‘opvoeding’, in kastjes opgesloten als het stel haar zat was of kreeg een washandje in haar mond gepropt, zoals ook op de dag van haar dood, 20 september 2004. Het kind stierf de verstikkingsdood. Moeder Sonja leed aan een borderline persoonlijkheidsstoornis met antisociale trekken en had op haar beurt een traumatisch verleden.

Verantwoording van ouders

Nu heb ik vaker mijn twijfels wanneer sommige mensen besluiten hun kinderwens in daden om te zetten. Zo dacht een huisgenootje uit mijn studententijd dat haar droomman (en notoir rokkenjager, maar dat terzijde) wel definitief voor haar zou kiezen als ze een kind van hem zou baren. Ze stopte zonder wat te zeggen met de pil. Gelukkig, voor alle betrokken partijen, was hij niet voor één gat te vangen.

Een andere vrouw was ongelukkig en zadelde haar kind, nog voor conceptie, al met een baan op: het zou haar gelukkig moeten maken.

Ooit sprak ik een bevriend stel vermanend toe; beiden waren werkeloos en hadden geen cent om de spreekwoordelijke kont mee te krabben, toch moesten er kinderen komen vanwege de kroon op de relatie. Jawel, meervoud. Ik durfde de vraag te stellen hoe ze dat financieel dachten te kunnen bolwerken? Dat je zelf op sinaasappelkisten zit en van de voedselbank eet is een ding, maar een kind moet gevoed, opgevoed, gekleed, naar school en dat kost allemaal geld.

Kinderen hebben Kinderrechten, moet u weten en daar zijn ouders in beginsel verantwoordelijk voor. Ik vond daarom dat al die ongeboren vruchten recht hadden op een heroverweging, zij vonden het een goed moment de vriendschap op te zeggen.

Kinderrechten 

Kinderen hebben bijvoorbeeld recht op op een levensstandaard die voldoende is voor hun lichamelijke, geestelijke, intellectuele, zedelijke en maatschappelijke ontwikkeling. Ze hebben recht op onderwijs, recreatie, ontwikkeling, lichamelijke integriteit, een veilig thuis. En het recht op ouders die de verantwoordelijkheid nemen voor de opvoeding van hun kinderen en daarbij de belangen van die kinderen voorop stellen.

De gevolgen van een drugs- of drankverslaving tijdens de zwangerschap zijn gruwelijk. Baby’s van drugsverslaafde moeders komen verslaafd ter wereld en worstelen binnen de eerste 24 uur van hun leven al met ontwenningsverschijnselen. Bij baby’s van moeders die gedurende hun zwangerschap vijf of meer glazen alcohol drinken zien we groeiachterstanden, misvormingen en/of een aangetast zenuwstelsel. Dat is evengoed kindermishandeling als het ongenadig pak slaag dat meisje Savanna van haar moeder kreeg.

Bezint eer ge begint

Projecten zoals in Tilburg, en nu in Rotterdam, om ‘kwetsbare ouders’ ervan te overtuiging vrijwillig anticonceptie te gebruiken juich ik dan ook van harte toe.  Alles staat of valt met goede, eerlijke voorlichting en een gedegen begeleiding.

Deze problematiek geldt echter in het geheel niet alleen de relatief weinig verslaafde, dakloze, verstandelijke beperkte of met psychische problemen behepte vrouwen van wethouder De Jonge.

Ook gewone, wilsbekwame mannen en vrouwen lukt het regelmatig niet om fatsoenlijk voor een kind te zorgen. Jaarlijks worden alleen in Nederland 119.000 kinderen mishandeld. Fysiek, emotioneel en seksueel geweld, emotionele en fysieke verwaarlozing, het getuige zijn van huiselijk geweld en de gevolgen van vechtscheidingen zijn allemaal vormen van kindermishandeling, en gemiddeld is een kind per schoolklas er slachtoffer van. Kinderen zijn gemiddeld drie tot vijf jaar lang slachtoffer van huiselijk geweld. Gemiddeld sterft er elke week een kind aan de gevolgen van mishandeling.

Mensenrechten

Ook grote mensen hebben rechten. Mensenrechten. Op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon en de onaantastbaarheid van zijn menselijk lichaam. Het recht te huwen en een gezin te stichten. Een wilsbekwame vrouw vastbinden op een bed, haar met dwang een spiraaltje of een onderhuids anticonceptiestaafje inbrengen – het is eenvoudigweg in strijd met het Internationale Verdrag voor de Rechten van de Mens.

De hamvraag is nu of de Mensenrechten van een vrouw als Sonja het niet moeten afleggen tegen de Kinderrechten van een kind als Savanna.

Joris Demmink

Joris Demmink is in het nieuws. Ja, alweer. Vandaag heeft de Volkskrant een scoop; de heren Bart Molenkamp en Jacques van Huet (beiden gewezen gevangenisdirecteuren) lieten elk een verklaring vastleggen bij een notaris. Naar verluidt beogen beide heren door het afleggen van die verklaringen nieuw en onafhankelijk onderzoek af te dwingen.

In mei 1992 zouden deze heren een dienstreisje naar Londen hebben gemaakt, onder begeleiding van een medewerkster van Justitie. ’s Avonds, tijdens het borrelen in de hotelbar, zou die medewerkster uit de school zijn geklapt over Joris Demmink. Ze beklaagde zich over het wangedrag van de toenmalig directeur Vreemdelingenzaken waarvoor zij, volgens die verklaringen, “via de telefoon jonge jongens voor hem moest regelen”. Volgens meneer Molenkamp het liefst van Thaise origine.


De gebeurtenis waarover beide heerschappen verklaren dateert dus van eenentwintig jaar geleden.


Waarom zo lang gewacht? Eenieder die kennis draagt van enig strafbaar feit kan en mag daar aangifte van doen, waarom dan naar een notaris gestapt?


Bart Molenkamp

Volgens meneer Molenkamp, oud-directeur van respectievelijk De Koepel in Breda en de PI Vught, sprak de medewerkster “vanuit een zeer grote verontwaardiging“. Die medewerkster echter, die weet van niets. Ze is stomverbaasd en kan zich van het gesprek in het algemeen en de grote verontwaardiging in het bijzonder niets herinneren. Desgevraagd heeft ze ook nooit werkzaamheden “voor of met de heer Demmink” verricht.

Bijzonder. Nietwaar?


Bart Molenkamp kwam ik een poosje geleden al tegen in de discussie over de te sluiten gevangenissen in het Masterplan van meneer Teeven. Gevangenis De Koepel staat op het lijstje van gevangenissen die hun deuren wellicht zullen moeten sluiten. De gedetineerden zouden in dat geval in de PI Vught ondergebracht gaan worden, misschien zelfs met zijn tweeën op één cel. Dat laatste noemde meneer Molenkamp “uiterst onfatsoenlijk en onbehoorlijk“. Hij wees er fijntjes en geheel terecht op dat Nederland internationaal afgesproken heeft zich daar niet aan te ‘bezondigen’.


Jacques van Huet

Meneer Van Huet verklaart: “Als ambtenaren was het het zoveelste verhaal over de heer Demmink zijn escapades en bijzondere aandacht voor jonge jongens. Veel hogere ambtenaren moeten hiervan hebben geweten. Niemand durfde hierover openlijk naar buiten te treden. Dat stond gelijk aan ambtelijke zelfdoding naar mening van ondergetekende.”

 Jacques van Huet, gewezen boegbeeld van het gevangeniswezen, ken ik voornamelijk van zijn conflict met minister Donner van Justitie in 2004. Het kwam zelfs tot een kort gedingVan Huet werd onder meer verweten dat hij tijdens een afscheidsspeech aan collega-gevangenisdirecteur Peter Scheffelaar Klots zou hebben gezegd dat “iedereen bij justitie de weg kwijt is“. Minister Donner, op zijn beurt, stelde in de Tweede Kamer dat sprake was van een “zodanige vertrouwensbreuk” met Van Huet dat hij “liever iemand anders” op diens functie zag. Jacques van Huet wilde rectificatie, maar kreeg een ontslagbrief.


Het incident is me vooral bijgebleven omdat ik oud-minister Donner zo’n enge kwezel vind. Jacques van Huet werd beschreven als een man van principes. Een andere oud-directeur, Henk Greven, meende “dat Jacques van Huet bij grote persoonlijke bezwaren eerder zou opstappen dan het beleid niet uitvoeren“.


Rest de vraag waarom deze zo principiële meneer Van Huet die avond kennelijk het zoveelste verhaal over de escapades van Joris Demmink en diens  bijzondere aandacht voor jonge jongens aanhoorde en er eenentwintig jaar lang niets mee deed.

Joris Demmink, Netwerk en het Rolodex-onderzoek

Het is 1997-1998. De politie en het Ministerie van Justitie hebben een heel netwerk in het vizier van lieden die in Amsterdam jonge jongens prostitueren en kinderporno verspreiden. Er wordt een onderzoek naar gestart naar de pooiers en hun klanten, wat we nu kennen als het Rolodex-onderzoek.

Volgens informatie van de politie Amsterdam zouden de pooiers een rolodex hebben met daarin hun hele klantenbestand. De rolodex werd nooit gevonden. Het netwerk is goed georganiseerd; de lieden die kinderen ronselen doen alleen zaken met mensen die hun huizen ter beschikking stellen. Die laatsten doen op hun beurt weer alleen zaken met de “afnemers”.


In die tijd werden bij telefoontaps eerst alleen telefoonnummers genoteerd. Daarbij stuit de politie geheel onverwacht op de telefoonnummers van Nederlandse topambtenaren. Een officier van justitie. Een hoge ome van het ministerie van justitie. Burgemeesters. Daags nadat de OvJ toestemming geeft de gesprekken ook inhoudelijk af te luisteren staken de verdachten plotsklaps elk contact met elkaar.


Het onderzoek sterft een voortijdige dood. Wel worden twee van de kinderronselaars, Karel van M. en Willie S., uiteindelijk in 1999 veroordeeld voor hun wandaden.


Het televisieprogramma Netwerk wijdt in april 1998 twee uitzendingen aan een kinderprostitutienetwerk in Rotterdam. Het geeft een ontluisterend beeld hoe lieden als Lothar G. en Henk S. jonge jongens ronselen en exploiteren. Hoe vreselijk goed zo´n netwerk georganiseerd is. Erger nog, hoe een moeder actief haar eigen kinderen prostitueert. Volgens Netwerk laat een van de geluidsfragmenten (kennelijk afkomstig van het Rolodex-onderzoek) horen hoe een topambtenaar kinderen bestelt. De man wordt “Joris” genoemd.


De vox populi wijst Joris Demmink aan, volgens het ministerie van justitie moet het echter om een andere Joris gaan. Voor zo ver het absolute beginpunt van het feitenkruimelspoor.


Anne Frank-plantsoen

In 2003 komen de Gaykrant en Panorama met het verhaal dat Joris Demmink in het Anne Frankplantsoen te Eindhoven seks gehad zou hebben met jonge jongens. Toenmalig Minister van Justitie Piet-Hein Donner ontkent de aantijgingen. De beide bladen gaan in gesprek met Joris Demmink en zijn advocaat, waarop ze hun verhalen rectificeren.

Later kom het NOS Journaal met het verhaal dat het tot een schikking zou zijn gekomen tussen Panorama, de Gaykrant en Joris Demmink. Sterker; tijdens de gesprekken met beide bladen zou de topambtenaar zelf toegegeven hebben dat hij seksueel contact gehad had met jonge homoseksuelen en hij die jongemannen niet altijd naar hun leeftijd gevraagd had. Het kwam journalisten Lex Runderkamp en Hans Laroes op een klacht bij de Raad voor de Journalistiek te staan, die de Raad gegrond verklaarde omdat men niet bewijzen kon dat Joris Demmink die uitspraak gedaan had. Ook het NOS Journaal rectificeerde derhalve haar verhaal.

Dat jaar doet een voormalig jongensprostituee, Frank L. aangifte tegen meneer Demmink. Hij zegt Joris Demmink uitgerekend van dat Anne Frankplantsoen te kennen. Volgens Justitie betreft het hier een valse aangifte en inderdaad trekt de jongeman later zijn aangifte in, met daarbij de opmerking dat Panorama hem voor het doen van die aangifte betaald zou hebben. L. wordt in 2004 veroordeeld voor het doen van een valse aangifte.


Hüseyin Baybasin

In 2007 wordt er opnieuw een aangifte tegen Joris Demmink gedaan. Hüseyin Baybasin is de aangever. Volgens de Koerdische Baybasin heeft de Turkse overheid Joris Demmink gechanteerd met bewijs dat de topambtenaar zich aan kindermisbruik zou hebben schuldig gemaakt. De Turkse overheid zou zo de heer Baybasin onterecht tot een levenslange gevangenisstraf (voor moord, gijzeling en drugshandel, bepaald geen kleinigheden) hebben laten veroordelen. Baybasin zou namelijk hard kunnen maken dat die Turkse overheid actief bij drugshandel betrokken zou zijn.

Daarnaast zou Baybasin lid en financier van de PKK zijn.

Hüseyin Baybasin vroeg in 1995 politiek asiel aan in Nederland omdat de Turkse overheid hem zou willen doden vanwege zijn betrokkenheid bij de PKK. Datzelfde jaar vraagt Turkije om de uitlevering van Baybasin, hetgeen een Nederlandse rechter in 1997 definitief verbiedt omdat de Koerd in Turkije gemarteld zou zijn. Een jaar later wordt Baybasin in de kraag gegrepen, vanwege de handel in drugs en zijn betrokkenheid bij een criminele organisatie.

Een moeizaam en langdurig proces leidt tot een veroordeling  in 2002. Baybasin meent dat de geluidsfragmenten, die als bewijs tegen hem werden aangevoerd, zijn gemanipuleerd. Dat houdt geen stand en ook in hoger beroep wordt hij tot levenslang veroordeeld.


Een week nadat Baybasin in 2007 aangifte tegen hem deed gaat Joris Demmink bij hem op “regulier werkbezoek”. Baybasin spreekt echter van “intimidatie” en spant een kort geding aan tegen Demmink opdat deze zich niet langer met zijn zaak zal bemoeien.

Hm. Onhandig.

Het komt tot Kamervragen. In de zomer van 2007 verklaart toenmalig Minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin aan de Tweede Kamer dat er geen enkele grond zou zijn voor de beschuldigingen van pedoseksuele handelingen door Joris Demmink. Ook van de beschuldiging van een complot tussen Joris Demmink en de Turkse overheid zou niets gebleken zijn. Hüseyin Baybasin laat het er niet bij zitten. Zijn advocate, Adèle van der Plas, begint een zogeheten artikel 12-procedure om het Openbaar Ministerie te dwingen tot rechtsvervolging van Joris Demmink over te gaan vanwege pedoseksuele activiteiten. Ook vanwege de taps, die bewijs vormden in de zaak tegen Baybasin en vervalst zouden zijn. In oktober van dat jaar verklaart het gerechtshof van Den Haag de zaak niet ontvankelijk. Als er al sprake is van pedoseksuele activiteiten, dan is Baybasin daar in persoon nog altijd geen slachtoffer van en dus is hij geen belanghebbende.

In 2011 doen twee Turkse mannen aangifte tegen meneer Demmink. Zij beschuldigen hem ervan hen als tieners te hebben misbruikt. De Rijksrecherche onderzoekt de zaak en aan de hand van dat onderzoek besluit het Openbaar Ministerie niet tot vervolging over te gaan. De reuring over deze beslissing dreunt door tot in de Amerikaanse Senaat.


Zaak tegen het Algemeen Dagblad

In oktober vorig jaar verschijnt er een artikel in het Algemeen Dagblad met de kop  “Justitiebaas had contact met pooier van jongetjes“. De krant beweert twee getuigen te hebben gesproken die beweren Joris Demmink in contact gezien hebben met een pooier, Dick Willard, die erom bekend stond pooier te zijn van jonge jongens. Ze zeggen Demmink zelfs in het gezelschap van zulke jonge jongens te hebben gezien.

Wat ik een van de opvallendste zaken vind in deze hele affaire is het stoïcijnse stilzwijgen van meneer Demmink. Op een kort briefje aan Vrij Nederland na dan. Jarenlang laat Joris Demmink al die aantijgingen van zich afglijden. Toch lijkt met het artikel van het Algemeen Dagblad in een keer de maat vol en het komt tot een rechtszaak.

Integriteit

Joris Demmink is inmiddels gepensioneerd, maar was tien jaar lang secretaris-generaal van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Vorig jaar zwaaide hij af, om meteen zitting te nemen in het Nederlands Helsinki Comité voor Mensenrechten. Dat laatste kennelijk tegen het zere been van de heren Molenkamp en Van Huet.

Er zijn in de loop der jaren talloze beschuldigingen tegen hem geuit, dus het is verleidelijk aan te nemen dat waar rook is, ook vuur zal zijn. Maar zo werkt dat niet, hè? Als we zo gaan beginnen kunnen we onze rechtstaat wel meteen ten grave dragen. Nee, iemand is onschuldig totdat het tegendeel bewezen wordt. Geruchten en van horen zeggen tellen daarin niet.


Lasterzaak of doofpot? In deze zaak ben ik al jaren het spoor een beetje bijster. Feiten zijn welhaast niet meer van fictie te onderscheiden en het Internet helpt me daar bepaald niet bij. De fact checker in mij struikelt over de vele fabelmachines en geruchtenpapegaaien, die het somtijds ronduit onmogelijk maken te achterhalen waar een verhaal werkelijk vandaan komt.


Er werden in elk geval behoorlijk wat ambtelijke onderzoeken naar de man ingesteld. Het Openbaar Ministerie, de Rijksrecherche en de AIVD konden geen van alle door Joris Demmink gepleegde strafbare feiten ontdekken. Op geen enkel moment wordt hij tijdens zo’n onderzoek overigens zelfs maar op non-actief gesteld en dat bevreemd me nog altijd, want uitgerekend in een topfunctie bij Justitie zou ik graag zelfs maar de schijn van partijdigheid, vriendjespolitiek en handjes boven hoofdjes vermeden zien worden. Oók met die onschuldpresumptie. Doen ze met simpele agenten ook. Dat schuurt.


Nu heb ik natuurlijk ook liever niet dat het bij imagopoetsen blijft, maar onkreukbaarheid en integriteit zie ik graag erg actief nagestreven worden.


Er werden zelfs Kamervragen over Joris Demmink gesteld. Waarbij ik meteen maar op wil merken dat kennelijk geen enkele van bovenstaande gelegenheden reden genoeg was voor de heren Molenkamp en Van Huet om hun verhaal aan betrokken instanties te doen. Teleurstellend, me dunkt.

Nabil F.

Twee jaar geleden werd Nabil F. veroordeeld voor mensenhandel; hij dwong onder andere twee meisjes van zeventien (!) jaar voor hem te werken. Als prostituees, godbetert.

In een megalomane bui liet hij een derde meisje uit zijn “stal” bij een tatoeëerder zijn naam in haar onderrug kerven. Daarmee heeft hij aardig wat weg van de heren Murat O. en Saban B.

Eind maart mocht Nabil van Justitie op proefverlof. Waarom nu ’t dit “heerschap” vergund moet zijn geweest de wereld buiten de gevangenis met een bezoekje te vereren, Joost mag het weten. Misschien heeft ook hij een zieke moeder of misschien kwam zijn spruit wel ter wereld, dat schijnen rechtmatige redenen te zijn om een gevangenisstraf te onderbreken. Mischien ook wel, beloofde hij gewoon beterschap of moest hij om humanitaire redenen een boodschapje doen.

Anyway. Opnieuw blijkt dat fenomeen “proefverlof” een groot succes; Nabil maakte onmiddelijk van de hem geboden gelegenheid gebruik, vluchtte en maakte binnen de kortste keren weer een slachtoffer. Ditmaal dwong hij een jonge vrouw achter de ramen van de rosse Geleenstraat in Den Haag.

Afgelopen dinsdag wist de politie hem weer aan te houden. Hopelijk trekt men bij Justitie eindelijk lering en is dat geen derde keer nodig, maar mag Nabil de rest van zijn straf verder ononderbroken uitzitten.