Luisteren naar een ongemakkelijke boodschap

Eerlijk is eerlijk, van het NRC-artikel ‘Witte mensen moeten eens luisteren’, een serie interviews met respectievelijk Anousha N’Zume, Mariam el Maslouhi, Arzu Aslan en Seada Nourhussen, werd ik een beetje pissig. Om niet al te primair te reageren schoof ik het terzijde. De neiging boos te reageren was te groot.

Dat lag hem meteen al in dat ‘moeten’. Ik ben ‘wit’ dus voelde ik me aangesproken. En ik ben erg allergisch voor dat woord ‘moeten’ wanneer het komt van mensen die mij wel even komen vertellen wat ik ‘moet’ denken, doen of laten. Al dat ik ‘moet’ is ademhalen. Krantenkoppen worden echter doorgaans gemaakt door redacties, niet door interviewers of geïnterviewden.

Ik mot helemaal niks

Die allergie heb ik met de jaren opgebouwd. Door de leraren die vonden dat ik geen pakket vol exacte vakken ‘moest’ kiezen want dat kunnen meisjes toch niet. Door de decaan van de universiteit in Leiden, die vond dat ik me zorgen ‘moest’ maken omdat er weinig jongeheren van mijn leeftijd in mijn jaargroep zaten (ik stroomde twee jaar later dan gebruikelijk in) en kennelijk vond dat ik niet zo zeer naar Leiden ‘moest’ komen om te studeren maar om een leuke vent aan de haak te slaan. Omdat ik ‘moest’ werken om die studie überhaupt te kunnen betalen schreef ze me bij voorbaat af. Het kon daardoor niet anders of het ‘moest’ zo zijn dat ik door mijn werk die studie toch niet zou halen. ‘Bindend studieadvies’ noemde ze dat. Door de vrouw die me tijdens een verjaardag vroeg of ik mijn moeder nou eens geen kleinkinderen ‘moest’ gunnen? Door de leidinggevende die vond dat ik een technisch verhaal ‘moest’ doen voor een clubje hoge omes omdat zij er zelf niets van snapte en me bedankte door me tijdens dat overleg voor de wolven te gooien. Door die andere leidinggevende, die vond dat ik niet zulke lange woorden ‘moest’ gebruiken en of ik daar nou wat mee te compenseren had?

En het is waar. Ik ben een vrouw. Toevalligerwijs met meer talent voor de alfavakken dan voor de bètavakken. Ik ben een kind uit de arbeidersklasse, mijn ouders hadden het geld niet om me even een studie cadeau te kunnen doen. Dus heb ik me, op zijn Rotterdams, de tering gewerkt om al die rare kwasten te laten zien dat ik het wél kon. Stond ik nieuwe kliko’s van een vrachtwagen te lossen om wat bij te verdienen, belde ik Jan en alleman vanuit callcentra met de meest vervelende enquêtes en aanbiedingen (sorrie nog hoor!) en ging ik niet zelden na een nachtdienst nog even door naar een tentamen.

Daar ben ik trots op. Voor mij geen old boys network of kruiwagen, maar alles op eigen stoom. Ik heb leren sappelen en buffelen. Ik heb plat op mijn bek leren gaan, maar ik heb ook geleerd weer op te staan. Ik ben er zelfredzaam en stronteigenwijs van geworden en ik heb die eigenschappen in anderen leren waarderen. Net als de mensen in mijn omgeving die me wél hielpen, me een kans gunden, in me wilden investeren. Soms komen ze uit onverwachte hoek, maar ze zijn er en ik koester ze.

Waar zit nou de pijn? 

Goed, terug naar die interviews met Anousha N’Zume, Mariam el Maslouhi, Arzu Aslan en Seada Nourhussen. Vier prachtige vrouwen maken een vuist. Daar houd ik van. Vier prachtige vrouwen gaan de confrontatie aan met de gevestigde orde. Daar houd ik ook van. Ze zijn welbespraakt, hebben goede argumenten, pakken stevig uit en benoemen een heel wezenlijk probleem: Racisme en discriminatie.

More power to them. Ik heb een uitgesproken feministische inborst. Sterke bevlogen vrouwen met een sterk uitgesproken mening die hun platform gebruiken om een heikel punt op onze agenda’s te zetten, hoera, halleluja, hoezee, hosanna!

Maar wat maakte me dan zo pissig? Ik herlas het artikel. Meermaals. Op zoek naar het pijnpunt.

Natuurlijk, daar heb je dat white privilege weer waar ik zo slecht mee uit de voeten kan. De herinvoering van een nieuwe erfzonde, die van mijn witte huid. Die notie waarmee men mij met regelmaat wijs lijkt te willen maken dat ik niet ‘moet’ denken dat ik niet alles eenvoudigweg cadeau gekregen heb vanwege mijn roomblanke huidje. Ik schreef het eerder al: Rot op met je erfzonde. Ik ben niet in die nonsens van de eerste erfzonde getuind en wie denkt me met de tweede wel te kunnen vangen, die komt van een koude kermis thuis. Ik laat me niet uitsluiten, niet omdat ik een vrouw ben en ook niet omdat ik ‘wit’ ben.

Ik ben er zelf niet vies van om mannen op plagerige wijze de maat te nemen. Wanneer mevrouw Aslan tijdens het interview met NRC “Witte mannen, je moet ze bréken. Je moet laten zien dat je niet van ze onder de indruk bent” zegt (en interviewer Bas Blokker lijkt haar bij voortduring netjes te citeren) moet ik om het laatste glimlachen.

Mannen bréken, even ongeacht hun huidskleur, zo ver heb ik echter zelfs nog niet willen gaan. Dat deden stoere cowboys vroeger met paarden, bréken. Dan beten ze een paard in zijn oor om het dier te dwingen stil te blijven staan terwijl ze er een zadel oplegden en de singel aansjorden. Ik associeer de term met dwingende overmacht, pijn en stress om de wil van een levend wezen te breken en het tot willoze volgzaamheid te dwingen. Soit, misschien werd mevrouw ongelukkig geciteerd of was het een grapje.

Medestanders buitenspel

Toch, dat is niet waar ik de hik van krijg. Dat is het streng buitenspel zetten van medestanders. In een paar interviews tijd lijken drie van de geïnterviewde vrouwen de vierde al buitenspel te zetten vanwege niet ‘zwart’ genoeg. Erger, die vierde vraagt ’t ook zichzelf af: Heb ik wel recht van spreken en hoor ik hier wel bij? Juist omdat ‘zwarte’ mensen racisme het meest ervaren, aldus de dames volgens hun interviewer, ‘moeten’ zij in de discussie erover de meest vooraanstaande positie innemen.

Of dat werkelijk zo is, dat ‘zwarte’ mensen meer dan wie dan ook lijden onder racisme in het bijzonder of discriminatie in het algemeen, dat weet ik niet. Ik vermoed echter dat vrouwen met een hoofddoek er bepaald ook over kunnen meepraten, de schandalige en extreem discriminatoire ‘kopvoddentaks’ staat mij bijvoorbeeld nog helder voor de geest. Op de arbeidsmarkt bleken sollicitanten met een Marokkaans-Nederlandse achtergrond minder kans om voor een sollicitatiegesprek uitgenodigd te worden dan hun Hindoestaans-Nederlandse evenknieën.

“Dat is het lastige voor niet-zwarte deelnemers aan de discussie over racisme – ze hebben hierin het minste recht van spreken”, zegt mevrouw Aslan, “ze hebben geen agency.” Vraag ik me toch weer af of die vrouw met een hoofddoekje geen agency heeft, het is een buitengewoon wonderlijke manier om te balloteren. Want dat is wat de dames lijken te doen: Ze vormen een zelfbenoemde ballotagecommissie.

Het wordt nog erger: Veel anderen ‘moeten’ er hun mond over houden. Het is niet genoeg om je bewust te zijn van racisme en niet racistisch te willen zijn en van goede bedoelingen willen de dames al helemaal niets weten. De ‘witte’ filmmaker Sunny Bergman hoort een film zoals ‘Zo zwart als roet’ niet maken, want zij is geen slachtoffer in dit verhaal, aldus mevrouw Mariam el Maslouhi.

Voor zulke ‘witten’ is een nieuwe term uit Amerika geïmporteerd: de helper whitey. Het helpende witje.

Al gauw volgt een ingezonden stuk “Luisteren naar een ongemakkelijke boodschap” van de vier dames op Joop.nl, in antwoord op de ophef die het interview in het NRC opleverde. Het is voornamelijk de schuld van witte man Bas Blokker. De dames zijn door NRC ‘negatief geframed’.

Waar is zo’n helper whitey wanneer je hem nodig hebt?

Parallel met het feminisme

Want nodig heb je ‘m en dat is de werkelijk ongemakkelijke boodschap. Zonder op hem neer te kijken en hem af te schepen met een pejoratief klinkende titel. Zo zijn vrouwenrechten zijn echt niet door louter en alleen vrouwen bevochten. Mannelijke medestanders hebben juist ontzettend veel voor die goede zaak betekent. Friedrich Engels, Parker Pillsbury, John Stuart Mill, Denis Diderot – de lijst met mannen die zich met de strijd tegen seksisme en voor gelijke rechten bemoeid hebben is lang. Ik zou hen niet durven weg zetten als ‘helpende mannetjes’. Daarmee zou ik hun bijdragen bagatelliseren en dat verdienen zij niet. Ik ben hen juist erkentelijk. Mannen uitsluiten is net zo seksistisch als het uitsluiten van vrouwen. In die zin bevrijdden de mannelijke feministen ook zichzelf. Wil je werkelijk een zinnige en bovenal constructieve dialoog voeren, dan heb je elkaar nodig.

Hé-lé-máál kláár

FC Utrecht-directeur Wilco van Schaik is hé-lé-máál klaar met een deel van de fanatieke aanhang van zijn voetbalclubje omdat ze racistische spreekkoren lieten horen. Thomas Agyepong, een Ghanese speler van FC Twente, werd door de eencelligen tussen het publiek toegezongen met “Ik heb geen bananen vandaag” toen hij met een blessure op de grasmat lag te zieltogen.

Onversneden racisme dus, laakbaar en een spelbederver bij uitstek.

Dat meneer Van Schaik daar hé-lé-máál klaar mee is werd eens hoog tijd, dat hoogst onbeschaafd fenomeen is natuurlijk al veel te lang onderdeel van het wangedrag van de Twaalfde Man. Gelukkig liet in het geval van de spreekkoren tegen meneer Agyepong het deel van het publiek dat wel zijn gemiddelde 1,3 kilo mensenbrein volledig weet te benutten zich horen tégen de spreekkoren zingende mede-voetbalfans.

Supporters op de Bunnikside, waar de eencelligen van het bananenliedje zaten, kwamen eerder ook al in opspraak na het zingen van antisemitische liederen tijdens de wedstrijd van FC Utrecht tegen Ajax. ”Me vader zat bij de commando’s, me moeder zat bij de SS. En samen verbrandden zij Joden, want Joden die branden het best” zo zongen de voetbalschatjes.

De KNVB bestrafte dat gezang met een geldboete van tienduizend euronen en verordonneerde dat de Bunnikside bij de eerstvolgende wedstrijd tegen Ajax leeg moest blijven. De club moest dus bloeden voor het wangedrag van haar supporters en dat zal meneer Van Schaik mede geïnspireerd hebben tot zijn boude uitspraken over de bananenzangers. Een leeg vak levert geen geld op en dat is vervelend.

Hypocriete houding FC Utrecht 

FC Utrecht ging in beroep tegen de straf. Niet alleen dat, de club schreef de seizoenkaarthouders op die beruchte Bunnikside een geruststellende brief met daarin de belofte dat de club voor hen wel een andere plaats zou vinden in het stadion tijdens de eerstvolgende wedstrijd tegen Ajax. Daarmee gaf de voetbalclub al bij voorbaat aan peop te hebben aan de KNVB en haar sancties en niet meer dan lippendienst te bewijzen aan de strijd tegen discriminatie in haar voetbaltempel.

FC Utrecht kreeg nul op het rekest bij de commissie van beroep van de KNVB. Ook vervelend.

Nog vervelender zal het geweest zijn dat de burgemeester van Utrecht, Jan van Zanen, op zijn beurt besliste dat Ajax-supporters dan niet welkom zullen zijn bij de wedstrijd van hun club tegen FC Utrecht op 13 december. De Utrechtse burgervader is namelijk bang voor rellen, omdat de voetbalschatjes van de Bunnikside dus elders in het stadion gewoon welkom zijn. Och en wee, teleurstelling alom. Vooral de KNVB werd daar heel erg ‘drietug van. De PvdA stelde zelfs Kamervragen over het weren van de Ajax-fans.

De Utrechtse burgemeester had nog veel meer noten op zijn zang, die de club ietwat dissonant in de oren geklonken zullen hebben. FC Utrecht moet een plan maken voor het plaatsen van supporters die gewoonlijk op de Bunnikside zitten, want daarin heeft de club nog niet voorzien. Een nieuw camerasysteem in het stadion moet klaar zijn, want in het geval van de antisemitische spreekkoren kon de club de zangers ervan ‘niet identificeren’ en dat verdient natuurlijk remedie.

Meneer Van Schaik wil nu daadkrachtig in kaart brengen wie de racistische spreekkoren over die bananen zongen.

Een discriminerende FC Utrechter hebben we echter al in het snotje, maar daar heb ik meneer Van Schaik helaas nog niet over mogen horen. Speler Nacer Barazite was namelijk live vol in beeld toen hij weigerde een vrouw de hand te schudden. De hem onwelgevallige vrouwenhand is die van verslaggeefster Helène Hendriks van FOX Sports. Zij wilde de voetballer met het onverzorgde vlasbaardje netjes bedanken voor het haar gegeven interview door hem de hand te schudden, maar die weigert. Hij verbergt zijn knuistjes ostentatief achter de rug.

Mevrouw Hendriks lijkt van tevoren gedresseerd, want ze reageert schroomvallig met een “O ja, ik geef jou geen hand, dat is waar”. Oepsie, helemaal vergeten mee te gaan in een stukje onversneden seksisme!

FC Utrecht, dat in het geval van de racistische kwetsende spreekkoren in elk geval nog het fatsoen had met een verklaring naar buiten te treden, houdt zich stil over de laakbare houding van een van haar employees.

Discriminatie in het voetbal is gewoon best oké. Zo lang het maar geen geld kost en het ‘gezellige middagje voetbal’ niet in het gedrang komt. Want da’s pas echt vervelend. Toch? Meneer Van Schaik? PvdA?

Over hautain journaille

Zei ik dat opinie- en nieuwsmakend Nederland hypocriet is omdat ze het nieuws over een agent, die in hand en rug werd gestoken door 17-jarige druiloor (en alleen omdat genoemde druiloor er niet van gediend was om door de politie in de gaten gehouden te worden), pas oppakte zodra er bloederige plaatjes te publiceren waren?

Ja, dat zei ik en ik wil er nog een schepje bovenop doen. Het journalistieke vak wordt verziekt door lui journaille dat te dom is om voor de duvel te dansen.

Ook niet nieuw, natuurlijk, ik schreef al vaker over het erbarmelijk niveau van de gemiddelde Nederlandse journalist. Ga ik nu gewoon weer doen.

Want neem nu ‘journalist’ Peter Donk, die onder andere schuilgaat achter de twitterhandle @stadenstreek, kennelijk gelieerd aan RTV Holland en de NOS. Deze meneer vindt dat een neergestoken agent geen nieuwswaarde heeft, want er raken wel meer hulpverleners gewond tijdens de uitoefening van hun vak en “het is pas nieuws wanneer de hulpverlener overlijdt”.

Jawel, hij zei het echt en herhaaldelijk ook nog.

Erger nog: Als de politie media-aandacht had gewild dan had ze het niet bij een persbericht moeten laten, maar een artikel op een zilveren blaadje aan moeten reiken middels een persalarm.

Luie journalisten van nu halen het nieuws dus niet, maar blijven op hun hammen zitten wachten tot iemand het nieuws naar hen toe brengt.

Zo, nu weet ik meteen waarom ik me de dag niet meer kan heugen dat ik echte, goede onderzoeksjournalistiek voorbij zag komen en de beroepsjournalist zich niet meer weet te onderscheiden van de amateurs. Daar moet je immers zelf achteraan en je moet er een beetje moeite voor doen. Dat staat allemaal simpelweg niet meer in de functieomschrijving.

Wat is het dan jammer toch, dat het beroep van journalist niet beschermd is.

Zo’n man bepaalt voor u en mij wel even wat ‘nieuws’ is en, ook al is het komkommertijd en schreef het journaille zich de laatste dagen de vingers blauw over een dode emoe, een neergestoken agent haalt de landelijke headlines niet.

Hij was niet dood en dus niet nieuwswaardig. Tot we ons aan dat gapend gat in zijn hand konden vergapen.

Gatver.

Agent gewond zonder #ophef, de hypocrisie van opinie- en nieuwsmakend Nederland

Eergisternacht werd een agent in hand en rug gestoken door een 17-jarige jongeman. Dat gebeurde in Leerdam, waar de laatste tijd nogal veel brandstichtingen gepleegd worden, en de agent was samen met zijn collega’s in burger aan het werk. De nacht van zaterdag op zondag lijkt me inderdaad een opportuun moment om onherkenbaar in zo’n buurt de boel in de gaten te houden.

Kort na middernacht was het bingo: Een groepje ‘baldadige jongeren’ trok door de wijk en trok daarmee de aandacht van de agenten in burger. De agenten besloten de groep te volgen, maar werden daarbij door de ‘baldadige jongelui’ opgemerkt. Sterker nog, ze werden herkend als zijnde van de politie en de groep keerde zich tegen de dienders. 
Een van die jongelui trok een mes en bedreigde er een agent mee. De agent trok zich, voor zijn eigen veiligheid, terug. Dat wakkerde de agressie in de groep addergebroed echter alleen maar aan en ze zetten de achtervolging in. Een andere agent schoot zijn collega te hulp en moest dat met messteken in hand en rug bekopen.
Dan pas trekken de agenten hun vuurwapens en de jongen geeft zich over. 
Op de route van de ‘baldadige jeugd’ trof men naderhand een trits vernielde auto’s aan en er wordt onderzocht of zij die schades hebben gemaakt. De jonge messentrekker zit vast vanwege zijn poging doodslag op de agent in kwestie. 
Persoonlijk zat ik al in mijn WTF-modus op het moment dat ik las dat jongelui al vernielend en met een mes op zak buurten onveilig maken. Een jongen van 17 jaar die ook nog eens (meermaals!) insteekt op een politieman op het moment dat ‘ie vindt dat hij te veel in de gaten gehouden wordt doet me volledig afhaken. 
Waarom heet dat nog ‘baldadige jeugd’, wat moeten we met zo iemand nog aan en wat moet dat worden, later?

To #ophef or not to #ophef

Enfin, ik wachtte netjes een dag op de #ophef naar aanleiding van het eerste persbericht van de politie. Voor de zekerheid hield ik mijn adem nog maar niet in en inderdaad, ik had kunnen wachten tot ik een ons woog. Op krantenkoppen in chocoladeletters. Op schreeuwerige opiniestukjes en boude stellingnamen. Op demonstraties. Op boze tweets, misschien wel met de vragen of er al excuses waren aangeboden en of er al slachtofferhulp geregeld was. Tofik Dibi bleef echter stil. Meneer Appa repte er niet over. Niets.
De heren Gario en Breedveld blijken me op Twitter geblokt te hebben, maar ik durf te wedden dat er ook in hun tijdlijn weinig #ophef te vinden is. 
Voor de zekerheid deed ik nog een rondje langs de andere oproerkraaiers. Ik heb even over de schutting gegluurd bij Joop.nl, waar men op 3 juli jongstleden nog enthousiast op de kast klom toen er rond drie uur ’s nachts een 14-jarige jongen en een 26-jarige man door agenten met getrokken wapens werden aangehouden, omdat ze een man onder bedreiging met een vuurwapen beroofd zouden hebben. De video die van die aanhouding in Rotterdam gemaakt werd leverde een hysterisch stukje volksmennerij op. Maar nu? Noppes. 
Ook Abulkasim Al-Jaberi nam ik nog even onder de loep. Dat is de ‘journalist’ die ongegeneerd meeliftte op de gebeurtenis in Rotterdam en aan de hand daarvan een beeld schetste van jongeren die geteisterd worden door een racistisch politieapparaat en oreerde dat “die video net zo goed uit Palestina kunnen komen, waar Palestijnse kinderen dagelijks in de loop van een vuurwapen moeten kijken”. Ook van zijn pen: Nada. 
Ook de politie is het opgevallen dat zowel de media als de samenleving nu uitermate tam reageren. De artikeltjes hierover verschijnen bepaald niet in overdaad en als er al over geschreven wordt dan blijven de schrijvers ervan netjes zakelijk en op de vlakte. 
Deden ze dat nou maar vaker. 
Mevrouw Martine Vis, plaatsvervangend politiechef van de eenheid Rotterdam, confronteerde twitterend Nederland gevoeglijk met foto’s van de verwondingen van haar medewerker. 
De foto’s vind ik afgrijselijk om te zien, maar ze schudden de boel wel eindelijk wakker. Die bloederige plaatjes prijken inmiddels wel op heel wat voorpagina’s. 
Het zijn de stille getuigen van de hypocrisie van opinie- en nieuwsmakend Nederland. 

Cry ‘Havoc!’, and let slip the dogs of war (of hoe rellen geboren worden)

Er is iets wonderlijks aan de hand. Bekende en onbekende Nederlanders die de dood van Mitch Henriquez, de rellen in Den Haag en het hele racismevraagstuk voor hun eigen agenda’s gebruiken en met de slechtste bedoelingen. Doelbewust gooien ze nog even wat meer olie op het vuur. Vol verwondering kijk ik dat aan.

Rapper Appa bijvoorbeeld, die plaatste gisterochtend een stemmig tweetje waarin hij suggereert dat de politie van Den Haag een bus vol moslims, op weg naar het gebed, gestopt heeft om hen allemaal even preventief te fouilleren. Met een foto erbij, van die vrome moslims die gezellig samen met de bus naar de moskee zouden reizen. Een dame met een hoofddoek staat tegen die bus aangeplakt en wordt inderdaad gefouilleerd.

Wat een machtsvertoon! Die smeerlappen!

Een uitgelezen gezelschap buitelde direct over elkaar heen om schande te spreken van het hele gebeuren, no questions asked want #ophef moet je vooral niet kapot checken natuurlijk. Meneer Breedveld bijvoorbeeld, van het beroemde en beruchte FrontaalNaakt, nam het bericht van meneer Appa klakkeloos over en roerde op zijn beurt de oorlogstrom. Met zulke lieden is de strijd tegen racisme pas echt geholpen. Ja toch? Niet dan?

Wie dacht enige nuance in de discussie te brengen werd streng terecht gewezen. Moet je ook niet willen, enige nuance, want de rust dreigt net terug te keren in de Schilderswijk.

Ik herkende die bus echter. Ik moest heel even denken waarvan, maar een foto van diezelfde bus staat bij een artikel van het Algemeen Dagblad. Dat artikel kopt “ME’ers omcirkelen groep Schilderswijk; 200 arrestaties” en ja hoor, daar staat een foto van die bus.

Ik mag dan wat belegen raken, maar met dat geheugen is nog niets mis. Dezelfde stickers, datzelfde beige truitje, dezelfde arrestanten. Verdomd. Dat daargelaten, vond u ook niet al dat die mensen op de foto van meneer Appa er een beetje eigenaardig bij zitten? Verhip, net alsof hun handen achter hun rug geboeid zijn.

Er blijkt niets waar van het opgeklopte verhaal van meneer Appa.

Rotterdam

Maar het kan nóg fraaier hoor. De nieuwskrant van de website Marokko.nl kwam gisteravond met een ontluisterend artikel: “Marokkaans-Nederlandse jongen (14) onder schot gehouden door politie”. Mooi ingezonden filmpje erbij. Met wat moeite, het is erg donker, zien we Rotterdamse motoragenten een aanhouding verrichten. Het filmpje is gemaakt door een vrouw, die de aanhouding zo te zien vanuit de deuropening filmt en daar luidkeels commentaar bij geeft. Die afgrijselijke agenten houden zo te horen haar elfjarige broertje aan en hij moet op zijn knieën gaan zitten. Ze schreeuwt de agenten toe: “Ja maar hij is elf! Dit is geen Nederlandse wet om een elfjarige jongen op zijn knieën te laten! Jullie maken misbruik van jullie macht!”

Enfin, kijk zelf maar even op uw gemakje:

Zuslief beschrijft hoe doodsbang haar broertje is geweest. Ocherme, de jongen was bang dat hem hetzelfde zou gebeuren als ‘die man in Den Haag’. Mitch Henriquez, dus. Mooi, zijn beide zaken meteen aan elkaar verbonden en kan er in Rotterdam meegelift worden op de rellen in Den Haag.

En ja hoor, dat werkt. Meteen al die bekende en onbekende Nederlanderse tweeps de virtuele barricaden op. Tofik Dibi en Quinsy Gario voerden de eerste linie moraalridders aan. Hoog te paard. Waren er al excuses aangeboden en was er al slachtofferhulp voor de arme jongen geregeld?

Ook bij Joop.nl sprongen ze alvast op de kast: “Politie in Rotterdam houdt kind onder schot, dwingt hem op zijn knieën, zus is nog steeds in shock, kind heeft hartproblemen!”. Krapuul was er ook als de kippen bij om schande te spreken van dat enorme politiegeweld-zonder-enige-aanleiding. Stop zinloos politiegeweld!  Hoe durven die agenten zeg.

Maar even later blijkt de situatie toch net wat anders in elkaar te zitten.

In de nacht van donderdag op vrijdag, rond kwart voor drie, kreeg de Politie in Rotterdam een melding van een beroving op de Asserweg. Het slachtoffer zou door twee personen zijn bedreigd met een vuurwapen, waarna het tweetal met buit in een auto wegreed. Alle reden dus voor de politie om de achtervolging in te zetten en in de Jan Porcellistraat troffen ze die auto aan.

Volgens het persbericht, dat al uren voor de #ophef online stond, werd het tweetal, 14 en 26 jaar oud, aangehouden met een speciale benaderingstechniek voor gevaarlijke verdachten, een BTGV. Een watte? Dat zoeken we even op. Het blijkt een veilige manier om mogelijk (vuurwapen-) gevaarlijke verdachten vanaf een kleine afstand onder controle te brengen. Word je inderdaad een voor een uit een auto gepraat door politiemensen met getrokken wapens, moet je op je knietjes gaan zitten met je handjes omhoog en daarna languit op je buik gaan liggen zodat die politiemensen je de handboeien om kunnen doen. De politie van Rotterdam-Oost heeft een mooi filmpje van zo’n BTGV, bij daglicht ook nog, voor de mensen onder u die wel eens willen weten hoe dat eruit ziet.

Beide verdachten werden naar een politiebureau gebracht en gefouilleerd. Een vuurwapen werd niet aangetroffen, de geroofde buit wel.

Het jongmens is inderdaad geen elf, maar veertien jaar. Iets dat zijn bezorgde zuster schielijk even heeft aangepast op haar Facebookaccount. Misschien vergiste ze zich eerlijk, misschien ook is ze echt een beetje bekend met de wetgeving en weet ze dat kinderen onder de twaalf jaar toch niet vervolgd mogen worden. Joost mag het weten. En natuurlijk is het verhaal van de beroving verzonnen en was de melding vals. Begrijp me niet verkeerd, dat kan hoor, maar dat de politie aan de hand van zo’n melding toch het zekere voor het onzekere neemt lijkt me heel verstandig.

Oorlogshitsers

Opvallend is de dat meeste van die oorlogshitsers de nieuwe feiten stelselmatig negeren. Die zijn natuurlijk ook niet opportuun en passen niet in hun agenda’s en wereldbeeld.

In tegendeel. Bij Joop.nl geven ze vandaag, een dag na al die fraaie feiten, gewoon de ruimte aan ‘journalist’ Abulkasim Al-Jaberi. Zijn episteltje kopt alvast lekker: “De politie speelt met vuur.”

Ook meneer Al-Jaberi lift lekker even ongegeneerd mee op de gebeurtenis in Rotterdam en laat natuurlijk fijntjes buiten beschouwing dat het aangehouden jongmens mede betrokken was bij een ordinaire beroving. Dat zou afdoen aan het beeld dat hij liever schetst, dat van jongeren die geteisterd worden door een racistisch politieapparaat. Nee, hij doet er gewoon nog een schepje bovenop: Volgens meneer Al-Jaberi “had die video net zo goed uit Palestina kunnen komen, waar Palestijnse kinderen dagelijks in de loop van een vuurwapen moeten kijken”.

Ik weet niet wat ik erger vind; het vergoelijken van rellen, het schaamteloos overdrijven voor eigen gewin of de manier waarop de situatie van die Palestijnse kinderen daarmee tot op het beledigende af gebagatelliseerd wordt.

Racisme moet, ongeacht waar het gebeurt, aangepakt worden. Wat deze volksmenners doen echter, dat werkt volkomen averechts.

Discrimineren de rechters in Nederland?

Grote krantenkoppen vandaag, te beginnen bij Trouw: “Allochtone dader heeft grotere kans op zware straf”. Allochtone daders zouden vaker een gevangenisstraf opgelegd krijgen dan autochtone verdachten én de hun opgelegde straffen zijn ook nog eens langer dan die van hun autochtone evenknieën. Dat riekt naar onversneden discriminatie en waar blijven we dan helemaal met ons mooie grondwettelijke gelijkheidsbeginsel? Nou, dat is nogal wat om je zorgen over te maken!

De krant baseert zich daarbij op een onderzoek dat door de afdeling Criminologie van de Rijksuniversiteit Leiden werd uitgevoerd. Helaas heeft de scribent niet het fatsoen gehad even naar dat onderzoek te linken, opdat zijn lezer dat meteen even voor zichzelf bekijken kan. Dat kan natuurlijk wel, u vindt het hier bijvoorbeeld in pdf: klikkerdeklik. Wie de moeite neemt dat onderzoek zelf even tot zich te nemen komt voor verrassingen te staan.

Dat Leidse onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van de Raad voor de rechtspraak, omwille van een eerder onderzoek, in 2012, waarbij zittingen van de politierechter werden bijgewoond en men tot de observatie kwam dat het niet hebben van een uitgesproken Nederlands voorkomen en het de Nederlandse taal niet machtig zijn de kans op een onvoorwaardelijke straf verhoogde.

Dat leidt uiteraard tot de hamvraag: Discrimineren de rechters in Nederland?

In de rechtszaal

Ik heb de goede gewoonte de rechtspraak aardig op de voet te volgen, uitspraken uitgebreid te lezen en ik heb in mijn tijd een aantal rechtszaken bezocht. Onze rechtspraak is immers openbaar en dat is een buitengemeen goede zaak. Ik kan u zo’n bezoek aan een rechtszaak warm aanbevelen: Er gaat waarlijk een wereld voor u open.

Wat mij bij de straftoemeting altijd is opgevallen is de ruimte mate waarin rechters de persoonlijke omstandigheden van verdachten meewegen. Heeft de verdachte een baan bijvoorbeeld, dan wordt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf vaak vermeden omdat een verblijf in Huize Traliezicht die baan doorgaans in gevaar brengt. De meeste werkgevers hebben namelijk helemaal geen zin om een paar maanden op hun werknemer te wachten, terwijl die zijn gevangenisstraf uitzit. Het verliezen van die baan wordt door zo’n rechter als extra straf gezien en dat is niet eerlijk.

Spijtbetuigingen, daar zijn rechters ook gevoelig voor. Hebben ze het idee dat een verdachte zich goed beseft wat hij heeft uitgevroten en wat de consequenties daarvan waren en daarom ‘echt’ spijt heeft, dan leggen ze minder zware straffen op. Wie beterschap belooft, belooft braaf af te gaan kicken en het nóóit meer te doen kan zelfs jarenlang vaste bezoeker zijn van de strafketen. Wie echter, zeker in weerwil van het bewijs in zijn zaak, hardnekkig blijft ontkennen – die heeft een probleem.

Hoe iemand zich verhoudt ten opzichte van het door hem gepleegde delict en zijn houding en gedrag bepalen de straftoemeting. Dat is overigens niet zo zeer mijn gevoel als observant. Zo bleek in 2006 uit onderzoek (Nederlands Juristenblad, nummer 25, 2006) van Mieke Komen al dat een allochtone jongere gemiddeld langer vastzat. Volgens Komen wordt het gedrag van allochtonen jongeren niet goed begrepen door de (meestal autochtone) gedragskundigen. Dat leidt ertoe dat hun oordeel over die allochtone jongere vaak negatiever uitvalt en dat werkt door in de hoogte van de straf die de rechter oplegt.

Het onderzoek

De Leidse onderzoekers hebben drie bestanden over “alle veroordeelden 2007, mensen bij wie de RISc is afgenomen in de periode 2005-2007 en gedetineerden in het Prison Project”. Daarbij gaat het alleen om volwassen verdachten.

Dan is het handig te weten wat de RISc is. Het is een hulpmiddel voor de reclassering en het gevangeniswezen bij het inschatten van de recidivekans, gevaarzetting en de beste interventie voor een specifieke ‘cliënt’. Daarbij wordt een totaalplaatje geschetst van die persoon, van zijn antecedenten, cognitieve vermogens, thuissituatie en al dan niet foute vrinden tot zijn geestesgesteldheid en emotioneel welbevinden.

Het Prison Project is een langlopende monsterstudie naar de effecten van detentie op gevangenen en hun familie. Het betreft mannen die tussen oktober 2010 en april 2011 minimaal drie weken lang in een Huis van Bewaring werden ingesloten.

Opvallend is een eerste, voorzichtige conclusie in het onderzoek: “Een eerste antwoord is dat als we geen rekening houden met andere straftoemetingsfactoren er substantiële verschillen blijken te bestaan tussen etnische groepen: daders met een allochtone herkomst krijgen substantieel vaker en langere gevangenisstraffen opgelegd.”

Maar wat gebeurt er als we wél met die factoren en verschillen rekening houden? Dan blijkt er bar weinig over te blijven van die grotere kans die allochtone daders zouden hebben dan autochtone op een (langere) gevangenisstraf. De paar procent die er wel overblijft is ook allerminst met zekerheid te wijten aan etnische verschillen.

“Zo zien we dat niet-Nederlandse verdachten voor andere delicten terechtstaan (vaker drugsdelicten), vaker al eerder een gevangenisstraf hebben gehad, vaker en langer voorlopig gehecht zijn, vaker ontkennen en minder vaak vrouw zijn.”

Het soort delict waar iemand voor terechtstaat maakt uit. Of hij gerecidiveerd heeft maakt uit. Hoe lang zijn strafblad is, dat maakt ook uit.

Een ander opvallend gegeven zijn de factoren waarmee in dit onderzoek geen rekening gehouden werd. Die zijn namelijk bepaald essentieel. De houding van de verdachte is er daar een van. Wat de onderzoekers “cultureel onbegrip” (zie het onderzoek van Mieke Komen) noemen eveneens en ook de kwaliteit van de verdediging werd ook niet meegewogen.

Conclusie

De grootste verrassing, na het doorspitten van honderd pagina’s, is dus wel dat het onderzoek eigenlijk niets heeft opgeleverd, er is zelfs in het geheel geen concrete aanwijzing dat de verschillen veroorzaakt worden door discriminerende rechters, en er nog meer onderzoek moet komen.

Daar sta je dan, als journalist, met je chocoladeletters.

Is het een vogel? Is het een vliegtuig? Nee, het is Michaman!

“Michaman” is opnieuw op de vingertjes getikt; hij mag ook na hoger beroep De Telegraaf niet langer “De Pedograaf” noemen en elke keer dat hij zich daar toch aan bezondigt verbeurt hij een dwangsom van duizend euronen. Michaman huilde daar, samen met zijn zonderlinge sidekick Hans Vogel, en plein public uitgebreid over uit.

Micha Kat verscheen zonder advocaat bij de Amsterdamse rechtbank en heeft twee uur lang zijn eigen zaak bepleit. Oorzaak van dit al is uiteindelijk het gegeven dat Micha Kat De Telegraaf placht aan te duiden als “De Pedograaf” en dat vonden ze bij TMG (uitgever van De Telegraaf) niet zo leuk. De voorzieningenrechter boog zich eerder over deze zaak en deze stelde dat de aanduiding “De Pedograaf” op de gewraakte wijze inderdaad diffamerend is, deze de reputatie van TMG (onnodig) schaadde en daarmee onrechtmatig is.

Ook in hoger beroep en met twee uur spreektijd heeft Michaman niet hard kunnen maken dat TMG bij pedofilie betrokken is of dat zelfs maar vergoelijkt.

Uit het vonnis:

Het betoog van Kat dat zich een misstand voordoet en dat hij gerechtigd is deze door het gebruik van de aanduiding “(de) pedograaf” op de in dit geding aan de orde zijnde wijze aan de kaak te stellen kan voorshands niet als juist worden aanvaard. 

Samen aan een tafel in een stemmige bibliotheek gezeten, de boeken op de achtergrond moeten hen enig cachet geven, zet het duo een boom op over dat vonnis van het Amsterdamse hof. Het beeld roept een herinnering in me op.
Het duurt even, maar dan weet ik het. Statler en Waldorf!

De heerschappen lijken overigens ‘voorshands’ te verwarren met ‘op voorhand’ en, zeker in een bibliotheek gezeten, is dat jammer. Voorshands betekent echter “vooreerst, voorlopig”.

Sidekick Hans:

Woorden niet mogen gebruiken is fascisme. In een vrije maatschappij moet je eigenlijk alles kunnen zeggen wat je wilt en als een ander zich gekwetst voelt of beledigd of geraakt, ja jammer. Het is een prijs die je betaalt voor de vrijheid, er zijn geen rozen zonder doornen. 


“Woorden niet mogen gebruiken is fascisme”. Ik heb er een poosje op gekauwd. Ik ben fel tegenstander van censuur, maar zie daar zeker nog geen vrijbrief in voor laster, smaad of smaadschrift. Ik heb het recht mijn mening vrijelijk en zonder toestemming vooraf te uiten, maar u heeft het recht op eerbiediging van uw eer en goede naam, zoals men dat pleegt te noemen. Mocht ik mij op zo’n manier uitlaten dat ik daarbij uw eer of goede naam aantast, dan heeft u recht op bescherming daartegen door de wet. Dat is tot in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens zo geregeld.

Niemand hoeft zich dus beledigingen of zelfs valse beschuldigingen klakkeloos aan te laten leunen.

Echt grappig wordt het wanneer Sidekick Hans zich boos maakt over het “hofje” in Amsterdam:

Het zijn ook allemaal weer vrouwen die het doen? De feminisering van de rechtspraak duidt ook op een uitholling van de prestige van het vak. 

Weinig verrassend, die misogyne aap uit de mouw. Twee van die belegen, verzuurde mannetjes die zich stukbijten op de autoriteit van vrouwelijke rechters. Koddig!

Statler: Hey, Waldorf. Wake up. Here come the bikinis!
Waldorf: Oh, boy! We better synchronize our pacemakers.

Secundaire victimisatie door Vrijland, Kat en consorten

Het lijkt erop dat mevrouw Merzouk, de moeder van de jonge Anass Aouragh, door de rechter in het gelijk gesteld is in haar zaak tegen Martin Vrijland.  Meneer Vrijland heeft zo op het oog haar eis ingewilligd en heeft het filmpje, dat hij op zijn weblog en YouTube-kanaal publiceerde nadat zij zich publiekelijk van hem distantieerde, netjes verwijderd.

Het is treurig dat nabestaanden zich genoodzaakt zien zich op zo’n manier tegen lieden als Martin Vrijland te moeten weren. Mevrouw Merzouk is niet de enige die, na een kind verloren te hebben, te maken kreeg met mensen die zich onder een valse vlag van behulpzaamheid tegen haar keerden. Zohra Merzouk werd verdacht gemaakt en kreeg door de mensen van Niburu zelfs een prostitutieverleden toegedicht, opdat men haar “morele standaarden” maar in twijfel kon trekken. 

Ook Iris van der Schuit, de moeder van de jongens Ruben en Julian die door hun bloedeigen vader werden gedood en gedumpt, viel een behandeling als deze ten deel.

Bauke Vaatstra, wiens dochter Marianne jaren gelden verkracht en vermoord werd, werd ook lastiggevallen en belasterd. Kwade tongen, waaronder die van Micha Kat, beweren zelfs dat hij zich liet omkopen. Ik citeer:

“BAUKE GENOOT VAN ELKE SECONDE DAT HIJ IN HET ZONNETJE WERD GEZET OVER HET LIJK VAN ZIJN SATANISCH VERMOORDE DOCHTER * HOEVEEL GELD EN DRANK KREEG BAUKE VAN JORIS DEMMINK? * WIE DENKT ER AAN MAAIKE TERPSTRA DIE WEL VOOR DE WAARHEID GING?”

Secundair slachtofferschap

Slachtoffers en nabestaanden worden geregeld een tweede keer slachtoffer gemaakt; ze moeten getuigen, worden verhoord, lopen tegen onwillige ambtenaren en instanties op en worden met negatieve sociale reacties geconfronteerd. Deze secundaire victimisatie krijgt gelukkig steeds meer de aandacht.

In 2005 werd bijvoorbeeld het spreekrecht ingevoerd, voor slachtoffers én nabestaanden, en dat was bedoeld als “een bijdrage aan het (begin van) herstel van emotionele schade door middel van erkenning” – een direct gevolg van de ruimere aandacht die slachtoffers en nabestaanden verdienen binnen het strafrecht.

Om secundaire victimisatie te voorkomen wordt veel meer aandacht geschonken aan Slachtofferhulp, begeleiding, slachtofferbejegening en slachtofferonthaal.

Het lijkt me zo langzamerhand de vraag waarom er niet veel actiever opgetreden wordt tegen kwaadwillige lieden, die nabestaanden op deze manier secundair victimiseren.

Martin Vrijland en de dag die je wist dat zou komen

Morgen is de dag die we eigenlijk allemaal wisten dat zou komen – zij het kennelijk uitgezonderd de heren Martin Vrijland en Micha Kat.

Meneer Vrijland zal zich morgen om half twee bij de rechter moeten vervoegen. Die rechter zal beslissen over de eis van mevrouw Merzouk, die graag zou zien dat meneer Vrijland de van haar geschoten beelden van zowel zijn webstek als zijn videokanaal verwijdert. Het gaat daarbij om een compilatie van beelden van gesprekken tussen meneer Vrijland en mevrouw Merzouk, de moeder van Anass Aouragh, onder andere gevoerd in haar woning.

Die beelden lijken heimelijk gemaakt, want waar die camera ook op gericht is, het is in elk geval niet openlijk op haar gezicht en mevrouw Merzouk lijkt in het geheel niet te weten dat ze gefilmd wordt. Dat vind ik een flagrante schending van haar privacy.

Dat niet alleen, voor iemand die zich journalist zou willen noemen is de publicatie ervan een schending van de Code voor de Journalistiek.

“De journalist publiceert geen tekst of foto’s en zendt geen audio-opnames of beelden uit die zijn gemaakt van personen in privé-situaties zonder toestemming van de betrokkene, tenzij met de publicatie een groot maatschappelijk belang is gediend.”


Op zo’n wijze heimelijk filmen mag niet. Niet volgens de Code voor de Journalistiek, maar ook in wettelijke zin niet.

Met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft:
  • 1°. hij die, gebruik makende van een technisch hulpmiddel waarvan de aanwezigheid niet op duidelijke wijze kenbaar is gemaakt, opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, aanwezig in een woning of op een andere niet voor het publiek toegankelijke plaats, een afbeelding vervaardigt;
  • 2°. hij die de beschikking heeft over een afbeelding welke, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, door of ten gevolge van een onder 1° strafbaar gestelde handeling is verkregen.

Een belendend perceel wist de hand te leggen op een e-mail waaruit bleek dat meneer Vrijland die compilatie zelfs als pressiemiddel gebruikt zou hebben om de moeder van Anass tot medewerking te dwingen.

“Omdat je niet meer reageert voel ik me behoorlijk beschaamd in de vertrouwensband die ik meende dat wij hadden opgebouwd. Je zet mij in eens abrupt aan de kant, terwijl je toch een andere indruk gewekt hebt. Dat had ik absoluut niet van je verwacht, maar voor alle zekerheid heb ik er toch rekening mee gehouden (zie opname bijlage). Ik wil niet dat het noodzakelijk wordt dat ik deze of de rest van de opnames moet gebruiken.”

Die Code voor de Journalistiek dicteert dat de journalist de privacy van personen niet verder zal aantasten dan in het kader van een open berichtgeving noodzakelijk is. Publicatie van de beelden diende in dit geval dan ook in het geheel geen groot maatschappelijk belang, maar diende louter om mevrouw Merzouk tot medewerking te dwingen. De beelden zijn zelfs juist om die reden gemaakt, getuige de woorden van Martin Vrijland zelve.

Ook een dergelijke dwang zou zo maar eens strafrechtelijke no-no kunnen zijn, maar ook dat lijkt mevrouw Merzouk te laten voor wat het is. Zoals ik eerder al observeerde is mevrouw Merzouk dus erg mild, ze eist alleen verwijdering van gewraakt beeldmateriaal.

 Wat meneer Kat betreft echter, is het juist moeder Merzouk die er niets van snapt:

“De moeder schermt met begrippen als ‘portretrecht’ en ‘inbreuk op de persoonlijke levenssfeer’ maar begrijpt niet dat deze zaken geen enkele rol spelen als het gaat om journalistieke produkties.”

Micha Kat gilt in zijn bekende chocoladeletters om hardst over een “hetze tegen andere vrije journalisten” en noemt daarbij deze zaak tegen Martin Vrijland als voorbeeld. Daarbij gaat hij geheel voorbij aan het gegeven dat we hier niet van doen hebben met een door de overheid geplaagde journalist. Het is mevrouw Merzouk die geplaagd wordt door een wannabe journalist en zijn dubieuze praktijken. Alsof ze met het verlies van haar zoon niet al genoeg ellende over zich uitgestort gekregen heeft.

Ik vraag me dan ook af wat het beroep van “vrije journalist” dan inhouden moet. Vrij van de paar fatsoensregels uit de Code voor de Journalistiek? Vrij van de “beperkingen” van het strafrecht en dus vrij te vernielen, te smaden, te verzinnen en bronnen op oneigenlijke manieren tot medewerking te dwingen?

Daarmee willen deze lieden wel de lusten, de verregaande vrijheid en bescherming die journalisten geheel terecht genieten, maar niet de lasten van de verplichting tot waarheidsgetrouwheid, onafhankelijkheid, fair play en het open vizier.

Misschien kunnen de “vrije journalisten” me even uitleggen wat het op deze manier lastigvallen van een rouwende moeder nog met journalistiek te maken heeft?

O, en schei eens uit met dat gebiets en gebedel om “donaties”. Wanneer je van je schrijfsels je eigen broek niet op kunt houden is het vak van journalist gewoon niet voor je weggelegd.

‘Intelligente vrouw blijft kinderloos’

Een goede vriendin van me stuurde me een artikeltje van De Telegraaf door. Gewoon om te sarren, want doen we elkaar met regelmaat. We zijn allebei kinderloos en we vinden onszelf aardig intelligent, het onderhavige artikel was dan ook bron van enige hilariteit. Het is een artikel van een paar dagen oud en het was volkomen aan me voorbijgegaan, niet in het minst omdat ik De Telegraaf niet graag lees – en haar katern ‘Vrouw’ nog minder. Irritante krant. Irritante artikeltjes.

Goed. Vandaag dus in mijn inbox:

Al decennialang krijgen hoogopgeleide vrouwen op latere leeftijd kinderen dan de lager opgeleide vrouwen. Het toenemende aantal last-minute moeders zou te maken kunnen hebben met het IQ van deze vrouwen, aldus onderzoeker Satoshi Kanawa uit Londen. Hij legde dit fenomeen onder de loep en ontdekte dat de drang om kinderen op de wereld te zetten, daalt met een kwart bij elke 15 extra IQ punten.

Het aantal kinderloze vrouwen is sinds 1990 bijna verdubbeld. Onder de 45-jarigen heeft één op de vijf geen kinderen. Dit aantal loopt op naar 43 procent als we kijken naar kinderloze vrouwen met een diploma op zak. Uit een andere studie, uitgevoerd door de onderzoekers van de Universiteit van York, blijkt dat geluk niet samenhangt met het krijgen van kinderen. Dit zou volgens experts een reden kunnen zijn waarom veel vrouwen bewust kiezen voor een bestaan zonder kinderen.

Het is zeldzaam, maar dit bericht maakt meteen met de kop én de eerste zin het slechtste in me wakker.

Hoezo is een leven zonder kinderen meteen een onbekommerd leven? Schei toch uit.

Satoshi Kanazawa

De door De Telegraaf aangehaalde onderzoeker heet Kanazawa en niet Kanawa. Het is een eigenaardig en controversieel heerschap, dat vorig jaar een bepaald dubieus onderzoek presenteerde naar de aantrekkelijkheid van vrouwen van diverse origine. ’s Mans conclusies bleken volkomen ongefundeerd en op het racistische af, 68 evolutionair psychologen schreven dan ook een boze open brief, waarin zij zich van meneer Kanazawa distantieerden.

Het was ook nog eens niet de eerste keer dat meneer Kanazawa door de wetenschappelijke mand viel. In 2006 publiceerde hij een onderzoek waaruit volgens hem bleek dat de slechte gezondheid van mensen in sommige arme landen niet te wijten is aan armoede maar aan hun lage IQ. Ook dat onderzoek werd met de grond gelijk gemaakt; het bleek van foute premissen, onterechte conclusies en vooroordelen aan elkaar te hangen.

Redenen genoeg om het door De Telegraaf aangehaalde onderzoek met wat korreltjes zou te nemen, me dunkt.

Intelligentie versus vruchtbaarheid

De studie van “Satoshi Kanawa” zou dan uitwijzen dat een kinderwens bij vrouwen gerelateerd is aan hun IQ; een hoger IQ maakt ons kennelijk minder geneigd te baren.

Of liever, minder geneigd te paren, wanneer we Midas Dekkers mogen geloven. Weliswaar zijn we biologisch voorgeprogrammeerd te willen coïteren, een kinderwens is echter niet op biologische wijze geprogrammeerd. Baren is lijden, Moeder Natuur fopt ons door seks zo’n vreselijk aangenaam tijdverdrijf te maken en de pijn van een bevalling snel te laten vergeten. Daarom tuinen Nederlandse vrouwen er gemiddeld 1,7 keer in. Let wel, dan zijn wij nog de enige diersoort die zich beseft wat er van die paring en baring komen kan.

Een kinderwens is volgens meneer Dekkers eerder een sociale drang. Of dwang, zo u wilt.

Direct na de bevalling pompt Moeder Natuur ons ook nog eens vol met het hormoon oxytocine, een hormoon dat ook bij het vrouwelijk orgasme rijkelijk vrijkomt. Na de eerste bevalling verandert de hormoonhuishouding van de nieuwbakken moeder daardoor definitief en wordt ze moederlijk. Het maakt dat ze sneller ongerust is over haar kinderen en dat ze gevoeliger reageert op babygehuil, bijvoorbeeld.

Je kunt dan ook nauwelijks met droge ogen beweren dat vrouwen “in de wieg zijn gelegd voor het moederschap”. De zaken liggen ingewikkelder.

Robert Cliquet

Dat er een negatief verband is tussen intelligentie en vruchtbaarheid wisten we overigens al. Sociaal bioloog Robert Cliquet kwam daar in 2010 al mee. Slimme mensen krijgen minder kinderen. In 2010 bleef veertig procent van de Duitse vrouwen met een universitaire opleiding al kinderloos.

Ik vraag me dan ook af of meneer Kanazawa niet gewoon leentjebuur gespeeld heeft bij meneer Cliquet.

Vrouwen zijn almaar hoger opgeleid, op scholen hebben ze inmiddels vaak zelfs al een voorsprong op mannen, en het mag geen verrassing heten dat ze met hun genoten opleiding ook nog wel wat willen doen. Carrièretijgerinnen genoeg zelfs, die graag hun ziel en zaligheid in een goede baan leggen.

Daarnaast zou, zoals meneer Cliquet al observeerde, de slimme en hoger opgeleide mens bewuster en met een meer vooruitziende blik besluiten al dan niet toe te geven aan een kinderwens.

Dat is zeer duidelijk. Slimme mensen krijgen gemiddeld minder kinderen. De reden daarvoor ligt voor de hand: anticonceptie wordt altijd eerst verspreid bij het beter opgeleide, intelligentere en meer vooruitziende deel van de bevolking.  

Om een voorbeeld te geven: in Duitsland krijgt 40 procent van de vrouwen met een universitaire opleiding geen kinderen. Daarom is het zo belangrijk om anticonceptie wereldwijd op een zo breed mogelijke schaal beschikbaar te stellen en niet alleen bij de hoger opgeleide bevolkingsgroepen.

Welvaart en technologie

Toegenomen welvaart en moderne technologie zijn aanmerkelijke factoren in het almaar kleiner worden van het gemiddeld aantal kinderen dat we baren. Niet in het minst omdat we inmiddels kunnen beschikken anticonceptiemiddelen, natuurlijk. Slimme, hoger opgeleide mensen kunnen ook nog eens eerder en makkelijker beschikken over anticonceptiemiddelen.

Kinderen zijn een almaar duurder wordende “hobby”. Denkelijk telt ook dat mee. We zijn daarnaast niet langer erg afhankelijk van onze kinderen, die men toch ook als een oudedagvoorziening placht te zien. We hebben ze ook niet langer nodig als miniatuur arbeidskrachten, zoals dat niet al te lang geleden nog het geval was. De overlevingskansen van kinderen zijn veel groter, dus de noodzaak er een paar in reserve te baren is er ook al niet meer.

Journaille

De laatste alinea van het artikel doet de deur dicht.

Dit verschijnsel duikt ook op onder Hollywoodsterren. Zo maken Oprah Winfrey, Cameron Diaz en Eva Mendes er geen geheim van dat zij geen kinderen willen baren. “Ik leid dit leven omdat ik geen kinderen heb”, vertelt Camerion Diaz. Maar ook actrice Eva Mendes is stellig over het krijgen van kinderen. “Ik wil geen kinderen. Ik hou van slapen en ik maak mij overal zorgen om.”

Wie schrijft die onzin? Schrijven over een onderzoek naar een negatief verband tussen het IQ van vrouwen en de mate waarin zij zich nageslacht wensen en dan een Eva Mendes als voorbeeld noemen, die geen kinderwens zegt te hebben omdat ze van slapen houdt?

Ik heb geen idee van het IQ van genoemde vrouwen, maar ik weet wel dat hetzelfde de schrijver van dit episteltje geldt. Geen benul.

Tot zo ver weer de stomste krant van Nederland.