Zin en Onzin over Vaccineren

Morbilli.png

Mazelen

De mazelen (Morbilli) zijn terug in Europa. Dat is een klinkende overwinning voor de anti-vaccinatiebeweging.

In de eerste maanden van dit jaar is het aantal besmettingen met deze, alles behalve onschuldige, ziekte exponentieel toegenomen. In ons welvaartlandje sterven een of twee patiëntjes per duizend infecties. In ontwikkelingslanden is dat vijf, soms zelfs tien procent. Bijkomende mogelijke complicaties van mazelen zijn middenoorontsteking, longontsteking, hersenvliesontsteking en, wanneer je het ongeluk hebt een gemuteerd mazelenvirus te treffen, een zeldzame chronische en progressieve hersenontsteking. Er is geen medicijn tegen mazelen.

Maar! Er is wel een vaccin. Een vaccin dat zichzelf dubbel en dwars bewezen heeft. Wereldwijd stierven er in 2011 158.00 mensen aan mazelen, 71% minder dan voorheen en dat alleen omdat er steeds meer gevaccineerd wordt. Voordat men überhaupt begon met vaccinatie tegen mazelen stierven er nog zo’n 2,6 miljoen mensen per jaar – en ondanks de vaccinatieprogramma’s is het mazelenvirus nog altijd een van de voornaamste oorzaken van kindersterfte.

Poliomyelitis

Polio

Vaccinatie werkt!

Dat vaccinatie werkt, dat zou genoegzaam bekend moeten zijn. Het besmettelijke en levensbedreigende pokkenvirus is het eerste virus dat met succes door een wereldwijd vaccinatieprogramma werd uitgeroeid. Vervolgens richtte de medische wereld zich op het poliovirus, met bijna evenveel succes. In 2015 waren er wereldwijd nog maar een honderdtal poliobesmettingen, het laagste aantal ooit en dat is een grote sprong voorwaarts voor ons, mensen. U weet wel; minder sterfte, minder ziekte, minder lijden, minder verdriet.

Vaccinatieprogramma Nederland

In Nederland krijgen veruit de meeste kinderen een breed scala aan vaccinaties toegediend. De overheid betaalt deze vaccinatieprogramma’s en dat kost een lieve duit.
Het hedendaags vaccinatieprogramma bestaat uit vaccinaties tegen:

  • Difterie, een bacteriële infectieziekte, was voor ertegen gevaccineerd werd een van de voornaamste oorzaken van kindersterfte. Ook bekend onder de naam kroep is deze ziekte zonder behandeling vaak fataal. De bacterie maakt gifstoffen die de weefsels van de luchtwegen, de hartspier en het zenuwstelsel kunnen beschadigen. De slijmvliezen in de keel worden taai, hetgeen de ademhaling bemoeilijkt, en vormen pseudo-membranen die los kunnen geraken en de luchtweg vervolgens blokkeren. Herstel kan weken, soms zelfs maanden duren en een patiënt kan blijvende complicaties oplopen; van verlamming, scheelzien tot een verminderde visus.
  • Kinkhoest wordt ook door een bacterie, Bordetella pertussis, veroorzaakt. Zoals de naam al verraadt wordt deze ziekte vooral gekenmerkt door hevig en aanhoudend hoesten. Wanneer de symptomen op hun ergst zijn hoest een patiënt zich tot bijna-stikken toe leeg, waarop met een gierend geluid weer ingeademd wordt. Daarom noemt met kinkhoest in Engeland “whooping cough“. De ernstige hoestaanvallen kunnen braken opwekken en in het ernstigste geval de patiënt doen stikken.
  • Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetani. Deze bacterie kun je bij een kleine verwonding oplopen en eenmaal in het lichaam produceert hij giftige afvalstoffen die spierweefsel aantasten, met hevige en pijnlijke spierkrampen tot gevolg. Verkrampte gezichtsspieren doen het gezicht in een sardonische grimas vertrekken. Het lichaam van de patiënt wordt door verkrampende spieren in een pijnlijke achterwaartse boog getrokken. Dat kan zo’n zes weken duren, waarna het tetanustoxine uiteindelijk de ademhalingsspieren of het hart kan bereiken, waardoor de patiënt sterft. Zelfs met een goede behandeling is tetanus in 50% van de gevallen fataal.
  • Polio is een virusaandoening. Het virus tast maag en darmen aan en veroorzaakt een ontsteking in het ruggenmerg. De ziekte verloopt in veruit de meeste gevallen mild, maar in 1% van de gevallen treden spierzwakte en -verlammingen op. In kinderen veroorzaken die op hun beurt misvormingen tijdens de groei. In een enkel geval veroorzaakt polio een verlamming van de ademhalingsspieren.
  • Haemophilus influenzae type b, Hib voor intimi, is een bacterie. Deze bacterie is verantwoordelijk voor 5% van de gevallen van hersenvliesontsteking bij zuigelingen en peuters en kan een strotklepontsteking veroorzaken. In 2% van de door Hib veroorzaakte gevallen van meningitis sterft de patiënt. Bij kinderen met Hib-infectie is dat zelfs 5 tot 10%. Bij 10% is er blijvende schade, zoals doofheid, epilepsie of een geestelijke achterstand.
  • Hepatitis B is een virus, dat leverontsteking veroorzaakt. De aandoening verloopt in veel gevallen onopgemerkt. Zijn er wel symptomen, dan kunt u in rekenen op zaken als geelzucht, vermoeidheid, koorts, spier- en gewrichtspijn, misselijkheid en pijn in de bovenbuik. Wordt de infectie ook nog eens chronisch dan raakt de lever beschadigd, levercirrose, en is er een grotere kans op leverkanker.
  • De bof is een virusziekte die in de meeste gevallen onschuldig verloopt. Het virus kan een ontsteking veroorzaken in de oorspeekselklier, met een flinke zwelling van de wang tot gevolg. In de gevallen dat het verloop van de bof niet zo onschuldig uitpakt kunnen er complicaties optreden als hersen- en hersenvliesontsteking of ontstekingen aan organen als de eileider, de testikel en de alvleesklier. Ook doofheid en blindheid  kunnen gevolg zijn van de bof.
  • Mazelen wordt veroorzaakt door een luchtwegvirus. In eerste instantie lijken de symptomen op die van een flinke griep, met bijbehorende koorts, totdat die rode jeukende vlekjes verschijnen en de koorts nog eens verder oploopt. Bijkomende mogelijke complicaties zijn middenoorontsteking, longontsteking, hersenvliesontsteking en, wanneer je het ongeluk hebt een gemuteerd mazelenvirus te treffen, subacute scleroserende panencefalitis. In ons welvaartlandje sterven een of twee patiëntjes per duizend infecties. In ontwikkelingslanden is dat vijf, soms zelfs tien procent.
  • Rodehond wordt veroorzaakt door het rubellavirus en verloopt doorgaans onschuldig. Opgezette lymfeknopen, rode huiduitslag, soms koorts, oogbindvliesontsteking en gewrichtsklachten. Patiënten zijn nauwelijks ziek en rodehond is snel weer over. Het echte probleem met rodehond is wat het virus met de ongeboren vrucht kan doen, wanneer de aankomende moeder er in het begin van haar zwangerschap ziek van wordt. Geboorteafwijkingen als grijze staar, glaucoom, doofheid, hartafwijkingen of een vernauwing van de longslagader kunnen die ongeboren vrucht ten deel vallen.
  • Meningokokken C wordt veroorzaakt door een bacterie Neisseria meningitidis, die bij 10% van onze bevolking latent aanwezig is in de keel- en neusholte. Zij zijn drager. Daar heeft het merendeel van die groep geen last van, maar er zijn er die er een hersenvliesontsteking of (bijzonder snel verlopende) bloedvergiftiging van krijgen, beide soms met fatale gevolgen. Vooral jonge patiënten kunnen behoorlijk ziek worden. In 20 tot 30% van de gevallen leidt meningokokken C tot blijvende complicaties, zoals doofheid, motorische problemen en leer- en gedragsproblemen.
  • Het humaan papillomavirus kan een abnormale celgroei veroorzaken in huid en slijmvliezen. Er zijn honderden verschillende van deze papillomavirussen, de meeste ongevaarlijk, sommige veroorzaken wratten. Een infectie kan de kans op kanker (met name baarmoederhalskanker) vergroten. In 75% van de gevallen van baarmoederhalskanker is een humaan papillomavirus als oorzaak aan te wijzen.

Waarom zou je dan niet vaccineren?

Het gaat dus in alle gevallen om ziekten die ernstige symptomen met zich meebrengen, levenslang kunnen invalideren en een fatale afloop kunnen hebben. Van “onschuldige kinderziekten” is hier geen sprake. Toch is er een groeiende groep mensen die zijn kinderen niet laat vaccineren en zich openlijk tegen vaccinatie uitspreekt.

Religieuze bezwaren

Er zijn mensen die uit religieus oogpunt hun kinderen niet vaccineren, die vinden dat een mensenleven in Gods hand ligt en een ziekte door “Gods vaderlijke hand wordt toebedeeld“. Eenmaal ziek, dan mag je wel een beroep doen op de medische wereld. Dat heeft me altijd verwonderd; alsof een werkelijk almachtige god zich door zo’n vaccinatie tegen zou laten houden.

Sowieso, wanneer je blind moet vertrouwen op wat die God met je voorzien heeft, waarom ligt de grens dan kennelijk bij vaccinatie? Airbags, valhelmen, kinderzitjes, raambeveiligers, zwemles – allemaal geen issue.

Of ouderlijke vrijheid van religie moet betekenen dat ze met hun kinderen, uit religieus oogpunt, mogen doen wat ze willen? Nee. Natuurlijk niet en al zeker niet in absolute zin. Ouders die hun kinderen levensreddende zorg onthouden zetten we uit de ouderlijke macht. Ook over meisjesbesnijdenis zijn we het ook al eens; dat staan we ouders niet toe – ook niet onder het mom van religie. Goddank, zou ik bijna willen zeggen.

Antroposofen en Kritische Prikkers

Er zijn ook mensen die menen dat je kinderziekten hun beloop moet laten. Antroposofen, bijvoorbeeld. “Onschuldige” kinderziekten moet je doormaken, want dat is goed voor je afweersysteem en ze zijn een stimulans voor je ontwikkeling.

Dat het doorstaan van de ziekte een betere immuniteit oplevert dan vaccinatie is in het geval van de bof inderdaad zo. Ongeveer 5% van de mensen die tegen de bof worden ingeënt maken na één vaccinatie nog te weinig antistoffen aan om op lange termijn beschermd te blijven. Daarom vaccineren ze kinderen twee keer. Vaccinatie tegen de bof geeft inderdaad bij minder mensen een goede immuunrespons dan het doorstaan van de ziekte zelf, echter wel meer dan voldoende om epidemieën te voorkomen. Ook geen kleinigheid, me dunkt. Daarover zo direct meer.

Die antroposofische gedachtegang laat ruimte voor vaccinatie wanneer een ziekte toch teveel risico oplevert voor een kind. Zo laten antroposofen hun kinderen vaak wel tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio inenten, maar laten een inenting tegen bof, mazelen en rodehond achterwege vanwege “niet noodzakelijk”.

Die gedachtegang delen de antroposofen deels met de “kritische prikkers”, die zich verenigden in de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken. Ook die wegen argumenten voor en tegen vaccineren af, maar zij baseren zich daarbij niet op enige levensbeschouwing.

Het belang van groepsimmuniteit

Een belangrijke vraag is daarnaast of we de noodzakelijkheid tot vaccineren alleen willen bepalen aan de hand van de risico’s voor de eigen kinderen alleen of kinderen in het algemeen. Vaccinatie tegen rodehond bijvoorbeeld, wordt dus niet gedaan omdat de ziekte zo naar verloopt en ook niet omdat de zieke zèlf een risico loopt op al dan niet blijvende ernstige complicaties. Het belang ligt daarbij vooral bij vroege zwangerschappen van anderen.

Het fenomeen groepsimmuniteit onderschrijft dat vaccinatie niet alleen voor het individu, maar ook voor de gehele populatie belangrijk is. Hoe meer mensen tegen een ziekte gevaccineerd zijn, hoe minder ongevaccineerden de kans lopen ermee besmet te raken. Het percentage mensen dat gevaccineerd moet zijn om die zogeheten groepsimmuniteit te verkrijgen verschilt per ziekte.

Rodehond is daar een mooi voorbeeld van. Niet alleen zijn er mensen die na vaccinatie toch geen antistoffen aanmaken, in eerste instantie werden alleen meisjes en jonge vrouwen met een kinderwens gevaccineerd. De vaccinatiegraad was zo laag dat het toch tot kleine epidemieën kwam, totdat men alle kinderen als baby al begon te vaccineren. Het percentage niet-vatbare personen is sindsdien zo hoog geworden dat het virus zich eenvoudigweg niet meer kan handhaven, hetgeen ook de ongevaccineerden bescherming biedt.

Nadelen vaccineren

Dat vaccineren ook nadelen heeft is ontegenzeggelijk waar. Jammerlijk genoeg wordt juist over die nadelen de grootst mogelijke, liefst pseudowetenschappelijke, kolder verkondigd. Dat is een gevaarlijk spel met mensenlevens.

Neem nu dat vaccin tegen de bof, dat een minder goede immuniteit oplevert dan de ziekte zelf. In het geval van het vaccin tegen kinkhoest neemt de hoeveelheid antistoffen mettertijd af en na vijf tot tien jaar verdwijnen ze zelfs. Nu staat daar tegenover dat het doormaken van een natuurlijke kinkhoestinfectie evengoed geen garantie is voor een levenslange immuniteit tegen de ziekte. Ook de vaccinatie tegen rodehond werkt niet bij iedereen evengoed.

Zoals bij iedere medische kwestie is het altijd weer de vraag of het middel niet erger is dan de kwaal. Sommige vaccins hebben bijwerkingen. Sommige vaccins kunnen zelfs heel ernstige bijwerkingen hebben. Daar mag geen enkele verwarring over bestaan. Toch is die er wel – soms zelfs onterecht.

Autisme

Zo gaat het verhaal dat er een causaal verband zou bestaan tussen BMR-vaccins en autisme. Aan de bron daarvan ligt een artikel uit 1998, in het tijdschrift The Lancet, van de hand van een meneer Andrew Wakefield. The Lancet trok het artikel in 2010 terug; niet alleen klopten de conclusies van meneer Wakefield niet, hij pleegde zelfs fraude met de onderzoeksgegevens op basis waarvan hij die trok. Onderzoeksjournalist Brian Deer ontdekte dat meneer Wakefield voor zijn fraude werd betaald door advocaten. Die advocaten nu, die hadden geleden schade willen claimen bij producenten van vaccins. Meneer Wakefield werd gevoeglijk uit de artsenstand geknikkerd.

Opvallend genoeg blijven latere onderzoeken, die dat van Wakefield definitief naar het land der fabelen verbanden, hierbij onbelicht. Net als kille statistieken, zoals die uit Japan. Daar werd het BMR-vaccin afgeschaft waarna het aantal autismegevallen juist toenam. In Denemarken bleek bij een groep van een half miljoen baby’s autisme even vaak voor te komen bij gevaccineerde en ongevaccineerde baby’s.

Kanker

Ook tussen vaccins en kanker wordt een verband gesuggereerd. Zo is om en nabij de zestiger jaren van de vorige eeuw een poliovaccin vervuild geraakt met het SV40-virus. Omdat dit virus somtijds samen met diverse vormen van kanker werd aangetroffen werd een verband tussen beide vermoed, vooral met het non-Hodgkin-lymfoom. Vervolgstudies lieten echter anders zien.

De hygiënehypothese

Door vaccinaties en doordat we in steeds schonere omgevingen leven beleven we steeds minder kinderziekten en dat zou ons immuunsysteem niet ten goede komen. Hoe meer infecties, hoe beter dat immuunsysteem werkt. Volgens de hygiënehypothese is er een direct verband tussen die schonere leefomgeving, schoon water, het gebruik van antibiotica en vaccinaties en een toename in allergieën, astma en auto-immuunziekten.

Dat blijft echter bij veronderstellingen en onbewezen theorieën. Dat rijtje kun je tot in het oneindige aanvullen met zaken als milieuverontreiniging en een toename in het gebruik van allerlei chemische stoffen – zoals de synthetische parfumstoffen waar ik zelf zo allergisch voor ben.

Eerlijke informatie

Nederlandse ouders hebben de gelegenheid zelf een afweging te maken of ze hun kinderen al dan niet laten vaccineren. Ouders hebben het recht te beslissen hun kinderen al dan niet te vaccineren en om tot een evenwichtige beslissing te komen hebben ze recht op informatie. Gewoon op een presenteerblaadje, alle voors en tegens, de risico’s, open en eerlijk. Daar hebben mensen en hun kinderen recht op, een ouder moet niet het halve Internet af moeten speuren.

Een kijkje op de site van het RIVM leert dat er ruimschoots over die bijwerkingen gesproken wordt. Van hangerigheid, koorts, slaapproblemen tot koortsstuipen en “collapsreacties” en netjes per prik wat de gevolgen kunnen zijn. Niet alleen dat, het RIVM gaat zelfs zo ver zelfs vermeende verbanden te benoemen zoals die hygiënehypothese, tussen vaccinaties en een toename in allergieën en astma, tussen het kinkhoestvaccin en wiegendood, vaccins en respectievelijk suikerziekte, autisme, ADHD en het shaken baby-syndroom.

Maatschappelijke verantwoordelijkheid

In Nederland is het laten vaccineren van je kinderen niet verplicht. Zo is dat op dit moment nu eenmaal geregeld in Nederland. Daar kun je over discussiëren, en dat doen we ook in ruime mate, maar verplicht vaccineren hebben we hier al eens uitgeprobeerd en dat was geen succes.

De vraag is ook of een verplichting noodzakelijk is, het absolute gros van de ouders laat zijn kinderen tot nog toe verstandig vaccineren en de vaccinatiegraad is zo ook nog hoog genoeg om de meeste ziekten netjes in toom te houden. Is de vaccinatiegraad maar hoog genoeg, dan kunnen ziekten zelfs uitgeroeid worden. Zoals dus het eerder genoemde pokkenvirus, waarvan de Wereldgezondheidsorganisatie WHO in 1979 vaststelde dat het was uitgeroeid. Vaccineren is dus niet alleen een ouderlijke, maar zeker ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Weg met pseudowetenschap!

Ik heb geen idee hoe en waarom, maar in dit tijdsgewricht menen we opeens meningen van al dan niet hoogopgeleide bakfietsmoeders, complotdenkers en bewezen fraudeurs gelijk te moeten stellen aan wetenschappelijk onderbouwde feiten.

Onze media dragen daar ruimhartig aan bij. Artikelen over vaccinaties gaan doorgaans gepaard van huilende kindjes bij wie een injectienaald in een armpje gaat, maar niet van kindjes die aan de ziekte lijden waartegen geprikt wordt. In een talkshow als M van Margriet van der Linden wordt een ‘klassiek homeopaat’ gepresenteerd alsof ze dezelfde kennis en kunde heeft als een volleerd kinderarts en een gelijkwaardige bijdrage aan de discussie zou leveren.

Mag de ratio weer terug in ons maatschappelijk debat, alstublieft? Weg met die hysterische pseudowetenschappelijke kolder!

 

 

Boodschappenlijstje Tweede Kamerverkiezingen 15 maart 2017

Goed, stemmen is dus een serieuze zaak. Voordat ik al die partijprogramma’s doorworstel maak ik heel even pas op de plaats. Wat vind ik belangrijk, voor mij, voor andere Nederlanders, voor Nederland?

Ik heb natuurlijk mijn eigen Top 10, van onderwerpen die me het meest aan het hart gaan. We leven samen in een van de mooiste, welvarendste en vrije landen op deez’ aardkloot. In het dagelijks leven heb ik niet tot nauwelijks reden tot klagen. Dat zou ik graag zo houden.

Daarbij vind ik in een aantal gevallen de kosten in beginsel onbelangrijk. Een goede gezondheidszorg kost geld, net zoals goed onderwijs en een gedegen rechtssysteem. Ik betaal er met alle liefde (meer) belasting voor. Partijen die doen alsof zulke kosten ontzettend vervelend, lastig of zelfs ongewenst zijn kun je bij voorbaat eigenlijk niet au sérieux nemen.

Die Top 10 van mij, die ziet er zo uit:

Geluk

Ja, ik hoor u wel brommen hoor. Geluk! Hoe denk ik dat te definiëren voor 17 miljoen verschillende mensen? En hoe denk ik dat meetbaar te maken of in doelstellingen te vatten? Schrijf me nou niet meteen af als zweverig tiepje of naïeve wereldverbeteraar. Nederland staat al jaren in een Top 10 van ´s werelds meest gelukkige landen. Er is een heus World Happiness Report!

Nationaal geluk is te meten, door te kijken naar een breed scala van indicatoren; de kwaliteit van het bestuur, bruto binnenlands product, (politieke) vrijheid, sociaal kapitaal, sociale voorzieningen, levensverwachting, gemiddelde goede gezondheid, vertrouwen (o.a. in sociale voorzieningen), vrijgevigheid en vrijheid van corruptie.

Vrijheid

Mijn vrijheid is mijn grootste goed. Ik ben vrij te gaan en staan waar ik wil. Ik ben vrij mijn eigen verstand en geweten te volgen en ik mag, in dezelfde mate als u, vrij aanspraak maken op de vele rechten en vrijheden in ons kikkerlandje. Ik ben vrij mijn mening te uiten. Ik ben vrij te beschikken over eigen lijf en leden, baas in eigen buik.

De onaantastbaarheid van het lichaam staat wel nog altijd onder druk, zo worden ook hier nog altijd kinderen besneden omdat hun ouders dat een religieuze plicht vinden. Besnijdenis is prima, dat moet u zelf weten, zo lang u daar maar zelf voor kiest. Daarnaast wordt er nog gesteggeld over mijn vrijheid zelf te bepalen wanneer ik mijn leven voltooid vind en die beslissing is aan niemand dan aan mijzelf. Wil ik over veertig jaar een pil van Drion op mijn nachtkastje hebben liggen, dan gaat u dat niets aan.

Veiligheid en Recht

U ziet het nu in Amerika, een gedegen en integer rechtssysteem is uitermate belangrijk. Rechters horen neutraal en onafhankelijk te zijn en niet te (hoeven) buigen voor politieke winden en windbuilen. Dat betekent dat zo’n rechtssysteem een aantal waarborgen moet kennen, al was het maar om rechters te beschermen tegen potentaten zoals een president Trump, die denken boven de wet te staan. Tsjakka, het belang van een ordentelijke staatsinrichting op een zilv’ren dienblad! De scheiding van kerk en staat is helaas nog lang niet af en de trias politica moeten we zwaar bewaken.

Ik ga graag veilig en ongestoord over straat, dat is mijn veiligheid in het klein. In het groot zie ik natuurlijk graag een overheid die anticipeert op spanningen en calamiteiten in binnen- en buitenland en die er alles voor doet om onze samenleving veilig en leefbaar te houden. Daarbij hecht ik niet aan open grenzen voor Jan en alleman, maar word ik wel wantrouwig wanneer mensen steevast menen privacy uit te moeten wisselen voor veiligheid.

Een integere politiemacht die draagvlak heeft onder de bevolking, die tot in de haarvaten van de samenleving zit en die genoeg budget, personeel, tijd en ruimte heeft om haar werk naar behoren te doen vind ik essentieel.

Geweld in de privésfeer is de omvangrijkste geweldvorm in onze mooie, Nederlandse samenleving en zou daarom alleen al veel meer prioriteit moeten krijgen. Ongeveer 50% van de Nederlandse bevolking heeft nooit te maken gehad met huiselijk geweld of met een vervelend incident in de huiselijke kring.

Bijna 40% van de vrouwen in Nederland heeft, nog voor hun zestiende levensjaar, een of meer negatieve ervaringen met seksueel misbruik opgedaan. Van alle meisjes zal tussen 5 en 10% in hun jeugd verkracht worden, van de jongens zal dat 1 tot 5% hetzelfde lot ondergaan. Zo’n 80% van die slachtoffers wordt misbruikt door daders uit de dagelijkse omgeving; gezinsleden of bekenden van de familie.

Gelijkheid

Geen mens is meer dan de ander. We zijn misschien niet allemaal hetzelfde, maar we zijn wel allemaal gelijk. Iedereen verdient dezelfde kansen in het leven en heeft recht op een gelijke behandeling in gelijke gevallen.

’t Moet nochtans gezegd dat u mij, als vrouw, nog altijd mag discrimineren wanneer u dat uit hoofde van een of ander geloof doet. Zo vindt ons College voor de Rechten van de Mens dat een buschauffeur best vrouwenhandjes mag weigeren en dat is en blijft een gotspe. Discriminatie is nooit oké, dus ook niet op religieuze gronden. Ook homoseksuelen worden nog met regelmaat gediscrimineerd en mensen met een andere etnische herkomst treft nog met grote regelmaat hetzelfde lot.

Sommige diertjes zijn dus nog altijd meer gelijk dan andere diertjes en dat behoeft remedie.

Emancipatie

Ja, u kent me natuurlijk al. Emancipatie, dat is een dingetje hoor. Er schort nog wat aan het naamrecht, de arbeidsparticipatie van vrouwen en gelijk loon voor gelijk werk. Slechts om en nabij de helft van de Nederlandse vrouwen is economisch zelfstandig, tegenover 73% van de mannen.

Nederlandse vrouwen verdienen gemiddeld nog steeds 17,6% (CBS, 2012) minder dan hun mannelijke evenknieën. Daar is 4% van volstrekt onverklaarbaar. Dat verschil wordt wel kleiner, maar dat gaat zo langzaam dat we nog een jaar of zeventig nodig zullen hebben om die loonkloof te dichten – zouden we dit tempo aanhouden.

Mannen worden nog altijd structureel ondergewaardeerd waar het gaat om hun kwaliteiten als ouder en opvoeder. Ruim een vijfde van de vrouwen en 42% van de mannen vindt een vrouw nog altijd geschikter om kinderen op te voeden dan een man (Emancipatiemonitor 2014). Werk aan de winkel!

Sociale zekerheid

Er gaat geen verjaardagsfeestje voorbij of er wordt wel boos gesproken over uitkeringstrekkers of asielzoekers die op onze kosten hun tanden laten bleken. Een sociaal vangnet voor wanneer het leven je even grandioos tegenzit (en dat gebeurt heus de besten) is nochtans een van de mooiste verworvenheden van onze staat. Werkeloosheid, pensioen, ziekte of arbeidsongeschiktheid lossen we op door solidariteit en samenhorigheid: er wordt collectief gezorgd voor alle Nederlanders. Betalen we allemaal netjes aan mee.

Toch, ’t kan en moet beter. U heeft het vandaag kunnen lezen; het aantal huishoudens in langdurige armoede stijgt. Die armoede raakt zo veel kinderen, dat het me het schaamrood op de kaken doet staan.

Vooral eenoudergezinnen met minderjarige kinderen blijken vaak te maken te hebben met risico op armoede. Dit speelde bij ruim een kwart van die groep. In totaal groeiden in 2015 ruim 320.000 kinderen op in een huishouden met een extreem laag inkomen. Voor 125.000 van hen was dit het vierde jaar achtereen, oftewel 8000 meer dan in 2014.

Onderwijs en cultuur

Nederland is een kenniseconomie. We hebben dus ook een economisch belang bij goed onderwijs in het algemeen en uitstekend hoger onderwijs in het bijzonder. Daarnaast, het is nog met geen enkele generatie goedgekomen zonder dat er in werd geïnvesteerd. Kinderen die lezen bijvoorbeeld, belanden later hoger op de sociale ladder.

Nederland telt, naar schatting, 250.000 mensen die niet kunnen lezen of schrijven. Dat is 1,5% van de bevolking. Daarnaast zijn er 1,3 miljoen laaggeletterden, die wel losse woorden kunnen lezen maar een wat langere tekst niet kunnen behapstukken. Laaggeletterdheid kost de maatschappij 556 miljoen euro per jaar. Wat u daarbij wellicht niet zult verwachten is dat twee derde van die 1,3 miljoen laaggeletterden van Nederlandse afkomst is. Tien procent van onze 15-jarigen is een zogeheten zwakke lezer.

Ieder kind heeft recht op onderwijs, dat moet leiden tot een startkwalificatie. Gelijke kansen, dat begint in het onderwijs. Daar is ook een maatschappelijk belang bij in het geding. Niet alleen omwille van onze kenniseconomie, maar vroegtijdig schoolverlaten vergroot bijvoorbeeld ook de kans op een criminele carrière met een factor 2,5. Terug met het verheffingsideaal!

Gezondheidszorg

Zorg moet toegankelijk, beschikbaar en van goede kwaliteit zijn. Niets minder. De zorg kan ongetwijfeld slimmer, efficiënter en goedkoper en dat is geweldig, zo lang de zorg er ook maar beter op wordt. De rechten van patiënten, het welbevinden van verpleeghuisbewoners, verstandig medicijnengebruik, lagere kindersterfte en meer aandacht voor zorgmijders, het mag allemaal wat kosten.

Er zijn in Nederland relatief weinig tienerzwangerschappen en tienermoeders en toch maak ik me zorgen over hoe wij daar mee omgaan. De vergoeding van anticonceptie zoals de pil moet terug de basisverzekering in en er zou veel meer aandacht voor goede seksuele voorlichting en vorming moeten zijn.

Natuur en klimaat

Nederland is een van de dichtstbevolkte landen ter wereld. Dat betekent dat we extra zuinig moeten zijn op onze natuur, onze lucht en ons water. De gemiddelde Randstedeling rookt zeven sigaretten per dag zonder er een daadwerkelijk op te steken. Dierenwelzijn is een ondergeschoven kindje.

We eten graag te veel en vooral goedkoop vlees en dat levert dieronterende toestanden op in de bio-industrie en bij het vervoeren van levend slachtvee. Het slachtvee dat dubbel pech heeft wordt dan ook nog eens ritueel en dus liefst onbedwelmd geslacht. Nederland heeft enorme aantallen vee, alleen al twaalf miljoen varkens. De huisvesting van zo veel dieren is problematisch, op zijn zachtst gezegd. De legbatterij is dan wel verboden, maar de megastallen worden de grond uit gestampt. Er zijn 2,8 miljoen melkkoeien in Nederland. Van deze dieren staat 30% altijd op stal. De kalveren worden direct na de geboorte bij het moederdier weggehaald.

We hebben, alleen op televisie al, uitgebreid kunnen zien hoe het bloed uit levend vee vervoerende vrachtwagens liep, hoe de “plofkip” aan haar naam komt, hoe kippen de snavel en biggen de staart wordt afgeknipt, hoe koeien onverdoofd onthoornd worden en te lijden hebben van ontstekingen aan hoeven en uiers. We hebben de dierenlijken in grote grijpers zien hangen nadat er weer eens op grote schaal een dierziekte uitbrak, omdat we ons vee op grote schaal en dicht op elkaar willen houden en omwille van de export weigeren ze in te enten.

Normen en waarden

Ik maak me zorgen over de verhuftering van ons, Nederlanders. Onze samenleving verruwt en de tolerantie, waar we ooit bekend om stonden, staat onder druk. We wisten ruimte voor ieder individu enerzijds zo goed samen te laten gaan met solidariteit en betrokkenheid. Een smaldeel van ons juicht inmiddels bij nieuwsberichten over verdronken ‘gelukzoekers’ en we zien de vluchtelingenstroom, die onze kant op komt, met achterdocht en vrezen aan. Aan de andere kant horen we mondiaal nog altijd bij de top van goede doelen-gevers. Geweld tegen hulpverleners is in opmars. We zullen zelf, als burgers van dit prachtland, weer aan de bak moeten. Omgangsvormen, respect voor elkaar – dat begint bij onszelf.

Omdat goed leiderschap grotendeels bestaat uit een goed voorbeeld dienen we de integriteit van de overheid te bewaken en corruptie te bestrijden. Geen ruimte dus, voor liegende ministers en deals met criminelen sluiten.

Ik ben benieuwd hoor, wat vind ik straks bij wie terug:

1. VVD
2. Partij van de Arbeid (P.v.d.A.)
3. PVV (Partij voor de Vrijheid)
4. SP (Socialistische Partij)
5. CDA
6. Democraten 66 (D66)
7. ChristenUnie
8. GROENLINKS
9. Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP)
10. Partij voor de Dieren
11. 50PLUS
12. OndernemersPartij
13. VNL (VoorNederland)
14. DENK
15. NIEUWE WEGEN
16. Forum voor Democratie
17. De Burger Beweging
18. Vrijzinnige Partij
19. GeenPeil
20. Piratenpartij
21. Artikel 1
22. Niet Stemmers
23. Libertarische Partij (LP)
24. Lokaal in de Kamer
25. JEZUS LEEFT
26. StemNL
27. MenS en Spirit/Basisinkomen Partij/V-R
28. Vrije Democratische Partij (VDP)

De lessen van Donald Trump

Met de nieuwbakken president Donald Trump op ramkoers met iedereen én zijn moeder ben ik vastbesloten goed geïnformeerd te gaan stemmen. In Amerika kunnen we nu allemaal goed zien wat er gebeurt wanneer je ondoordacht een stemhokje bezoekt.

Moslimban

Neem nu ’s mans ‘tijdelijke moslimban’, zoals zijn laatste decreet in de volksmond is gaan heten. Om zijn Amerikanen tegen terreur te beschermen mochten mensen uit Irak, Iran, Jemen, Libië, Somalië, Soedan en Syrië niet langer het land in. Nou ja, of ze moesten van christelijke huize zijn. In dat geval haalt Donald Trump een hart over zijn hand. “I’m establishing new vetting measures to keep radical Islamic terrorists out of the United States of America. Don’t want them here,” aldus de nieuwe Grote Leider. Ook mensen die al legaal in Amerika wonen en een green card hebben worden door deze ban getroffen. Curiouser and curiouser, zou Alice zeggen.

Vervelend detail is dan wel dat de mensen die tot nog toe aanslagen pleegden op Amerika opvallend vaak helemaal niet uit deze zeven landen komen. Landen zoals Egypte, Libanon en Saoedi-Arabië, waar de daders van de aanslagen op 9/11 vandaan kwamen, ontbreken op Trumps lijstje. Niet toevallig zijn dat landen waar president Trump zakelijk belang bij heeft.

Omar Mateen, de gewapende man die op 12 juni 2016 het vuur op bezoekers van de nachtclub in Orlando opende en daarbij vijftig mensen doodde, was een geboren Amerikaan met Afghaanse ouders. Op zaterdag 17 september 2016 werden bomaanslagen gepleegd in New York en in New Jersey. De verdachte, Ahmad Khan Rahami, kwam van origine uit Afghanistan. Afghanistan staat nochtans ook niet op het Lijstje van Trump.

Ongrondwettelijk

Nu is het zo gelegen dat de Grondwet van de good ol’ U.S. of A. een dergelijk onderscheid naar nationaliteit verbiedt. Een federale rechter in Seattle stelde het inreis-decreet dan ook gevoeglijk buiten werking. President Trump, kennelijk geheel en al onbekend met het concept van de rechtsstaat, twitterde zijn infantiel ongenoegen de wereld in. Zo’n tekst is natuurlijk een president onwaardig, maar dat is echt het minste probleem met deze man.

Censuur

In het land van de Free Speech legde hij al duizenden van zijn ambtenaren een spreekverbod op. Ambtenaren van onder andere het milieuagentschap EPA (Environmental Protection Agency) en het US Department of Agriculture and Health and Human Services mogen niet meer met het publiek communiceren. De regering-Trump praat namelijk liever feitenvrij over zaken als het klimaat, de opwarming van de aarde en het Clean Power Plan. Feiten en wetenschappelijk onderzoek zijn bad for business.

Donald Trumps beslissing Scott Pruitt aan te stellen als nieuwe baas van EPA spreekt boekdelen. Pruitt heeft in het verleden meerdere rechtszaken tegen EPA aangespannen en hij heeft sterke banden met de olie- en gasindustrie.

Abortus

Meer dan veertig jaar geleden bepaalde Amerika’s hoogste rechtbank dat vrouwen het grondwettelijke recht (ja, daar hebbie die vervelende grondwet weer) hebben om een zwangerschap vroegtijdig te beëindigen. De zaak Roe vs. Wade (1973) was daarin allesbepalend.

Donald Trump heeft nu in al zijn onwijsheid besloten een oude wet nieuw leven in te blazen, die alle financiële steun verbiedt aan NGO’s die in ontwikkelingslanden seksuele voorlichting, anticonceptie en al wat dies meer zij verzorgen als (informeren over) abortus daar onderdeel van is.

Met één pennenstreek en omringd door een select gezelschap van slegs witte mannen schrapte Trump 600 miljoen dollar aan subsidie. Daarmee maakt hij organisaties zoals Marie Stopes International effectief vleugellam. Dat terwijl die wet eerder al heeft bewezen contraproductief te werken: het aantal abortussen daalt er niet mee, terwijl het aantal illegale en onveilige abortussen er juist door stijgt.

Op 15 maart 2017 nemen 28 partijen deel aan de Tweede Kamerverkiezing van ons eigen kikkerlandje. Dat betekent dat ik 28 partijprogramma’s zal doorworstelen. I’ll keep you posted. 🙂

 1. VVD
 2. Partij van de Arbeid (P.v.d.A.)
 3. PVV (Partij voor de Vrijheid)
 4. SP (Socialistische Partij)
 5. CDA
 6. Democraten 66 (D66)
 7. ChristenUnie
 8. GROENLINKS
 9. Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP)
 10. Partij voor de Dieren
 11. 50PLUS
 12. OndernemersPartij
 13. VNL (VoorNederland)
 14. DENK
 15. NIEUWE WEGEN
 16. Forum voor Democratie
 17. De Burger Beweging
 18. Vrijzinnige Partij
 19. GeenPeil
 20. Piratenpartij
 21. Artikel 1
 22. Niet Stemmers
 23. Libertarische Partij (LP)
 24. Lokaal in de Kamer
 25. JEZUS LEEFT
 26. StemNL
 27. MenS en Spirit/Basisinkomen Partij/V-R
 28. Vrije Democratische Partij (VDP)

Voltooid verleden tijd

Portret van een lezende oude vrouw, Gerard Dou

De enige zekerheid in het leven is de dood. Voor de een komt hij sneller dan voor de ander, maar komen doet hij.

Gemiddeld gezien ben ik zelf bijna op de helft van een ‘voltooid mensenleven’, volgens de statistieken kan ik nog 46 jaar mee. Daarvan verwacht ik er nog 27 werkend door te zullen moeten brengen en daarna gloort een utopisch ‘alleen maar doen waar ik zin in heb’.

Tenminste, zo lang mijn mentaal en lichamelijk welbevinden dat toelaten. Ik heb namelijk geen enkele moeite met ouder worden, maar ik weet daarnaast ook heel goed wat ik van het leven wil. Beter nog weet ik wat niet van het leven wil.

Ik hoop dus lang actief en zelfstandig te kunnen leven, het zonderlinge kattenvrouwtje van Kralingen te worden en duizenden boeken uit te lezen. Natuurlijk vrees ik een bestaan in een bejaardentehuis waar overbezette lieve mensen het goed met me voorhebben, maar waar ik overgeleverd ben aan luiers en pyjamadagen. Eerlijk is eerlijk.

Er is er vervolgens maar een die voor mij bepaalt wanneer ik er klaar mee ben, met het leven. Ik en ik alleen zal weten wanneer ik het leven niet langer draagbaar vind. Ik heb het recht over eigen leven en lijf te beschikken, dus ik houd me ook het recht voor de dood tegen die tijd naar believen een handje te helpen.

Die grens zal voor iedereen anders zijn en dat is prima. Voor mij zal de mate van de door mij beleefde onafhankelijkheid waarschijnlijk bepalend zijn, want dat is nu eenmaal het soort mens dat ik ben. Van eenzaamheid heb ik geen last, ik ben een notoire eenzaat die net zo makkelijk onder vrienden is als geheel alenig. Zonder problemen kan ik dagenlang overgeleverd zijn aan mijn boeken en mijn eigen gedachten. Ik verwacht niet dat mijn aard wat dat betreft nog spectaculair zal veranderen.

Voor u, lieve lezer, zal dat misschien anders zijn. Misschien is deze vraag voor u in het geheel niet aan de orde en vindt u dat u de rit moet uitzitten tot u vanzelf uw laatste adem uitblaast. Misschien bent u het soort mens dat wegkwijnt zonder familie en vrienden, zoals een plant zonder zon. Of misschien bent het soort mens dat afhaakt wanneer het lichaam dat doet; wanneer u de activiteiten niet meer kunt doen waar u van houdt of wanneer de pijn u te veel wordt. Dat zou ik goed kunnen begrijpen. Maar al zou ik dat niet, dan nog bent u alleen het die met uw geweten worstelen moet en niet ik.

We verdienen allemaal de regie over ons eigen levenseinde. Zonder bemoeienis van mensen die denken het beter te weten of die de moraal in pacht menen te hebben, politiek, religieus of anderszins.

Het kabinetsvoorstel van deze week gaat uit van hulp bij zelfdoding, zo ook de commissie Voltooid leven. Ik vraag me af of het daar echt over moet gaan. Als de dag ooit komt dat ik besluit dat mijn leven voltooid is, dat ik niet langer dag na ongelukkige dag het onvermijdelijke wil afwachten, hoop ik echter niemand met die laatste hulpvraag te hoeven belasten. Dan hoop ik met mijn oude, knokige vingers een Pil van Drion uit zijn verpakking te mogen halen en die zelf in te kunnen nemen.

Daar wil ik geen huisarts of hulpverlener mee belasten.

Schijnheilig III

Vandaag verklaarde paus Franciscus Agnes Gonxha Bojaxhiu, u waarschijnlijk beter bekend als Moeder Teresa, heilig. De kleine, fragiel ogende vrouw met het zuinige mondje en de diepliggende ogen, altijd gehuld in de haar zo kenmerkende witte sari met de blauwe biezen.

Agnes Gonxha Bojaxhiu (Skopje, 26 augustus 1910) was een telg van een Albanees-katholiek gezin in wat nu Macedonië heet. Toen zij 17 jaar was besloot ze in te treden in de orde van Onze lieve vrouw van Loreto in Rathforman, in Ierland.

Calcutta

Op haar achttiende vertrok ze naar een missiepost in het Indiase Calcutta, waar ze lerares aardrijkskunde en geschiedenis werd aan een nonnenschool, St. Mary’s school voor arme meisjes uit de sloppenwijken van Calcutta. Het was in Calcutta dat ze de naam aannam waaronder wij haar nu kennen: Teresa, naar Theresia van Lisieux.

In Calcutta werd Moeder Teresa geconfronteerd met het lot en lijden van de armsten onder de armen, de daklozen, paria’s, zieken en stervenden en zwervende kinderen in de vele sloppenwijken. Met toestemming van paus Pius XII verliet zij in 1946 haar klooster om zich over de armen, de verschoppelingen en de zieken te bekommeren. Ze gaf op straat les aan kinderen, begon een huisapotheek en ving stervende mensen op in een oud gebouw, dat ze van de stad voor dat doel gebruiken mocht.

Imperium

In 1950 stichtte ze haar Congregatie van de Missionarissen van Naastenliefde. Deze orde voor zusters begon haar werk in Calcutta: liefdewerk in de christelijke traditie van naastenliefde, soberheid en zelfopoffering en diep verankerd in de katholieke leer. Binnen een halve eeuw groeide Moeder Teresa’s eenvrouwsmissie uit tot een waar imperium, met bijna vijfduizend zusters en broeders in 133 verschillende landen. De orde stichtte adoptiecentra, weeshuizen, sterfhuizen, mobiele doktersposten en opvang voor leprozen en aidspatiënten.

Ziek

Al snel bleek Moeder Teresa er ook bepaald vreemde denkbeelden op na te houden. Ze hechtte niet alleen ontzettend aan de katholieke opvattingen over zaken als scheiding, abortus en geboortebeperking, maar ze hield er ook ziekelijke noties op na over het lijden van de mensen, wiens zorg zij op zich genomen had: Door te lijden komen mensen dichter bij Christus, pijn is de wil van god en veel bidden is het beste medicijn. Haar orde werd een lijdenscultus.

Dankzij die ideologie was onder andere in de sterfhuizen zijn de omstandigheden ronduit erbarmelijk. De stervenden kregen niet de zorg die zij nodig hadden, meer pijnmedicatie dan paracetamol werd er niet uitgedeeld, er was niet voldoende eten en het was er vies. Naalden werden zonder ze te steriliseren hergebruikt. Moeder Teresa instrueerde haar ordezusters de stervenden stiekem te dopen, ongeacht hun geloof.

Dat terwijl de orde geen gebrek aan geld had, de donaties stroomden binnen. Toen Moeder Teresa daarmee geconfronteerd werd, onder anderen door ex-novices en voormalig vrijwilligers, zei ze: “Er is iets moois in het zien van de armen die hun lot accepteren, om te lijden zoals de Passie van Christus. De wereld verkrijgt veel van hun leed.” 

Nobelprijs voor de Vrede

In 1979 ontving Moeder Teresa de Nobelprijs voor de Vrede voor al haar werk. Ze had inmiddels zo’n heldenstatus en was zo’n iconisch figuur dat de op haar geuite kritiek kennelijk geen beletsel was, die moet van haar afgegleden zijn als water van een eend.

In haar ontvangstspeech dankte en loofde ze god en ze vertelde de wereld over hoe liefde geen liefde kan zijn als hij geen pijn doet.

How can you love God whom you do not see, if you do not love your neighbour whom you see, whom you touch, with whom you live. And so this is very important for us to realise that love, to be true, has to hurt. It hurt Jesus to love us, it hurt him. 

Ze sprak haar ontsteltenis uit over de eenzaamheid van verdrietige ouderen in luxe tehuizen. Ach, en dat terwijl in haar Calcutta zelfs de stervenden glimlachten!  En dan de westerse verslaafde jongens en meisjes, verslaafd en eenzaam omdat hun ouders geen tijd voor ze hadden. Ze greep dat aan om de wereld te wijzen op het grootste gevaar voor de vrede: abortus. Enorme aantallen kinderen mogen dan wel omkomen door honger, in India, in Afrika, maar hun aantallen van in het niet bij de miljoenen kinderen die door hun eigen moeders om het leven gebracht worden. En weet u wat, wereld? Zij en de haren vechten tegen abortus door adoptie mogelijk te maken.

These are things that break peace, but I feel the greatest destroyer of peace today is abortion, because it is a direct war, a direct killing – direct murder by the mother herself.

Terug naar het sterfhuis

Als Robin Fox, editor van The Lancet, in 1991 het sterfhuis in Calcutta bezoekt schrikt hij van de omstandigheden en het gebrek aan zorg. Zijn verslag is ontluisterend. Er zijn te weinig artsen en dus beslissen nonnen en vrijwilligers, niet zelden volledig gespeend van enige medische kennis, over de te verlenen medische zorg. Hij ontdekt dat er geen onderscheid gemaakt wordt tussen patiënten die ten dode opgeschreven zijn en patiënten met behandelbare aandoeningen. Mensen met een kans van overleven, op genezing krijgen die niet, doordat hen medische zorg onthouden wordt.

Nogmaals; het was niet zo dat de Congregatie van de Missionarissen van Naastenliefde geen geld had voor goede zorg. Zij kreeg en krijgt enorme sommen gelds gedoneerd. Moeder Teresa schroomde zelfs niet (gestolen) geld aan te nemen van buitengewoon dubieuze lieden zoals de Haïtiaanse dictator Jean-Claude Duvalier en de Amerikaanse bankier en fraudeur Charles Keating. Die middeleeuwse omstandigheden waren onnodig, maar lijden brengt de mensen dichter bij god
Zelf werd Moeder Teresa zodra ze wat mankeerde in een privékliniek verzorgd, kreeg een pacemaker om haar leven te verlengen, en aan het eind van haar leven kreeg ze zorg in een modern Amerikaans ziekenhuis. Ze stierf in 1997 aan een hartaanval. 
Over Moeder Teresa zei paus Franciscus vanochtend op het Sint-Pietersplein: “Zij was toegewijd aan de verdediging van het leven.” Dat was ze dan uiterst selectief. 

Genderspecifieke zorg

Hoe herkent u een hartinfarct? Denkt u dan meteen aan druk of pijn op de borst, waarbij de pijn uitstraalt naar de (linker-) arm? Pijn in de hals- of maagstreek? Ja hè? Want dat heeft u jarenlang geleerd. U bent dus prima in staat een hartinfarct te herkennen. Bij blanke mannen, that is.

Elke dag overlijden gemiddeld 57 vrouwen aan hart- en vaatziekten in Nederland en daarmee zijn hart- en vaatziekten de voornaamste doodsoorzaak onder vrouwen.

Wist u dat vrouwen vaker een achterwand- of een stil infarct krijgen met geheel andere symptomen? Met pijn op de rug, zo ter hoogte van de schouderbladen? Dát weten de meesten van u niet. Dat is meteen de reden waarom hartaandoeningen bij vrouwen te vaak niet of te laat herkend worden en dat sucks.

Wetenschappelijk onderzoek naar hart- en vaatziekten is namelijk tot nu toe voornamelijk gedaan bij blanke mannen. In te veel medisch wetenschappelijk onderzoek naar mensenkwalen is het blanke mannetjesmens het geijkte model. De symptomen van een hartinfarct bij de gemiddelde blanke man heten daarom ‘klassiek’ en die bij vrouwen ‘atypisch’. Dat is kolder.


Risk factors also differ by gender, with high blood pressure more strongly associated with heart attacks in women than in men. For young women with diabetes, the risk for heart disease is four to five times higher than it would be for a similar young man.  

Race, too, is an issue. Compared to white women, black women have a higher incidence of heart attacks in all age categories and young black women have greater odds of dying before they leave the hospital. Black and Hispanic women are also more likely to have heart-related risk factors such as diabetes, obesity and high blood pressure at the time of their heart attack.  

Reuters Health

Niet alleen bij hart- en vaatziekten komt de vrouwelijke patiënt er maar bekaaid vanaf. Vrouwen hebben tweemaal meer kan op een depressie. Vrouwen hebben 60% meer kans op bijwerkingen van medicijnen dan mannen. Alweer omdat de gemiddelde proefpersoon in medisch onderzoek man is.

Dat die verschillen er zijn weten we, maar dat werd tot nog toe genegeerd. Vrouwen worden dus medisch behandeld op een manier die ontwikkeld is voor en past bij mannen. Dat verdient remedie. Er moet meer onderzoek gedaan worden naar de oorzaken, symptomen, diagnostiek, preventie en behandeling van ziekten en aandoeningen bij vrouwen en mensen van kleur.

Ik las vandaag dan ook met razend enthousiasme en gezonde opluchting over het voornemen van minister Edith Schippers om 12 miljoen euro extra uit te geven aan genderspecifieke zorg. Begin dit jaar zegde zij ook al 3,5 miljoen euro toe voor onderzoek naar depressies en depressiviteit onder jonge vrouwen en tieners.

In totaal investeert minister Schippers komende periode dus 15,5 miljoen euro in vrouw-specifiek onderzoek. Dat is een schijntje vergeleken met wat er inmiddels aan miljoenen euronen is verspijkerd aan onderzoek naar de gemiddelde blanke mannelijke patiënt, maar het is een goed begin.

Roze Khmer, kom er maar in!  🙂

Waar Doel de middelen heiligt

Aankomende 26 april is het 30 jaar geleden dat kernreactor 4 van het complex in Tsjernobyl in de voormalige Sovjet-Unie explodeerde, na een dramatisch misgelopen test met de koelinstallatie. Om 01:23 bereikte de reactor een vermogen van 30 GW, tien keer zijn normale vermogen. De daaropvolgende explosie blies het twee ton zware dak van de reactor, waarop er lucht bij de moderatorelementen kwam. Die waren van grafiet gemaakt en ze vlogen in brand.

De reactor braakte splijtstof, grafietdeeltjes en een enorme radioactieve rookwolk de atmosfeer in, naar schatting 50 miljoen ouderwetse Curie.

Bij de initiële explosie en brand kwamen 31 mensen om. De lokale brandweer werd opgetrommeld, maar de spuitgasten werd niet verteld dat de reactor open lag. Met robots wordt geprobeerd het puin te ruimen en de daken van de andere reactoren schoon te maken. De elektronica blijkt niet bestand tegen de straling. Het leger wordt ingeschakeld. Naar schatting 340.000 manschappen werden ingezet. De soldaten, de ‘groene robots’, verwijderen het radioactieve puin. De 3.600 soldaten die op het dak van reactor 4 werkten, een minuut of twee per persoon, kregen loden vesten en maskers mee, maar de straling vrat zich gewoon door hun schoenzolen heen.

Voices from Chernobyl

De vrouw van een van die brandweermannen vertelde later aan journaliste Svetlana Alexievich hoe zij haar man in de vroege ochtend aantrof in het ziekenhuis. Zijn lichaam en gezicht zijn gezwollen van de enorme dosis straling, hij lijkt van binnenuit te verbranden. Na een paar dagen verliest hij zijn haar en begint zijn huid te splijten. Als ze hem aanraakt blijven de lappen huid aan haar handen kleven. Hij heeft vierhonderd maal een dodelijke dosis straling gekregen, verplegend personeel is bang hem aan te raken en dus verzorgt zij hem. Ze is zwanger. Hun dochtertje zal vier uur na de bevalling sterven, hij is dan al lang dood en begraven en zij? Ze mag het kindje niet aanraken. Als ze het radioactieve lichaampje eindelijk terugkrijgt dan is dat gecremeerd en wel in een houten kistje.

Het zou meer dan 24 uur duren eer men de eerste mensen uit de directe omgeving van Tsjernobyl begon te evacueren. In eerste instantie kregen de inwoners te horen dat ze maar drie dagen van huis zouden zijn. Ze moesten alles achterlaten, inclusief hun huisdieren en vee. Binnen een straal van 30 kilometer werden 485 dorpen ontruimd, waarvan er uiteindelijk 70 letterlijk begraven moesten worden vanwege de straling. In een nabij gelegen dennenbos kleurden alle bomen rood.

Onder de reactor stond water. Men vreesde dat het water, zodra het hoog genoeg kwam te staan, in aanraking zou komen met de nucleaire brandstof in het opengeslagen reactorvat. Het gevolg daarvan had een nucleaire explosie van 3 tot 5 megaton kunnen zijn, genoeg om een flink deel van Europa en de voormalige Sovjet-Unie volkomen onbewoonbaar te maken. Jonge heldhaftige mannen doken beurtelings dat water in om het veiligheidsventiel open te wrikken. Vierhonderd mijnwerkers groeven een tunnel onder de reactor om ervoor te zorgen dat het grondwater niet bij het reactorvat kon komen.

De Sovjets hielden de ramp stil, pas toen in Zweden de stralingsmeters op hol sloegen door de radioactieve neerslag werd duidelijk dat er is ontzettend misgegaan was.  Rond 2 mei 1986 bereikte de radioactieve wolk Nederland en België. Tweeduizend kilometer. Ik was tien jaar oud. De koeien moesten naar binnen en de spinazie mocht je niet meer eten. 
De gevolgen van de ramp van Tsjernobyl zijn tot op de dag van vandaag zichtbaar, voelbaar en tastbaar. In de zwaarst getroffen regio komen specifieke vormen van kanker zoals schildklierkanker en leukemie komen vaker voor dan waar dan ook. Sommige baby’s komen misvormd ter wereld. Kinderen kampen met groeistoornissen. Tumoren. Ademhalingsproblemen. 

Doel

Ik moest vandaag opnieuw aan Tsjernobyl denken. Mevrouw Melanie Schultz, onze minister van Infrastructuur en Milieu, liep vandaag mee met de eerste gezamenlijke inspectie, door Belgische en Nederlandse toezichthouders, van de veelbesproken kerncentrale in het Belgische Doel. Ik hoop dat ook zij nog even heeft stilgestaan bij die noodlottige nacht van 26 april 1986. 
De reactors Doel 1 en Doel 2 werden in 1975 gebouwd. Ze zouden na veertig jaar dichtgaan, maar de Belgische regering heeft besloten ze tot 2025 in gebruik te houden. Doel 2 werd op 24 december 2015 daarom weer opgestart. Doel 4 is volledig in gebruik. Doel 3 is vanwege een probleem met een lasnaad in het niet-nucleaire gedeelte stilgelegd. De reactoren zijn geregeld in het nieuws geweest vanwege allerlei gebreken; van scheurtjes in reactorvaten tot brand, een ontploffing en zelfs sabotage. 
Tijdens het bezoek spraken minister Schultz en  de Belgische minister van Veiligheid Jan Jambon  af om de communicatie over incidenten bij Belgische en Nederlandse kerncentrales “op elkaar af te stemmen”.
Dat vind ik weinig geruststellend. Die meneer Jan Jambon deed de problemen met die Belgische kerncentrales af als “een of twee incidentjes”. Echt hoor, die centrales zijn heel veilig en ongeruste Nederlanders moeten niet vergeten dat de Belgen “veel minder incidenten in hun kerncentrales hebben dan in andere energiecentrales”
Allee zunne, met zo’n communicatief talent is het een wonder dat er nog geen run is op jodiumpillen. 

De sociale staat van Nederland

De mensen van het Sociaal en Cultureel Planbureau hebben de gehele Nederlandse bevolking even een thermometer tussen de billen gestoken. Hoe gaat het nu met ons, Nederlanders? Hoe gelukkig zijn we en hoe tevreden zijn wij met ons bestaan in ons kikkerlandje? Hun onderzoek (PDF) levert opvallende en verrassende resultaten op.

Speciaal voor u spitte ik 401 pagina’s door.

Bevolking en economie

In 2014 waren met zijn 16,8 miljoenen, onze bevolkingsaanwas is, vergeleken met de rest van Europa, gemiddeld. We vergrijzen. Ongeveer de helft van de jaarlijkse aanwas van onze bevolking met 0,3% per jaar komt de laatste jaren voor rekening van kinderen van niet-westerse migranten. We zijn almaar minder trouwlustig en scheiden des te vaker.

Onze economie is aan de beterende hand en Nederland is een sterk merk. We staan op de vijfde plaats van de World Competitive Index, die de economische concurrentiekracht van landen meet. Nederlandse huishoudens hebben in internationaal perspectief grote huizen- en pensioenvermogens, maar ook een gemiddelde schuld van 103.000 euro (inclusief hypotheek).

Daar staat tegenover dat steeds meer van ons in de (helaas groeiende) categorie ‘kwetsbare personen’ (zoals eenoudergezinnen, niet-westerse migranten en huishoudens woonachtig in achterstandswijken) vallen en dat komt een toename van mensen met lage inkomens (+45%) in de periode 2008-2013. In diezelfde periode zagen we on nationaal inkomen per huishouden met 6% afnemen. Auw. Eind 2014 moesten 94.000 mensen een beroep doen op de Voedselbank.

Ook de arbeidsmarkt herstelt langzaam van de crisis: de vraag naar arbeid neemt toe. Vrouwen werken in vergelijking met mannen opvallend vaak in deeltijdbanen en dat staat in direct verband met gezinsvorming. Vrouwen besteden nog altijd veel meer van hun tijd aan zorgen voor kinderen en mantelzorg. Hoe hoger het opleidingsniveau van vrouwen, hoe hoger het aandeel vrouwen met betaald werk.

Circa 61% van de overheidsuitgaven bestaat uit uitgaven voor de zorg (30%), uitkeringen (19%) en het onderwijs (12%).

Publieke opinie en islamofobie

Nederlanders zijn, in vergelijking met bewoners van andere Europese lidstaten, positief gestemd over hun thuisland. ‘Tuurlijk maken we ons wel zorgen over de toekomst, vooral de zorg en de internationale veiligheid staat hoog op onze zorgenagenda, maar we zijn sinds 2014 positiever gaan denken over onze economie en politiek. Hogeropgeleiden zijn daarbij een stuk optimistischer gestemd dan lageropgeleiden.

De democratie wordt breed gedragen in Nederland: 95% van ons vindt het belangrijk om in een democratie te leven. We willen een dikkere vinger in de pap en zouden graag zien dat wij, burgers, meer van invloed zouden zijn op de politiek. De Europese Unie steunen we allengs minder. Gemiddeld heeft 40% van de lageropgeleiden, 51% van de middelbaar opgeleiden en 67% van de hogeropgeleiden ‘voldoende’ vertrouwen in het parlement.

Er is iets mis met onze voor normen en waarden. We zijn minder negatief over normen en waarden dan tien jaar geleden, maar onze maatschappij is wel in zo’n mate verhufterd dat 36% van ons zich wel eens schaamt Nederlander te zijn.

Ons opinieklimaat lijkt milder geworden. Immigratie en integratie zijn sinds 2014 een heter hangijzer, door sympathieën van een aantal Nederlandse moslims voor Islamitische Staat en de toestroom van vluchtelingen naar de Europese Unie vanuit het Midden-Oosten en Afrika. Ons beeld van moslims de is opvallend genoeg de afgelopen tien jaar sterk verbeterd. Van een toenemende ‘islamofobie’ lijkt dan ook niet erg sprake te zijn.

Vond in 2004 nog maar een derde dat de meeste moslims respect hebben voor anderen, in 2014/’15 is dat ruim de helft. Daar staat tegenover dat er geen dalende trend is bij de opvatting dat de leefwijzen van West-Europeanen en moslims onverenigbaar zijn. Dat er te veel mensen van buitenlandse afkomst in Nederland wonen, is een opvatting die tussen 2004 en 2006 en tussen 2010 en 2013 in populariteit afnam. In 2014/’15 is er een beperkte stijging, maar over de hele periode is er een duidelijke daling (van 47% naar 36%).

Onderwijs

Het opleidingsniveau van de Nederlandse bevolking blijft stijgen, maar jonge mannen blijven daarbij
achter. Ook niet-westerse migranten staan nog op achterstand voor wat betreft het opleidingsniveau. Het aantal voortijdig schoolverlaters is verder gedaald, in 2014 was echter wel nog 8,6% van de Nederlandse jongeren van 18-24 jaar voortijdig schoolverlater.

De kwaliteit van het rekenonderwijs in het voortgezet onderwijs verschilt per school; in het
mbo haalt nog niet de helft van de studenten een voldoende voor de rekentoets. De digitale geletterdheid van een derde van de leerlingen in het vmbo ligt onder het basisniveau.

Daarnaast zullen er in de nabije toekomst discussies plaats moeten vinden over het aangeboden curriculum; Onze maatschappij verandert, er staan technologische veranderingen op stapel in het arbeidsproces en dus zal er nog eens gekeken moeten worden naar de voorwaarden voor een inhoudelijk goede startkwalificatie.

Inkomen en sociale zekerheid

Het voorzichtige herstel van de arbeidsmarkt is te zien in de uitstroom uit de Werkloosheidswet, die in 2014 flink toenam. Dat is goed nieuws. De inkomensongelijkheid in Nederland is al jaren stabiel en de meesten van vinden dat die ongelijkheid wel een beetje minder moet. Sinds de crisis zagen we allemaal ons inkomen verminderen, er is een stijging in armoedecijfers, maar bij de hogeropgeleiden is inmiddels een begin van herstel te zien.

We zijn redelijk tevreden, waar het ons inkomen betreft, en hoogopgeleiden zijn daar nog aanzienlijk vaker tevreden mee dan laag- en middelbaar opgeleiden. Ziet u de trend? (Investeren in) onderwijs is extreem belangrijk, hogeropgeleiden zijn tot nog toe op alle fronten beter af én relatief gelukkiger.

Eenoudergezinnen zijn daarnaast aanzienlijk minder vaak (zeer) tevreden dan huishoudens van
een andere samenstelling. Dit zal in 2015 mogelijk verbeteren als gevolg van de verhoging
van de kinderopvangtoeslag in 2014. Niet-werkenden en eenoudergezinnen hebben vaak moeite met rondkomen, daar wordt je natuurlijk niet gelukkiger van.

Betaald werk en zorgtaken

De werkeloosheid onder (niet-westerse) migranten is met 17% historisch hoog. Meer ouderen werken langer door: hun arbeidsparticipatie steeg in 2014 terwijl die van mannen, vrouwen, jongeren en niet-westerse migranten juist daalde. Het aandeel flexibele arbeid in Nederland groeit sterk in vergelijking met de rest van Europa, net als het telewerken. We zijn wat minder tevreden over onze arbeidsomstandigheden en ervaren een toenemende werkdruk.

Het gebruik van formele kinderopvang nam in 2013 af, mede door bezuinigingen op de kinderopvangtoeslag.

Gezondheid en zorg

Nederlanders zijn relatief gezond. Onze medische en preventieve zorg is goed geregeld en daar hebben we duidelijk profijt van. Onze levensverwachting stijgt. Hogeropgeleiden doen het ook hier beter dan lageropgeleiden en zij leven zelfs vaker een gezonde leefstijl na dan lageropgeleiden. Ouderen maken vaker gebruik van professionele thuiszorg en wonen veel langer zelfstandig.

De crisis heeft een weerslag gehad op onze gezondheid en ons mentale welbevinden. We zijn meer medicijnen gaan gebruiken, waaronder antidepressiva en er is zelfs een stijging waargenomen in het gemiddeld aantal gevallen van suïcide.

Maatschappelijke en politieke participatie en betrokkenheid

Ofschoon Nederland relatief veel vrijwilligers kent zijn wij Nederlanders opvallend weinig actief op het politieke vlak. De opkomst bij verkiezingen is bedroevend laag, maar in de virtuele wereld van het Internet zijn we politiek gezien actief. We zijn wat minder gaan doneren aan goede doelen, hetgeen ongetwijfeld gevolg zal zijn van de doorstane crises van de laatste jaren.

Vrijetijdsbesteding

De hoeveelheid vrije tijd die we hebben en onze invulling daarvan is van directe invloed op de door ons ervaren kwaliteit van leven. Nederlanders zijn dol op de media, sommigen van ons zijn er zo’n 20 uur per week mee zoet. Daarnaast WhatsAppen, Facebooken en Twitteren we wat af. We bezochten wat vaker een museum, bioscoop of concert.

In 2014 sportte ruim de helft van de Nederlanders wekelijks. Deze sportdeelname is stabiel
en voor Europese begrippen vrij hoog. Onder volwassenen is de grootste deelname en hun voorkeur gaar daarbij uit naar sporten die ze in hun eentje kunnen doen.

Sociale veiligheid

Volgens zowel onze eigen beleving als die van de politie is de criminaliteit over de afgelopen tien jaar afgenomen. Dat geldt voor alle soorten delicten. Meldingen van discriminatie namen toe. Het aantal minderjarige en jongvolwassen verdachten daalt.

Met 337 delicten per 1000 personen rapporteerden Nederlanders in 2014 de minste criminaliteit sinds jaren. Van deze delicten is zo’n 60% een vermogensdelict, zo’n 30% vandalisme en 10% een geweldsdelict. Hiervan is alleen vandalisme significant afgenomen ten opzichte van 2012. Cybercriminaliteit nam af ten opzichte van 2013, vanwege minder identiteitsfraude en hacken.

Onze rechtstaat lijkt zich te voegen naar ons verlangen criminelen zwaarder gestraft te zien worden. In 2013 werden er voor het eerst meer gevangenisstraffen opgelegd dan taakstraffen. Er worden meer celstraffen opgelegd, maar wel lagere, en minder geldboetes, maar wel hogere.

Meer Nederlanders zijn tevreden over de politie. De pakkans van hoge-impactcriminaliteit is
in 2014 verder toegenomen, maar het totale ophelderingspercentage voorlopig licht gedaald
(24,6% in 2014). En dat terwijl we zien hoe zwaar er op die organisatie bezuinigd wordt.

Weer iets minder mensen voelen zich wel eens onveilig (36% in 2014), maar in onze eigen woonbuurt zijn onze onveiligheidsgevoelens (18%) niet of nauwelijks afgenomen.

Wonen

Vergeleken met andere Europese landen zijn wij Nederlanders erg tevreden met onze woning. Onze woningen zijn relatief groot, de bouwvoorschriften streng en een huis zonder toilet of douche is hier ondenkbaar (in tegenstelling tot andere Europese landen). Het eigenwoningbezit bedraagt bijna 60% van de woningvoorraad. Hoogopgeleiden zijn doorgaans meer tevreden met hun buurt, maar laagopgeleiden ervaren meer sociale cohesie.

Kwaliteit van leven: leefsituatie en geluk

Onze leefsituatie (welvaart en welzijn) is de afgelopen tien jaar op de keper beschouwd verbeterd, met uitzondering van een dip tussen 2010 en 2012. Nederlanders geven het leven een 7,8 als rapportcijfer. Er zijn wel verschillen: jongeren scoren wat slechter dan ouderen en ook de zogeheten kwetsbare groepen zijn wat minder gelukkig dan gemiddeld.

De conclusie in dit hoofdstuk is dat het met de kwaliteit van leven in Nederland goedgesteld is. De economische crisis had weliswaar negatieve consequenties, bijvoorbeeldvoor mensen die werkloos werden of gedwongen hun huis moesten verkopen, maar voorde meerderheid van de Nederlanders waren de gevolgen voor hun kwaliteit van levenbeperkt. De achteruitgang in leefsituatie die we in 2012 constateerden, is beperkt gebleven en zet in 2014 niet door. Ook het subjectieve welbevinden lijkt door de crisis niet verder aangetast.

We hechten eraan regie te voeren over ons eigen leven, dat is voor Nederlanders een factor van belang in onze ervaren tevredenheid met het leven. Naast die zelfstandigheid maakt ook welvaart ons gelukkiger mensen: een goede woonsituatie, op vakantie kunnen en bijvoorbeeld kunnen beschikken over gadgets zoals een tablet voegen toe aan ons geluksgevoel. Zo ook het kunnen beschikken over de nodige hulpbronnen. Inkomen, opleiding, arbeidsmarktpositie, gezondheid en digitale vaardigheden. bevorderen direct onze leefsituatie.

We zijn de spekkopers van de wereld, eigenlijk. Dat is nou #DutchPrivilege

Troonrede en Miljoenennota

Vandaag is de Derde Dinsdag van September. Prinsjesdag. De belangrijkste dag van het politieke werkjaar, waarbij we temperatuur van Nederland meten. Hoe gaat het en wat brengt de toekomst? In zijn troonrede heeft onze koning ons verteld hoe de vlag erbij hangt en, belangrijker, wat onze regering het aankomende jaar met ons van plan is. In de Tweede Kamer beginnen de algemene beschouwingen en wordt ook de Rijksbegroting gepresenteerd en besproken.

In vol ornaat en met het nodige ceremonieel trok de vleesgeworden staatsmacht aan ons voorbij. De koning, de politie, alle onderdelen van de strijdmacht en de nationale politie. In koetsen, te paard en op de voetjes.

Troonrede

Foto: ANP

Onze vorst bracht ons goed nieuws over onze economie. De Nederlandse samenleving staat er in sociaal-economisch opzicht relatief goed voor. De woningmarkt herstelt zich. De overheidsfinanciën zijn aan de beterende hand. De economie groeit weer en dat geeft de burger moed. We durven weer geld uit te geven. We kunnen nog niet gezapig achterover leunen, dat zeker niet, maar het gaat beter.

Daarbij mag u niet vergeten dat het kabinet een meevaller ‘heeft’ van 5 miljard euro. Het kabinet meent dat de economie volgend jaar met 2,4 procent zal groeien.

Daarmee is Nederland terug op het niveau van vóór de crisis en dat is goed nieuws.

Werkeloosheid en koopkracht

Het aantal banen neemt toe, maar nog niet afdoende om de werkloosheid op te lossen. Dat verdient remedie. De regering beoogt die te bewerkstelligen door het belastingstelsel aan te passen (al liggen de beide Kamers nog ongemakkelijk dwars). Ze wil de loonkosten voor werknemers die het minimumloon (of ietsje meer) verdienen verlagen en de inkomstenbelasting verlagen. Voor gepensioneerden en mensen met een uitkering belooft onze regering de koopkracht op peil te houden.

“Nu de economie aantrekt en er voorzichtig ruimte ontstaat voor herstel van koopkracht en werkgelegenheid, kan het vertrouwen terugkeren dat ook toekomstige generaties het beter krijgen.”

Gelukkig! Oog voor de toekomst. In Nederland moeten mensen kunnen rekenen op goede zorg, hoogwaardig en toegankelijk onderwijs, adequate sociale voorzieningen en een solide pensioenstelsel. Dixit de koning. Dat kost wat, maar dan heb je ook wat.

Onderwijs

Het optimisme uit de troonrede, dat de hervormingen van de laatste jaren mensen in staat zouden stellen vorm te geven aan hun toekomst, deel ik nog niet. Ik maak me onverminderd zorgen over de uitgeholde kwaliteit en het aanbod van het onderwijs, bijvoorbeeld. Ik weet niet of 4000 extra docenten in het hoger onderwijs jaren van extreme bezuinigingen kunnen rechttrekken. Dat is linke soep, voor een kenniseconomie als de onze. Zeker als u in aanmerking neemt dat die extra docenten betaald worden van het nieuw ingevoerde studievoorschot voor studenten. Studeren wordt duurder en dat vind ik toch een kwalijke zaak.

Ouderen

Er komt weliswaar structureel 210 miljoen euro beschikbaar om de zorg in de verpleeghuizen te verbeteren en ruimte te maken voor meer persoonlijke aandacht, maar hoeveel van die verpleeghuizen hebben we inmiddels niet al gesloten?

Pensioenen

De koning zei dat het belangrijk is dat alle werkenden een goed pensioen op moeten kunnen bouwen, maar de moeizame onderhandelingen over een goede cao voor leraren, ambulance- en politiemedewerkers zeggen me iets anders. Na vier jaar op de nullijn heeft de regering hen een bruto loonstijging aangeboden van 5,05%. Daarvan betalen zij 2,4% zelf, doordat pensioenopbouw en -premie verlaagd worden. Wie dat doorberekent en daarbij die vier jaar nullijn niet vergeet komt op effectief 0,78% loonsverhoging per jaar uit. De jonge garde krijgt er dus een zakcentje bij, maar levert daarvoor behoorlijk wat pensioen in. Geen wonder dat politiemensen zich die sigaar uit eigen doos niet in de handen laten duwen.

Jonge ouders

Enfin, terug naar de troonrede. Jonge ouders krijgen het beter. Ze zullen meer kinderopvangtoeslag krijgen, betaalbare peuteropvang en jonge vaders krijgen meer bevallingsverlof. Vaders baren weliswaar niet, maar het gebaar is leuk.

Normen en waarden

Gelukkig deelt de koning en de regering mijn zorgen over de verhuftering van ons, Nederlanders. Onze samenleving verruwt en de tolerantie, waar we ooit bekend om stonden, staat onder druk. We wisten ruimte voor ieder individu enerzijds zo goed samen te laten gaan met solidariteit en betrokkenheid. Een smaldeel van ons juicht inmiddels bij nieuwsberichten over verdronken ‘gelukzoekers’ en we zien de vluchtelingenstroom, die onze kant op komt, met achterdocht en vrezen aan. Aan de andere kant horen we mondiaal nog altijd bij de top van goede doelen-gevers. Geweld tegen hulpverleners is in opmars. We zullen zelf, als burgers van dit prachtland, weer aan de bak moeten. Omgangsvormen, respect voor elkaar – dat begint bij onszelf.

Omdat goed leiderschap voor een groot deel bestaat uit een goed voorbeeld geven komt er extra geld beschikbaar om de integriteit van de overheid te bewaken en corruptie te bestrijden.

Dreiging, veiligheid en vrijheid

Koning Willem-Alexander noemde het beestje gelukkig bij de naam: Niet alleen is er de dreiging van radicalisering en terroristische aanslagen in Europa, maar deze zet ook nadrukkelijk onze samenleving onder druk. Angst maakt voor onderling wantrouwen. Conflicten in het buitenland kunnen een polariserend effect hebben in ons eigen land. Er is dus dubbel werk aan de winkel.

“Het kabinet reserveert daarom structureel extra geld om de operationele taak van de veiligheidsdiensten, het verzamelen en analyseren van informatie, en het preventiebeleid te versterken.”

Hé? Niets over de politie? De organisatie bij uitstek die in de frontlinie van onze maatschappij opereert en wier medewerkers al veel te lang moeten vechten om een fatsoenlijke cao? Niets over het fiasco van de reorganisatie naar een nationale politie? Niets over de extra 230 miljoen euro die nodig is om die reorganisatie weer een beetje op de rit te krijgen? Niets over de tekorten aan rechercheurs, waar we al sinds 2006 van weten? Voor de politie komt er geen extra geld.

Duidelijk ontwaar ik hier de regenteske handtekening van de VVD. Ard van der Steur houdt stug vast aan het politieparadepaardje van Ivo Opstelten, al kreupelt het inmiddels op drie benen amechtig voort.

Veiligheid en Justitie moet het met 0,1 miljard minder doen dan dit jaar, daarmee lijkt onze veiligheid niet langer hoog op de VVD-agenda te prijken.

Vluchtelingen

Een waarheid als een koe: De vluchtelingenstroom richting Europa groeit. Gedreven door militaire conflicten, politieke instabiliteit, schendingen van mensenrechten, armoede en gebrek aan kansen en toekomst gaan miljoenen mensen op zoek naar betere en veiligere oorden. We kunnen ons geen afwachtende houding meer veroorloven.

Had de wereld immers niet vier jaar lang werkeloos toegekeken hoe de situatie in Syrië zich ontspon, dan had het natuurlijk ook zo ver niet hoeven komen. We zijn dus ook zelf gebaat bij een adequate internationale conflictbeheersing. Mede daarom wordt structureel extra geld vrijgemaakt voor de krijgsmacht en voor de Nederlandse deelname aan militaire missies.

“Het gaat dan onder meer om internationale conflictbeheersing, opvang in de regio, het tegengaan van mensensmokkel, een strenge maar rechtvaardige asielprocedure in elk land, een effectief terugkeerbeleid en perspectief op integratie voor mensen die niet kunnen terugkeren naar het land van herkomst. Alleen zo kan recht worden gedaan aan het humanitaire aspect en aan het maatschappelijk draagvlak in Nederland en andere Europese landen.”

Amen to that. Daarbij, noblesse oblige. We hebben echt nog altijd een heel menselijke morele verplichting om hulp te verlenen aan onze medemens in nood.

Extra geld voor opvang is niet ingeraamd. Dat zou nog wel een dingetje kunnen worden. Wie dan leeft, die dan zorgt? Hm…

Europa

Een alinea over Europa verlegt onze blik opnieuw naar buiten. Onze economie is gebaat bij een innovatief Europa, een goed functionerende Europese markt en open handelsrelaties. Met zorgenkindje Griekenland en het Britse referendum over het lidmaatschap van de EU wordt dat nog interessant.

Klimaat

Het klimaat is een issue en zeker niet alleen omdat onze koning nog altijd watermanager in hart en nieren is. De gaswinningsproblematiek in Groningen verdient aandacht en laten we wel zijn, we hebben de Groningers wat dat betreft ook wel behoorlijk in de kou laten staan.

In december van dit jaar vindt de VN-klimaattop in Parijs plaats. Minder uitstoot is inmiddels van levensbelang, zeker voor een waterland als het onze. Dijken moeten verstevigd en de Afsluitdijk vernieuwd.

Beetje tam

Al met al vind ik de troonrede een beetje tam. Geen grootse ideeën, geen visie, geen hervormingen waar die broodnodig zijn en de inzet van het kabinet is vooral gericht op de koopkracht en de zeer nabije toekomst. Concreet staat er niets in over hoe de vluchtelingenstroom naar Europa in te dammen en te controleren. Het probleem signaleren is een, het oplossen is nog altijd twee. Er werd met optimisme over de huizenmarkt gesproken, in financiële zin. Maar wat met de lange wachtlijsten en hoge huren?

Onze koning mag ons dan gewaarschuwd hebben dat we niet achterover kunnen leunen, de regering lijkt het langetermijndenken wel alvast op een laag pitje te hebben gezet.

Bart van U. een reconstructie

Hindsight is 20/20. Achteraf heb ik makkelijk praten en ik ben afhankelijk van de media voor mijn informatievoorziening. Het is echter verbazingwekkend wat ik nu over de man, die op 10 januari dit jaar zijn eigen zus gedood moet hebben en verantwoordelijk lijkt te zijn voor de moord op D66-coryfee Els Borst, kan achterhalen. De man moet erg in de war geweest zijn en dan vraag ik me toch af: Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

Bart van U. heet hij. Zijn hele achternaam weet ik ook, maar aangezien hij nog slechts verdachte is hanteer ik de ‘beleefdheid’ die niet te vermelden. Zo werkt dat in de rechtstaat Nederland: Iemand is onschuldig tot het tegendeel bewezen is. Die onschuldpresumptie is een van de pijlers waarop onze rechtstaat rust.

Van U. is opgegroeid in de omgeving van Amersfoort in een groot gezin met zes kinderen. Het gezin van U. moet nogal van de gereformeerde kerk geweest zijn en ook Bart van U. zou een actieve rol in de kerk gespeeld hebben. Op gegeven moment vertrekt hij naar Rotterdam, om daar te gaan werken. Hij is zeeman, zowel op de binnen- als de buitenvaart.

Angsten na 9/11

De aanslag op de Twin Towers is een keerpunt in zijn leven en angst voor moslimextremisten lijkt het leven van Bart van U. te gaan beheersen. Hij vraagt zelfs een wapenvergunning aan en krijgt die. Hij verzamelt wapens en zijn paranoia neemt allengs toe. Hij loopt daarnaast kennelijk ook in zeven sloten tegelijk en hij komt als ‘verward’ te boek te staan. In 2009 trekt men dus gevoeglijk zijn wapenvergunning in omdat er twijfels rijzen over zijn geestelijke gesteldheid.

Twee jaar later tipt iemand anoniem de politie over Bart van U. Hij zou een wapenverzameling in huis hebben en de politie valt de woning dus binnen. Inderdaad treft zij daar een behoorlijke collectie wapentuig aan. Bart van U. wordt aangehouden, niet in de woning maar elders zo begrijp ik, en hij blijkt gewapend te zijn met twee messen en een doorgeladen vuurwapen. Niet alleen dat, hij draagt ook een veiligheidsvest.

Verboden wapenbezit

Voor het verboden wapenbezit moet Bart van U. zich bij de rechter verantwoorden en spreekt daar zijn angst voor moslimextremisten uit en vertelt daarbij dat hij denkt een van hun doelwitten te zijn. Hij moet zich wel bewapenen, want hij moet zichzelf tegen hen beschermen. De rechter legt hem zes maanden gevangenisstraf op, die hij reeds in voorarrest uitgezeten heeft, en verplicht hem zich te laten behandelen voor zijn angsten. Dat laatste weigert Van U. echter categorisch.

“Meneer wil niet worden behandeld, dus dan kan het niet’.”

Zorgmijder en gevaarzetting

En daar zit volgens mij meteen het grootste probleem in deze zaak. Wanneer een zogeheten zorgmijder niet wil, dan is er niet of nauwelijks grond om hem te dwingen. Zowel strafrechtelijk als civielrechtelijk ontbreken daar de middelen toe. De veroordeling voor wapenbezit alleen is geen grond voor het opleggen van tbs. De Wet bijzondere opneming psychiatrisch ziekenhuis (Bopz) voorziet alleen in verplichte psychiatrische hulp wanneer er sprake is van iemand die een direct gevaar voor zichzelf of anderen vormt en dan alleen nog wanneer er geen andere manier dan een verplichte opname is om dit gevaar af te wenden.

“Onvrijwillige behandeling mag alleen worden toegepast als iemand door zijn psychische stoornis een gevaar vormt voor zichzelf of anderen ín de instelling en dit gevaar alleen door die behandeling kan worden afgewend. In de GGZ is onvrijwillige behandeling ook toegestaan als zonder deze behandeling het gevaar dat wordt veroorzaakt door de geestesstoornis niet binnen een redelijke termijn kan worden weggenomen. Dit laatste geldt dus ook voor gevaar dat iemand buiten de instelling vormt.”

Er volgt dus een hoger beroep, waarbij de rechtbank de verplichting tot het zich laten behandelen laat vallen, en ze legt hem in plaats daarvan een gevangenisstraf van drie jaar op. Het is de dames en rechters duidelijk dat Bart van U. het nodige mankeert in zijn bovenkamer. Niet alleen vindt men hem een gevaar voor de samenleving, men heeft hem ook graag zo lang mogelijk van straat en dat niet in het minst omdat Bart van U. behandeling weigert.

Cassatie in vrijheid afwachten

De rechtbank gebiedt zijn gevangenneming, maar omdat Van U. op dat moment in het buitenland op een schip aan het werk is lukt dat niet. Eenmaal terug in Nederland gaat Van U. in cassatie, die hij in vrijheid mocht afwachten. Dat vind ik wonderlijk, want zowel de reclassering, de rechter en GGZ-deskundigen menen dat dit onverstandig is.

De advocaat-generaal besloot echter, in al zijn wijsheid, dat Van U. de cassatie in vrijheid mocht afwachten. Dit omdat volgens hem “de eisen en de vonnissen bij de rechtbank en het hof zeer verschillend waren”.

De Hoge Raad verwees de zaak terug naar het hof, die de zaak in februari opnieuw zal behandelen, en daarmee viel Van U. opnieuw tussen wal en schip. Simpelweg omdat het vonnis niet definitief is.

Daarnaast wordt verzuimd DNA af te nemen van Van U.

Terug naar huis 

Hij betrekt een kamer in de woning van zijn zus Loïs, op de Oudedijk in Rotterdam. Er worden meer kamers verhuurd, het Algemeen Dagblad heeft inmiddels zelf een van zijn voormalige medehuurders geïnterviewd. Zij schetst een beeld van een buitengewoon zonderlinge man, die een teruggetrokken bestaan leidt. Hij is werkeloos, lijdt aan verzamelzucht en gaat vaak in de nachtelijke uren op pad. Ook valt hij zijn medehuurster, op wie hij een oogje zou hebben, lastig.

“Als ik aan Bart terugdenk had ik in eerste instantie niet gedacht dat hij tot iets als moord in staat zou zijn, maar dat hij nu verdacht wordt, verbaast me ook niks. Hij heeft het nooit over Els Borst gehad. We hebben het maar één keer over politiek  gehad. Toen hield hij een klaagzang over moslims, maar verder nooit.”

Ook buren vinden Van U. maar een rare snuiter, een schuchtere eenzaat die “hulp nodig had”. Iemand die vooral onzichtbaar was of zoals dat achteraf heet “onder de radar wist te blijven”. Dat past in het beeld dat ook een uitbater van een plaatselijke brasserie van de man schetst. Bart van U. kwam daar kennelijk regelmatig en een paar maanden geleden zat deze uitbater een uur lang met Van U. aan de bar te keuvelen. Dat Van U. in de war was, dat was ook de uitbater wel duidelijk, maar hij maakte wel gerust regelmatig een praatje met hem.

”Hij was niet goed bij zijn hoofd. Ik zag hem iedere dag wel op straat lopen en dan zwaaide hij vriendelijk. Hij werkte al lang niet meer als zeeman. Hij zat hier wel eens aan de bar, maar dan zei hij vaak niets. Altijd een zonnebril en pet op. Een enkele keer heb ik wel een gesprek met hem gehad. Nog niet zo lang geleden vond hij het belachelijk dat sommige mensen veel geld verdienen. Hij vond dat Bill Gates gewoon zijn geld moest weggeven.”

Bart van U. moet nochtans thuis voor behoorlijk wat overlast gezorgd hebben en zijn zus Loïs ziet hem op gegeven moment liever gaan dan komen. Ze probeert hem te doen vertrekken, maar dat lukt niet. Het lijkt er niet op dat ze daarbij voor haar broer vreesde. Een bekende van de familie Van U. moet aan Elsevier verteld hebben dat Bart van U. weliswaar schizofreen was, maar dat zijn zus probeerde te voorkomen dat hij zou worden opgenomen.

Op 10 januari jongstleden gaat het helemaal mis en Bart van U. steekt zijn zus dood. Hij vlucht, maar meldt zich de volgende dag toch bij een politiebureau in Amsterdam omdat het Openbaar Ministerie zijn foto verspreidde.

Moord op Elst Borst 

Wanneer dan eindelijk DNA wordt afgenomen van Bart van U. blijkt er een match met een DNA-monster dat op de plaats delict van de moord op oud-minister Els Borst werd aangetroffen. Achteraf gezien zou Bart van U. heel wel de man geweest kunnen zijn over wie mevrouw Borst aan haar kapper vertelde dat hij bij haar aan de deur gestaan had. Hij had haar naar het adres van Wim Kok of Jan-Peter Balkenende gevraagd.

Bart van U. maakte de dag na de moord op Els Borst stampij bij een politiebureau in Amersfoort, hij stak vuurwerk af en werd aangehouden. Hij zat er twee dagen vast en de politie haalde er een psycholoog bij om hem te beoordelen, zoals dat heet. Die psycholoog vond echter dat hij weer mocht gaan.

Zoals dat met mensen als Bart van U. pleegt te gaan werd hij, nadat hij dat vuurwerk afgestoken had, afgeschoven op het bordje van de plaatselijke wijkagent. Als niemand het nog weet, dan moet zo’n wijkagent zich er maar over ontfermen. Ook als dat de rechter, het OM en de diverse hulpverlenende instanties niet gelukt is. Zijn wijkagent kreeg dus het verzoek Van U. “in de gaten te houden”.

Wist u dat er in Nederland gemiddeld één hele wijkagent per 5000 inwoners is?

In 2011 werd het aantal zorgmijders, alleen in Rotterdam, op 30.000 geschat. Daarbij gaat het zeker niet allemaal om even zware gevallen als een Bart van U. maar het moge duidelijk zijn dat we van een wijkagent geen zaligmakende interventies kunnen en mogen verwachten.

Achteraf is redelijk makkelijk aan te wijzen waar het mis ging en wie er fouten maakte, waarbij ik heel duidelijk niet wil spreken van schuld. De mensen die contact hadden met Bart van U., de rechters, de advocaat-generaal, de hulpverleners, de beoordelend psycholoog en al wat dies meer zij hebben in goed vertrouwen gehandeld naar de situatie en de gesteldheid van Bart van U. waarmee zij zich geconfronteerd zagen. Binnen de wetgeving zoals zij voor handen is.

Voor Els Borst en Loïs van U. is het te laat en dat is ongelofelijk tragisch.

Er lopen echter meer mensen als Bart van U. rond. Daar moeten we wat mee, zeker in een welvarend land als het onze, met een uitgebreide gezondheidszorg, zou meer mogelijk moeten zijn voor en met mensen die mentaal zo getroebleerd zijn. De mogelijkheid iemand verplicht op te laten nemen en te behandelen schiet tekort en dat verdient remedie.