Saoedi-Arabië en de Commissie voor de Status van de Vrouw

Het belangrijkste internationale orgaan dat over vrouwenrechten gaat is de Commissie voor de Status van de Vrouw van de Verenigde Naties. Dit instituut werd in 1946, dankzij Eleanor Roosevelt, opgericht met als doel gelijke mensenrechten en vrijheden van vrouwen te bevorderen. Aan deze Commissie (Engels) hebben we vier Wereldvrouwenconferenties én het uitermate belangrijke Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen (1979) te danken.

De Commissie voor de Status voor de Vrouw komt tweewekelijks tezamen, buigt zich dan over de stand van zaken voor wat betreft die gelijke mensenrechten en vrijheden voor vrouwen en komt tot aanbevelingen om die te verbeteren. En er valt nogal wat verbeteren. Het meest recentelijk te evalueren thema was: stoppen en voorkomen van alle vormen van geweld tegen vrouwen. Dat is een heet hangijzer, want geweld tegen vrouwen is overal op deez’ aardkloot nog bon ton.

Gendergerelateerd geweld, de cijfers

Wereldwijd wordt één op de vijf vrouwen in haar leven slachtoffer van verkrachting of poging daartoe.

Mondiaal wordt 35% van de vrouwen slachtoffer van seksueel geweld en 30% van huiselijk geweld.

Van de gevallen van seksueel geweld is 50% gericht op meisjes jonger dan 16 jaar.

Naar schatting zullen 20.000 vrouwen het aankomend jaar uit eerwraak worden omgebracht.

Elke dag ondergaan zo’n zesduizend jonge meisjes de volstrekt barbaarse meisjesbesnijdenis. Meer dan 130 miljoen vrouwen leven met de gevolgen van genitale verminking.

Alleen dit jaar al zullen zo’n 15 miljoen jonge meisjes als kindbruid een huwelijksbootje in worden gedwongen. Soms zelfs al op leeftijden van acht of negen jaar.

Van de ongeveer 1,2 miljoen kinderen die dit jaar als slaaf verhandeld zullen worden zal 80% een meisje zijn.

Nederland

Met die paar cijfers is het belang van de Commissie voor de Status voor de Vrouw en de bittere noodzaak voor haar bestaan wel geïllustreerd, me dunkt. Voor wie nog denkt dat zulk geweld voorbehouden is aan enge baardmannen in achtergebleven gebieden, think again: Nederlandse vrouwen scoren hoog waar het om slachtofferschap van gendergerelateerd geweld gaat.

De European Union Agency for Fundamental Rights (FRA) deed een grootschalig onderzoek naar gendergerelateerd geweld tegen vrouwen in alle lidstaten van de Europese Unie. Van de ondervraagde vrouwen is 22% slachtoffer geweest van lichamelijk en/of seksueel geweld door een partner. Van alle vrouwen is 5% slachtoffer geweest van verkrachting. 43 % heeft een vorm van psychologisch geweld door een huidige of voormalige partner ondergaan.

Saoedi-Arabië als hoeder van mondiale vrouwenrechten?!

Tot mijn verbijstering heeft het de VN behaagd Saoedi-Arabië te verkiezen voor een plek in deze Commissie. Tussen 2018 en 2022 zal dit land, als lid van de Commissie voor de Status van Vrouwen, moeten waken over de mensenrechten en vrijheden van vrouwen wereldwijd.

What. The Flying. Fuck?

Saoedi-Arabië. Het land waar vrouwen helemaal geen rechten hebben en de minder vrijheid genieten dan in eender welk ander land. Onderdrukking en achterstelling van vrouwen is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen.

En u weet, als de vos de passie preekt, boer pas op je kippen. Dat land heeft in die commissie niets te zoeken.

Een ezel stoot zich in het algemeen… 

Je zou toch zeggen dat de Verenigde Naties inmiddels beter zou moeten weten. Zeker na de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld te hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. De man bracht de VN direct in de verlegenheid door luid en duidelijk te verkondigen dat hij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden.

Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer onder. Net als overspel en toverij. Zo’n bijgelovige zeloot mag voor de rest van de wereld bepalen hoe er invulling gegeven moet worden aan mensenrechten.

Zum kotzen. 

Minder, minder, minder

Gisteren wees de rechtbank vonnis in de zaak tegen PVV-voorman Geert Wilders. Grote afwezige was meneer Wilders zelf. Ook zijn advocaat, meester Knoops, maakte zijn opwachting niet.

Geert Wilders is voor zijn uitspraken op woensdag 19 maart 2014 veroordeeld voor groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie, maar kreeg geen straf of maatregel opgelegd.

De belangrijkste vraag in dit proces is of de heer Wilders een grens over is gegaan. Die vraag is in dit vonnis beantwoord. Daarmee vindt de rechtbank dat voldoende recht is gedaan. Hij krijgt daarom geen straf.

De rechtbank houdt er rekening mee dat Geert Wilders een democratisch verkozen volksvertegenwoordiger is, oprichter van de PVV en leider van de PVV-fractie in de Tweede Kamer. Daarom meent de rechtbank dat hij al genoeg gestraft is door de schuldverklaring alleen en daarmee lijkt de rechtbank de geit en de kool te willen sparen.

Wat zei Geert Wilders ook al weer? 

Op 12 maart 2014, tijdens een interview op de Loosduinse markt in Den Haag, zei de heer Wilders: “Belangrijkste is toch voor de mensen hier op de markt de Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers zoals Léon dat altijd netjes en terecht noemt. Voor die mensen doen we het nu. Die stemmen nu op een veiliger en socialer en in ieder geval een stad met minder lasten en als het even kan ook wat minder Marokkanen.”

Op 19 maart 2014 vroeg meneer Wilders aan een vooraf geïnstrueerd publiek: “Willen jullie in deze stad meer of minder Marokkanen?” Zijn publiek scandeerde braaf “Minder, minder, minder!” Daarop zei de heer Wilders: “Nah, dan gaan we dat regelen”.

Meer dan zesduizend aangiften werden gedaan, wegens groepsbelediging, aanzetten tot haat en aanzetten tot discriminatie. Dat is het goed recht van de aangevers natuurlijk. In Nederland haal je je recht via de rechter, wanneer je meent onnodig en in strafrechtelijke zin gegriefd te zijn, en niet anders.

Groepsbelediging

Artikel 137c 

1. Hij die zich in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, opzettelijk beledigend uitlaat over een groep mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.  

2. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een beroep of gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen wordt gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie opgelegd.

Tijdens Wilders’ Wilde Woensdagavond ging het dus opeens niet meer over criminele Marokkanen, zoals voordien. Het ging ook niet over Marokkanen in de bijstand. Het ging over Marokkanen in het algemeen: “Willen jullie in deze stad meer of minder Marokkanen?” De meute liet zich gewillig mennen. Ik telde mee; zestien keer een gretig “minder!” Ik boog het hoofd en schaamde me diep en plaatsvervangend. Het zijn beelden die me deden denken aan de Weimarrepubliek, toen men zigeuners afschilderde als asociale en criminele elementen.

Omdat hij zich dus niet beperkte tot ‘criminele Marokkanen’ alleen acht de rechtbank dat een groepsbelediging ten aanzien van Marokkanen. Dat lijkt me terecht. Vervang ‘Marokkanen’ door een willekeurige andere groep mensen uit onze samenleving en het kan niet anders of u wordt daar ongerust van. Komaan, we proberen het even:

“Willen jullie in deze stad meer of minder gehandicapten/homoseksuelen/joden/vrouwen?” 

“Minder, minder, minder!”

“Nah, dan gaan we dat regelen”.

Niet eng? Nee? Echt niet ook maar een beetje ongerust? Het spijt me het te moeten zeggen maar dan moet uw moreel kompas herijkt.

Goed, terug naar artikel 137c uit ons Wetboek van Strafrecht. Omdat de uitspraak van tevoren was uitgedacht en het publiek van meneer Wilders van tevoren werd geïnstrueerd acht de rechtbank opzet aanwezig.

Context

De rechters hebben uiteraard overwogen of de gewraakte uitspraak in een zeker context bezien kan of moet worden, die maakt dat deze niet strafbaar is. Wordt een uitlating bijvoorbeeld tijdens een debat gedaan, ten behoeve van het maatschappelijk debat of uit geloofsovertuiging dan neemt dat gegeven het beledigende karakter van het gezegde weg.

Denkt u maar eens terug aan de zaak  (LJN AE1154, hoger beroep AF0667) tegen imam El-Moumni die op televisie verkondigde dat “als de ziekte van de homoseksualiteit zich verspreidt, iedereen besmet kan raken. Daar zijn wij bang voor. Wie maken nog kinderen als mannen onderling trouwen en vrouwen ook?” Die uitlatingen zijn, aldus de rechter, op zich zelf genomen zodanig kwetsend voor personen met een homoseksuele gerichtheid dat die uitlatingen binnen het bereik van artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht vallen. Omdat de man met die uitlatingen van zijn godsdienstige overtuiging kond deed werd hij echter vrijgesproken, want dan mag ‘t.

Een dergelijke context acht de rechtbank in de zaak tegen Geert Wilders niet aanwezig, zij ziet de gedane uitspraak op geen enkele wijze als een bijdrage geleverd aan enig publiek debat. Ook het verweer dat de uitspraken gezien moeten worden in het licht van het partijprogramma van de PVV hield bij de rechter geen stand; over Marokkanen in het algemeen is daar niets over terug te vinden.

Politieke arena en parlementaire onschendbaarheid

Ook een gekozen politicus staat niet boven de wet, en weet u? Dat is maar goed ook. Dat zo’n politicus zich voor een rechter moet verantwoorden maakt zijn proces ook zeker niet automatisch tot een politiek proces.

Wel moet ik u toegeven dat ik er moeite mee heb, dat deze kwestie niet in de politieke arena werd uitgevochten. Had de heer Wilders de tegenwoordigheid van geest gehad zijn uitspraak daar te doen, waar hij parlementaire onschendbaarheid als Kamerlid heeft, dan was het heel misschien nog tot een interessant maatschappelijk debat gekomen.

Aan de andere kant, bijkomend voordeel zou nu kunnen zijn dat we het eindelijk weer eens kunnen hebben over het pleidooi dat Femke Halsema in 2011 hield voor uitbreiding van de parlementaire onschendbaarheid, ook buiten de Tweede Kamer en Eerste Kamer, “overal waar een Kamerlid uit hoofde van zijn functie het woord voert”.

Vrije meningsuiting

Ook de rechters beseffen zich terdege dat onze vrije meningsuiting een groot goed is en deze een fundament is onder onze democratische samenleving. Onze denkbeelden en opvattingen mogen anderen choqueren, verontrusten en zelfs kwetsen.

De grondwettelijke vrijheid van meningsuiting is in Nederland nochtans niet absoluut (nooit geweest ook), maar wordt ingekaderd door wetgeving zoals die tegen laster, smaad of bedreiging. Ook het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden staat die begrenzing van de vrije meningsuiting door wetgeving toe.

 Artikel 7 Grondwet

1. Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.

2. De wet stelt regels omtrent radio en televisie. Er is geen voorafgaand toezicht op de inhoud van een radio- of televisieuitzending.

3. Voor het openbaren van gedachten of gevoelens door andere dan in de voorgaande leden genoemde middelen heeft niemand voorafgaand verlof nodig wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet. De wet kan het geven van vertoningen toegankelijk voor personen jonger dan zestien jaar regelen ter bescherming van de goede zeden.

4. De voorgaande leden zijn niet van toepassing op het maken van handelsreclame.

Aanzetten tot haat of discriminatie

Artikel 137d 1. Hij die in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, aanzet tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie. 

2. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een beroep of gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen wordt gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie opgelegd. 

Geert Wilders riep op geen enkele manier op mensen wat aan te (laten)  doen, voor het aanzetten tot haat is dan ook geen enkel bewijs – en daar werd hij dan ook voor vrijgesproken. Wat de heer Wilders riep op 19 maart 2014 heeft volgens de rechters een discriminatoir en opruiend karakter. Daarom acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich samen met zijn publiek schuldig heeft gemaakt aan het aanzetten tot discriminatie. 

De rechtbank acht Geert Wilders dan ook schuldig aan groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie. Zij legt geen straf of maatregel op en benadeelde partijen kunnen geen aanspraak maken op een schadevergoeding, want zij werden niet persoonlijk geschaad.

De rechtspraak

De rechtspraak is net zo goed een fundament onder onze democratische samenleving. Ook daar moeten we dan ook zuinig op willen zijn. Dat wil overigens zeker niet zeggen dat we ’t met uitspraken niet oneens mogen zijn of we ons bij elke uitspraak klakkeloos neer dienen te leggen. Daarom is de rechtspraak dan ook openbaar, het is juist de bedoeling dat we er wat van vinden en haar op die manier controleren.

Dat Geert Wilders het oneens is met zijn veroordeling ligt in de lijn der verwachtingen. Dat gebeurt vaker, daarom is een hoger beroep altijd een mogelijkheid. Niet zelden wordt er in hoger beroep anders geoordeeld dan in eerste aanleg.

Rechters toetsen aan de bestaande wetgeving, maar ze maken die wetgeving niet. Zijn we het fundamenteel oneens met een stuk wetgeving, dan staat het ons vrij een wetswijziging te beijveren, via het parlement. De heer Wilders, als gekozen volksvertegenwoordiger, volbloed politicus en fractievoorzitter van de PVV in de Tweede Kamer, weet dat natuurlijk als geen ander.

Geert Wilders sprak de rechters, die hem veroordeelden, boos toe: “U heeft miljoenen Nederlanders hun vrijheid van meningsuiting ingeperkt en daarmee eigenlijk iedereen veroordeeld. Niemand vertrouwt u meer”. Op Twitter fulmineerde hij: “Drie PVV-hatende rechters verklaren Marokkanen tot ras en veroordelen mij en half Nederland. Knettergek”.

Wie het vonnis leest echter, gewoon van begin tot eind, leest anders. Louter juridische overwegingen, zoals het hoort.  Dankzij onze onafhankelijke en openbare rechtspraak kunt u dat zelf verifiëren, hier: Klikkerdeklik. De vrijheid van meningsuiting was in beginsel al niet absoluut en is door dit vonnis zeker niet verder ingeperkt. Ik mocht al geen groepen mensen opzettelijk beledigen en dat mag ik nu nog steeds niet.

Het zou kunnen dat wij, als maatschappij, willen naar een ruimere of zelfs absolute vrijheid van meningsuiting. Voor ons allemaal als geheel of politici in het bijzonder.

Die kwestie hoort alleen niet in de rechtszaal thuis, daarvoor moet u in het parlement zijn.

De brul van het woord

Nimr Baqr al-Nimr was een vooraanstaand shia-geestelijke in Saoedi-Arabië. Hij was uitermate kritisch over de situatie van de sjiitische moslims, een minderheid in het koninkrijk die structureel wordt achtergesteld, en over de Saoedische overheid. Meneer Nimr al-Nimr riep zelfs op tot vrije verkiezingen, zeer tegen het zere been van het Saoedisch koninklijk huis.

Tijdens de Saoedisch-Arabische protesten (2011-2012) riep hij de protestanten op politiekogels niet te beantwoorden met geweld, maar met de ‘brul van het woord’.

Op 8 juli 2012 werd meneer Al-Nimr door de politie in een been geschoten en gearresteerd. Duizenden liepen dagenlang te hoop om tegen zijn arrestatie te protesteren, maar dat mocht niet baten. Sjeik Al-Nimr ging een maand later in hongerstaking en zou in die periode vermoedelijk gemarteld zijn.

Op 15 oktober 2014 werd de sjeik ter dood veroordeeld, omdat hij om buitenlandse bemoeienis zou hebben gevraagd, ongehoorzaam geweest was aan de Saoedische heersers en omdat hij de wapens zou hebben opgepakt tegen de veiligheidsdiensten. Het vonnis luidde ‘onthoofding en kruisiging’.

’s Mans broer, Mohammed al-Nimr, stuurde een tweet de wereld in over dit doodsvonnis en werd daarom dezelfde dag nog gearresteerd. Hij zit tot op de dag van vandaag vast.

Gisteren voerde Saoudi-Arabië dat vonnis uit, tijdens een heuse massa-executie. In 12 verschillende Saoedische steden werden 47 mensen omgebracht door middel van onthoofding of een vuurpeloton. Allen waren veroordeeld voor ‘terrorisme’, sommigen zaten al tien jaar vast. Zoals de secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties al observeerde zijn een aantal van deze mensen ter dood gebracht na rechtszaken die ‘serieuze vragen oproepen over de aard van de aanklachten en de eerlijkheid van de processen’.

Situatie Saoedi-Arabië

Dat het Saoedische regime tegenstanders uit de weg werkt door middel van valse aanklachten en oneerlijke processen zou me niets verbazen. Met mensenrechten in het algemeen is het immers treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk, die worden er bij de vleet geschonden. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun ‘misdaad’. Ook op afvalligheid staat er de doodstraf.

Onderdrukking en achterstelling van minderheden is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner.

Daarnaast zijn we allemaal bekend met het gruwelijke verhaal van de Saudische blogger Raif Badawi, die veroordeeld werd tot 10 jaar cel, een boete van bijna 240.000 euro en duizend stokslagen. Zijn misdaad? Het schrijven van kritische blogs en vreedzaam activisme. Op zijn website werd kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd.

Saoedi-Arabië is een schurkenstaat. Een door de rest van de wereld en zelfs door het ‘beschaafde’ Westen gesanctioneerde schurkenstaat.

Met droge ogen spreekt het Westen nog altijd over Saoedi-Arabië als een ‘bondgenoot’ en heel wat Westerse landen leveren wapens aan het koninkrijk.

Reactie Nederland

Het kabinet en de Tweede Kamer bespraken de door Saoedi-Arabië voorgenomen massa-executie een maand geleden tijdens het Vragenuur. Minister Jeanine Hennis (Defensie) nam daarbij de honneurs waar voor de afwezige minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken). Bij monde van minister Hennis sprak het kabinet haar zorgen uit, maar daar bleef het bij. Nederland zou haar afkeur uitspreken, alweer, maar zou daar geen enkele consequentie aan verbinden. Minister Hennis benadrukte hoe belangrijk het is om ‘goed contact’ met de Saudi’s te onderhouden, omdat dat de enige manier is om het koninkrijk op de misstanden aan te spreken. Dat aanspreken, dat gebeurt ook echt – aldus de minister. 
D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma wilde wel eens weten wat er moet gebeuren voordat ook voor de minister de maat vol is. Hij verwees daarbij naar het gebruik van verboden clustermunitie door het Saudische leger in Jemen, het blokkeren van een onafhankelijk onderzoek naar de oorlogsmisdaden in Jemen en de vele onthoofdingen in het koninkrijk. 

VOC-mentaliteit

Goede vraag. Zo lang er echter economische belangen gediend kunnen worden lijkt ons kabinet echter met graagte te willen buigen voor Saoedi-Arabië. Dat hebben we vaker gezien, na de onsympathieke sticker-actie van meneer Wilders bijvoorbeeld. Die sticker, groen met witte letters, leek op de Saoedi-Arabische vlag en er stond “De islam is een leugen, Mohammed een crimineel en de Koran gif” opgedrukt. Meneer Wilders moet die sticker in een enveloppe van de Tweede Kamer naar de Saoedische ambassade in Den Haag gestuurd hebben en daar heeft men een half jaartje op dit affront moeten zouten. Tot toch opeens de spreekwoordelijke kogel door de moskee was  en men tot op het bot beledigd besloot te zijn. Zo beledigd zelfs dat men een handelsboycot overwoog.
Een handelsboycot! Paniek in de tent! Toenmalig minister Timmermans stuurde stante pede een van zijn hogere ambtenaren naar Saoedi-Arabië en was prompt voornemens ook zelf naar het gebelgde koninkrijk af te reizen. Dat alles om de plooien in de Saoedi-Arabische vlag glad te strijken. Dat is wat twee miljard exporteuronen met ons kabinet en haar moreel kompas doen. 
Nu gaat het dan ook niet anders. Saoedi-Arabië krijgt begin dit jaar bezoek van de Nederlandse mensenrechtenambassadeur van het ministerie van Buitenlandse Zaken, om samen nog eens gezellig te keuvelen over de mensenrechtensituatie in het land. Dat zal ze leren, die Saoedische mensenrechtenschenders! 
Goed gebruld, mottige tandeloze leeuw!

Reactie Europa

De Europese Unie heeft de executies sterk veroordeeld, maar laat het ook bij lippendienst. Ze doet slechts een beroep op de Saoedische autoriteiten om aan te sturen op verzoening tussen de verschillende bevolkingsgroepen. 


“The Kingdom of Saudi Arabia carried out 47 executions earlier today.
The EU reiterates its strong opposition to the use of the death penalty in all circumstances, and in particular in cases of mass executions.

The specific case of Sheikh Nimr al-Nimr raises serious concerns regarding freedom of expression and the respect of basic civil and political rights, to be safeguarded in all cases, also in the framework of the fight against terrorism. This case has also the potential of enflaming further the sectarian tensions that already bring so much damage to the entire region, with dangerous consequences.

The EU calls on the Saudi authorities to promote reconciliation between the different communities in the Kingdom, and all actors to show restraint and responsibility.”

Minister Koenders heeft die verklaring uiteraard netjes onderschreven: “Nederland bevestigt, mede als EU-voorzitter, de EU-verklaring over de executies in Saoedi-Arabië.” Hij voegde daaraan toe dat Nederland “principieel en actief tegenstander van de doodstraf is”.
Dat alles staat in schril contrast met bijvoorbeeld de reactie van de Duitse eurocommissaris Günther Oettinger op de nieuwe mediawet, die Polen heeft aangenomen. Volgens die wet kan de Poolse regering de directie en hoofdredactie van de publieke omroep zelf benoemen en ontslaan. Schandalig natuurlijk, want daarmee breidelt Polen de pers en muilkorft de vrije meningsuiting. Niet alleen wil meneer Oettinger voorstellen dat de Europese Unie Polen daarom onder toezicht stelt, ook is hij voornemens Polen haar stemrecht in Brussel af te nemen vanwege die nieuwe mediawet als het land zich niet naar de Europese mores voegt. 

Reactie Verenigde Naties

Secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties had dus al zo zijn twijfels bij de aanklachten tegen de 47 gedode Saoedische gevangenen en de eerlijkheid van hun processen. Daarnaast heeft ook hij natuurlijk laten weten hoe ‘geschokt’ hij is door die 47 executies. Hij had de Saoedische autoriteiten opgeroepen, tevergeefs en waarschijnlijk tegen beter weten in, de doodvonnissen om te zetten naar andere straffen. 
Nu is het zo gelegen dat de Verenigde Naties vorig jaar nog de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. 
Destijds gaf meneer Faisal Bin Hassan Trad commentaar op een VN-rapport over de doodstraf, dat door secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-Moon gepresenteerd werd. Daarbij liet hij weten dat hij daarbij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden. Daarmee hebben we nu de wonderlijke omstandigheid dat juist het hoofd van de Mensenraad van de Verenigde Naties uitgesproken pro-doodstraf is. 
Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer onder. Net als overspel en toverij en het uiten van een onwelgevallige mening, getuige het lot van mensen als Nimr Baqr al-Nimr. 
Het vriendelijk verzoek van meneer Ban Ki-moon zal door de Saoediërs dan ook wel met een bulderende lach terzijde geschoven zijn. 
Ik verafschuw geweld. Ik verafschuw de doodstraf. Ik verafschuw het wegkijken. 
Hear me roar. 

Faisal bin Hassan Trad, Hoofd Koppensneller van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties

Drie maanden geleden blijken de Verenigde Naties de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld te hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties.

De Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (UNHRC) is opgericht in 2006 en bemoeit zich met de naleving van de verdragen voor de mensenrechten. Deze raad heeft tot taak álle landen daarop te beoordelen en mag (of moet, zo u wilt) daarbij ook eigen vlees keuren. De raad beoordeelt dus ook de landen die zitting hebben in raad zelf.

Daarnaast heeft deze raad raadgevende bevoegdheid.

Faisal bin Hassan Trad was reeds de Saudische VN-ambassadeur in Genève. Zijn aanstelling is wonderlijk, en zeker niet alleen omdat de VN deze als sinds juni dit jaar onder haar pet gehouden heeft.

Mensenrechten in Saudi-Arabië

Met mensenrechten in het algemeen is het immers treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk, die worden bij de vleet geschonden. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun “misdaad”.

Op afvalligheid staat er de doodstraf. Daarnaast zijn we allemaal bekend met het gruwelijke verhaal van de Saudische blogger Raif Badawi, die veroordeeld werd tot 10 jaar cel, een boete van bijna 240.000 euro en duizend stokslagen. Zijn misdaad? Het schrijven van kritische blogs en vreedzaam activisme. Op zijn website werd kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd.

Onderdrukking en achterstelling van vrouwen is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner.

De Verenigde Naties en de doodstraf

Afgelopen vrijdag gaf meneer Faisal Bin Hassan Trad commentaar op een VN-rapport over de doodstraf, dat door secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-Moon gepresenteerd werd. Opvallend is dat hij daarbij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden. Of, in de woorden van meneer Ban Ki-Moon:

The death penalty has no place in the 21st century.  Leaders across the globe must boldly step forward in favour of abolition.  I recommend this book in particular to those States that have yet to abolish the death penalty.  Together, let us end this cruel and inhumane practice. 

Faisal Bin Hassan Trad: uitgesproken pro-doodstraf

Saudi-Arabië heeft laten weten het daar niet mee eens te zijn. Bij monde van haar afgezant Faisal Bin Hassan Trad, nota bene, en tijdens een speech voor diezelfde Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. Tijdens zijn speech sprak meneer Trad zijn irritatie uit: Hij vindt dat het rapport van de VN zich veel te veel toespitst op landen die de doodstraf al hebben afgeschaft en daarbij geen enkele ruimte laat voor de opvattingen van voorstanders van de doodstraf. In volgende rapporten over deze materie mag de mening van het Saudisch koninkrijk niet meer ontbreken, vindt hij voorts.

Dat treft. Nu hij als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties is aangesteld kan hij daar fijn zelf voor zorgen. De VN zelf heeft er kennelijk geen enkele moeite mee dat haar nieuwbakken hoofd van de Mensenrechtenraad lijnrecht tegenover haar eigen opvattingen of mensenrechten staat.

Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer dus onder. Net als overspel en toverij.

Zo’n bijgelovige zeloot mag voor de rest van de wereld bepalen hoe er invulling gegeven moet worden aan mensenrechten. En hij mag wat vinden van bijvoorbeeld de mensenrechten in Nederland. Wat een gruwel.

Einde bestaansrecht

De UNHRC is opvolger van een eerdere Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties. Deze commissie werd in 2006 opgeheven omdat er te veel landen zitting in hadden die zelf ook mensenrechten schonden. Ook de ‘vernieuwde’ Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties heeft, ditmaal met de aanstelling van Faisal bin Hassan Trad, haar eigen bestaansrecht opnieuw teniet gedaan heeft.

Doek maar weer op.

Het Festival van het Vrije Woord

Morgen, 3 mei, is Internationale Dag van de Persvrijheid. Gedegen journalistiek en een ongebreidelde pers zijn van levensbelang voor elke democratie. Journalisten onderzoeken, verzamelen, analyseren en publiceren nieuwsfeiten. Ze verzorgen, zo objectief mogelijk, berichtgeving over zaken waar het publiek in geïnteresseerd is of zou moeten zijn.

Persvrijheid is de grote broer van de vrije meningsuiting: Het recht in alle vrijheid een mening te mogen koesteren en uiten kan niet bestaan zonder het recht te informeren en geïnformeerd te worden. Zonder inmenging van de staat.
Vanavond vindt in De Balie te Amsterdam daarom het Festival van het Vrije Woord plaats, een viering van het vrije woord en de persvrijheid en tegelijkertijd een protest tegen de bedreigingen daarvan. Daartoe is er een uitgelezen gezelschap van gastsprekers uitgenodigd.

Onder hen is bijvoorbeeld Abdullah Elshamy, journalist voor Al-Jazeera, die werd opgepakt toen hij als journalist een gewelddadig politieoptreden tegen aanhangers van de afgezette president Mohammed Morsi versloeg. Daarna werd hij tien maanden lang zonder grond en zonder aanklacht vastgehouden in een Egyptische gevangenis.

Ook Egypte-correspondent Rena Netjes, die in Egypte bij verstek veroordeeld werd tot tien jaar gevangenisstraf, zal acte de présence geven. Midden-Oosten correspondent Judith Spiegel, die in Jemen werd ontvoerd en een boek over deze ervaring schreef, zal dat boek presenteren

Kurt Westergaard, de Deense cartoonist die toch inmiddels alweer bijna tien jaar lang zijn leven niet zeker is vanwege een van zijn cartoons, zal de Persvrijheidslezing uitspreken. Die cartoon, van de profeet Mohammed met een bom in zijn tulband, kwam Kurt Westergaard in 2010 nog op een aanslag op zijn leven te staan toen een Somalische man, gewapend met een gekromd mes en een bijl, zijn woning binnendrong.

De Mohammedcartoons

Juist de heftige reacties op die cartoon en een aantal andere die in het Deense dagblad Jyllands Posten werden afgedrukt illustreren bij uitstek aan welke gevaren de vrije meningsuiting in het algemeen en de persvrijheid in het bijzonder blootstaan.

In Denemarken durfde destijds geen enkele illustrator het nog aan om een eenvoudig en onschuldig kinderboekje over profeet Mohammed van leuke plaatjes te voorzien, simpelweg uit angst voor represailles. De Jyllands-Posten besloot op die actualiteit in te haken met een artikel over zelfcensuur en de vrijheid van meningsuiting. Daarbij drukte ze een twaalftal satirische spotprenten af.

Kort na publicatie werden de journalisten telefonisch met de dood bedreigd. Een Deense moslimorganisatie Islamisk Trossamfund eiste excuses van de krant, die dat uiteraard weigerde. Er volgde nog een vreedzame protestdemonstratie voor het kantoor van Jyllands-Posten en daar bleef het in eerste instantie bij. Zes van de spotprenten werden weliswaar nog in een Egyptisch dagblad afgedrukt, maar geen haan die er nog naar kraaide.

Totdat vijf Deense moslims een bezoekje aan Egypte brachten, met een kleine collectie cartoons waar ze een aantal eigen maaksels aan hadden toegevoegd, waaronder onder andere een prent van Mohammed als demonische pedofiel en een bewerkte foto van een man met een varkenssnuit, die ook Mohammed zou voor moeten stellen. Althans, dat claimde het illustere vijftal. Later bleek het een foto te zijn van een Fransman, die meedeed aan een folkloristische competitie schreeuwen-als-een-varken.

Ook Libanon, Syrië, Marokko en Algerije werden met zo’n bezoekje vereerd en tijdens dat gezellige samenzijn werd driftig met de tekeningen gewapperd. Langzaamaan begint dan de hysterie. Van handelsboycots, ambassades die in het beste geval gesloten en in het slechtste geval gebrandschat worden, pogingen tot aanslagen, op onder anderen Kurt Westergaard, tot heuse volksoplopen waarbij uiteindelijk zelfs doden vallen.

Tegen die tijd leidden de cartoons, en dan met name de door ons illustere vijftal zelfverzonnen platen, een eigen leven en was iedereen vergeten dat de Deense cartoons nooit getekend zijn met het oogmerk moslims te beledigen.

Het Festival van het Vrije Woord

Vanavond is De Balie zwaar beveiligd. Omdat het moet. We zijn de aanslag op Charlie Hebdo immers nog niet vergeten. Bezoekers zijn gescreend en konden slechts een kaartje per persoon kopen. Ze zullen zich aan de deur moeten legitimeren en tussen beveiligingspoortjes moeten laveren. De Amsterdamse politie heeft haar maatregelen genomen en beveiligers zullen in ruime mate aanwezig zijn.

Het publiek krijgt van De Balie tijdens dit Festival van het Vrije Woord, behalve lezingen, debatten en een optreden van Hans Teeuwen, dus ook een ervaring cadeau. Bezoekers kunnen vanavond ervaren hoe het is zwaarbeveiligd door het leven te moeten gaan omwille van het vrije woord.

Schrijversorganisatie PEN

De komst van Kurt Westergaard was tot vandaag geheim, maar zou tijdens het organiseren van het evenement al voor een twist gezorgd hebben. Nieuwsuur weet te melden dat schrijversorganisatie PEN Nederland uit de organisatie van het Festival van het Vrije Woord stapte vanwege de komst van meneer Westergaard. Het werd hen te eng, de verantwoordelijkheid te groot.

Die beslissing deed PEN-bestuurslid Maartje Duin op haar beurt opstappen: “Ik vond het niet te verteren dat wij een paar maanden geleden met opgeheven potloden op de Dam stonden na de aanslag op Charlie Hebdo en wij ons nu terugtrekken uit dit evenement.”

PEN is een internationale organisatie van schrijvers die ijvert voor het beschermen van de vrijheid van meningsuiting tegen repressieve overheden. Afgelopen januari riep PEN Nederland haar leden inderdaad nog op om mee te lopen in een demonstratie, die georganiseerd werd bij wijze van steunbetuiging aan de slachtoffers en nabestaanden van de aanslag op Charlie Hebdo. De slappe knieën die de organisatie nu toont passen daar niet erg bij.

Diezelfde interne verdeeldheid is overigens te zien bij het Amerikaanse PEN, dat op 5 mei haar prestigieuze Toni and James C. Goodale Freedom of Expression Courage Award aan Charlie Hebdo zal toekennen tijdens een gala. Dat besluit kan op protest rekenen van 145 schrijvers, die zoals schrijvers dat betaamt in de pen klommen en een protestbrief componeerden.

“To the section of the French population that is already marginalized, embattled, and victimized, a population that is shaped by the legacy of France’s various colonial enterprises, and that contains a large percentage of devout Muslims, Charlie Hebdo’s cartoons of the Prophet must be seen as being intended to cause further humiliation and suffering.”

Terecht wijzen de schrijvers op de dubbele moraal die men eerder bij Charlie Hebdo liet zien door het ontslaan van cartoonist Siné, Maurice Sinet, vanwege anti-semitisme. Dat staat inderdaad in schril contrast met de carte blanche het het magazine haar medewerkers geeft waar het om bijvoorbeeld moslims en katholieken gaat.

Dat gezegd hebbende vind ik de conclusie dat het afbeelden profeet Mohammed niet anders dan als beledigend bedoeld opgevat moet worden meer dan voorbarig. Dat moslims hun profeet niet afgebeeld wensen te zien is bekend, zoals schrijfster Deborah Eisenberg schreef aan Susanne Nossel van PEN, maar dat mag voor niet-moslims geen beletsel zijn. Ik schreef het eerder al eens: Een verbod op het afbeelden van de islamitische profeet Mohammed komt mij net zo vreemd voor als het verbod van Pythagoras op het eten van bonen en ik voel me in beide gevallen niet geroepen er gehoor aan te geven.

De teneur van het schrijven van mevrouw Eisenberg is daarnaast dat Charlie Hebdo erom gevraagd heeft vanwege brainlessly reckless. Daar kan ik niet zo goed tegen, die verschuiving van verantwoordelijkheid van dader naar slachtoffer, het is als tegen een verkrachtingsslachtoffer zeggen dat ze een te kort rokje droeg.

Charlie Hebdo overleefde en vond de moed door te gaan. Dat verdient wel een prijs voor moed, zou ik zeggen.

Mocht ik die prijs echter mogen vergeven, dan ging hij vandaag naar Kurt Westergaard. Tijdens een interview werd hij gevraagd of hij, na alles wat hem overkwam, nog met veel haat leeft. Zijn antwoord is confronterend eerlijk:

“Nee, mijn haat richtte zich op moslims. Het was verleidelijk, maar het is niet fair om hen allemaal te haten. Ik voel nu vooral woede. Het is een soort afweermechanisme. Collega-tekenaars van de Mohammed-cartoons raakten getraumatiseerd, maar woede was mijn eerste gevoel. Die heb ik vastgehouden. Het verzwakt over de jaren, misschien verdwijnt het ooit wel. Dat hangt ervan af hoeveel jaar ik nog heb. Nu hebben we Charlie Hebdo in Parijs en de aanslagen in Kopenhagen er vlak na… Als ik daaraan denk, blijft de basis van mijn gevoel woede.”

Haat voor de de ander en het vreemde is verleidelijk, zeker wanneer we gedreven worden door angst. 
Het inzicht dat het unfair is zo te haten en dat niet langer te doen, dat vergt moed. 

#Kerstcrisis, de ondemocratische sluiproute van het kabinet

Heeft u gisteravond het debat over de nieuwe zorgwet een beetje kunnen volgen? Ik ben er voor opgebleven, zij het met de luxe wetenschap dat ik vanochtend uitslapen kon. Iedereen die wel eens een nachtdienst gedraaid heeft weet het: Naarmate het later wordt functioneer je slechter. Waarom onze dames en heren politici bij wijze van een soort traditie tot diep in de nacht door debatteren is me dan ook een raadsel.

Zeker bij belangrijke onderwerpen zoals de nieuwe Zorgverzekeringswet van minister Edith Schippers en, veel belangrijker nog, wanneer het kabinet eigenhandig een bijl in de wortels van de democratie slaat.

Misschien werd er juist daarom wel een nachtelijk debat gevoerd, het daglicht lijkt het in elk geval niet te kunnen verdragen.

Hedenochtend werd ik overigens erg verrast door de mildheid waar de politieke escapades van de laatste dagen en afgelopen nacht mee door de pers ontvangen worden.

Marktwerking en de vrije artsenkeuze

Wat was er nou aan de hand? Wel, in een notendop: Er moet gewoon één miljard euro op de zorg bezuinigd worden en dus moet het zorgstelsel hervormd. Marktwerking, met als gevolg een verschuiving van macht naar wat grote zorgverzekeraars, en een beperking van de vrije artsenkeuze (voornamelijk voor mensen die zich geen duurdere polis kunnen veroorloven) moesten daarvoor garant staan. Door verzekeraars meer zeggenschap te geven over de zorgverlener waarmee u als patiënt in zee moet, zult u straks vooral diensten van zorgverleners waar die verzekeraars een contractje mee hebben moeten afnemen. Dat is goedkoper, meent men.

Nu heeft u wel het fundamentele recht om zelf te bepalen door wie en hoe u zich laat behandelen en deze wet beperkt u daar dus in. Tenminste, zo lang u zich de duurdere “restitutiepolis” niet kunt veroorloven. Kunt u dat wel, dan behoudt u dat recht. Dat zou ik een bepaald ongezonde tweedeling in de maatschappij willen noemen.

Wanneer ik zeg “recht” dan bedoel ik uw in onze Grondwet verankerde rechten. Artikel 1 van de Grondwet bijvoorbeeld, die dicteert dat u in gelijke gevallen ook gelijk behandeld dient te worden. Daarnaast belooft Artikel 10 u eerbiediging van uw persoonlijke levenssfeer en Artikel 11 de onaantastbaarheid van uw menselijk lichaam. Artikel 22 van de Grondwet draagt de overheid op om maatregelen te treffen ter bevordering van de volksgezondheid. U heeft het recht op toegang tot gezondheidszorg en dat mag derhalve niet van uw financiële situatie afhangen.

De dwarsliggers van Eerste Kamer

Gelukkig stak de Eerste Kamer daar afgelopen dinsdag een kordaat stokje voor de nieuwe Zorgverzekeringswet. Achtendertig leden stemden tegen, waaronder drie leden van de Eerste Kamerfractie van de PvdA. Achtendertig senatoren lagen geheel terecht en volkomen principieel dwars. Daar houd ik van. Daarmee is meteen ook nut en noodzaak van de Eerste Kamer weer bewezen. Denkt u daaraan, de volgende keer als een of andere politicus oppert die weg te bezuinigen?

De organisatie Zorgverzekeraars Nederland reageerde “teleurgesteld” op het sneuvelen van het wetsvoorstel, maar de Landelijke Huisartsen Vereniging was juist positief: “Het is goed dat de kwaliteit en niet de prijs doorslaggevend zijn. Een groot goed voor patiënt en arts”, aldus LHV-bestuurslid Paulus Lips. Dat is een veelzeggende tweedeling, me dunkt.

Algemene Maatregel van Bestuur

Goed. Gebelgd probeerde het kabinet ons vervolgens een hoogst eigenaardig kunstje te flikken. Mevrouw Schippers dreigde met opstappen en erger nog, het kabinet dreigde met een Algemene Maatregel van Bestuur. Zou de Eerste Kamer een licht gewijzigde en opnieuw ingediende Zorgverzekeringswet weer afwijzen, dan zou het kabinet het parlement gewoon omzeilen om de nieuwe wet toch door te drukken. Een Algemene Maatregel van Bestuur vergt namelijk geen instemming van het parlement.

Dat is in strijd met het staatsrecht. Een Algemene Maatregel van Bestuur is weliswaar een besluit van de regering, dat zonder medewerking van de Eerste en Tweede Kamer gemaakt wordt, maar er moet wel een wet aan ten grondslag liggen. In een Algemene Maatregel van Bestuur wordt de inhoud van die wet verder uitgewerkt.

Mij overviel het beeld van stampvoetende kleuters. Minidictators met mantelpakjes en stropdasjes.

De kern van het wetsvoorstel blijft, ondanks de compromissen, echter overeind: Zorgverzekeraars hebben straks geen verplichting meer om de rekening van zo’n niet-gecontracteerde zorgverlener (grotendeels) te betalen. Het is dan ook afwachten of de Eerste Kamer het wetsvoorstel niet gewoon een tweede keer torpedeert én of het kabinet die Algemene Maatregel van Bestuur uit haar trukendoos tovert.

Komt het zo ver, dan is de tijd aangebroken het hele spul naar huis te sturen.

Rapportage Mensenrechten in Nederland 2013

Na het Jaarbericht Kinderrechten, dat op 17 juni jongstleden werd aangeboden aan de Vaste Kamercommissie van Veiligheid&Justitie, verschijnt vandaag jaarlijkse rapportage Mensenrechten in Nederland 2013. Deze rapportage wordt opgesteld door het College voor de Rechten van de Mens, een onafhankelijke toezichthouder op mensenrechten in Nederland.

Wie de moeite neemt de tweehonderd pagina’s tellende rapportage door te nemen zal op een aantal lelijke pijnpunten stuiten. Voor wie daar geen zin in heeft, wat high lights:

Discriminatie en non-discriminatie

Ik gooi maar meteen twee hoofdstukken uit de rapportage op een grote hoop. Discriminatie is dagelijkse praktijk. Het gebeurt in veel gevallen niet eens opzettelijk, maar het gebeurt. Zowel op basis van afkomst en cultuur als op basis van geslacht, leeftijd, handicap, seksuele gerichtheid en religie.

Uiteraard refereert de rapportage aan de hoogoplopende discussies over Zwarte Piet. Discriminatie komt op diverse gebieden voor; op de arbeidsmarkt, in het onderwijs, de media, het horeca-deurbeleid, in het politieke klimaat (“Minder Marokkanen. Minder, minder, minder!”) en etnisch profileren door de politie.

Het College voor de Rechten van de Mens gaat in haar rapportage nog even op zoek naar de oorzaak daarvan en van de allergische reactie die de gemiddelde Nederlander kennelijk geeft op de constatering dat iets discriminatoir zou zijn. Blanke autochtonen schieten nogal eens in een krampachtige ontkenning en zelfverdediging. We wanen ons tolerante inwoners van een tolerant gidsland en hebben er moeite mee wanneer die illusie doorgeprikt wordt. Dat herken ik ook in mijzelf, ik heb me in de discussie over Zwarte Piet bijvoorbeeld ook geroerd.

Zorgelijk vind ik de observatie van een opkomend “nativisme”, waarbij men als “native” of oorspronkelijke bewoner oudere en zwaarwegender rechten te hebben dan relatieve nieuwkomers.

Vrouwen worden nog altijd niet gelijk betaald voor gelijk werk en ook zwangerschapsdiscriminatie is gewoon gemeengoed. Kom op zeg, Nederland, dat is structurele discriminatie van de helft van de populatie!

Transgenders komen er het bekaaidst vanaf, voor hen is zelfs niets voorzien in de Algemene Wet Gelijke Behandeling.

Nationale implementatie en infrastructuur

Een lang verhaal kort: Mensenrechten staan nog te laag op de agenda’s van onze Rijksoverheid en de gemeentes. Beleid zou vaker en beter aan mensenrechten getoetst moeten worden. Een gemeente die huishoudelijke hulp wegbezuinigt waardoor een hulpbehoevende niet langer zelfstandig kan wonen tast het recht op wonen en het recht op sociale bescherming van die hulpbehoevende aan.

De rapportage is ook kritisch over de opkomende participatiesamenleving. Participatie is prachtig en een teken van een overheid die burgers ziet als volwaardige, zelfredzame en autonome eigenboontjesdoppers. Het is wel een struikelblok voor hulpbehoevenden die om te beginnen al geen geschikt sociaal netwerk hebben waarop zij een beroep kunnen doen.

Rechtspleging en rechtsmiddelen

Om de doorlooptijden van eenvoudige rechtszaken te bekorten is de ZSM-werkwijze ingevoerd. De officier van Justitie kan daarbij een strafbeschikking opleggen en doet daarbij wat eigenlijk aan de rechter is voorbehouden. Een verdachte hoeft daar niet mee akkoord te gaan en kan zo alsnog toegang krijgen tot een onpartijdige en onafhankelijke rechter. Voorwaarde daarbij is dan wel dat die verdachte juist en volledig geïnformeerd wordt over de mogelijkheden tegen die strafbeschikking in te gaan en over zijn recht op rechtsbijstand.

Nog een lang verhaal kort: Bezuinigingen op de (gesubsidieerde) rechtsbijstand vormen een direct gevaar voor het recht op toegang tot een rechter en het recht op een eerlijk proces.

Waarborgen rond vrijheidsbeneming

Het College voor de rechten van de Mens maakt zich zorgen om een conceptwetsvoorstel dat het mogelijk moet maken dat verdachten, die nog niet onherroepelijk zijn veroordeeld en wiens schuld dus nog niet onomstotelijk vaststaat, toch alvast de gevangenis in kunnen verdwijnen.

Mensen blijken in Nederland regelmatig onterecht of te lang in voorlopige hechtenis te zitten. Dat is niet alleen in strijd met de mensenrechten, we betalen ons ook blauw (11,1 miljoen euro!) aan schadevergoedingen. Rechters maken simpelweg te weinig gebruik van bestaande alternatieven op die voorlopige hechtenis.

Het ergst van alles: Driekwart van de strafrechtelijk opgesloten kinderen in justitiële jeugdinrichtingen zit daar in voorarrest, van hen is dus nog niet bekend of ze terecht vast zitten.

Migratie en mensenrechten 

In 2013 zaten toch nog dertig kinderen in vreemdelingenbewaring of grensdetentie en hoe we dat ook wenden of keren, kinderen horen daar per definitie niet in thuis. Dit jaar worden er maatregelen ingevoerd die dat geheel onmogelijk moeten maken.

Vreemdelingen worden na binnenkomst eerst twee weken onder een zwaar verblijfsregime ondergebracht, onnodig, want een lichter en minder vrijheidsbeperkend regime in gewoon voorhanden. Wie in vreemdelingendetentie verblijft ondervindt ook nog eens onnodig veel drempels wanneer hij medische hulp nodig heeft.

Vreemdelingen die Nederland moeten verlaten maar dat niet kunnen, bijvoorbeeld omdat het land van herkomst niet meewerkt, hebben geen toegang tot basale voorzieningen zoals onderdak en voedsel. Zieke vreemdelingen worden teruggestuurd naar hun thuisland, terwijl we van tevoren al weten dat zij daar niet de ziekenzorg zullen krijgen die ze nodig hebben.

Privacy

Nederlandse en Amerikaanse inlichtingen- en veiligheidsdiensten verzamelden en analyseerden vorig jaar op grote schaal onze gegevens. De wetgeving die ons tegen een dergelijke inbreuk in onze persoonlijke levenssfeer moet beschermen is verouderd en houdt geen rekening met alle technische vooruitgang op dat gebied.

De Nederlandse diensten vertrouwen daarnaast buitenlandse diensten op hun blauwe ogen dat zij zich daarbij wel aan de mensenrechten zullen houden en dat is in de praktijk hoogst onverstandig gebleken.

Uitbreidingen in cameratoezicht verdienen het ook uitermate kritisch te worden bekeken en dan met name de inzet van mobiele camera’s en drones, die nog een veel grotere inbreuk op onze privacy zijn.

Door de voorgenomen decentralisatie zullen gemeentes vaker en meer van onze gegevens met elkaar uit gaan wisselen, zo vreest het College. Er moet een wettelijke garantie ingebouwd worden dat die uitwisseling wel ondubbelzinnig, vrijwillig en in overeenstemming met de Wet Bescherming Persoonsgegevens gebeurt.

Huwelijk en privé- en gezinsleven

Een grote vooruitgang werd vorig jaar geboekt in wetgeving die het privé- en gezinsleven beschermt van ouderparen van gelijk geslacht. Lieden die geen huwelijken willen voltrekken tussen paren van gelijk geslacht zijn (eindelijk!) niet meer benoembaar als trouwambtenaar.

Transgenders die hun gegevens bij de burgerlijke stand willen veranderen moeten daarbij een verklaring van een deskundige overleggen, die daarin verklaart over de “duurzaamheid van de wens van de transgender”. Dat staat in potentie op gespannen voet met het recht op zelfbeschikking.

De gaswinning in Groningen kan de veiligheid en het leefmilieu van de Groningers aantasten en daarbij wordt hun recht op bescherming van het privé- en gezinsleven aangetast. De overheid heeft in deze kwestie te weinig oog voor dat mensenrecht, zowel bij de afhandeling van reeds ontstane schade als bij haar besluitvorming omtrent de gaswinning.

Lichamelijke en geestelijke integriteit

Huiselijk geweld staat hoog op de agenda en dat is maar goed ook want het komt op grote schaal voor. Nederland maakt zich op om het Verdrag van Istanbul, over geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld in het algemeen, te ratificeren. Dat duurt echter wel erg lang en Caribisch Nederland laat het daarbij zelfs helemaal afweten.

Mensenhandel

Voor slachtoffers van binnenlandse mensenhandel, en dan vooral meisjes, is te weinig passende opvang en zorg. Jeugdzorg heeft zelfs onvoldoende kennis in huis om deze slachtoffers te herkennen. Tijdens de rechtsgang is een schadevergoeding voor slachtoffers als onderdeel van het vonnis nog altijd een ondergeschoven kindje.

Minder bekende vormen van mensenhandel, zoals gedwongen bedelen en gedwongen criminaliteit, dienen beter in kaart te worden gebracht. Al wat we weten is dat deze vormen in ruime mate naast seksuele uitbuiting bestaan, maar concrete cijfers zijn er niet.

Bedrijven en mensenrechten 

Bedrijven hebben wat mensenrechten betreft net zo goed hun verantwoordelijkheden. Te hoge werkdruk, slechte arbeidsomstandigheden, gezondheidsschade, ongewenste intimiteiten, onderbetaling en al wat dies meer zij kunnen een inbreuk op de mensenrechten vormen. Er is nog te weinig aandacht voor moderne slavernij. De regering heeft vorig jaar het Nationaal Actieplan Bedrijfsleven en Mensenrechten aan de Tweede Kamer gepresenteerd, maar hoe dat verder in de praktijk vorm moet gaan krijgen is nog volledig onbekend.

Arbeid en sociale zekerheid

Discriminatie op de arbeidsmarkt gebeurt, op kleur, leeftijd, geslacht, handicap enzovoorts, en vooroordelen en stereotyperingen onder werkgevers spelen daar een rol in.

Huishoudelijk werkers hebben binnen het sociaal en arbeidsrecht een minder gunstige positie dan andere werknemers.

Gemeenten mogen bijstandgerechtigden tot een tegenprestatie verplichten, maar niet om het werk te doen van mensen in functies die zijn wegbezuinigd en niet ten faveure van private partijen. Ook die bijstandgerechtigden hebben gewoon recht op billijke en eerlijke arbeidsomstandigheden en gelijk loon.

Gezondheid en zorg

Zorg moet toegankelijk, beschikbaar en van goede kwaliteit zijn. Niets minder.

Het college maakt zich daar zorgen over, meer bepaald de ouderenzorg en de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. In de laatste branche constateert het misstanden met een structurele aard; lichamelijke integriteit, privacy en rechtsbescherming van patiënten zijn in het geding.

Er is nog altijd te weinig garantie dat onze persoonlijke gegevens en het medisch beroepsgeheim naar behoren worden beschermd bij het delen van onze medische gegevens. Gelukkig zei ik ‘nee’ tegen het elektronisch patiënten dossier en heb ik duidelijk aangegeven dat mijn gegevens niet gedeeld mogen worden.

Onderwijs en mensenrechteneducatie

Mbo-studenten met een beperking ondervonden vorig jaar problemen bij toegang tot een opleiding en het vinden van een stageplaats, terwijl zij toch echt recht hebben op een gelijke behandeling en passend onderwijs.

Educatie over onze mensenrechten staat nog steeds niet in de kerndoelen van het onderwijs.

Levensstandaard 

Er zijn nog altijd groepen mensen die in armoede leven en die niet of nauwelijks in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Het aantal daklozen is toegenomen en meer mensen zijn afhankelijk van de voedselbank. Een derde van alle armen zijn kinderen en jongeren onder de achttien jaar. Het huidige armoedebeleid is niet gestoeld op de mensenrechten en er is weinig oog voor de beschadigende gevolgen van armoede.

Caribisch Nederland 

Armoede is hier het grootste probleem. Het gemiddeld inkomen is er lager, de gemiddelde kosten voor levensonderhoud hoger. Het gemiddeld opleidingsniveau is laag en met de werkgelegenheid is het somber gesteld. Huiselijk geweld is een veelvoorkomend probleem. De detentieratio is relatief hoog, mede omdat er geen oog is voor alternatieven op vrijheidsstraffen.

Lieve Minister Timmermans

Ik heb begrepen dat u inmiddels een van uw hogere ambtenaren naar Saoedi-Arabië gestuurd heeft en u zelfs voornemens bent er zelf naartoe af te reizen. Dat alles om de plooien in de Saoedi-Arabische vlag glad te strijken die de stickeractie van meneer Wilders teweeg heeft gebracht.

Op de stickers van meneer Wilders, die hij in november van het vorige jaar al presenteerde, staat in Arabisch schrift de anti-islamitische boodschap “De islam is een leugen, Mohammed een crimineel en de Koran gif” – of woorden van gelijke strekking, ik ben het Arabisch niet machtig dus ik verlaat mij hier op de vertaling van anderen.

De sticker, groen met witte letters, lijkt op de Saoedi-Arabische vlag. Op die vlag, ook groen met witte belettering, staat de islamitische geloofsbelijdenis: “Ik getuig dat (er) geen godheid is (dan) alleen God en ik getuig dat Mohammed de gezant van God is.” Of, alweer, woorden van gelijke strekking.

Meneer Wilders maakt met zijn sticker de islamitische profeet en godsdienst belachelijk en misbruikt daarbij de nationale vlag van Saoedi-Arabië. Dat is onaardig van meneer Wilders en onfatsoenlijk bovendien, vond ik, maar hij is vrij zijn mening te uiten en vlagschennis is in Nederland in het geheel niet strafbaar.

Daarnaast moet hij die sticker in een enveloppe van de Tweede Kamer naar de Saoedische ambassade in Den Haag gestuurd hebben en daar heeft men kennelijk een half jaartje op dit affront moeten zouten. Inmiddels is de spreekwoordelijke kogel door de moskee en is men beledigd. Zo beledigd dat men een handelsboycot overweegt.

Daarmee krijgt meneer Wilders zijn zin, want dat de Saudi’s er uiteindelijk het hunne van zouden denken kon hij op zijn vingertjes natellen natuurlijk. Dat was de bedoeling ook, daar hoeven we ons geen illusies over te maken. Nu mogen de Saudi’s op hun beurt natuurlijk van meneer Wilders vinden wat ze willen, maar dat dreigen met een handelsboycot is natuurlijk aperte nonsens. Voor zulke dwingelandij, uitgerekend van dit land, zouden we doof moeten blijven.

Volgens u, beste meneer Timmermans, “is er officieel er nog altijd géén sprake van een handelsboycot door Saoedi-Arabië” maar hoort u wel verhalen van “steeds meer Nederlandse bedrijven die geen contracten krijgen en dat hun samenwerking met de Saoedi’s niet doorgaat”. U vreest voor dat handelsboycot en dat begrijp ik best. Money makes the world go round en in dit geval gaat het om meer dan twee miljard exporteuronen.

Toch zou ik u willen vragen gewoon fijn thuis te blijven.

U geeft zelf aan dat Nederland al jarenlang met Saoedi-Arabië praat over de mensenrechten in dat land, maar dat “deze dialoog door de actie van Wilders vrijwel onmogelijk is geworden”. Om dit gevoelige onderwerp weer ter sprake te kunnen brengen is het volgens u “eerst nodig om ‘de rotzooi van Wilders’ op te ruimen”.

Laat de Saudi’s nu eerst hun eigen rotzooi maar eens opruimen alvorens handel met hen te willen drijven. Mensenrechtenschendingen zijn er aan de orde van de dag en daar hebben die jarenlange conversaties duidelijk weinig tot niets aan veranderd.

In Saoedi-Arabië werd blogger en oprichter van de Saoedische website “Vrije Saoedische Liberalen” Raif Badawi op 30 juni 2013 nog veroordeeld tot 600 zweepslagen en zeven jaar gevangenisstraf wegens belediging van de islam. Op zijn website werd namelijk kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd. Badawi had kritiek op de religieuze politie voor het schenden van mensenrechten en erger nog; Raif Badawi had het gore lef om te vinden dat moslims, christenen, joden en atheïsten gelijkwaardig aan elkaar zijn en haalde zich daarmee de toorn van een islamgeleerde op de hals. Raif Badawi is een van velen.

Mensenrechtenverdedigers worden vervolgd en gestraft, mensen worden er zonder aanklacht jarenlang opgesloten, vrouwenrechten worden er systematisch geschonden, vreemdelingenhaat tiert er welig, er wordt gemarteld en men bedient zich er van uitermate wrede straffen. Vrijheid van religie is non-existent, op afvalligheid staat de doodstraf. Het is het enige land ter wereld dat nog aan koppensnellen doet, bij voorkeur en plein public. Nieuwe wetten verklaren atheïsten er tot terroristen.

Lieve Minister, u hield vorige week nog een fel betoog tegen antisemitisme en racisme in Europa. U maakte zich boos om antisemitisme en de uitlatingen door politici van rechts-populistisch pluimage. Volgens u bedreigen antisemitisme, racisme, discriminatie, islamofobie, antigevoelens tegen religie of antigevoelens tegen mensen die ervoor kiezen geen religie te hebben  “het Europese project” en de strijd tegen zulke sentimenten moet ons veel waard zijn.

Is dat dan alleen in Europa of is twee miljard exporteuronen gewoon te duur?

Wanneer die strijd u werkelijk zo veel waard is, blijf dan thuis. Boycot Saoedi-Arabië.

Put your money where your mouth is.

Vrouwen, Saoedi-Arabië en de VN Mensenrechtenraad

Vrouwen achter het stuur. Hier is dat de normaalste zaak van de wereld (zij het somtijds ook bron van vermaak voor mannen die denken dat ze ’t beter kunnen), maar in Saoedi-Arabië is dat ten strengste verboden. Bij wet. Alleen mannen mogen er een rijbewijs halen. Vrouwen die toch autorijden kunnen daarvoor fikse boetes krijgen, of zelfs gevangenisstraf.

De rammelende eierstokken van Sheikh Saleh bin Saad al-Lohaidan

Onlangs verklaarde een belangrijke conservatieve geestelijke van Saudi-Arabië, Sheikh Saleh bin Saad al-Lohaidan, nog dat vrouwen die autorijden daarmee hun eierstokken riskeren. Sterker nog, vrouwen die regelmatig autorijden krijgen daardoor kinderen met allerlei, uiteraard niet nader omschreven, medische problemen. Meneer wordt daarbij niet gehinderd door enige medische kennis of achtergrond, overigens. Deze man, die ook nog eens juridisch adviseur is bij een vereniging van psychologen in de Golfstaten, riep vrouwen met rijambities hun “verstand vóór hun hart, emotie en passie te laten gaan”. 

Afgelopen dinsdag meldden honderdvijftig woedende islamgeleerden zich bij het koninklijk zomerpaleis in Jeddah, alwaar zij ontvangen werden door koning Abdallah. Dit religieus herrenvolk wil zich er hard voor maken dat Saoedische vrouwen ook in de toekomst geen auto zullen mogen rijden. De heren zijn ook gepikeerd dat de regering Saoedische vrouwenorganisaties zich ongestraft laat wegkomen met hun pogingen het rijverbod af te laten schaffen.

Gelukkig voor de Saoedische vrouwen zijn er inmiddels ook legio Saoedische mannen die zich tegen het verbod keren.

Campagne 26 oktober

Aankomende zaterdag zullen Saoedische vrouwen in weerwil van die wet en uit protest daartegen achter het stuur kruipen. De Saoedische regering is not amused door deze voorgenomen massale protestrit. Niet alleen blokkeerde ze website van de campagnevoerders, de Saoedische regering liet gisteren ook een waarschuwing uitgaan dat er geweld gebruikt zal worden mocht men het in het vrijgevochten hoofd halen te protesteren voor het afschaffen van het rijverbod voor vrouwen.

Saoedi-Arabië en de Mensenrechtenraad

Vrouwen zijn er overigens niet als enige de gebeten hond. Met mensenrechten in het algemeen is het treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun “misdaad”. Onlangs nog werd een groep van drieënvijftig christenen door de Saoedische religieuze politie aangehouden omdat ze het lef hadden in een woning te bidden.

Ondertussen heeft Saoedi-Arabië een rapport gepresenteerd aan de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, over de ontwikkelingen inzake de mensenrechten in het koninkrijk in de periode van 2009 tot 2013. Vijfennegentig landen spraken zich over dat rapport uit, waarvan tweeëntachtig in positieve zin.

Canada kaartte de rechten van Saoedische vrouwen aan, inclusief hun rijverbod. Ierland sprak zich uit tegen het fenomeen mahram, de mannelijke voogd zonder wie vrouwen bijvoorbeeld niet mogen reizen. Duitsland sprak zich uit tegen de kindhuwelijken in het koninkrijk.

UN-Watch zette een paar van die loftuitingen voor ons op een rij;

Turkey: “We commend Saudi Arabia for the significant rise of women in civil service”
Tunisia: “We commend Saudi Arabia for efforts to adapt its laws with international human rights conventions…”
Palestine: “We take notice of Saudi Arabia’s efforts to protect and promote human rights…”
Somalia: “Saudi Arabia maintains a high priority for protection and promotion of human rights…”
Pakistan: Commended “laudable steps taken by Saudi Arabia to promote and protect the rights of children and women…”
Nicaragua: “We note Saudi Arabia’s progress in rights of the child, trafficking of persons, and legislative change for women’s rights…”
Mauritania, VP of the UNHRC (and a country that practices slavery): “We commend Saudi Arabia for always seeking to strengthen human rights…We commend Saudi Arabia in terms of the progress on guaranteeing fundamental rights and freedoms, socioeconomic progress, participation of women at all levels and participation in society. We hope to see greater prosperity and progress for Saudi Arabia.”
Maldives: “We commend Saudi Arabia’s improvement on the situation of women.”
Libya: “Saudi Arabia continues to strengthen human rights and promote them and this deserves our appreciation…” 
Egypt: “We commend Saudi Arabia’s progress to protect and promote human rights, and welcome work done to strengthen role of women…”
France: “We commend Saudi Arabia with its progress in the role of women in society…”
Denmark: “We commend Saudi Arabia’s progress in the promotion of rights for women in recent years…”
Cuba: “We commend Saudi Arabia for the implementation of recommendations made in the first cycle. Many areas of positive results: education, health…”
China: “We appreciate efforts made to protect the rights of children and to have dialogues of religious tolerance…”
Cambodia: “We take note of progress in human employment, education, and social security…”
Afghanistan: “We commend Saudia Arabia as they continue to enhance the protection and promotion of human rights…”
Vietnam: “Commend Saudi Arabia’s efforts in combating human trafficking and discrimination; these are encouraging…”
Venezuela: “Enrollment in primary education has reached 96.6%. We congratulate Saudi Arabia…”


Wat Nederland te vertellen had, dat heb ik nog niet kunnen vinden. Tot zo ver de Verenigde Naties maar weer.

Ironisch genoeg ambieert Saoedi-Arabië een plekje in die Mensenrechtenraad. De verkiezingen daarvoor zullen op 12 november dit jaar plaatsvinden.

Vol verwachting klopt mijn hart.

Bread and Roses!

In het Amerika van 1908 legden vrouwen in de textiel- en kledinginsdustrie op 8 maart het werk neer. Vijftienduizend vrouwen gingen de straten van New York City op; vóór betere werkomstandigheden, een achturige werkdag, betere salariëring en vrouwenkiesrecht en tégen kinderarbeid. “Bread and Roses!” luidde hun slogan; het brood als symbool voor sociale zekerheid en de rozen voor betere leefomstandigheden.

Twee jaar later riep de Duitse vrouwenrechtenactiviste Clara Zetkin 8 maart uit tot Internationale Vrouwendag, tijdens een internationale vrouwenconferentie in Kopenhagen. De eerste Internationale Vrouwendag werd het jaar daarop gehouden. Vandaag dus op de kop af honderd jaar geleden.

Zetkin kwam in 1857 in het conservatieve Saksen ter wereld als Clara Eissner, de dochter van een Protestantse dorpsonderwijzer. Ze was op haar beurt voorbestemd onderwijzeres te worden en kwam tijdens haar opleiding in contact met het socialistische ideeëngoed van Russische emigranten. Ze trouwde met de marxistische Ossip Zetkin. Bismarcks socialistenvervolging deed hen Duitsland ontvluchten, om hun heil te zoeken in Oostenrijk, Zürich en Parijs. Ze kregen twee kinderen. Ze bleven marxistische kringen frequenteren.

Clara Zetkin pleitte voor economische en sociale gelijkheid van de vrouw, maakte zich hard voor een verlichting van huishoudelijke taken en pleitte voor een gelijke verdeling van verantwoordelijkheden tussen man en vrouw binnen het gezin. Na haar terugkeer naar Duitsland in 1890 nam ze de organisatie van de sociaaldemocratische vrouwenbeweging op zich. Duitse vrouwen hadden op dat moment nog geen stemrecht, net zoals hun Nederlandse evenknieën.

Dat is nu, meer dan honderd jaar later, wel anders, al verzet de SGP zich nog altijd tegen het actief stemrecht voor vrouwen. Wat vrouwenemancipatie betreft zijn we er echter nog lang niet. Er is nog altijd geen land ter wereld waar vrouwen werkelijk hetzelfde behandeld worden als mannen. Zelfs hier, in ons voorlijke kikkerlandje niet. Nederlandse vrouwen kampen nog altijd met een glazen plafond, verdienen gemiddeld 23% minder dan de heren en dat huiselijke taken en de zorg voor de kinderen hoofdzakelijk op vrouwen neerkomt ligt nog stevig ingebed in ons nationale idee van rolpatronen. Discriminatie van vrouwen blijft hier te lande een onderbelicht fenomeen, sterker nog, in sommige gevallen “moet het kunnen“.

Nee, voor vrouwen ligt de lat extra hoog; we worden geacht met gemak een voltijdsbaan te combineren met een kinderrijk gezin en een druk sociaal bestaan, hoogopgeleid en ambitieus carrière te maken maar ondertussen met zorg het huishouden te bestieren en dat alles liefst op hoge hakken, het schoonheidsideaal inachtnemend en uiteraard never a hair out of place. Dat veel van die carrièrevrouwen dat helemaal niet kunnen bolwerken is geen nieuws, laat staan dat we er niet gelukkiger van worden.

Mondiaal gezien komen vrouwen er nog veel bekaaider af; we mogen dan de helft van de wereldbevolking uitmaken, we doen tweederde van al het werk en dat tegen een bijzonder karig salaris; vrouwen verdienen 10% van het wereldinkomen. Weing verwonderlijk is dan ook driekwart van de armen op deez’ aardkloot vrouw.

Bread and Roses!