Zin en Onzin over Vaccineren

Morbilli.png

Mazelen

De mazelen (Morbilli) zijn terug in Europa. Dat is een klinkende overwinning voor de anti-vaccinatiebeweging.

In de eerste maanden van dit jaar is het aantal besmettingen met deze, alles behalve onschuldige, ziekte exponentieel toegenomen. In ons welvaartlandje sterven een of twee patiëntjes per duizend infecties. In ontwikkelingslanden is dat vijf, soms zelfs tien procent. Bijkomende mogelijke complicaties van mazelen zijn middenoorontsteking, longontsteking, hersenvliesontsteking en, wanneer je het ongeluk hebt een gemuteerd mazelenvirus te treffen, een zeldzame chronische en progressieve hersenontsteking. Er is geen medicijn tegen mazelen.

Maar! Er is wel een vaccin. Een vaccin dat zichzelf dubbel en dwars bewezen heeft. Wereldwijd stierven er in 2011 158.00 mensen aan mazelen, 71% minder dan voorheen en dat alleen omdat er steeds meer gevaccineerd wordt. Voordat men überhaupt begon met vaccinatie tegen mazelen stierven er nog zo’n 2,6 miljoen mensen per jaar – en ondanks de vaccinatieprogramma’s is het mazelenvirus nog altijd een van de voornaamste oorzaken van kindersterfte.

Poliomyelitis

Polio

Vaccinatie werkt!

Dat vaccinatie werkt, dat zou genoegzaam bekend moeten zijn. Het besmettelijke en levensbedreigende pokkenvirus is het eerste virus dat met succes door een wereldwijd vaccinatieprogramma werd uitgeroeid. Vervolgens richtte de medische wereld zich op het poliovirus, met bijna evenveel succes. In 2015 waren er wereldwijd nog maar een honderdtal poliobesmettingen, het laagste aantal ooit en dat is een grote sprong voorwaarts voor ons, mensen. U weet wel; minder sterfte, minder ziekte, minder lijden, minder verdriet.

Vaccinatieprogramma Nederland

In Nederland krijgen veruit de meeste kinderen een breed scala aan vaccinaties toegediend. De overheid betaalt deze vaccinatieprogramma’s en dat kost een lieve duit.
Het hedendaags vaccinatieprogramma bestaat uit vaccinaties tegen:

  • Difterie, een bacteriële infectieziekte, was voor ertegen gevaccineerd werd een van de voornaamste oorzaken van kindersterfte. Ook bekend onder de naam kroep is deze ziekte zonder behandeling vaak fataal. De bacterie maakt gifstoffen die de weefsels van de luchtwegen, de hartspier en het zenuwstelsel kunnen beschadigen. De slijmvliezen in de keel worden taai, hetgeen de ademhaling bemoeilijkt, en vormen pseudo-membranen die los kunnen geraken en de luchtweg vervolgens blokkeren. Herstel kan weken, soms zelfs maanden duren en een patiënt kan blijvende complicaties oplopen; van verlamming, scheelzien tot een verminderde visus.
  • Kinkhoest wordt ook door een bacterie, Bordetella pertussis, veroorzaakt. Zoals de naam al verraadt wordt deze ziekte vooral gekenmerkt door hevig en aanhoudend hoesten. Wanneer de symptomen op hun ergst zijn hoest een patiënt zich tot bijna-stikken toe leeg, waarop met een gierend geluid weer ingeademd wordt. Daarom noemt met kinkhoest in Engeland “whooping cough“. De ernstige hoestaanvallen kunnen braken opwekken en in het ernstigste geval de patiënt doen stikken.
  • Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetani. Deze bacterie kun je bij een kleine verwonding oplopen en eenmaal in het lichaam produceert hij giftige afvalstoffen die spierweefsel aantasten, met hevige en pijnlijke spierkrampen tot gevolg. Verkrampte gezichtsspieren doen het gezicht in een sardonische grimas vertrekken. Het lichaam van de patiënt wordt door verkrampende spieren in een pijnlijke achterwaartse boog getrokken. Dat kan zo’n zes weken duren, waarna het tetanustoxine uiteindelijk de ademhalingsspieren of het hart kan bereiken, waardoor de patiënt sterft. Zelfs met een goede behandeling is tetanus in 50% van de gevallen fataal.
  • Polio is een virusaandoening. Het virus tast maag en darmen aan en veroorzaakt een ontsteking in het ruggenmerg. De ziekte verloopt in veruit de meeste gevallen mild, maar in 1% van de gevallen treden spierzwakte en -verlammingen op. In kinderen veroorzaken die op hun beurt misvormingen tijdens de groei. In een enkel geval veroorzaakt polio een verlamming van de ademhalingsspieren.
  • Haemophilus influenzae type b, Hib voor intimi, is een bacterie. Deze bacterie is verantwoordelijk voor 5% van de gevallen van hersenvliesontsteking bij zuigelingen en peuters en kan een strotklepontsteking veroorzaken. In 2% van de door Hib veroorzaakte gevallen van meningitis sterft de patiënt. Bij kinderen met Hib-infectie is dat zelfs 5 tot 10%. Bij 10% is er blijvende schade, zoals doofheid, epilepsie of een geestelijke achterstand.
  • Hepatitis B is een virus, dat leverontsteking veroorzaakt. De aandoening verloopt in veel gevallen onopgemerkt. Zijn er wel symptomen, dan kunt u in rekenen op zaken als geelzucht, vermoeidheid, koorts, spier- en gewrichtspijn, misselijkheid en pijn in de bovenbuik. Wordt de infectie ook nog eens chronisch dan raakt de lever beschadigd, levercirrose, en is er een grotere kans op leverkanker.
  • De bof is een virusziekte die in de meeste gevallen onschuldig verloopt. Het virus kan een ontsteking veroorzaken in de oorspeekselklier, met een flinke zwelling van de wang tot gevolg. In de gevallen dat het verloop van de bof niet zo onschuldig uitpakt kunnen er complicaties optreden als hersen- en hersenvliesontsteking of ontstekingen aan organen als de eileider, de testikel en de alvleesklier. Ook doofheid en blindheid  kunnen gevolg zijn van de bof.
  • Mazelen wordt veroorzaakt door een luchtwegvirus. In eerste instantie lijken de symptomen op die van een flinke griep, met bijbehorende koorts, totdat die rode jeukende vlekjes verschijnen en de koorts nog eens verder oploopt. Bijkomende mogelijke complicaties zijn middenoorontsteking, longontsteking, hersenvliesontsteking en, wanneer je het ongeluk hebt een gemuteerd mazelenvirus te treffen, subacute scleroserende panencefalitis. In ons welvaartlandje sterven een of twee patiëntjes per duizend infecties. In ontwikkelingslanden is dat vijf, soms zelfs tien procent.
  • Rodehond wordt veroorzaakt door het rubellavirus en verloopt doorgaans onschuldig. Opgezette lymfeknopen, rode huiduitslag, soms koorts, oogbindvliesontsteking en gewrichtsklachten. Patiënten zijn nauwelijks ziek en rodehond is snel weer over. Het echte probleem met rodehond is wat het virus met de ongeboren vrucht kan doen, wanneer de aankomende moeder er in het begin van haar zwangerschap ziek van wordt. Geboorteafwijkingen als grijze staar, glaucoom, doofheid, hartafwijkingen of een vernauwing van de longslagader kunnen die ongeboren vrucht ten deel vallen.
  • Meningokokken C wordt veroorzaakt door een bacterie Neisseria meningitidis, die bij 10% van onze bevolking latent aanwezig is in de keel- en neusholte. Zij zijn drager. Daar heeft het merendeel van die groep geen last van, maar er zijn er die er een hersenvliesontsteking of (bijzonder snel verlopende) bloedvergiftiging van krijgen, beide soms met fatale gevolgen. Vooral jonge patiënten kunnen behoorlijk ziek worden. In 20 tot 30% van de gevallen leidt meningokokken C tot blijvende complicaties, zoals doofheid, motorische problemen en leer- en gedragsproblemen.
  • Het humaan papillomavirus kan een abnormale celgroei veroorzaken in huid en slijmvliezen. Er zijn honderden verschillende van deze papillomavirussen, de meeste ongevaarlijk, sommige veroorzaken wratten. Een infectie kan de kans op kanker (met name baarmoederhalskanker) vergroten. In 75% van de gevallen van baarmoederhalskanker is een humaan papillomavirus als oorzaak aan te wijzen.

Waarom zou je dan niet vaccineren?

Het gaat dus in alle gevallen om ziekten die ernstige symptomen met zich meebrengen, levenslang kunnen invalideren en een fatale afloop kunnen hebben. Van “onschuldige kinderziekten” is hier geen sprake. Toch is er een groeiende groep mensen die zijn kinderen niet laat vaccineren en zich openlijk tegen vaccinatie uitspreekt.

Religieuze bezwaren

Er zijn mensen die uit religieus oogpunt hun kinderen niet vaccineren, die vinden dat een mensenleven in Gods hand ligt en een ziekte door “Gods vaderlijke hand wordt toebedeeld“. Eenmaal ziek, dan mag je wel een beroep doen op de medische wereld. Dat heeft me altijd verwonderd; alsof een werkelijk almachtige god zich door zo’n vaccinatie tegen zou laten houden.

Sowieso, wanneer je blind moet vertrouwen op wat die God met je voorzien heeft, waarom ligt de grens dan kennelijk bij vaccinatie? Airbags, valhelmen, kinderzitjes, raambeveiligers, zwemles – allemaal geen issue.

Of ouderlijke vrijheid van religie moet betekenen dat ze met hun kinderen, uit religieus oogpunt, mogen doen wat ze willen? Nee. Natuurlijk niet en al zeker niet in absolute zin. Ouders die hun kinderen levensreddende zorg onthouden zetten we uit de ouderlijke macht. Ook over meisjesbesnijdenis zijn we het ook al eens; dat staan we ouders niet toe – ook niet onder het mom van religie. Goddank, zou ik bijna willen zeggen.

Antroposofen en Kritische Prikkers

Er zijn ook mensen die menen dat je kinderziekten hun beloop moet laten. Antroposofen, bijvoorbeeld. “Onschuldige” kinderziekten moet je doormaken, want dat is goed voor je afweersysteem en ze zijn een stimulans voor je ontwikkeling.

Dat het doorstaan van de ziekte een betere immuniteit oplevert dan vaccinatie is in het geval van de bof inderdaad zo. Ongeveer 5% van de mensen die tegen de bof worden ingeënt maken na één vaccinatie nog te weinig antistoffen aan om op lange termijn beschermd te blijven. Daarom vaccineren ze kinderen twee keer. Vaccinatie tegen de bof geeft inderdaad bij minder mensen een goede immuunrespons dan het doorstaan van de ziekte zelf, echter wel meer dan voldoende om epidemieën te voorkomen. Ook geen kleinigheid, me dunkt. Daarover zo direct meer.

Die antroposofische gedachtegang laat ruimte voor vaccinatie wanneer een ziekte toch teveel risico oplevert voor een kind. Zo laten antroposofen hun kinderen vaak wel tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio inenten, maar laten een inenting tegen bof, mazelen en rodehond achterwege vanwege “niet noodzakelijk”.

Die gedachtegang delen de antroposofen deels met de “kritische prikkers”, die zich verenigden in de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken. Ook die wegen argumenten voor en tegen vaccineren af, maar zij baseren zich daarbij niet op enige levensbeschouwing.

Het belang van groepsimmuniteit

Een belangrijke vraag is daarnaast of we de noodzakelijkheid tot vaccineren alleen willen bepalen aan de hand van de risico’s voor de eigen kinderen alleen of kinderen in het algemeen. Vaccinatie tegen rodehond bijvoorbeeld, wordt dus niet gedaan omdat de ziekte zo naar verloopt en ook niet omdat de zieke zèlf een risico loopt op al dan niet blijvende ernstige complicaties. Het belang ligt daarbij vooral bij vroege zwangerschappen van anderen.

Het fenomeen groepsimmuniteit onderschrijft dat vaccinatie niet alleen voor het individu, maar ook voor de gehele populatie belangrijk is. Hoe meer mensen tegen een ziekte gevaccineerd zijn, hoe minder ongevaccineerden de kans lopen ermee besmet te raken. Het percentage mensen dat gevaccineerd moet zijn om die zogeheten groepsimmuniteit te verkrijgen verschilt per ziekte.

Rodehond is daar een mooi voorbeeld van. Niet alleen zijn er mensen die na vaccinatie toch geen antistoffen aanmaken, in eerste instantie werden alleen meisjes en jonge vrouwen met een kinderwens gevaccineerd. De vaccinatiegraad was zo laag dat het toch tot kleine epidemieën kwam, totdat men alle kinderen als baby al begon te vaccineren. Het percentage niet-vatbare personen is sindsdien zo hoog geworden dat het virus zich eenvoudigweg niet meer kan handhaven, hetgeen ook de ongevaccineerden bescherming biedt.

Nadelen vaccineren

Dat vaccineren ook nadelen heeft is ontegenzeggelijk waar. Jammerlijk genoeg wordt juist over die nadelen de grootst mogelijke, liefst pseudowetenschappelijke, kolder verkondigd. Dat is een gevaarlijk spel met mensenlevens.

Neem nu dat vaccin tegen de bof, dat een minder goede immuniteit oplevert dan de ziekte zelf. In het geval van het vaccin tegen kinkhoest neemt de hoeveelheid antistoffen mettertijd af en na vijf tot tien jaar verdwijnen ze zelfs. Nu staat daar tegenover dat het doormaken van een natuurlijke kinkhoestinfectie evengoed geen garantie is voor een levenslange immuniteit tegen de ziekte. Ook de vaccinatie tegen rodehond werkt niet bij iedereen evengoed.

Zoals bij iedere medische kwestie is het altijd weer de vraag of het middel niet erger is dan de kwaal. Sommige vaccins hebben bijwerkingen. Sommige vaccins kunnen zelfs heel ernstige bijwerkingen hebben. Daar mag geen enkele verwarring over bestaan. Toch is die er wel – soms zelfs onterecht.

Autisme

Zo gaat het verhaal dat er een causaal verband zou bestaan tussen BMR-vaccins en autisme. Aan de bron daarvan ligt een artikel uit 1998, in het tijdschrift The Lancet, van de hand van een meneer Andrew Wakefield. The Lancet trok het artikel in 2010 terug; niet alleen klopten de conclusies van meneer Wakefield niet, hij pleegde zelfs fraude met de onderzoeksgegevens op basis waarvan hij die trok. Onderzoeksjournalist Brian Deer ontdekte dat meneer Wakefield voor zijn fraude werd betaald door advocaten. Die advocaten nu, die hadden geleden schade willen claimen bij producenten van vaccins. Meneer Wakefield werd gevoeglijk uit de artsenstand geknikkerd.

Opvallend genoeg blijven latere onderzoeken, die dat van Wakefield definitief naar het land der fabelen verbanden, hierbij onbelicht. Net als kille statistieken, zoals die uit Japan. Daar werd het BMR-vaccin afgeschaft waarna het aantal autismegevallen juist toenam. In Denemarken bleek bij een groep van een half miljoen baby’s autisme even vaak voor te komen bij gevaccineerde en ongevaccineerde baby’s.

Kanker

Ook tussen vaccins en kanker wordt een verband gesuggereerd. Zo is om en nabij de zestiger jaren van de vorige eeuw een poliovaccin vervuild geraakt met het SV40-virus. Omdat dit virus somtijds samen met diverse vormen van kanker werd aangetroffen werd een verband tussen beide vermoed, vooral met het non-Hodgkin-lymfoom. Vervolgstudies lieten echter anders zien.

De hygiënehypothese

Door vaccinaties en doordat we in steeds schonere omgevingen leven beleven we steeds minder kinderziekten en dat zou ons immuunsysteem niet ten goede komen. Hoe meer infecties, hoe beter dat immuunsysteem werkt. Volgens de hygiënehypothese is er een direct verband tussen die schonere leefomgeving, schoon water, het gebruik van antibiotica en vaccinaties en een toename in allergieën, astma en auto-immuunziekten.

Dat blijft echter bij veronderstellingen en onbewezen theorieën. Dat rijtje kun je tot in het oneindige aanvullen met zaken als milieuverontreiniging en een toename in het gebruik van allerlei chemische stoffen – zoals de synthetische parfumstoffen waar ik zelf zo allergisch voor ben.

Eerlijke informatie

Nederlandse ouders hebben de gelegenheid zelf een afweging te maken of ze hun kinderen al dan niet laten vaccineren. Ouders hebben het recht te beslissen hun kinderen al dan niet te vaccineren en om tot een evenwichtige beslissing te komen hebben ze recht op informatie. Gewoon op een presenteerblaadje, alle voors en tegens, de risico’s, open en eerlijk. Daar hebben mensen en hun kinderen recht op, een ouder moet niet het halve Internet af moeten speuren.

Een kijkje op de site van het RIVM leert dat er ruimschoots over die bijwerkingen gesproken wordt. Van hangerigheid, koorts, slaapproblemen tot koortsstuipen en “collapsreacties” en netjes per prik wat de gevolgen kunnen zijn. Niet alleen dat, het RIVM gaat zelfs zo ver zelfs vermeende verbanden te benoemen zoals die hygiënehypothese, tussen vaccinaties en een toename in allergieën en astma, tussen het kinkhoestvaccin en wiegendood, vaccins en respectievelijk suikerziekte, autisme, ADHD en het shaken baby-syndroom.

Maatschappelijke verantwoordelijkheid

In Nederland is het laten vaccineren van je kinderen niet verplicht. Zo is dat op dit moment nu eenmaal geregeld in Nederland. Daar kun je over discussiëren, en dat doen we ook in ruime mate, maar verplicht vaccineren hebben we hier al eens uitgeprobeerd en dat was geen succes.

De vraag is ook of een verplichting noodzakelijk is, het absolute gros van de ouders laat zijn kinderen tot nog toe verstandig vaccineren en de vaccinatiegraad is zo ook nog hoog genoeg om de meeste ziekten netjes in toom te houden. Is de vaccinatiegraad maar hoog genoeg, dan kunnen ziekten zelfs uitgeroeid worden. Zoals dus het eerder genoemde pokkenvirus, waarvan de Wereldgezondheidsorganisatie WHO in 1979 vaststelde dat het was uitgeroeid. Vaccineren is dus niet alleen een ouderlijke, maar zeker ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Weg met pseudowetenschap!

Ik heb geen idee hoe en waarom, maar in dit tijdsgewricht menen we opeens meningen van al dan niet hoogopgeleide bakfietsmoeders, complotdenkers en bewezen fraudeurs gelijk te moeten stellen aan wetenschappelijk onderbouwde feiten.

Onze media dragen daar ruimhartig aan bij. Artikelen over vaccinaties gaan doorgaans gepaard van huilende kindjes bij wie een injectienaald in een armpje gaat, maar niet van kindjes die aan de ziekte lijden waartegen geprikt wordt. In een talkshow als M van Margriet van der Linden wordt een ‘klassiek homeopaat’ gepresenteerd alsof ze dezelfde kennis en kunde heeft als een volleerd kinderarts en een gelijkwaardige bijdrage aan de discussie zou leveren.

Mag de ratio weer terug in ons maatschappelijk debat, alstublieft? Weg met die hysterische pseudowetenschappelijke kolder!

 

 

Passief

Zeg, lieve stemgerechtigde Nederlander. U heeft het ‘actief’ uit het ‘actief kiesrecht’ misschien verkeerd begrepen. U geeft er in elk geval als geen ander invulling aan, u stemt door massaal thuis te blijven.

Slechts nog zo’n beetje de helft van u neemt de laatste jaren de moeite te stemmen bij de Provinciale Statenverkiezingen. Voor een beetje Tweede Kamerverkiezing komt een kwart van u zijn bed niet meer uit. Slechts 32,2% van u kwam gisteren een stem uitbrengen en daarmee met de kiesdrempel met de hakken over de sloot gehaald.

Dat terwijl de gemiddelde Nederlander overal wel een mening over heeft en deze, te pas en te onpas, laat horen. Wij Nederlanders willen meepraten, inspraak, polderen, gehoord worden én onszelf gehoord weten. Over Europa, de landsgrenzen, de nieuwe moskee om de hoek, visumvrij reizende Turken, verstop-eitjes bij de Hema.

Ik begrijp het wel hoor, het is ‘maar’ een raadgevend referendum, en wellicht meent u dat het voltallige kabinet Rutte het heel goed afkan zonder uw goede raad. Misschien was u al die schreeuwerige roze toestanden zat of heeft u, net als ik, een afkeer van de heren Roos en Baudet, wiens speledingetje dit hele referendum was.

De kans is zeer aanwezig dat u gewoon niet uit de voeten kon met de 323 pagina’s tellende associatieovereenkomst. De materie is ook complex en het is een gedrocht van een onleesbaar document. Misschien vindt u zo’n referendum gewoon niets en wenst u het werk, dat onze volksvertegenwoordigers al gedaan hebben, niet nog eens dunnetjes over te doen.

Daar is weinig tegenin te brengen. Toch ging ik braaf stemmen, gisteren. Kom op, ik ben een vrouw. Weet u nog hoe hard het stemrecht voor vrouwen is bevochten? Thuisblijven is geen optie, daar heb ik ’t hart niet voor. Zelfs in het stemhokje twijfelde ik nog. Waar doe je goed aan? Zeker als het kiezen is tussen twee kwaden. Ik opteerde voor ‘nee’. Zowel de Oekraïne als wij verdienen een beter verdrag.

Uitslag

Van de mensen, die moeite namen een stemlokaal binnen te wandelen, stemde 61,1% tegen de goedkeuringswet voor de associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne. Althans, daar moet het voor doorgaan natuurlijk, want het referendum is eerst en vooral een fijne uitlaatklep voor anti-Europese sentimenten. De nee-campagnes hadden weinig tot niets te maken met een ‘nee’ tegen Oekraïne, maar vooral met een ‘nee’ tegen de gevestigde politiek, onze bestuurlijke elite.

Nu heb ik daar moeite mee, want over welke elite hebben we het dan? In de goede zins des woords heb ik daar namelijk niets van gezien. We hebben een gebrek aan denkers, laat staan grote denkers. Sterker, hoe meer er campagne gevoerd werd hoe onduidelijker de materie werd. De gevestigde politiek weet niet te inspireren, niet te enthousiasmeren en voor duiding hoe je er ook niet bij aan te kloppen.

Soit. Dat referendum heeft ons 35 miljoen euro gekost. Wat heeft ons dat opgeleverd?

Ratificatie van het verdrag kan niet zonder meer doorgaan, maar doorgaan zal het. Nederland heeft niet de macht nog anders te beslissen en kan hooguit de deuren van de overige Europese 27 landen langs, om hen om aanpassingen te vragen. Daarnaast kan Nederland vragen om een aantal van de politieke bepalingen niet op ons land toepasbaar te laten zijn.

Referendum

Als iets me duidelijk is geworden is het wel hoe gemankeerd referenda als deze geregeld zijn. Zo was de vraag, die ons gisteren gesteld werd, onduidelijk, hopeloos ingewikkeld en ondergeschikt gemaakt aan eigen agendaatjes. Dat verdient remedie. Zo’n kiesdrempel, past dat wel bij een referendum dat niet bindend is? Meneer Baudet heeft de smaak te pakken en zou graag meer referenda zien. Immigratie, de euro, het vrijhandelsverdrag met de VS (TTIP) en de open grenzen – om maar even een paar zijstraten te noemen. Zitten we daarop te wachten? Wat mag dat kosten?

Testosteronbommen

De aanrandingen en verkrachtingen tijdens de oudejaarsviering in Keulen zijn we nog niet vergeten. Er werden inmiddels meer dan 800 aangiften gedaan, waarvan 521 van een seksueel misdrijf. Aanranding, belaging, en tenminste drie gevallen van verkrachting. Het is voor veel vrouwen een ware horrornacht geweest.

Ieder weldenkend mens spreekt daar schande van, en terecht. Iedereen met een beetje beschaving in zijn donder maakt zich boos. Je blijft immers met je poten van elkaar af. Ieder mens heeft het recht zich vrijelijk en ongestoord over straat te bewegen. Vrouwen dus ook.

Henriette Reker

Daarom maakte ik me dan ook dubbel kwaad over de burgemeester van Keulen, mevrouw Henriette Reker, die onder andere een gedragscode voor meisjes en vrouwen bepleitte om situaties zoals die in Keulen gebeurden te voorkomen.

Burgemeester Reker meent dat de dames moeten weten hoe zij zich moeten gedragen zodat ze niet bepoteld, beroofd, aangerand, mishandeld en verkracht worden. Zo zou volgens mevrouw Reker een armlengte afstand houden van vreemd manvolk een probaat middeltje zijn om niet in het kruis gegrepen te worden.

Dat noemen ze ook wel victim blaming.

Sami Abu-Yusuf

Burgemeester Reker kreeg bijval van de Keulse ultraconservatieve imam Sami Abu-Yusuf. Ook die vond dat de slachtoffers van de aanrandingen en verkrachtingen tijdens die nieuwjaarsnacht zelf ook schuld dragen:

“Einer der Gründe weswegen muslimische Männer Frauen vergewaltigten oder belästigten, ist, wie sie gekleidet waren. Wenn sie halbnackt und parfümiert herumlaufen, passieren eben solche Dinge. Das ist wie Öl ins Feuer gießen!”

Het kwam de imam op een aangifte te staan, waarna hij zich haastte zijn uitspraken te nuanceren. Het natuurlijk óók nog de schuld van pillen, drugs en alcohol en met zijn uitspraken wilde hij natuurlijk helemaal niet zeggen dat vrouwen niet ‘halfnaakt’ en met een wolkje parfum over straat mogen.

Van beiden draaide mijn feministenmaag zich om. Ze staan symbool voor een teruggang in tijd en beschaving. Een ieder heeft recht op vrijheid en veiligheid van zijn of haar persoon, maar vrouwen kunnen nog altijd niet onbezorgd over straat waar en wanneer ze dat willen. Al dan niet seksueel geweld tegen vrouwen wordt nog altijd halsstarrig afgeschilderd als een vrouwenprobleem.

Dat is een probleem op zichzelf. Ook in Nederland, overigens.

Geert Wilders

Geert Wilders en het verdrag tegen geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld

In Nederland roerde meneer Wilders zich, uiteraard want de daders in Keulen waren “islamitische testosteronbommen”. Hij kwam gezellig op een zaterdagmiddag naar de markt in het pittoreske Spijkenisse, om daar ‘verzetsspray’ uit te delen aan ‘onze vrouwen’. Meneer Wilders maakt zich namelijk enorme zorgen over de veiligheid van ‘onze vrouwen’. Tenminste, wanneer hem dat zo uitkomt.

Krijgen hij en zijn partij namelijk de gelegenheid in te stemmen met een wetsvoorstel zoals de Goedkeuring van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, dan stemmen ze als enige partij in Nederland tegen.

Dat verdrag verplicht tot het opstellen van maatregelen die erop gericht zijn om geweld te voorkomen, de slachtoffers te beschermen en de dader te berechten en bestraffen. Dat verdrag stelt daarnaast de voorbereiding van huwelijksdwang strafbaar, vult de Uitleveringswet aan én voorziet in een regeling waardoor minderjarige slachtoffers na het bereiken van de meerderjarigheid de gelegenheid krijgen een procedure in te stellen.

Situatie in Nederland

Bijna 40% van de vrouwen in Nederland heeft, nog voor hun zestiende levensjaar, een of meer negatieve ervaringen met seksueel misbruik opgedaan. Van alle meisjes zal tussen 5 en 10% in hun jeugd verkracht worden, van de jongens zal dat 1 tot 5% hetzelfde lot ondergaan. Zo’n 80% van die slachtoffers wordt misbruikt door daders uit de dagelijkse omgeving; gezinsleden of bekenden van de familie.

Geweld in de privésfeer is de omvangrijkste geweldvorm in onze mooie, Nederlandse samenleving. Ongeveer 50% van de Nederlandse bevolking heeft nooit te maken gehad met huiselijk geweld of met een vervelend incident in de huiselijke kring. Dat Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld is derhalve ook voor Nederland bepaald geen overbodige luxe.

Wonderlijk genoeg zag de PVV toch geen brood in dat verdrag. Het is meteen de reden waarom ik het zo vervelend vind wanneer meneer Wilders roept zich zo’n zorgen te maken over de veiligheid van ‘onze vrouwen’, waar ik er een van ben. Met zo’n vriend heb je als vrouw geen vijanden meer nodig.

Testosteronbommen en verzetsspray

Goed. Wel wil meneer Wilders  dat het wettelijk verbod op pepperspray zo snel mogelijk wordt opgeheven en vrouwen daarmee het recht en de mogelijkheid gegeven wordt zich te verdedigen tegen de ‘testosteronbommen’ uit den vreemde die het op hen voorzien hebben.

Ook meneer Wilders nuanceerde nog even eerder uitgedane uitspraken nog wat, want natuurlijk zijn niet alle asielzoekers aanranders of verkrachters. Meneer Wilders refereerde aan de oudejaarsnacht in Keulen:


“Die gebeurtenissen laten zien hoe gevaarlijk het is, als we massaal mannen binnenhalen uit de barbaarse, vrouwonvriendelijke islamitische cultuur.”

De ironie wil dat er een vrouwonvriendelijke testosteronbom van eigen grond op een armlengte afstand obsceniteiten stond te bulderen naar de groep vrouwen, die het gore lef had op de openbare weg een hem onwelgevallige mening te komen uiten. Wat denken zulke feministische activisten wel!

Misschien hetzelfde als ik: Mensen die vluchten voor oorlog, vervolging en geweld zijn welkom. Als je nou je heil komt zoeken in het rijkere, veiligere en vrijere Westen, en je de eerste de beste keer dat je een jouw onwelgevallige mening hoort deze meteen met grof geweld de kop in probeert te drukken, dan kun je wat mij betreft ook meteen weer vertrekken. Wie vrouwen, homo’s of wie dan ook lastig meent te moeten vallen geldt hetzelfde. Graag of niet, daar is de deur. 

Lelijke wijven die verkracht willen worden

Fabian, zoals de testosteronbom in kwestie schijnt te heten, had voor de gelegenheid zijn zoontje meegenomen. Leuk, een dagje uit en samen met zoonlief met zijn grote blonde held op de foto. Komp hij op die marrek aan, staan daaro alleen maar lelaaike wijvon die geen gezonde Hollandse piemol kennen kraaigon. Dixit meneer Fabian, toonbeeld van onze oer-Hollandse vrouwvriendelijke beschaving.

Op het zien van deze vrouwen, wier grootste misdaad het aanheffen van een spreekkoor “Wilders racist, geen feminist!” en het vasthouden van een bordje met daarop “Niet in mijn naam” was, kwam al die beschaving opborrelen en met het luid huilend kind op de arm riep hij de dames toe: 


“Jullie zijn vies! Jullie zijn fokking vies! Bah! Jullie willen verkracht worden! Jullie willen gewoon piemol hebben! Ha, jullie kennen geen piemel krijgen! Want jullie zijn lelijk!”

Het antwoord op al Fabians seksueel verbaal geweld? In bijzijn van zijn kind, nota bene? Een gezellig interviewtje met de normaal allesbehalve milde Rutger van Castricum, What A Wonderful World van Louis Armstrong er stemmig in gemonteerd, waarin testosteronbom Fabian de gelegenheid krijgt te laten zien was een goedzakkige en fijne pappa hij eigenlijk is. Onwennig hortend en stotend leest hij voor de camera het kind uit Nijntje voor.

Zijn bloedmooie en lieftallige vrouw, met hun zoontje op schoot, valt hem bij. Zoetgevooisd en al net zo erudiet als haar Fabian voegt ze toe: “Lekker boeiend, die wijvon moeten ook d’r muil houen toch? Wat hun zegge mag wel?” 

Jong geleerd is oud gedaan, zal ik maar zeggen. Zo zijn onze manieren.

Waar Doel de middelen heiligt

Aankomende 26 april is het 30 jaar geleden dat kernreactor 4 van het complex in Tsjernobyl in de voormalige Sovjet-Unie explodeerde, na een dramatisch misgelopen test met de koelinstallatie. Om 01:23 bereikte de reactor een vermogen van 30 GW, tien keer zijn normale vermogen. De daaropvolgende explosie blies het twee ton zware dak van de reactor, waarop er lucht bij de moderatorelementen kwam. Die waren van grafiet gemaakt en ze vlogen in brand.

De reactor braakte splijtstof, grafietdeeltjes en een enorme radioactieve rookwolk de atmosfeer in, naar schatting 50 miljoen ouderwetse Curie.

Bij de initiële explosie en brand kwamen 31 mensen om. De lokale brandweer werd opgetrommeld, maar de spuitgasten werd niet verteld dat de reactor open lag. Met robots wordt geprobeerd het puin te ruimen en de daken van de andere reactoren schoon te maken. De elektronica blijkt niet bestand tegen de straling. Het leger wordt ingeschakeld. Naar schatting 340.000 manschappen werden ingezet. De soldaten, de ‘groene robots’, verwijderen het radioactieve puin. De 3.600 soldaten die op het dak van reactor 4 werkten, een minuut of twee per persoon, kregen loden vesten en maskers mee, maar de straling vrat zich gewoon door hun schoenzolen heen.

Voices from Chernobyl

De vrouw van een van die brandweermannen vertelde later aan journaliste Svetlana Alexievich hoe zij haar man in de vroege ochtend aantrof in het ziekenhuis. Zijn lichaam en gezicht zijn gezwollen van de enorme dosis straling, hij lijkt van binnenuit te verbranden. Na een paar dagen verliest hij zijn haar en begint zijn huid te splijten. Als ze hem aanraakt blijven de lappen huid aan haar handen kleven. Hij heeft vierhonderd maal een dodelijke dosis straling gekregen, verplegend personeel is bang hem aan te raken en dus verzorgt zij hem. Ze is zwanger. Hun dochtertje zal vier uur na de bevalling sterven, hij is dan al lang dood en begraven en zij? Ze mag het kindje niet aanraken. Als ze het radioactieve lichaampje eindelijk terugkrijgt dan is dat gecremeerd en wel in een houten kistje.

Het zou meer dan 24 uur duren eer men de eerste mensen uit de directe omgeving van Tsjernobyl begon te evacueren. In eerste instantie kregen de inwoners te horen dat ze maar drie dagen van huis zouden zijn. Ze moesten alles achterlaten, inclusief hun huisdieren en vee. Binnen een straal van 30 kilometer werden 485 dorpen ontruimd, waarvan er uiteindelijk 70 letterlijk begraven moesten worden vanwege de straling. In een nabij gelegen dennenbos kleurden alle bomen rood.

Onder de reactor stond water. Men vreesde dat het water, zodra het hoog genoeg kwam te staan, in aanraking zou komen met de nucleaire brandstof in het opengeslagen reactorvat. Het gevolg daarvan had een nucleaire explosie van 3 tot 5 megaton kunnen zijn, genoeg om een flink deel van Europa en de voormalige Sovjet-Unie volkomen onbewoonbaar te maken. Jonge heldhaftige mannen doken beurtelings dat water in om het veiligheidsventiel open te wrikken. Vierhonderd mijnwerkers groeven een tunnel onder de reactor om ervoor te zorgen dat het grondwater niet bij het reactorvat kon komen.

De Sovjets hielden de ramp stil, pas toen in Zweden de stralingsmeters op hol sloegen door de radioactieve neerslag werd duidelijk dat er is ontzettend misgegaan was.  Rond 2 mei 1986 bereikte de radioactieve wolk Nederland en België. Tweeduizend kilometer. Ik was tien jaar oud. De koeien moesten naar binnen en de spinazie mocht je niet meer eten. 
De gevolgen van de ramp van Tsjernobyl zijn tot op de dag van vandaag zichtbaar, voelbaar en tastbaar. In de zwaarst getroffen regio komen specifieke vormen van kanker zoals schildklierkanker en leukemie komen vaker voor dan waar dan ook. Sommige baby’s komen misvormd ter wereld. Kinderen kampen met groeistoornissen. Tumoren. Ademhalingsproblemen. 

Doel

Ik moest vandaag opnieuw aan Tsjernobyl denken. Mevrouw Melanie Schultz, onze minister van Infrastructuur en Milieu, liep vandaag mee met de eerste gezamenlijke inspectie, door Belgische en Nederlandse toezichthouders, van de veelbesproken kerncentrale in het Belgische Doel. Ik hoop dat ook zij nog even heeft stilgestaan bij die noodlottige nacht van 26 april 1986. 
De reactors Doel 1 en Doel 2 werden in 1975 gebouwd. Ze zouden na veertig jaar dichtgaan, maar de Belgische regering heeft besloten ze tot 2025 in gebruik te houden. Doel 2 werd op 24 december 2015 daarom weer opgestart. Doel 4 is volledig in gebruik. Doel 3 is vanwege een probleem met een lasnaad in het niet-nucleaire gedeelte stilgelegd. De reactoren zijn geregeld in het nieuws geweest vanwege allerlei gebreken; van scheurtjes in reactorvaten tot brand, een ontploffing en zelfs sabotage. 
Tijdens het bezoek spraken minister Schultz en  de Belgische minister van Veiligheid Jan Jambon  af om de communicatie over incidenten bij Belgische en Nederlandse kerncentrales “op elkaar af te stemmen”.
Dat vind ik weinig geruststellend. Die meneer Jan Jambon deed de problemen met die Belgische kerncentrales af als “een of twee incidentjes”. Echt hoor, die centrales zijn heel veilig en ongeruste Nederlanders moeten niet vergeten dat de Belgen “veel minder incidenten in hun kerncentrales hebben dan in andere energiecentrales”
Allee zunne, met zo’n communicatief talent is het een wonder dat er nog geen run is op jodiumpillen. 

De brul van het woord

Nimr Baqr al-Nimr was een vooraanstaand shia-geestelijke in Saoedi-Arabië. Hij was uitermate kritisch over de situatie van de sjiitische moslims, een minderheid in het koninkrijk die structureel wordt achtergesteld, en over de Saoedische overheid. Meneer Nimr al-Nimr riep zelfs op tot vrije verkiezingen, zeer tegen het zere been van het Saoedisch koninklijk huis.

Tijdens de Saoedisch-Arabische protesten (2011-2012) riep hij de protestanten op politiekogels niet te beantwoorden met geweld, maar met de ‘brul van het woord’.

Op 8 juli 2012 werd meneer Al-Nimr door de politie in een been geschoten en gearresteerd. Duizenden liepen dagenlang te hoop om tegen zijn arrestatie te protesteren, maar dat mocht niet baten. Sjeik Al-Nimr ging een maand later in hongerstaking en zou in die periode vermoedelijk gemarteld zijn.

Op 15 oktober 2014 werd de sjeik ter dood veroordeeld, omdat hij om buitenlandse bemoeienis zou hebben gevraagd, ongehoorzaam geweest was aan de Saoedische heersers en omdat hij de wapens zou hebben opgepakt tegen de veiligheidsdiensten. Het vonnis luidde ‘onthoofding en kruisiging’.

’s Mans broer, Mohammed al-Nimr, stuurde een tweet de wereld in over dit doodsvonnis en werd daarom dezelfde dag nog gearresteerd. Hij zit tot op de dag van vandaag vast.

Gisteren voerde Saoudi-Arabië dat vonnis uit, tijdens een heuse massa-executie. In 12 verschillende Saoedische steden werden 47 mensen omgebracht door middel van onthoofding of een vuurpeloton. Allen waren veroordeeld voor ‘terrorisme’, sommigen zaten al tien jaar vast. Zoals de secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties al observeerde zijn een aantal van deze mensen ter dood gebracht na rechtszaken die ‘serieuze vragen oproepen over de aard van de aanklachten en de eerlijkheid van de processen’.

Situatie Saoedi-Arabië

Dat het Saoedische regime tegenstanders uit de weg werkt door middel van valse aanklachten en oneerlijke processen zou me niets verbazen. Met mensenrechten in het algemeen is het immers treurig gesteld in het Saoedisch koninkrijk, die worden er bij de vleet geschonden. Lijfstraffen zijn er nog goed gebruik, slachtoffers van verkrachting kunnen er zelfs met de zweep krijgen. Homoseksualiteit is er strafbaar, in de zin zelfs dat homoseksuelen publiekelijk onthoofd of gestenigd kunnen worden voor hun ‘misdaad’. Ook op afvalligheid staat er de doodstraf.

Onderdrukking en achterstelling van minderheden is er dagelijks gebruik. Saoedische vrouwen mogen niet stemmen, geen auto rijden en ze mogen zonder een mannelijke voogd, een ‘mahram’, zelfs überhaupt niet reizen. In het koninkrijk zijn kindhuwelijken toegestaan, meisjes van negen jaar worden er gezien als geschikt huwelijkspartner.

Daarnaast zijn we allemaal bekend met het gruwelijke verhaal van de Saudische blogger Raif Badawi, die veroordeeld werd tot 10 jaar cel, een boete van bijna 240.000 euro en duizend stokslagen. Zijn misdaad? Het schrijven van kritische blogs en vreedzaam activisme. Op zijn website werd kritiek gegeven op de rol van religie in de Saoedische samenleving en werden religieuze leiders bekritiseerd.

Saoedi-Arabië is een schurkenstaat. Een door de rest van de wereld en zelfs door het ‘beschaafde’ Westen gesanctioneerde schurkenstaat.

Met droge ogen spreekt het Westen nog altijd over Saoedi-Arabië als een ‘bondgenoot’ en heel wat Westerse landen leveren wapens aan het koninkrijk.

Reactie Nederland

Het kabinet en de Tweede Kamer bespraken de door Saoedi-Arabië voorgenomen massa-executie een maand geleden tijdens het Vragenuur. Minister Jeanine Hennis (Defensie) nam daarbij de honneurs waar voor de afwezige minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken). Bij monde van minister Hennis sprak het kabinet haar zorgen uit, maar daar bleef het bij. Nederland zou haar afkeur uitspreken, alweer, maar zou daar geen enkele consequentie aan verbinden. Minister Hennis benadrukte hoe belangrijk het is om ‘goed contact’ met de Saudi’s te onderhouden, omdat dat de enige manier is om het koninkrijk op de misstanden aan te spreken. Dat aanspreken, dat gebeurt ook echt – aldus de minister. 
D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma wilde wel eens weten wat er moet gebeuren voordat ook voor de minister de maat vol is. Hij verwees daarbij naar het gebruik van verboden clustermunitie door het Saudische leger in Jemen, het blokkeren van een onafhankelijk onderzoek naar de oorlogsmisdaden in Jemen en de vele onthoofdingen in het koninkrijk. 

VOC-mentaliteit

Goede vraag. Zo lang er echter economische belangen gediend kunnen worden lijkt ons kabinet echter met graagte te willen buigen voor Saoedi-Arabië. Dat hebben we vaker gezien, na de onsympathieke sticker-actie van meneer Wilders bijvoorbeeld. Die sticker, groen met witte letters, leek op de Saoedi-Arabische vlag en er stond “De islam is een leugen, Mohammed een crimineel en de Koran gif” opgedrukt. Meneer Wilders moet die sticker in een enveloppe van de Tweede Kamer naar de Saoedische ambassade in Den Haag gestuurd hebben en daar heeft men een half jaartje op dit affront moeten zouten. Tot toch opeens de spreekwoordelijke kogel door de moskee was  en men tot op het bot beledigd besloot te zijn. Zo beledigd zelfs dat men een handelsboycot overwoog.
Een handelsboycot! Paniek in de tent! Toenmalig minister Timmermans stuurde stante pede een van zijn hogere ambtenaren naar Saoedi-Arabië en was prompt voornemens ook zelf naar het gebelgde koninkrijk af te reizen. Dat alles om de plooien in de Saoedi-Arabische vlag glad te strijken. Dat is wat twee miljard exporteuronen met ons kabinet en haar moreel kompas doen. 
Nu gaat het dan ook niet anders. Saoedi-Arabië krijgt begin dit jaar bezoek van de Nederlandse mensenrechtenambassadeur van het ministerie van Buitenlandse Zaken, om samen nog eens gezellig te keuvelen over de mensenrechtensituatie in het land. Dat zal ze leren, die Saoedische mensenrechtenschenders! 
Goed gebruld, mottige tandeloze leeuw!

Reactie Europa

De Europese Unie heeft de executies sterk veroordeeld, maar laat het ook bij lippendienst. Ze doet slechts een beroep op de Saoedische autoriteiten om aan te sturen op verzoening tussen de verschillende bevolkingsgroepen. 


“The Kingdom of Saudi Arabia carried out 47 executions earlier today.
The EU reiterates its strong opposition to the use of the death penalty in all circumstances, and in particular in cases of mass executions.

The specific case of Sheikh Nimr al-Nimr raises serious concerns regarding freedom of expression and the respect of basic civil and political rights, to be safeguarded in all cases, also in the framework of the fight against terrorism. This case has also the potential of enflaming further the sectarian tensions that already bring so much damage to the entire region, with dangerous consequences.

The EU calls on the Saudi authorities to promote reconciliation between the different communities in the Kingdom, and all actors to show restraint and responsibility.”

Minister Koenders heeft die verklaring uiteraard netjes onderschreven: “Nederland bevestigt, mede als EU-voorzitter, de EU-verklaring over de executies in Saoedi-Arabië.” Hij voegde daaraan toe dat Nederland “principieel en actief tegenstander van de doodstraf is”.
Dat alles staat in schril contrast met bijvoorbeeld de reactie van de Duitse eurocommissaris Günther Oettinger op de nieuwe mediawet, die Polen heeft aangenomen. Volgens die wet kan de Poolse regering de directie en hoofdredactie van de publieke omroep zelf benoemen en ontslaan. Schandalig natuurlijk, want daarmee breidelt Polen de pers en muilkorft de vrije meningsuiting. Niet alleen wil meneer Oettinger voorstellen dat de Europese Unie Polen daarom onder toezicht stelt, ook is hij voornemens Polen haar stemrecht in Brussel af te nemen vanwege die nieuwe mediawet als het land zich niet naar de Europese mores voegt. 

Reactie Verenigde Naties

Secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties had dus al zo zijn twijfels bij de aanklachten tegen de 47 gedode Saoedische gevangenen en de eerlijkheid van hun processen. Daarnaast heeft ook hij natuurlijk laten weten hoe ‘geschokt’ hij is door die 47 executies. Hij had de Saoedische autoriteiten opgeroepen, tevergeefs en waarschijnlijk tegen beter weten in, de doodvonnissen om te zetten naar andere straffen. 
Nu is het zo gelegen dat de Verenigde Naties vorig jaar nog de Saudi-Arabische Faisal bin Hassan Trad aangesteld hebben als hoofd van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. 
Destijds gaf meneer Faisal Bin Hassan Trad commentaar op een VN-rapport over de doodstraf, dat door secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-Moon gepresenteerd werd. Daarbij liet hij weten dat hij daarbij het standpunt van de VN niet deelt dat de doodstraf overal op deez’ aardkloot afgeschaft zou moeten worden. Daarmee hebben we nu de wonderlijke omstandigheid dat juist het hoofd van de Mensenraad van de Verenigde Naties uitgesproken pro-doodstraf is. 
Meneer Trad vervolgde zijn betoog met de opmerking dat Saudi-Arabië een islamitisch land is en het vast wenst te houden aan de sharia. Daarom voert het de doodstraf uit. Volgens meneer Trad wordt die doodstraf alleen opgelegd bij ernstige misdrijven en bij gevaar voor de Saudische maatschappij. Afvalligheid en homoseksualiteit vallen daar volgens deze meneer onder. Net als overspel en toverij en het uiten van een onwelgevallige mening, getuige het lot van mensen als Nimr Baqr al-Nimr. 
Het vriendelijk verzoek van meneer Ban Ki-moon zal door de Saoediërs dan ook wel met een bulderende lach terzijde geschoven zijn. 
Ik verafschuw geweld. Ik verafschuw de doodstraf. Ik verafschuw het wegkijken. 
Hear me roar. 

De sociale staat van Nederland

De mensen van het Sociaal en Cultureel Planbureau hebben de gehele Nederlandse bevolking even een thermometer tussen de billen gestoken. Hoe gaat het nu met ons, Nederlanders? Hoe gelukkig zijn we en hoe tevreden zijn wij met ons bestaan in ons kikkerlandje? Hun onderzoek (PDF) levert opvallende en verrassende resultaten op.

Speciaal voor u spitte ik 401 pagina’s door.

Bevolking en economie

In 2014 waren met zijn 16,8 miljoenen, onze bevolkingsaanwas is, vergeleken met de rest van Europa, gemiddeld. We vergrijzen. Ongeveer de helft van de jaarlijkse aanwas van onze bevolking met 0,3% per jaar komt de laatste jaren voor rekening van kinderen van niet-westerse migranten. We zijn almaar minder trouwlustig en scheiden des te vaker.

Onze economie is aan de beterende hand en Nederland is een sterk merk. We staan op de vijfde plaats van de World Competitive Index, die de economische concurrentiekracht van landen meet. Nederlandse huishoudens hebben in internationaal perspectief grote huizen- en pensioenvermogens, maar ook een gemiddelde schuld van 103.000 euro (inclusief hypotheek).

Daar staat tegenover dat steeds meer van ons in de (helaas groeiende) categorie ‘kwetsbare personen’ (zoals eenoudergezinnen, niet-westerse migranten en huishoudens woonachtig in achterstandswijken) vallen en dat komt een toename van mensen met lage inkomens (+45%) in de periode 2008-2013. In diezelfde periode zagen we on nationaal inkomen per huishouden met 6% afnemen. Auw. Eind 2014 moesten 94.000 mensen een beroep doen op de Voedselbank.

Ook de arbeidsmarkt herstelt langzaam van de crisis: de vraag naar arbeid neemt toe. Vrouwen werken in vergelijking met mannen opvallend vaak in deeltijdbanen en dat staat in direct verband met gezinsvorming. Vrouwen besteden nog altijd veel meer van hun tijd aan zorgen voor kinderen en mantelzorg. Hoe hoger het opleidingsniveau van vrouwen, hoe hoger het aandeel vrouwen met betaald werk.

Circa 61% van de overheidsuitgaven bestaat uit uitgaven voor de zorg (30%), uitkeringen (19%) en het onderwijs (12%).

Publieke opinie en islamofobie

Nederlanders zijn, in vergelijking met bewoners van andere Europese lidstaten, positief gestemd over hun thuisland. ‘Tuurlijk maken we ons wel zorgen over de toekomst, vooral de zorg en de internationale veiligheid staat hoog op onze zorgenagenda, maar we zijn sinds 2014 positiever gaan denken over onze economie en politiek. Hogeropgeleiden zijn daarbij een stuk optimistischer gestemd dan lageropgeleiden.

De democratie wordt breed gedragen in Nederland: 95% van ons vindt het belangrijk om in een democratie te leven. We willen een dikkere vinger in de pap en zouden graag zien dat wij, burgers, meer van invloed zouden zijn op de politiek. De Europese Unie steunen we allengs minder. Gemiddeld heeft 40% van de lageropgeleiden, 51% van de middelbaar opgeleiden en 67% van de hogeropgeleiden ‘voldoende’ vertrouwen in het parlement.

Er is iets mis met onze voor normen en waarden. We zijn minder negatief over normen en waarden dan tien jaar geleden, maar onze maatschappij is wel in zo’n mate verhufterd dat 36% van ons zich wel eens schaamt Nederlander te zijn.

Ons opinieklimaat lijkt milder geworden. Immigratie en integratie zijn sinds 2014 een heter hangijzer, door sympathieën van een aantal Nederlandse moslims voor Islamitische Staat en de toestroom van vluchtelingen naar de Europese Unie vanuit het Midden-Oosten en Afrika. Ons beeld van moslims de is opvallend genoeg de afgelopen tien jaar sterk verbeterd. Van een toenemende ‘islamofobie’ lijkt dan ook niet erg sprake te zijn.

Vond in 2004 nog maar een derde dat de meeste moslims respect hebben voor anderen, in 2014/’15 is dat ruim de helft. Daar staat tegenover dat er geen dalende trend is bij de opvatting dat de leefwijzen van West-Europeanen en moslims onverenigbaar zijn. Dat er te veel mensen van buitenlandse afkomst in Nederland wonen, is een opvatting die tussen 2004 en 2006 en tussen 2010 en 2013 in populariteit afnam. In 2014/’15 is er een beperkte stijging, maar over de hele periode is er een duidelijke daling (van 47% naar 36%).

Onderwijs

Het opleidingsniveau van de Nederlandse bevolking blijft stijgen, maar jonge mannen blijven daarbij
achter. Ook niet-westerse migranten staan nog op achterstand voor wat betreft het opleidingsniveau. Het aantal voortijdig schoolverlaters is verder gedaald, in 2014 was echter wel nog 8,6% van de Nederlandse jongeren van 18-24 jaar voortijdig schoolverlater.

De kwaliteit van het rekenonderwijs in het voortgezet onderwijs verschilt per school; in het
mbo haalt nog niet de helft van de studenten een voldoende voor de rekentoets. De digitale geletterdheid van een derde van de leerlingen in het vmbo ligt onder het basisniveau.

Daarnaast zullen er in de nabije toekomst discussies plaats moeten vinden over het aangeboden curriculum; Onze maatschappij verandert, er staan technologische veranderingen op stapel in het arbeidsproces en dus zal er nog eens gekeken moeten worden naar de voorwaarden voor een inhoudelijk goede startkwalificatie.

Inkomen en sociale zekerheid

Het voorzichtige herstel van de arbeidsmarkt is te zien in de uitstroom uit de Werkloosheidswet, die in 2014 flink toenam. Dat is goed nieuws. De inkomensongelijkheid in Nederland is al jaren stabiel en de meesten van vinden dat die ongelijkheid wel een beetje minder moet. Sinds de crisis zagen we allemaal ons inkomen verminderen, er is een stijging in armoedecijfers, maar bij de hogeropgeleiden is inmiddels een begin van herstel te zien.

We zijn redelijk tevreden, waar het ons inkomen betreft, en hoogopgeleiden zijn daar nog aanzienlijk vaker tevreden mee dan laag- en middelbaar opgeleiden. Ziet u de trend? (Investeren in) onderwijs is extreem belangrijk, hogeropgeleiden zijn tot nog toe op alle fronten beter af én relatief gelukkiger.

Eenoudergezinnen zijn daarnaast aanzienlijk minder vaak (zeer) tevreden dan huishoudens van
een andere samenstelling. Dit zal in 2015 mogelijk verbeteren als gevolg van de verhoging
van de kinderopvangtoeslag in 2014. Niet-werkenden en eenoudergezinnen hebben vaak moeite met rondkomen, daar wordt je natuurlijk niet gelukkiger van.

Betaald werk en zorgtaken

De werkeloosheid onder (niet-westerse) migranten is met 17% historisch hoog. Meer ouderen werken langer door: hun arbeidsparticipatie steeg in 2014 terwijl die van mannen, vrouwen, jongeren en niet-westerse migranten juist daalde. Het aandeel flexibele arbeid in Nederland groeit sterk in vergelijking met de rest van Europa, net als het telewerken. We zijn wat minder tevreden over onze arbeidsomstandigheden en ervaren een toenemende werkdruk.

Het gebruik van formele kinderopvang nam in 2013 af, mede door bezuinigingen op de kinderopvangtoeslag.

Gezondheid en zorg

Nederlanders zijn relatief gezond. Onze medische en preventieve zorg is goed geregeld en daar hebben we duidelijk profijt van. Onze levensverwachting stijgt. Hogeropgeleiden doen het ook hier beter dan lageropgeleiden en zij leven zelfs vaker een gezonde leefstijl na dan lageropgeleiden. Ouderen maken vaker gebruik van professionele thuiszorg en wonen veel langer zelfstandig.

De crisis heeft een weerslag gehad op onze gezondheid en ons mentale welbevinden. We zijn meer medicijnen gaan gebruiken, waaronder antidepressiva en er is zelfs een stijging waargenomen in het gemiddeld aantal gevallen van suïcide.

Maatschappelijke en politieke participatie en betrokkenheid

Ofschoon Nederland relatief veel vrijwilligers kent zijn wij Nederlanders opvallend weinig actief op het politieke vlak. De opkomst bij verkiezingen is bedroevend laag, maar in de virtuele wereld van het Internet zijn we politiek gezien actief. We zijn wat minder gaan doneren aan goede doelen, hetgeen ongetwijfeld gevolg zal zijn van de doorstane crises van de laatste jaren.

Vrijetijdsbesteding

De hoeveelheid vrije tijd die we hebben en onze invulling daarvan is van directe invloed op de door ons ervaren kwaliteit van leven. Nederlanders zijn dol op de media, sommigen van ons zijn er zo’n 20 uur per week mee zoet. Daarnaast WhatsAppen, Facebooken en Twitteren we wat af. We bezochten wat vaker een museum, bioscoop of concert.

In 2014 sportte ruim de helft van de Nederlanders wekelijks. Deze sportdeelname is stabiel
en voor Europese begrippen vrij hoog. Onder volwassenen is de grootste deelname en hun voorkeur gaar daarbij uit naar sporten die ze in hun eentje kunnen doen.

Sociale veiligheid

Volgens zowel onze eigen beleving als die van de politie is de criminaliteit over de afgelopen tien jaar afgenomen. Dat geldt voor alle soorten delicten. Meldingen van discriminatie namen toe. Het aantal minderjarige en jongvolwassen verdachten daalt.

Met 337 delicten per 1000 personen rapporteerden Nederlanders in 2014 de minste criminaliteit sinds jaren. Van deze delicten is zo’n 60% een vermogensdelict, zo’n 30% vandalisme en 10% een geweldsdelict. Hiervan is alleen vandalisme significant afgenomen ten opzichte van 2012. Cybercriminaliteit nam af ten opzichte van 2013, vanwege minder identiteitsfraude en hacken.

Onze rechtstaat lijkt zich te voegen naar ons verlangen criminelen zwaarder gestraft te zien worden. In 2013 werden er voor het eerst meer gevangenisstraffen opgelegd dan taakstraffen. Er worden meer celstraffen opgelegd, maar wel lagere, en minder geldboetes, maar wel hogere.

Meer Nederlanders zijn tevreden over de politie. De pakkans van hoge-impactcriminaliteit is
in 2014 verder toegenomen, maar het totale ophelderingspercentage voorlopig licht gedaald
(24,6% in 2014). En dat terwijl we zien hoe zwaar er op die organisatie bezuinigd wordt.

Weer iets minder mensen voelen zich wel eens onveilig (36% in 2014), maar in onze eigen woonbuurt zijn onze onveiligheidsgevoelens (18%) niet of nauwelijks afgenomen.

Wonen

Vergeleken met andere Europese landen zijn wij Nederlanders erg tevreden met onze woning. Onze woningen zijn relatief groot, de bouwvoorschriften streng en een huis zonder toilet of douche is hier ondenkbaar (in tegenstelling tot andere Europese landen). Het eigenwoningbezit bedraagt bijna 60% van de woningvoorraad. Hoogopgeleiden zijn doorgaans meer tevreden met hun buurt, maar laagopgeleiden ervaren meer sociale cohesie.

Kwaliteit van leven: leefsituatie en geluk

Onze leefsituatie (welvaart en welzijn) is de afgelopen tien jaar op de keper beschouwd verbeterd, met uitzondering van een dip tussen 2010 en 2012. Nederlanders geven het leven een 7,8 als rapportcijfer. Er zijn wel verschillen: jongeren scoren wat slechter dan ouderen en ook de zogeheten kwetsbare groepen zijn wat minder gelukkig dan gemiddeld.

De conclusie in dit hoofdstuk is dat het met de kwaliteit van leven in Nederland goedgesteld is. De economische crisis had weliswaar negatieve consequenties, bijvoorbeeldvoor mensen die werkloos werden of gedwongen hun huis moesten verkopen, maar voorde meerderheid van de Nederlanders waren de gevolgen voor hun kwaliteit van levenbeperkt. De achteruitgang in leefsituatie die we in 2012 constateerden, is beperkt gebleven en zet in 2014 niet door. Ook het subjectieve welbevinden lijkt door de crisis niet verder aangetast.

We hechten eraan regie te voeren over ons eigen leven, dat is voor Nederlanders een factor van belang in onze ervaren tevredenheid met het leven. Naast die zelfstandigheid maakt ook welvaart ons gelukkiger mensen: een goede woonsituatie, op vakantie kunnen en bijvoorbeeld kunnen beschikken over gadgets zoals een tablet voegen toe aan ons geluksgevoel. Zo ook het kunnen beschikken over de nodige hulpbronnen. Inkomen, opleiding, arbeidsmarktpositie, gezondheid en digitale vaardigheden. bevorderen direct onze leefsituatie.

We zijn de spekkopers van de wereld, eigenlijk. Dat is nou #DutchPrivilege

Nederland in Europees perspectief

Het Sociaal Cultureel Planbureau publiceerde op 8 oktober jongstleden de uitkomsten (PDF) van een onderzoek naar de stemming in Europa. Het onderzoek is uitgevoerd door onder anderen Jeroen Boelhouwer (SCP), Gerbert Kraaykamp (Radboud Universiteit) en Ineke Stoop (SCP). De stemming in andere Europese landen werd vergeleken met die in ons mooie kikkerlandje. Onze Nederlandse opinies, houdingen en waarden werden de maat genomen en tegen de Europese lat gelegd.

Binnen de context van de gebeurtenissen van de laatste jaren, zoals economische crisis, de penibele financiële situatie van Griekenland en de vluchtelingenstroom die onze kant op komt, zijn de onderzoekers op zoek gegaan naar de solidariteit en de bereidheid elkaar behulpzaam te zijn tussen de Europese landen onderling – en naar gedeelde en ongedeelde waarden, normen en opvattingen. Dat staat natuurlijk garant voor interessante uitkomsten, al was het maar omdat Europa alles behalve eenheidsworst is.

Om die stemming te peilen, en de respectievelijke stemmingen te kunnen vergelijken, hebben de onderzoekers zich toegespitst op een drietal pregnante onderwerpen; Migranten, het vertrouwen in de politiek en de rolverdeling tussen mannen en vrouwen. Daarnaast hebben zij het geluksgevoel onder de bevolking getracht te meten. Een onderzoek dus dat zich vooral bezighoudt met subjectieve zaken en dat op basis van subjectieve gegevens.

Voor hun onderzoek hebben zij onder andere gebruik gemaakt van gegevens uit de European Social Survey, uit 2012, waaraan 28 landen meededen. Eind dit jaar verwachten ze de uitkomsten van de meest recente European Social Survey. Daarnaast baseerden ze zich op hardere data zoals die van Eurostat, de oecd, de Wereldbank en het IMF en deden zij nader literatuuronderzoek.

Met dat alles willen ze ons, Nederlanders, graag een spiegel voorhouden.

Daar houd ik wel van. Kom maar op met je spiegel. Ik ben dus zo aardig geweest dit 144 pagina’s tellende rapport voor u door te spitten.

Migranten

Nederland blijkt een middenmoter voor wat betreft de weerstand die wij tegen migranten voelen. Er blijkt daarnaast een samenhang te zijn tussen in hoeverre wij migranten als een bedreiging ervaren en onze mate van ‘euroscepsis’. Lageropgeleiden blijken daarnaast meer dreiging van migranten te ervaren en tegelijkertijd sterker eurosceptisch te zijn dan hogeropgeleiden.

De onderzoekers zien een directe relatie tussen die ervaren dreiging en de daarbij behorende eurosceptische houding en de steun voor nationalistisch-populistische partijen. In landen met een relatief grote aanhang van nationalistisch-populistische partijen is de negatieve houding ten opzichte van migranten en de Europese Unie sterker.

De meeste Nederlanders (80%) vinden dat er slechts een beperkt aantal migranten moet worden toegelaten. Het percentage Nederlanders dat vindt dat er veel migranten of juist helemaal geen migranten moeten worden toegelaten is klein. Kennelijk geven die laatsten dan wel beduidend meer geluid, maar dat is mijn perceptie.

In het algemeen blijkt het in Nederland zo te zijn dat de moeite die iemand met migranten heeft, toeneemt naarmate het contact dichterbij komt. Maar ook hier is in Nederland de houding milder geworden. Tussen 2002 en 2013 is het aandeel mensen dat er moeite mee heeft mensen van een andere etnische achtergrond als buren te krijgen, afgenomen van bijna 60% tot 33%; de weerstand tegen iemand van een andere etnische achtergrond als schoonzoon is eveneens gedaald, maar is nog steeds beduidend groter (68% in 2004 en 58% in 2013; cijfers uit Den Ridder en Schyns 2013).

Tot aan 2013 werden we dus in het algemeen milder in onze opvattingen over migranten. Naarmate zo’n migrant ‘dichterbij’ komt vinden we hem echter steeds minder leuk.

Politiek vertrouwen

Als het gaat om ons vertrouwen in de politiek dan baseren we ons op onze tevredenheid over de nationale economie en niet op onze eigen portemonnee. Daarbij laten we ons vooral leiden door wat televisie en kranten ons vertellen en niet door onze eigen, persoonlijke financiële kwetsbaarheid of zekerheid. Tot hun eigen verbazing ontdekten de onderzoekers dat een hoog of zelfs stijgend werkeloosheidsniveau  (‘onverwacht en contra-intuïtief’) samengaat met een toename van dat politiek vertrouwen. Terwijl ons vertrouwen in de politiek fluctueert is het in de eurocrisislanden dan ook fors dalend.

Ons eigen fluctuerend vertrouwen is daarbij direct te herleiden naar hoe men zich ‘in Den Haag’ gedraagt. Is er gedoe, dan worden we daar meer wantrouwend van. Dat kunnen onze dames en heren politici dan ook meteen ter harte nemen, want we hebben niet zo veel vertrouwen in onze politici, politieke partijen en het parlement: die geven we gemiddeld een 5. Dat lijkt slechter dan het werkelijk is, het hoogst weggegeven cijfer is namelijk een 5,5 (Denemarken). Relatief gezien zitten we met onze 5 in de subtop.

In alle landen, dus ook het onze, blijkt het vertrouwen van burgers in het rechtsstelsel hoger dan het vertrouwen in de politiek. Andere mensen vertrouwen we overigens wel: Het sociaal vertrouwen is hier relatief hoog.

Rolverdeling tussen mannen en vrouwen

Nederlandse mannen en vrouwen onderschrijven relatief vaak een gelijke rolverdeling. Er is gelukkig weinig steun voor de notie dat een vrouw bereid zou moeten zijn minder betaald werk te verrichten omwille van haar gezin. Ook de opvatting dat vrouwen zouden moeten wijken voor mannen in tijden van banenschaarste kan op relatief weinig bijstand rekenen. Vrouwen hebben dan ook een enorme inhaalslag gemaakt op de arbeidsmarkt, al werken zij nog erg vaak in deeltijdverband.

Lageropgeleiden en niet-werkenden blijken er meer traditionele opvattingen op na te houden over de rolverdeling tussen mannen en vrouwen. Nederlanders die opgroeiden met een hoogopgeleide of werkende moeder hebben juist weer meer egalitaire opvattingen. Goed voorbeeld doet dus volgen.

Het is pijnlijk, maar de grootste veranderingen op dit vlak voltrokken zich in Nederland tussen 1990 en 1999 en daarna zijn onze rolopvattingen nauwelijks meer egalitair geworden.

De verschillen die er zijn tussen landen in rolopvattingen tussen mannen en vrouwen blijken vooral gerelateerd aan het bruto binnenlands product (bbp). Economische voorspoed en het aantal zetels die vrouwen hebben in een nationaal parlement blijken sterk gerelateerd aan meer egalitaire rolopvattingen.

De stemming in Nederland en andere Europese landen

Nederlanders geven de mate waarin Nederland democratisch is een 6,9. Daarmee
staan we op de zevende plek van de 28 Europese landen die in 2012 aan de European Social Survey meededen.

We zijn gelukkig. In 2012 waren Nederlanders gemiddeld gelukkiger dan in 2002. Nederlanders gaven in 2012 het leven gemiddeld een 7,9 als rapportcijfer. Alleen de Denen zijn nog ‘veel’ gelukkiger dan wij zijn met hun 8,6.

Sowieso zijn burgers van de Noordse Europese landen gelukkiger dan de rest van Europa. Opvallend is verder dat de crisis van de laatste jaren nergens in Europa tot een daadwerkelijke, substantiële vermindering van de levenstevredenheid heeft geleid.

Verschillen in geluksgevoel

Mensen die werkloos zijn of die een laag inkomen hebben zijn overal minder tevreden met het leven dan werkenden en dan mensen met een hoog inkomen. Daarbij lijkt het zeker te ver gaan om te beweren dat geld gelukkig maakt, maar dat zorgen over een te weinig aan geld ongelukkiger maakt. Welvaart en levenstevredenheid hangen dus samen.

Laagopgeleiden en hoogopgeleiden blijken even gelukkig. De tegenstellingen tussen en laag- en hoogopgeleiden zijn overigens opvallend groot. Zij verschillen enorm van meningen waar het gaat over culturele smaak en sociaal-culturele thema’s zoals migranten, Europa en politiek in het algemeen. Daarnaast komen ze elkaar weinig tegen omdat zij zich beperken tot hun respectievelijke sociale netwerken.

Gezonde mensen zijn (en dat zal u niet verrassen) gelukkiger dan mensen met een minder goede gezondheid.

Wonderlijk genoeg hebben landskenmerken, economische cijfers en vrijheden van bijvoorbeeld vereniging en van meningsuiting geen directe relatie met ons geluksgevoel, terwijl de ervaren effectiviteit van de overheid dat juist weer wél heeft. Hoe effectiever de overheid wordt
ervaren en hoe beter de kwaliteit van haar publieke dienstverlening en haar ambtenarenapparaat, hoe groter het geluksgevoel bij de bevolking.

De verschillen met Zuid- en Oost-Europeanen zijn soms groot, maar die met andere West-Europese en Scandinavische landen zijn tamelijk gering. Op veel vlakken zijn we een middenmoter, maar o, wat hebben we het eigenlijk goed. En dat laat zich meten: Qua geluk zijn we een 7,9. Dat is een mooi spiegelbeeld om eens uitgebreid naar te staren. Het kan altijd nóg beter, maar we hebben het goed.

Dat is Dutch privilege.

Troonrede en Miljoenennota

Vandaag is de Derde Dinsdag van September. Prinsjesdag. De belangrijkste dag van het politieke werkjaar, waarbij we temperatuur van Nederland meten. Hoe gaat het en wat brengt de toekomst? In zijn troonrede heeft onze koning ons verteld hoe de vlag erbij hangt en, belangrijker, wat onze regering het aankomende jaar met ons van plan is. In de Tweede Kamer beginnen de algemene beschouwingen en wordt ook de Rijksbegroting gepresenteerd en besproken.

In vol ornaat en met het nodige ceremonieel trok de vleesgeworden staatsmacht aan ons voorbij. De koning, de politie, alle onderdelen van de strijdmacht en de nationale politie. In koetsen, te paard en op de voetjes.

Troonrede

Foto: ANP

Onze vorst bracht ons goed nieuws over onze economie. De Nederlandse samenleving staat er in sociaal-economisch opzicht relatief goed voor. De woningmarkt herstelt zich. De overheidsfinanciën zijn aan de beterende hand. De economie groeit weer en dat geeft de burger moed. We durven weer geld uit te geven. We kunnen nog niet gezapig achterover leunen, dat zeker niet, maar het gaat beter.

Daarbij mag u niet vergeten dat het kabinet een meevaller ‘heeft’ van 5 miljard euro. Het kabinet meent dat de economie volgend jaar met 2,4 procent zal groeien.

Daarmee is Nederland terug op het niveau van vóór de crisis en dat is goed nieuws.

Werkeloosheid en koopkracht

Het aantal banen neemt toe, maar nog niet afdoende om de werkloosheid op te lossen. Dat verdient remedie. De regering beoogt die te bewerkstelligen door het belastingstelsel aan te passen (al liggen de beide Kamers nog ongemakkelijk dwars). Ze wil de loonkosten voor werknemers die het minimumloon (of ietsje meer) verdienen verlagen en de inkomstenbelasting verlagen. Voor gepensioneerden en mensen met een uitkering belooft onze regering de koopkracht op peil te houden.

“Nu de economie aantrekt en er voorzichtig ruimte ontstaat voor herstel van koopkracht en werkgelegenheid, kan het vertrouwen terugkeren dat ook toekomstige generaties het beter krijgen.”

Gelukkig! Oog voor de toekomst. In Nederland moeten mensen kunnen rekenen op goede zorg, hoogwaardig en toegankelijk onderwijs, adequate sociale voorzieningen en een solide pensioenstelsel. Dixit de koning. Dat kost wat, maar dan heb je ook wat.

Onderwijs

Het optimisme uit de troonrede, dat de hervormingen van de laatste jaren mensen in staat zouden stellen vorm te geven aan hun toekomst, deel ik nog niet. Ik maak me onverminderd zorgen over de uitgeholde kwaliteit en het aanbod van het onderwijs, bijvoorbeeld. Ik weet niet of 4000 extra docenten in het hoger onderwijs jaren van extreme bezuinigingen kunnen rechttrekken. Dat is linke soep, voor een kenniseconomie als de onze. Zeker als u in aanmerking neemt dat die extra docenten betaald worden van het nieuw ingevoerde studievoorschot voor studenten. Studeren wordt duurder en dat vind ik toch een kwalijke zaak.

Ouderen

Er komt weliswaar structureel 210 miljoen euro beschikbaar om de zorg in de verpleeghuizen te verbeteren en ruimte te maken voor meer persoonlijke aandacht, maar hoeveel van die verpleeghuizen hebben we inmiddels niet al gesloten?

Pensioenen

De koning zei dat het belangrijk is dat alle werkenden een goed pensioen op moeten kunnen bouwen, maar de moeizame onderhandelingen over een goede cao voor leraren, ambulance- en politiemedewerkers zeggen me iets anders. Na vier jaar op de nullijn heeft de regering hen een bruto loonstijging aangeboden van 5,05%. Daarvan betalen zij 2,4% zelf, doordat pensioenopbouw en -premie verlaagd worden. Wie dat doorberekent en daarbij die vier jaar nullijn niet vergeet komt op effectief 0,78% loonsverhoging per jaar uit. De jonge garde krijgt er dus een zakcentje bij, maar levert daarvoor behoorlijk wat pensioen in. Geen wonder dat politiemensen zich die sigaar uit eigen doos niet in de handen laten duwen.

Jonge ouders

Enfin, terug naar de troonrede. Jonge ouders krijgen het beter. Ze zullen meer kinderopvangtoeslag krijgen, betaalbare peuteropvang en jonge vaders krijgen meer bevallingsverlof. Vaders baren weliswaar niet, maar het gebaar is leuk.

Normen en waarden

Gelukkig deelt de koning en de regering mijn zorgen over de verhuftering van ons, Nederlanders. Onze samenleving verruwt en de tolerantie, waar we ooit bekend om stonden, staat onder druk. We wisten ruimte voor ieder individu enerzijds zo goed samen te laten gaan met solidariteit en betrokkenheid. Een smaldeel van ons juicht inmiddels bij nieuwsberichten over verdronken ‘gelukzoekers’ en we zien de vluchtelingenstroom, die onze kant op komt, met achterdocht en vrezen aan. Aan de andere kant horen we mondiaal nog altijd bij de top van goede doelen-gevers. Geweld tegen hulpverleners is in opmars. We zullen zelf, als burgers van dit prachtland, weer aan de bak moeten. Omgangsvormen, respect voor elkaar – dat begint bij onszelf.

Omdat goed leiderschap voor een groot deel bestaat uit een goed voorbeeld geven komt er extra geld beschikbaar om de integriteit van de overheid te bewaken en corruptie te bestrijden.

Dreiging, veiligheid en vrijheid

Koning Willem-Alexander noemde het beestje gelukkig bij de naam: Niet alleen is er de dreiging van radicalisering en terroristische aanslagen in Europa, maar deze zet ook nadrukkelijk onze samenleving onder druk. Angst maakt voor onderling wantrouwen. Conflicten in het buitenland kunnen een polariserend effect hebben in ons eigen land. Er is dus dubbel werk aan de winkel.

“Het kabinet reserveert daarom structureel extra geld om de operationele taak van de veiligheidsdiensten, het verzamelen en analyseren van informatie, en het preventiebeleid te versterken.”

Hé? Niets over de politie? De organisatie bij uitstek die in de frontlinie van onze maatschappij opereert en wier medewerkers al veel te lang moeten vechten om een fatsoenlijke cao? Niets over het fiasco van de reorganisatie naar een nationale politie? Niets over de extra 230 miljoen euro die nodig is om die reorganisatie weer een beetje op de rit te krijgen? Niets over de tekorten aan rechercheurs, waar we al sinds 2006 van weten? Voor de politie komt er geen extra geld.

Duidelijk ontwaar ik hier de regenteske handtekening van de VVD. Ard van der Steur houdt stug vast aan het politieparadepaardje van Ivo Opstelten, al kreupelt het inmiddels op drie benen amechtig voort.

Veiligheid en Justitie moet het met 0,1 miljard minder doen dan dit jaar, daarmee lijkt onze veiligheid niet langer hoog op de VVD-agenda te prijken.

Vluchtelingen

Een waarheid als een koe: De vluchtelingenstroom richting Europa groeit. Gedreven door militaire conflicten, politieke instabiliteit, schendingen van mensenrechten, armoede en gebrek aan kansen en toekomst gaan miljoenen mensen op zoek naar betere en veiligere oorden. We kunnen ons geen afwachtende houding meer veroorloven.

Had de wereld immers niet vier jaar lang werkeloos toegekeken hoe de situatie in Syrië zich ontspon, dan had het natuurlijk ook zo ver niet hoeven komen. We zijn dus ook zelf gebaat bij een adequate internationale conflictbeheersing. Mede daarom wordt structureel extra geld vrijgemaakt voor de krijgsmacht en voor de Nederlandse deelname aan militaire missies.

“Het gaat dan onder meer om internationale conflictbeheersing, opvang in de regio, het tegengaan van mensensmokkel, een strenge maar rechtvaardige asielprocedure in elk land, een effectief terugkeerbeleid en perspectief op integratie voor mensen die niet kunnen terugkeren naar het land van herkomst. Alleen zo kan recht worden gedaan aan het humanitaire aspect en aan het maatschappelijk draagvlak in Nederland en andere Europese landen.”

Amen to that. Daarbij, noblesse oblige. We hebben echt nog altijd een heel menselijke morele verplichting om hulp te verlenen aan onze medemens in nood.

Extra geld voor opvang is niet ingeraamd. Dat zou nog wel een dingetje kunnen worden. Wie dan leeft, die dan zorgt? Hm…

Europa

Een alinea over Europa verlegt onze blik opnieuw naar buiten. Onze economie is gebaat bij een innovatief Europa, een goed functionerende Europese markt en open handelsrelaties. Met zorgenkindje Griekenland en het Britse referendum over het lidmaatschap van de EU wordt dat nog interessant.

Klimaat

Het klimaat is een issue en zeker niet alleen omdat onze koning nog altijd watermanager in hart en nieren is. De gaswinningsproblematiek in Groningen verdient aandacht en laten we wel zijn, we hebben de Groningers wat dat betreft ook wel behoorlijk in de kou laten staan.

In december van dit jaar vindt de VN-klimaattop in Parijs plaats. Minder uitstoot is inmiddels van levensbelang, zeker voor een waterland als het onze. Dijken moeten verstevigd en de Afsluitdijk vernieuwd.

Beetje tam

Al met al vind ik de troonrede een beetje tam. Geen grootse ideeën, geen visie, geen hervormingen waar die broodnodig zijn en de inzet van het kabinet is vooral gericht op de koopkracht en de zeer nabije toekomst. Concreet staat er niets in over hoe de vluchtelingenstroom naar Europa in te dammen en te controleren. Het probleem signaleren is een, het oplossen is nog altijd twee. Er werd met optimisme over de huizenmarkt gesproken, in financiële zin. Maar wat met de lange wachtlijsten en hoge huren?

Onze koning mag ons dan gewaarschuwd hebben dat we niet achterover kunnen leunen, de regering lijkt het langetermijndenken wel alvast op een laag pitje te hebben gezet.

Noblesse oblige

Ingewikkeld, hè? Dat vluchtelingenvraagstuk. Fort Europa bekeek de vluchtelingenstroom, die zich haar kant op beweegt, vol argwaan en navelstaarderig eigenbelang. Misschien moeten overheden dat ook wel doen. Het opnemen van vluchtelingen brengt immers verantwoordelijkheden en kosten met zich mee. Er moet van alles begroot, geregeld en georganiseerd en dat kost een lieve (belasting-) duit.

Volgens de UNHCR verblijven er nu een slordige 1,9 miljoen Syrische vluchtelingen in Turkije. In Libanon zitten er nog eens 1,1 miljoen en in Jordanië 630.000 stuks. Bijna vier miljoen Syriërs zijn op de vlucht. Niemand heeft enig idee hoeveel van deze mensen naar Europa zouden willen komen. Na vier jaar onverminderde oorlog in thuisland Syrië zullen veel van hen de moed ongetwijfeld opgeven dat het daar nog goedkomt en op zoek gaan naar een veiliger thuishaven.

Tijdelijk opvang is een makkie, eigenlijk. Campings, bungalowparken, sporthallen vol stapelbedden, desnoods bij goedwillende burgers thuis. Maar daarna? Wie langer blijft wil misschien wel staatsburger worden. Hij of zij zal ergens willen wonen. Hij of zij zal op gegeven moment ook een beroep moeten doen op dure voorzieningen, sociaal, medisch of anderszins. Iemand die een oorlogssituatie ontvluchtte zou hier heel wel psychologische hulp nodig kunnen hebben bij het verwerken van een oorlogstrauma. Een vluchteling zal naar school willen of kinderen hebben die school willen gaan. Als die mensen dan ook nog eens te lang blijven en hun kinderen geworteld raken in hun nieuwe thuisland, dan kom je er ook zo makkelijk niet mee vanaf. Dat kost allemaal wat.

Dat daar zakelijk, politiek en somtijds ronduit kil naar gekeken moet worden is noodzaak, dat staat buiten kijf. Hoeveel vluchtelingen een land aankan is uiteindelijk gewoon een kwestie van kil berekenen. Zoveel bedden. Zo veel eten en drinken. Medische kosten, opvang, sociale voorzieningen – het is allemaal te becijferen. Net als de draagkracht van de opvangende maatschappij. Het lijkt me een ondankbare rotklus waar ik niet graag voor zou komen te staan, dat wel.

Ressentiment

Maar tot voor kort keken we vanuit ons bolwerk van beschaving, het relatief erg welvarende en veilige Fort Europa, wel erg zakelijk, argwanend en wantrouwend naar die vluchtelingenstroom. Waren we bang het zelf met een boterhammetje minder te moeten doen. Er borrelde heel wat lelijk ressentiment op. Over gelukzoekers, die veilige en comfortabele tentenkampen in de eigen regio wilden inruilen voor het rijke Europa. Mensen met geld zat, voor een iPhone en riante mensensmokkelaars-salarissen. Domme en gewetenloze mensen ook, die willens en wetens hun kinderen zonder reddingsvestjes in gammele bootjes pleurden om maar mee te kunnen eten uit onze staatsruiven. Er is ‘geen sprake van een exodus uit een oorlogsgebied’, luidde het, en het zijn vooral emo-verhalen.

Anderen zagen en zien vooral rijen jonge mannelijke potentiële islamitische terroristen de Europese grenzen overspoelen. Enthousiaste reacties op het nieuws van tientallen verdronken of in een vrachtwagen gestikte zielen. Vingers wezen naar Saoedi-Arabië en de Golfstaten, die helemaal geen Syrische vluchtelingen opnemen. Waar blijven ze daar met hun oemma, terwijl hun Syrische broeders en zusters in nood verkeren? Als zij niks doen, waarom moeten wij dat dan wel?

De foto die ons veranderde

En toen was daar opeens die foto, hé? Dat confronterende beeld van dat verzopen kindje in die branding. Het beeld werkte louterend. En dat is maar goed ook.

Ze zijn er ongetwijfeld in die enorme vluchtelingenstroom: Echte gelukszoekers, rijke stinkerds en mensen met minder dan eerbare bedoelingen. Maar die anderen zijn er ook: De mensen die oorlog ontvluchtten. De mensen die onze hulp echt en oprecht nodig hebben. Wat houdt ons tegen het kaf van het koren te scheiden?

En sinds wanneer is een land als Saoedi-Arabië nota bene de morele maatstaf waaraan we ons menen te moeten meten? Schei toch uit. Wij, rijke, vrije, beschaafde Europeanen hebben geen benul meer van hoe werkelijk bevoorrecht we zijn. Dat heeft iets misdaan met ons moreel kompas.

We hebben echt nog altijd een heel menselijke morele verplichting om hulp te verlenen aan onze medemens in nood. Gewoon omdat we het kúnnen. Noem het beschaving, medemenselijkheid, naastenliefde of humaniteit. Noblesse oblige, voor mijn part.

Een dood kind in de branding moest het opnieuw in ons wakker schudden. Dat is intens verdrietig.

Gelukzoekers

Als er iets is dat ik leuk placht te vinden aan ons, Nederlanders, dan was het ons vermogen het leed van een ander aan te trekken. We hebben de naam zuinig te zijn, op het vervelende af, maar zijn daarnaast ook kampioenen in het schenken aan goede doelen. Nederlanders zijn het vrijgevigste volk op deez´ aardkloot, waar het om goede doelen gaat. Of het nu gaat om hongerende kinderen of slachtoffers van natuurgeweld, we trekken onze portemonnee wel en met graagte.

Sinds deze week zijn we echter ook het volk dat uitgeprocedeerde asielzoekers in wel vijf steden een paar weken in ‘bed, bad en brood’ wil voorzien, totdat ze ‘tot rust zijn gekomen’ – waarna we ze zonder pardon op straat zullen zetten. De gedachte daarachter is dat mensen, die niet langer in ons land mogen blijven maar weigeren te vertrekken, zich wel bedenken wanneer ze geconfronteerd worden met een zwervend bestaan.
Of dat zo is, dat weet ik zo net nog niet. Wie honger, oorlog of vervolging ontvlucht of eenvoudigweg op zoek is naar een beter bestaan voor zichzelf en zijn geliefden zich zo makkelijk niet laten ontmoedigen door een leven in de straten van een van de gelukkigste landen van de wereld. ‘Gelukzoekers’ noemen we die laatste categorie graag en dat bedoelen we dan allerminst positief.  
Toch, alle mensen zoeken naar het geluk in het leven. Ook wij. Voor de een is dat huisje, boompje, beestje en een ander zou willen dat hij zijn kinderen elke dag in elk geval bed, bad en brood kon geven. Het is immers nog altijd oneerlijk verdeeld in de wereld. Dat we iemand ‘maar’ een gelukzoeker vinden ontslaat ons niet van onze morele verplichtingen deze mensen humaan te behandelen.
Het ‘bed, bad, brood-akkoord’ is geen oplossing voor het probleem dat Nederland heeft met het laten terugkeren van mensen die hier niet langer mogen verblijven en levert zelfs extra problemen op. De overheid trekt haar handen van zo’n uitgeprocedeerde asielzoeker af en eenmaal op straat ziet hij maar hoe hij zich redt. Dat kan zwervend, bedelend, al dan niet met illegaal werk zijn of zelfs stelend, met de nodige overlast van dien, welke dan meteen in de vijf  aangewezen grote steden is geconcentreerd. 
Ongetwijfeld mogen de politie en vreemdelingenorganisaties zich daar dan verder over ontfermen. Wellicht is dat wat de heer Rutte nu werkelijk bedoelde met zijn participatiesamenleving; de overheid schuift haar verantwoordelijkheden af en de samenleving? Die dweilde voort. Met de kraan open.  
Dat is alles dat anderhalve week crisisberaad van ons kabinet heeft opgeleverd. Dat vind ik gênant. 
Gênanter nog was dat tijdens het debat over de opvang van uitgeprocedeerde asielzoekers zo’n achthonderd mannen, vrouwen en kinderen de verdrinkingsdood stierven op de Middellandse zee en zelfs dat geen reality check meer voor ons is. Mensen die zich samen met hun kinderen in te grote getale op een gammele boot hadden laten samenpakken, op zoek naar geluk in Fort Europa. Op hun verscheiden werd met de nieuwe Hollandse hufterigheid gereageerd, want “dat scheelde ook weer achthonderd uitkeringstrekkers nietwaar?”  
Wat is er toch met ons gebeurd dat we schromen een drenkeling de helpende hand te bieden of een uitgeprocedeerde asielzoeker in elk geval te eten te geven, omdat we vrezen er zelf een boterham minder om te eten?