De straatdictatuur van het mannetjesmens

Ik heb het al eens gekscherend geschreven, maar het is nochtans waar: Er bestaat een heus mannenprobleem. Zeggen dat mannen oververtegenwoordigd zijn in de criminaliteitscijfers is bepaald een understatement.

De ‘moordcijfers’ die het CBS vandaag publiceerde maken pijnlijk duidelijk dat vooral vrouwen last hebben van een afgewezen-mannenprobleem. Ruim de helft van de vrouwen die in de afgelopen vijf jaar werden vermoord, werd omgebracht door hun (ex-) partner. Het motief was in 90% van gevallen echtelijke ruzie en jaloezie van de dader.

In de belevingswereld van dat soort mensen is een partner kennelijk nog altijd een bezit. In die categorie valt ook de moordenaar op de 28-jarige Linda van der Giesen, vandaag 17 dagen geleden, althans voor zo ver we nu weten. Hij moet de breuk tussen hem en zijn slachtoffer niet hebben kunnen verkroppen. Zijn voorlopige hechtenis werd vandaag met 90 dagen verlengd.

Seksuele intimidatie

Een rondvraag onder mijn vriendinnen leert dat wij allemaal groepen manvolk op straat hebben leren vrezen. Van jongs af aan hebben we allemaal al last gehad van intimiderend mannetjesgedrag; gefluit, gesis, seksuele toespelingen, gescheld, handtastelijkheden en soms zelfs geweld.

Zonder uitzondering zijn wij allemaal ook al eens gevraagd of wij die seksuele intimidatie niet aan onszelf te danken hadden. Wat hadden we aan? Waarom liepen we dan ook zo laat nog over straat? Het ergst vond en vind ik de dwazen die seksuele intimidatie wegwuifden als ware het ‘onhandige versierpogingen’.

Ik heb u al eens het relaas verteld van de allereerste keer dat ik voor ‘hoer’ versleten werd. Dat was op een zondagochtend, terwijl ik in de tram zat naar mijn allereerste bijbaantje. Er kwam een man op het stoeltje achter me zitten. Hij was mijn enige medepassagier. Ik was jong, had nog geen ervaring met jongens, laat staan met mannen, en taalde daar ook nog niet naar. De man, zo’n dertig jaar ouder dan ik, begon vuig tegen me te lispelen. Hij sprak luid genoeg zodat ook de tramchauffeur hem kon horen, maar die reed stoïcijns voort. Ik was “maar een hoer”, zei de man, dat “kon hij zo zien” en hij begon bedragen te noemen. Hij joeg me angst aan met zijn boosaardig gesis. Maakte dat ik me vies en geminacht voelde.

Een optelsom van dergelijke ervaringen van seksuele intimidatie leerde mij al vroeg dat ik op straat maar beter alert kon zijn. Ik leerde situaties vermijden; het donker, stille straatjes, groepen mannetjesmensen, oogcontact. Ik leerde ook al gauw dat het niet uitmaakte hoe je er als jonge meid uitzag en hoe je je kleedde. Het is de gelegenheid hier, die de dief maakt.

Wat van mij gestolen werd is mijn gevoel van veiligheid in de openbare ruimte en het recht me daar vrij in te mogen bewegen.

Masculiene superioriteit

Zulke gedragingen worden doorgaans gedaan door een specifieke groep mannen, die overtuigd is van zijn masculiene superioriteit en op grond daarvan meent uit te mogen maken of, wanneer en hoe meisjes, vrouwen, homoseksuelen en transgenders zichtbaar in de publieke ruimte mogen laveren. Zij denken meer recht op die openbare ruimte te kunnen doen gelden dan een ander; dit mannetjesmens dicteert de norm en is de baas op straat. Die notie (niet toevalligerwijs vaak tezamen met het aloude madonna-hoer complex) ligt ten grondslag aan al dat seksueel geweld, verbaal en anderszins.

Eind mei van dit jaar werd een 23-jarige transgender mishandeld door zo’n groep mannetjesmensen, op het Afrikanerplein in Amsterdam-Oost. Het slachtoffer stond gewoon een praatje te maken met een bekende. De groep jonge mannen begon een bal in de richting van het slachtoffer te trappen en seksueel getinte opmerkingen te maken. Een van de belagers sloeg het slachtoffer vervolgens op het hoofd met een eind hout. Het slachtoffer vluchtte een restaurant binnen, maar binnen ging de agressie gewoon door.

Een paar dagen geleden, ook in Amsterdam, werd travestiet Diva Mayday van haar fiets getrapt. Ze fietste op het Rembrandtplein waar alweer zo’n groep jonge mannetjesmensen zich verzameld had. “Oppassen jongens, er komt een kankerhomo langs” riep er een. Wonderlijk genoeg zijn het altijd van dit soort taalvirtuozen. Een ander trapte vervolgens het object hunner irritatie van de fiets.

Elders in de wereld zijn er inmiddels initiatieven om dit gedrag eens echt goed in kaart te brengen. Egyptische vrouwen kwamen met de Harrasmap. Holly Kearl zette met Stop Street Harassment seksuele intimidatie op de kaart.  Laura Bates bracht ons het virtueel meldpunt Everyday Sexism, dat ook op Twitter te volgen is. De kracht van al deze initiatieven? Het delen en openbaar maken van dit soort ervaringen. Dat werkt. Langzamerhand raken steeds meer mensen doordrongen van de aard van dit probleem en de epidemische omvang ervan.

La Femme de la Rue

In Brussel krijgen sinds 2012 mensen die seksuele toespelingen op straat maken een boete van 250 euro. Dat is direct te danken aan de documentaire Femme de la Rue (van Sofie Peeters) over seksuele intimidatie van vrouwen op straat. ‘Onuitvoerbaar’ werd er gezegd, maar in 2013 werden daar nochtans 22 boetes à 250 euro uitgedeeld.

Het wettelijk strafbaar stellen van seksuele intimidatie is een belangrijk signaal: in onze vrije samenleving heeft iedereen het recht in alle vrijheid en ongehinderd over straat te gaan. In 2012 gaf de Amsterdamse tak van de VVD dan ook aan het Brusselse voorbeeld te willen volgen. Er kwam echter niets van terecht, want het invoeren van zo’n Algemene Plaatselijke Verordening (APV) had geen prioriteit, “want geen groot en typisch Amsterdams probleem”, dixit burgervader Eberhard van der Laan.

In 2014 werd een burgerinitiatief gestart op de website www.straatintimidatie.nl. Wil ik meteen maar even de gelegenheid te baat nemen dit initiatief van harte bij u aan te bevelen! Tekenen kan hier: klikkerdeklik.

Nu laat ook Leefbaar Rotterdam van zich horen: De Rotterdamse partij wil een verbod op intimiderend gedrag op straat tegen meisjes en vrouwen opgenomen hebben in de plaatselijke APV. Hartstikke goed. Tanya Hoogwerf van Leefbaar Rotterdam maakt echter een bijzonder onderscheid:

“Het gaat me niet om nafluitende bouwvakkers, maar om irritant gesis, seksuele toespelingen en jongens die vrouwen zomaar uitschelden voor hoer. Soms leidt het zelfs tot intimiderende achtervolgingen en voelt zo’n meisje zich echt bedreigd en angstig.” 

Het fluiten is in de basis net zo min complimenteus van van aard als het gesis, mevrouw Hoogwerf. Daarnaast maakt het nog altijd niets uit of je nu door de hond of de kat gebeten wordt. 
Dat gezegd hebbende, laat die APV maar komen! En dat de landelijke wetgeving daarna maar snel mag volgen. 

Een gedachte over “De straatdictatuur van het mannetjesmens

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s