Mina Kruseman

Op 25 september 1839 werd Wilhelmina Jacoba Pauline Rudolphine Kruseman te Velp geboren. Ze noemden haar Mina.

Mina zou, samen met haar drie zussen, opgroeien in het toenmalige Indië. Haar vader was generaal-majoor der infanterie in het Oost-Indische leger. Toen zij vijftien jaar was werd haar vader gepensioneerd en het gezin Kruseman keerde terug naar Nederland.

Ze belandden eerst in Den Haag, maar vestigden zich later in Ginneken. In 1859 sloeg echter het noodlot toe en kwam Mina’s moeder te overlijden. Vader en dochters verhuisden daarna naar Brussel, waar Mina zich inschreef op het Conservatorium, om daar piano- en zanglessen te volgen. Ze koos, zoals ze het later zou beschrijven, “het enige eerbare beroep dat voor vrouwen openstond, dat van kunstenares”. Dat zal ze niet al te onverdienstelijk gedaan hebben, ze zong op muziekavonden en concerten.

Mina in 1865 raakte tot over haar oren verliefd op een jongeman De Vigne. Uit een van haar brieven weten we dat zij “belachelijk veel van hem hield”. Het stel verloofde zich, maar omdat vader De Vigne de twee tortelduifjes geen toestemming gaf zagen ze zich genoodzaakt de relatie te verbreken. Dat moet haar hart gebroken hebben en het is een ervaring die ze haar leven lang bij zich gedragen heeft.

Mina Kruseman probeerde met alle macht een carrière in de muziek op te bouwen. Ze ging zo’n beetje alle grote steden in Nederland af, maar werd daar afgewezen. In 1870 vertrok zij naar Parijs, waar zij haar zangopleiding voort zette. De Frans-Duitse oorlog brak uit en nog in augustus van datzelfde jaar zag zij zich genoodzaakt terug te keren naar Brussel. Vanaf dat moment heeft Mina Kruseman het pacifisme omarmd, naast het feminisme, en ze droeg dat ook luid en duidelijk uit.

Amerika 

Na al die tegenslag liet ze het er toch niet bij zitten en ze toog naar Amerika, waar ze zich Stella Oristorio di Frama liet noemen en onder die naam heeft ze er opnieuw geprobeerd naam te maken als concertzangeres. In Amerika schreef zij ook de roman Een huwelijk in Indië, waarin zij de verbroken liefdesrelatie met De Vigne verwerkte. Niet alleen dat, ze schreef over de leegheid van het vrouwenleven en ze nam stelling tegen huwelijken uit conventie. Zo’n huwelijk vond ze ronduit onzedelijk en ze vergeleek het met prostitutie.

In de zuidelijke staten had zij weliswaar succes met haar optredens, maar die zangcarrière wilde desondanks maar niet van de grond komen. Iets dat ze zelf weet aan een gebrek aan financiële middelen en de onredelijke eisen van managers. In 1872 pakte ze dus haar biezen en ging weer terug naar Brussel.

Had ze in Amerika overhoop gelegen met al te veeleisende managers, over het uitgeven van Een huwelijk in Indië had ze ronduit ruzie met uitgever Nijhoff. Niet alleen over haar auteursrechten, maar over het gehele boek hadden ze strijd, van de titel tot de laatste alinea. De uitgever wilde een hoofdstuk, dat hij minder geslaagd vond, zelfs weglaten. Gebelgd publiceerde Mina Kruseman dat hoofdstuk, “Uit het leven van een dokter”, in De Nederlandsche Spectator en ze las het voor in het openbaar. Het hoofdstuk sneuvelde desondanks toch.

De moderne Judith

In die tijd zocht de bekende feministe Betsy Perk contact met Mina Kruseman. De vrouwen vonden elkaar in de door hen gedeelde feministische idealen en gingen samen op tournee. Mina Kruseman trad met regelmaat op en en las daarbij onder meer voor uit eigen werk. Ze was een voorvechtster voor de emancipatie van vrouwen en schuwde daar de heilige huisjes van die tijd geenszins bij. Vrouwen, zo vond zij, moesten het recht hebben op een eervolle manier in hun eigen broodwinning te voorzien. Ze maakte zich boos over de opvoeding van meisjes, die slechts gericht was op het huwelijk. 
Haar (voor die tijd) radicale standpunten kwamen haar op de nodige spotternijen te staan en ze werd afgeschilderd als een ‘moderne Judith’, die alle mannen het hoofd af wilde slaan. 
De samenwerking met Betsy Perk duurde tot mei 1873, waarna Mina Kruseman solo doorging met haar voordrachten. Ze bewerkte Een huwelijk in Indië tot een toneelstuk: De Echtscheiding. Het toneelstuk voerde ze eerst alleen op en in 1874 samen met een gezelschap. Het eerste met beduidend meer succes, de samenwerking met het toneelgezelschap werd een fiasco. 

Naar haar feministische kritiek liet ze zich ook uit het anti-artistieke klimaat dat destijds in Nederland heerste. Dat leverde haar de aandacht op van niemand minder dan de grote Multatuli. Ze ontmoetten elkaar tweemaal in Wiesbaden, in 1873 en 1874, en correspondeerden daarna met regelmaat met elkaar. Mina Kruseman schreef hem over de vriendschap tussen hen beiden en de vriendschappen tussen mannen en vrouwen in het algemeen.

Mina Kruseman was succesvoller als schrijfster dan ze ooit als zangeres was en bedroop zichzelf, tegen de conventies van die tijd in. Haar boeken en haar lezingen legden haar geen windeieren en begin 1874 kon er een reis naar Italië af. Eenmaal terug in Nederland ijverde ze voor het opvoeren van Multatuli’s Vorstenschool, een toneelstuk waarin ze zelf de hoofdrol beoogde te spelen. Nog tijdens de repetities kregen zij en Multatuli onenigheid, hetgeen tot een einde van hun vriendschap leidde, en uiteindelijk werd zij door een andere actrice vervangen.

Eind 1875 maakte Mina Kruseman een laatste tournee door Nederland, met haar toneelstuk Een blik in de kunstenaarswereld, vergezeld door haar leerlingen Elize Baart en Hélène Gerritsen. In 1877 schokte ze het Nederlandse publiek nog eenmaal door een verzameling van haar intieme brieven, zowel van haar hand als aan haar geschreven, uit te brengen in haar autobiografie Mijn leven. In september van dat jaar vertrok ze naar haar zus en zwager in Indië.

Terug in Indië

Ook in Indië roerde ze zich en kantte zich tegen de koloniale verhoudingen aldaar. Ze gaf lezingen in Batavia, maar het succes bleef uit. Ze verhuisde naar Soerabaja, waar ze in 1878 stopte met het geven van lezingen en zichzelf tot taak stelde Indonesische en Chinese meisjes tot zelfbewuste vrouwen op te voeden. Dat liep uit in conflicten met lokale religieuzen, die het meisjesonderwijs verzorgden. Daarnaast gaf Mina Kruseman les in pianospelen, zang en toneel en met haar leerlingen voerde ze toneelstukken op. Ook die toneelstukken kwamen haar op felle kritieken te staan, maar ze liet zich geen strobreed in de weg leggen.

Ze ontmoette de veel jongere schrijver F.J. Hoffman en in 1881 gingen zij ongehuwd samenwonen. Dat leverde zo’n enorm schandaal op dat het stel zich genoodzaakt zag Indië te verlaten. Ze streken neer in Rome waar ze twee dochtertjes kregen. Beide kinderen overleden al op vroege leeftijd. Het paar liet Rome voor wat het was en verhuisde naar Boulogne-sur-Seine bij Parijs. Daar gaf Mina Kruseman zangles en Hoffman verdiende er de kost als fotograaf en vioolleraar.

Frankrijk

Kruseman en Hoffman verbleven tijdens de Eerste Wereldoorlog in Frankrijk. Die ervaring sterkte Mina Kruseman verder in haar pacifistische overtuigingen en ze schreef het pamflet Appel à toutes les femmes du monde entier, waarin ze vrouwen opriep zich te verenigen in een vredesbeweging. Haar pacifistische activiteiten brachten haar, in de herfst van haar leven in contact met de Nederlandse vrouwenbeweging.

Mina Kruseman werd slecht ter been en vanaf 1920 was zij feitelijk aan huis gekluisterd. Haar laatste jaren sleet ze in Boulogne-sur-Seine, waar ze in 1922 overleed. Ze werd 82 jaar.

Ze was haar tijd ver vooruit, een pionier, excentriek, eigenzinnig, getalenteerd, individualist, uitgesproken pacifist en feminist. Ze werd gelauwerd en verguisd en spaarde op haar beurt niemand. Wars van alle conventies trok ze haar eigen plan. Ze verloor haar moeder, twee van haar zussen, haar beide kinderen en haar levenspartner, maar ploeterde onverzettelijk voort.

Mina Kruseman is een van mijn meest vrijgevochten heldinnen en een van mijn Grote Vrouwen.

Mej. Betsy Perk. Delft.
Brussel. 22 Febr. ’73.

Nu ga ik u een bekentenis doen, die u, ofschoon zij waar is, of mogelijk juist daarom, overdreven zal voorkomen. Ik geloof niet meer aan vriendschap.

Ik hecht niet aan vriendschap, want ik vertrouw geen vrienden meer. Een goed mensch is goed, ook zònder vriendschap; en een slecht mensch zal dóór vriendschap niet beter worden.

Ik heb mijn heele leven door vrienden gehad, menschen van wie ik niets verlangde en die ik van dienst kon zijn, die ik goed dacht en lief had en voor wie ik mij duizend kleine en groote opofferingen getroostte tot dat ik ontdekte dat zij valsch waren, en mij benadeelden waar zij konden.
Dan verklaarde ik ze dood, en deed ik verder alsof zij niet bestonden.
Maar al dat dood verklaren maakte mij veel ongelukkiger dan hen, daar mijne vriendschap sympathie was geweest en de hunne berekening.
Ik verloor vrienden die ik lief had, zij verloren een steun dien zij meestal niet meer noodig hadden.
Toch hebben al die valsche vrienden en vervlogen vriendschappen mij veel goed gedaan, zij hebben mij zelfs een onbetaalbaren dienst bewezen.
Zij hebben mij leeren alleen staan.

Mina.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s