Martin Vrijland en de dag die je wist dat zou komen

Morgen is de dag die we eigenlijk allemaal wisten dat zou komen – zij het kennelijk uitgezonderd de heren Martin Vrijland en Micha Kat.

Meneer Vrijland zal zich morgen om half twee bij de rechter moeten vervoegen. Die rechter zal beslissen over de eis van mevrouw Merzouk, die graag zou zien dat meneer Vrijland de van haar geschoten beelden van zowel zijn webstek als zijn videokanaal verwijdert. Het gaat daarbij om een compilatie van beelden van gesprekken tussen meneer Vrijland en mevrouw Merzouk, de moeder van Anass Aouragh, onder andere gevoerd in haar woning.

Die beelden lijken heimelijk gemaakt, want waar die camera ook op gericht is, het is in elk geval niet openlijk op haar gezicht en mevrouw Merzouk lijkt in het geheel niet te weten dat ze gefilmd wordt. Dat vind ik een flagrante schending van haar privacy.

Dat niet alleen, voor iemand die zich journalist zou willen noemen is de publicatie ervan een schending van de Code voor de Journalistiek.

“De journalist publiceert geen tekst of foto’s en zendt geen audio-opnames of beelden uit die zijn gemaakt van personen in privé-situaties zonder toestemming van de betrokkene, tenzij met de publicatie een groot maatschappelijk belang is gediend.”


Op zo’n wijze heimelijk filmen mag niet. Niet volgens de Code voor de Journalistiek, maar ook in wettelijke zin niet.

Met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft:
  • 1°. hij die, gebruik makende van een technisch hulpmiddel waarvan de aanwezigheid niet op duidelijke wijze kenbaar is gemaakt, opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, aanwezig in een woning of op een andere niet voor het publiek toegankelijke plaats, een afbeelding vervaardigt;
  • 2°. hij die de beschikking heeft over een afbeelding welke, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, door of ten gevolge van een onder 1° strafbaar gestelde handeling is verkregen.

Een belendend perceel wist de hand te leggen op een e-mail waaruit bleek dat meneer Vrijland die compilatie zelfs als pressiemiddel gebruikt zou hebben om de moeder van Anass tot medewerking te dwingen.

“Omdat je niet meer reageert voel ik me behoorlijk beschaamd in de vertrouwensband die ik meende dat wij hadden opgebouwd. Je zet mij in eens abrupt aan de kant, terwijl je toch een andere indruk gewekt hebt. Dat had ik absoluut niet van je verwacht, maar voor alle zekerheid heb ik er toch rekening mee gehouden (zie opname bijlage). Ik wil niet dat het noodzakelijk wordt dat ik deze of de rest van de opnames moet gebruiken.”

Die Code voor de Journalistiek dicteert dat de journalist de privacy van personen niet verder zal aantasten dan in het kader van een open berichtgeving noodzakelijk is. Publicatie van de beelden diende in dit geval dan ook in het geheel geen groot maatschappelijk belang, maar diende louter om mevrouw Merzouk tot medewerking te dwingen. De beelden zijn zelfs juist om die reden gemaakt, getuige de woorden van Martin Vrijland zelve.

Ook een dergelijke dwang zou zo maar eens strafrechtelijke no-no kunnen zijn, maar ook dat lijkt mevrouw Merzouk te laten voor wat het is. Zoals ik eerder al observeerde is mevrouw Merzouk dus erg mild, ze eist alleen verwijdering van gewraakt beeldmateriaal.

 Wat meneer Kat betreft echter, is het juist moeder Merzouk die er niets van snapt:

“De moeder schermt met begrippen als ‘portretrecht’ en ‘inbreuk op de persoonlijke levenssfeer’ maar begrijpt niet dat deze zaken geen enkele rol spelen als het gaat om journalistieke produkties.”

Micha Kat gilt in zijn bekende chocoladeletters om hardst over een “hetze tegen andere vrije journalisten” en noemt daarbij deze zaak tegen Martin Vrijland als voorbeeld. Daarbij gaat hij geheel voorbij aan het gegeven dat we hier niet van doen hebben met een door de overheid geplaagde journalist. Het is mevrouw Merzouk die geplaagd wordt door een wannabe journalist en zijn dubieuze praktijken. Alsof ze met het verlies van haar zoon niet al genoeg ellende over zich uitgestort gekregen heeft.

Ik vraag me dan ook af wat het beroep van “vrije journalist” dan inhouden moet. Vrij van de paar fatsoensregels uit de Code voor de Journalistiek? Vrij van de “beperkingen” van het strafrecht en dus vrij te vernielen, te smaden, te verzinnen en bronnen op oneigenlijke manieren tot medewerking te dwingen?

Daarmee willen deze lieden wel de lusten, de verregaande vrijheid en bescherming die journalisten geheel terecht genieten, maar niet de lasten van de verplichting tot waarheidsgetrouwheid, onafhankelijkheid, fair play en het open vizier.

Misschien kunnen de “vrije journalisten” me even uitleggen wat het op deze manier lastigvallen van een rouwende moeder nog met journalistiek te maken heeft?

O, en schei eens uit met dat gebiets en gebedel om “donaties”. Wanneer je van je schrijfsels je eigen broek niet op kunt houden is het vak van journalist gewoon niet voor je weggelegd.

10 gedachtes over “Martin Vrijland en de dag die je wist dat zou komen

  1. Kat en consorte zijn geen journalist, maar activist.

    Aangezien 'journalist' geen beschermd beroep of titel is, geen specifieke opleiding vereist en evenmin 'dwingend' en verplicht tuchtrecht kent zal de vraag of iemand journalist is toch vooral afhangen van zijn gedrag: gedraagt iemand zich journalist of niet?

    Het publiceren van bij elkaar geharkte waarheden, halve waarheden en hele leugens, ergens op een willekeurige webstek in eigen beheer, zonder enige redactionele verantwoordelijkheid, valt daar volgens mij niet onder.

    Daarmee is die activiteit nog niet verboden, maar vallen journalistieke voorrechten als bronbescherming natuurlijk wel weg. Net zoals het recht om je evt. strafbaar handelen, als dat de waarheidsvinding in het algemeen belang bevordert, op subsidiariteit en proportionaliteit te laten beoordelen.

    Like

  2. Op zich vind ik lieden zoals beide heerschappen inderdaad ook geen “journalist”, maar het is gelukkig ook niet aan mij om te bepalen wie die titel voeren mag. De spoeling zou dan weleens erg dun kunnen worden. De ironie wil dat meneer Kat geroyeerd werd door de Nederlandse Vereniging voor Journalisten en hij zijn uiterste best doet om maar weer bij de club te mogen horen. In dat geval zal hij toch, onder andere, die Code voor de Journalistiek weer moeten gaan onderschrijven.

    Like

  3. Los van de vraag of een beroepaanduiding op een of andere manier beschermd is, geeft Duttycat de essentie hierboven goed weer. Een overall aantrekken en met een voorhamer zwaaien maakt iemand nog niet tot smid, een witte jas aantrekken en een stethoscoop omhangen maakt iemand nog niet tot arts. Kat kan wel roepen dat hij journalist is, maar dat is net alsof hij een overall aantrekt en zegt smid te zijn. Een spelletje.

    Like

  4. @Duttycat, @all,

    Al heb je natuurlijk wel de School voor Journalistiek of een gelijkwaardige vierjarige opleiding (op hbo-niveau) waar je wordt toegerust om de journalistieke basisbeginselen in praktijk te brengen. Los van de vraag of dit kwaliteit genoemd kan worden, maar vrrroeger was alles sowieso beter 🙂

    Tegenwoordig worden zoek- en verwijsvaardigheden minstens zo belangrijk gevonden als het aloude handwerk. De informatiesamenleving draait toenemend om vak- en sectoroverstijgende competenties. Ik ken zij-instromers die prima werk afleveren zonder een relevante beroepsopleiding gevolgd te hebben. Gewoon een kwestie van je basics beheersen, je eigen kwaliteiten en grenzen kennen en bereid zijn tot leren en zelfreflectie. Daarmee kom je een heel end.

    Voor mij is een goede journalist iemand die zich zorgvuldig, genuanceerd maar ook kernachtig uitdrukt, een transparante aanpak hanteert en helder verwijst. Zich desgevraagd verantwoordt of ruiterlijk rectificeert wanneer dat nodig is. Daarnaast meet ik 'autoriteit' eerder af aan authenticiteit en originaliteit dan aan een strak, dichtgetimmerd verhaal of item volgens het boekje. Maar dat is ook een kwestie van smaak natuurlijk.

    Het maakt mij persoonlijk ook steeds minder uit of het nu NRC/Next, GeenStijl, een traditioneel of een ‘alternatief’ medium is, al hebben we nog immer te maken met een zekere verzuiling en politieke kleur. Ik lees/bekijk liever een geïnspireerd studentenmeisje met een goed verhaal in een lokalo dan een azijnpisserig stukje van een ‘vakman/vrouw’ in een ‘kwaliteitsmedium’. What’s in a name?

    Zie ook de recente NTR-reeks over de nieuwe journalist.

    Ik ben geneigd om de ontwikkelingen in journalistiek en media toe te juichen waar het gaat om differentiatie, concurrentie en dynamiek. Het scherpt ook, de tijd van monopolie is voorbij. De vluchtigheid en scoringsdrift (noodzaak?) staan me zeer tegen, maar bedienen ook een majeure doelgroep. Ik heb veel geleerd van de generatie waar bijv. de NTS/NOS nog gold als autoriteit. (psst…voor sommigen geldt dat nog steeds…) Maar ik pik mijn nieuws er wel uit en laat me vaak verrassen.

    Like

  5. In het verlengde daarvan geloof ik ook niet zo in het paradigma van msm versus alternatief, net zo min als links of rechts. Het is een kader dat m.i. onvoldoende recht doet aan de dynamische mediawereld van vandaag. In beginsel vind ik het een zegen dat meer mensen op onderzoek uit (willen) gaan, alleen zijn slechts weinigen kwalitatieve blijvertjes en houdt het een risico in zich dat argeloze mensen worden gedesinformeerd of zelfs misleid. Na verloop van tijd sorteert ‘t zich vanzelf wel uit, en dat geldt ook voor waarheidszoekers als M&M. Een ‘natuurlijke’ selectie, toch..?

    De journalistiek kent voorts geen dwingend recht zoals de medische sector, maar de RvJ hanteert wel degelijk juridische en morele kaders in de beoordeling van klachten en geschillen. Dus enig zelfreinigend vermogen mag je wel veronderstellen. Zelfregulering, noemen ze dat zelf. Of dit mechanisme effectief is? Deels en voor een bepaald publiek wel. Je houdt echter altijd een groep die zich hier niets aan gelegen laat liggen of de functie van een RvJ niet eens onderkent. Laat staan accepteert. En jahaa, er bestaan zelfs hele groepen die nog nooit over journalistieke ethiek schijnen te hebben nagedacht 😉

    Ik zou (ontdekking van) halve waarheden & overige drogconstructies in elk geval geen positieve reclame voor mezelf vinden. Een nono idd. Ik zou niet met dit soort gekneuter moeten (en willen) thuiskomen. Vergelijkbaar met Diederik Stapel, wiens carrière nu heel anders gewogen wordt dan in de tijd dat hij Jan en alleman om zijn vinger wond – en kòn winden. Empirische soziaaldebunking avant la lettre.

    Anderzijds, helaas kan nu eenmaal niet van de hele bevolking een standaard beoordelingsvermogen worden verondersteld. Niet iedereen is in staat om feit, mening of vermoeden van elkaar te onderscheiden. En er zullen altijd suggestibele mensen zijn die klakkeloos of kritiekloos zaken voor waar aannemen. Ik zie het dan ook als hartstikke prima dat er mensen als Dispu opstaan voor wat broodnodig tegenwicht en ontwapenende reframing 🙂

    Vergeet niet dat je het zwaar met elkaar oneens kan zijn, terwijl je elkaars achtergrond, stijl of methoden niet minder respecteert. Ik zie op internetblogs te vaak rücksichtslos getroll en gerichte aanvallen ad hominem. Dat stoort mij omdat het niets zegt over de inhoud maar over een kennelijke poging tot imponeren of overtuigen. Of ernstiger, zoals we de laatste periode hebben gezien 😦

    Hmmz, hoe harder je schreeuwt, hoe meer je voor mij je geloofwaardigheid onderuithaalt. Oprechte argumenten kun je fluisteren en als je oprecht bent en je huiswerk doet, heb je geen onoirbare middelen nodig. Ik wens het lijdend onderwerp dezes dan ook een periode van forse zelfreflectie toe 😉

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s