Thuiszitters

Ik mag mensen graag observeren. Niet alleen heerlijk op een terrasje gezeten kijken naar al wie er passeert, maar ook in mijn nabije omgeving. Familie, vrienden, kennissen, collega’s, al die argeloze passanten in het dagelijks leven. Menselijk gedrag fascineert me. Misschien omdat ik er geregeld minder dan gemiddeld van begrijp, dat zou zo maar kunnen. Het leuke van het verstrijken van de jaren is dat je de gelegenheid hebt op je gemak alle fasen van het mensenleven te volgen. Vrienden- en kennissenkringen lopen vaak een beetje gelijk op. Van single naar bezet, van bezet naar weer single, huwelijken en scheidingen en de eerste borelingen, al dan niet gevolgd door nakomers.

Zo langzamerhand durf ik te zeggen dat die borelingen de meeste impact hebben op hoe mensen in het leven staan. Zij veroorzaken substantiële gedragsveranderingen in de mens. Ik durf zelfs te stellen dat zij ons denk- en beoordelingsvermogen aantasten. Ik heb de laatste jaren onaanzienlijk lelijke baby’s in mijn armen gedrukt gekregen waarover de rechtmatige eigenaars in een uiterste staat van vertedering maar niet uitgekoerd raakten over hoe mooi zij hun aartslelijke spruit vonden.

Inmiddels weet ik dat je daar, beleefdheidshalve, maar beter in mee kunt gaan.

Natuurlijk, die miniatuur vingertjes, teentjes en neusjes zijn dan ook schattig. Moeder Natuur heeft die vertedering voor al wat nog baby is bij ons ingebakken, dat werkt bij puppies, kittens en kalfjes ook. Het maakt dat we met alle liefde de zorg op ons nemen voor iets dat ons nachtenlang wakker houdt, ons (Kijk, mamma, kijhijk!) geen moment rust gunt, spinaziehapjes tegen het trendy behang smijt, boetseerklei in het tapijt smeert en ons gillend en schreeuwend te kijk zet in supermarkten.

Alleen mensenbaby’s maken dat ik me ongemakkelijk voel. Krijg ik zo’n wurm in mijn armen gelegd, dan bevries ik. Stel dat je ‘m laat vallen? Ik ben ook in het geheel niet bevattelijk voor het “schone-biggen-effect” van Ethel Portnoy. Zoals ik al eens schreef; ik heb geen kinderwens, geen nesteldrang. Misschien schort het hem daar al.

De idolatrie waartoe veel ouders vervallen, zo lang het maar om hun eigen kinderen gaat, is voor mij nog altijd een bron van verwondering. Ik ken geen kind of het is hoogbegaafd en als ’t dat niet is, dan heeft het wel een label. Hoog sensitief, autisme, ADHD, Asperger of het kapstokartikel PDD-NOS. Opvallend vaak hoor ik zo’n term wanneer Junior iets doet dat niet mag en ik Senior al een paar minuten vol verwachting aan heb zitten kijken, hopend op een opvoedend handelen. Heeft Junior zojuist een boterham met pindakaas in de videorecorder gepropt, begint Senior te kirren over hoe slim hij toch wel is dat hij snapt dat er iets in die videorecorder dient te gaan wil het ding tot actie overgaan. Zo’n ondernemend en onderzoekend slim mannetje toch!

Vervolgens kreeg Junior een van mijn katten in het vizier. “Poesje aaien” commandeerde het kleine ding en stak het arme, argeloze dier zo’n vertederend miniatuurvingertje in een oog. Dat gebeurt haar geen tweede keer, bij het horen van kinderstemmetjes zoekt ze tegenwoordig uit voorzorg een veilig plekje, bij voorkeur op de grote linnenkast.

Voorafgaand aan het volgende bezoek van Senior heb ik vriendelijk gevraagd Junior toch maar thuis te laten. Dat viel niet in goede aarde, naast een nog prima werkende videorecorder verloor ik zo ook een vriendschap. De kat haalde opgelucht adem.

Gisteren spuugde een voorbijlopend kind een flats chocolademelk tegen mijn raam. Ja, ik zag ’t wel hoor. Ik zag ook hoe paps schielijk om zich heenkeek, zich kennelijk onbespied waande en zijn spruit snel bij de juf afleverde. Terwijl de chocolademelk langzaam richting kozijn droop stapte hij in zijn dubbelgeparkeerde auto en maakte dat hij wegkwam. Ouders van nu zijn vaak zelf een behoorlijk beetje asociaal.

Nu is het zo gelegen dat we in ons kikkerlandje al langer mopperen over de al te softe aanpak bij het opvoeden van kinderen. In 2007 kwam het blad J/M met een jubileumonderzoek en wat bleek? Ook de ouders van nu vinden dat het strenger moet. Niet alleen thuis, maar ook op school. Maar er zat een addertje onder het gras; die ouders ergerden zich vooral aan ándermans kinderen. Driekwart van hen vond andere kinderen dan de hunne “asociaal, ongehoorzaam en brutaal”. Dat vond ik een amusant gegeven en dus bleef het me bij.

Toen ik vanochtend, onder het genot van een halve kan koffie, die virtuele versies van de dagbladen afstruinde moest ik daar weer aan denken. De Volkskrant bericht vandaag over de Kinderombudsman, die de leerplichtwet “niet meer van onze tijd” vindt. Volgens die Kinderombudsman, meneer Marc Dullaert, zitten er duizenden kinderen thuis. “Voor kinderen met specifieke behoeften op medisch, sociaal, intellectueel of emotioneel gebied is het niet altijd haalbaar om iedere dag in de klas te zitten“, zegt hij. Daarom pleit hij voor maatwerk, waarbij scholen en hun besturen verder moeten gaan dan hun bestaande verplichtingen.

Daar kan ik inkomen. Onderwijs moet maatwerk zijn, dat kan niet anders. Kinderen zijn nu eenmaal niet allemaal hetzelfde, vandaar. Ieder kind heeft recht op onderwijs, dat moet leiden tot een startkwalificatie. Er zijn genoeg situaties en aandoeningen te bedenken waardoor een kind een normale leergang niet of nauwelijks kan doorlopen. Wanneer maatwerk en flexibiliteit van een school daarbij soelaas kunnen bieden, dan graag. Ik kan me, met de huidige situatie in het onderwijs, echter wel indenken dat scholen daarbij tegen praktische hindernissen aanlopen. Alles draait tegenwoordig om budgetten en mankracht. Dat mis ik echter wel in het betoog van onze Kinderombudsman.

Gelijke kansen, dat begint in het onderwijs. Daar is immers ook een maatschappelijk belang bij in het geding. Niet alleen omwille van onze kenniseconomie, maar vroegtijdig schoolverlaten vergroot bijvoorbeeld ook de kans op een criminele carrière met een factor 2,5.

De Kinderombudsman opende vorig jaar een meldpunt voor die zogeheten thuiszitters. Juist hoogbegaafde kinderen blijken nogal eens thuis te zitten.

“Opvallend daarbij zijn de vele meldingen van of over hoogbegaafde kinderen. Zij zouden vanwege hun hoge intelligentie en daarmee gepaard gaande leer- en/of gedragsproblemen geen goede plaats kunnen vinden binnen het regulier onderwijs, maar vanwege hun hoge intelligentie ook binnen het speciaal onderwijs niet tot hun recht komen.”

Opvallend vaak zie ik ook “gedragsproblemen” in zijn rapport genoemd worden. Daarbij legt hij consequent de noodzaak tot aanpassingen bij scholen en dat vind ik een beetje schuren. Schoolgaan vergt ook inzet en aanpassingen van ouders en leerlingen.

Op de basisschool waar ik (héél lang geleden) schoolging hadden de juffen en meesters hun handen meer dan vol aan de kindjes die het Nederlands niet of nauwelijks beheersten, een leerachterstand hadden of de leraar zelfs fysiek aanvlogen wanneer ze hun zin niet kregen. En dat was met regelmaat, participatie en gewoon luisteren in de lessen is immers wel een vereiste. Schoolgaan leert én vraagt discipline. Kindjes die wel mee konden komen en geen problemen opleverden werden met een extra werkje of een boek apart gezet. Daar werden ze de rest van de dag dan gevoeglijk vergeten. Dat neem ik die juffen en meesters niet kwalijk, die deden wat ze konden.

Nu ik naast een kinderopvang en achter een basisschool woon kan ik dagelijks zien dat er weinig veranderd is. Integendeel zelfs. De meesters en juffen zien er nog altijd even opgejaagd uit. Wel gaan ontevreden kindertjes nu gewoon een zeiltochtje maken wanneer het aangeboden onderwijs hen niet zint. Da’s ook een manier, maar dan moeten hun papsen en mamsen ook niet zeuren wanneer de leerplichtambtenaar daar het zijne van denkt.

Nu wil ik absoluut niet voor eenheidsworst pleiten, maar misschien is het ook hoog tijd dat die Kinderombudsman, naast het onderwijs en de politiek de maat te nemen, zich ook eens over ouderlijk opvoedend Nederland buigt?

3 gedachtes over “Thuiszitters

  1. Oefff als moeder van thuiszitters had ik dit misschien niet willen lezen. Maar toch bedankt voor het overduidelijke onbegrip voor deze ouders en kinderen, terwijl veel van onze ouders echt wel zien dat het voor een school en leerkrachten een vreselijke opgaaf is. Vooral met de huidige bezuinigingen.
    Wat wij graag willen is het vinden van mogelijkheden zodat onze kinderen ook onderwijs kunnen volgen. Zowel klassikaal als thuis, of middels andere settingen. Onze kinderen worden wel degelijk opgevoed. Alleen kinderen met een beperking opvoeden is niet zo simpel! Ga er maar aan staan. Het is zo makkelijk oordelen over deze ouders, wat weer laat zien dat er nog een groot gebrek aan kennis is over bijvoorbeeld autisme, ADHD, hoogbegaafdheid etc…
    Oordeel pas als je dezelfde weg als deze ouders hebt moeten bewandelen!!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s