De slappe knieën van de Verenigde Naties

Marokko heeft bij de Verenigde Naties een resolutie ingediend, waardoor het mogelijk moet worden dat de belediging van de islam veroordeeld wordt. Het is het twaalfde jaar op rij dat deze resolutie door een (islamitisch) land wordt ingediend, vorig jaar viel die twijfelachtige eer Pakistan te beurt. Een lastig parket, waar de Verenigde Naties zich kennelijk niet beter uit wisten te redden dan door de motie te verruimen naar godsdienst in het algemeen. Saillant detail is dan dat “godsdienst in het algemeen” naar de begrippen van de Verenigde Naties beperkt is tot de islam, het christendom en het jodendom.

Ondanks fel protest van een aantal Westerse landen keurde een van de vele comités van de Verenigde Naties de aangepaste versie van de Marokkaanse resolutie goed en zo kan het dat deze resolutie volgende maand op de agenda van de algemene vergadering van de Verenigde Naties zal staan. De protesterende landen vrezen, terecht, dat een resolutie als deze de godsdienstvrijheid beknot. Natuurlijk, de resolutie zal ook wanneer zij tijdens die vergadering wordt aangenomen, niet bindend zijn voor de lidstaten en in die zin kunnen we spreken van symboolpolitiek, maar de ontwikkeling an sich is zorgwekkend.

Met deze resolutie staat echter wel de deur open voor het verbieden van uitlatingen en handelingen die voor een specifieke godsdienst als zijnde beledigend ervaren (kunnen) worden. Er wordt immers niet nader in omschreven wie bepaalt of en wanneer iets beledigend is. Onder mandaat van de Verenigde Naties zou het dan zo maar kunnen dat anders- en ongelovigen vervolgd kunnen worden wanneer zij zich uitspreken over waarom zij anders danwel niet geloven in een specifieke godsdienst. Zeggen dat Jezus de zoon van god was, of juist zeggen dat Jezus níet de zoon van god was, zou je in dat geval zo maar op straf kunnen komen te staan.

Open Doors startte een actie tegen de resolutie. U kunt op haar site nog uw handtekening tegen deze resolutie zetten.

Het is overigens de tweede keer deze maand dat de Verenigde Naties zo de oren liet hangen naar een islamitische lobby. Op 16 november jongstleden werd een resolutie uit 1999 aangepast, opnieuw mede op verzoek van Marokko. Met deze resolutie werd het executeren van burgers veroordeeld, omwille van discriminatiegronden als geloof, politieke overtuiging, etniciteit én seksuele oriëntatie. Het clubje Afrikaanse en islamitische landen was de laatste grond een doorn in het oog en de Verenigde Naties hebben die “seksuele oriëntatie” gevoeglijk netjes uit de resolutie gepoetst vanwege “geen juridische basis.

The representative of Benin, on behalf of the African Group, the main sponsor of the amendment, said that sexual orientation had no legal foundation in any international human rights instruments and there was no legal justification to highlight it.

Het is een schril contrast; waar men enerzijds een hele godsdienst zou willen vrijwaren van alle kritiek, bijkans een mensenrecht zou toekennen, wordt de homoseksuele medemens een mensenrecht ontnomen. Discriminatie is weer okay, vooral op religieuze gronden en als de meerderheid er maar mee instemt.

De leus “Mensenrechten zijn er voor het individu en ze zijn er voor iedereen!” kan met deze ontwikkelingen linea recta de prullenbak in.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s